Behangpapier landelijk en industrieel: welke print, welke kleur en welke wand
Landelijk behang verwijst naar zachte, gemaakte materialen als linnen, kalkpleister, geschilderd hout en een fijne streep, industrieel behang naar ruwe bouwmaterialen als beton, baksteen, verweerd staal en steigerhout. Een landelijk industrieel interieur combineert één ruw vlak met warm hout en zacht zwart staal. Of een materiaalprint als muur leest, hangt aan de schaal (een baksteen in waalformaat telt 16 lagen per meter), aan hoe vaak het rapport zich herhaalt, aan de glans en aan de kant waar de schaduw in de print valt. Zet naast een koele betonprint kalkwit en geen warm wit, en houd een cognac leren bank weg van een rode baksteenprint. Hang het behang op de wand die je vanaf de bank of de tafel ziet en niet op de raamwand.
Dit heb je nodig
- Tijd
- een avond kiezen en meten, een dag hangen
- Moeilijkheid
- Goed zelf te doen met vlies, secuurder met een baksteenprint die waterpas moet
Gereedschap
- Rolmaat van minstens 5 m
- Kruislijnlaser voor de loodlijn en de waterpaslijn
- Lijmroller of blokkwast
- Behangborstel of kunststof aandrukspaan
- Afbreekmes met een voorraad nieuwe mesjes
- Brede snijspaan om langs plafond, plint en afdeklat te snijden
- Schilderstape om een proefbaan op de wand te hangen
- Spons, emmer en een schone droge doek
Materiaal
- Alle rollen met hetzelfde partijnummer, plus één reserve
- Behanglijm die bij de soort op het etiket past
- Voorstrijk voor een zuigende ondergrond
- Afdeklat of hoekprofiel waar de print eindigt
Wat een behang landelijk of industrieel maakt
Landelijk en industrieel verwijzen allebei naar materiaal, maar naar een ander soort materiaal. Landelijk behang verwijst naar wat met de hand is gemaakt en is gaan slijten: ongebleekt linnen, kalkpleister, geschilderd hout, een fijne streep of een kleine bloem op een gebroken witte grond.

Industrieel behang verwijst naar bouwmateriaal dat onafgewerkt is gelaten: beton met de afdruk van de bekisting, baksteen met zijn voegen, verweerd staal en steigerhout. Welke drager zo'n print het best vasthoudt, van papier en vlies tot vinyl en textiel, staat in het overzicht van behangsoorten en wat ze van je muur vragen.
Het verschil zit ook in de ondertoon. Landelijke prints hebben bijna altijd een warme onderlaag van geel of rood, industriële prints trekken naar grijs en blauw, met rode baksteen en roest als warme uitzondering.
Landelijk industrieel is de combinatie van die twee in één kamer, en die werkt het best met een taakverdeling. Eén wand of één groot vlak levert het ruwe materiaal, hout en textiel leveren de warmte, en zwart staal in een kozijn, een lamp of een tafelonderstel verbindt die twee.
Behang kan beide rollen spelen. Een betonprint achter een eikenhouten tafel geeft de ruwe kant en een linnenstructuur naast een stalen deur de zachte kant, maar een baksteenprint, een houtlook en een bloemenbehang in hetzelfde zichtveld vragen met drie materialen tegelijk om aandacht.
Welke print bij welke richting hoort en waar hij op doorvalt
Een print van een materiaal wordt aan het echte materiaal gemeten, en daardoor beoordeel je hem strenger dan een bloem of een streep. Bij een bloemenbehang vraagt je oog niet of het echt is, bij baksteen en beton doet het dat vanzelf.
De tabel zet de gangbare prints naast elkaar: welke richting ze dragen, wat ze nabootsen en waar ze het eerst doorvallen. Die laatste kolom is de nuttigste, want daar lees je aan welke rol je in de winkel eerst gaat meten.
Twee prints horen in beide richtingen thuis. Wit geschilderde baksteen is industrieel van oorsprong, maar met gebroken wit en eiken erbij leest hij landelijk, en een kalk- of pleisterlook schuift met zijn tint mee: in beige naar landelijk, in koel grijs naar industrieel.
Een fijne streep of een kleine ruit is de enige landelijke print zonder materiaal erachter. Die toetst je oog niet aan echtheid maar aan rechtheid, want een verticale streep laat elke millimeter zien die een oudere wand uit het lood staat.
| Richting | Wat hij nabootst | Waar hij overtuigt | Waar hij doorvalt | |
|---|---|---|---|---|
| Glad beton met bekistingsnaden | Industrieel | Beton dat tegen platen is gestort, met naden en soms ankergaten | Een grote wand in mat vlies, van een paar meter afstand gezien | Glans op de toplaag, en ankergaten die op elke baan op dezelfde hoogte terugkomen |
| Rode baksteen | Industrieel, met warm hout erbij landelijk industrieel | Handvorm- of machinesteen in halfsteens verband | Een wand zonder buitenhoek, met de voegen waterpas uitgezet | Stenen die duidelijk langer zijn dan 21 cm, en een donkere steen die om de 53 cm terugkomt |
| Wit geschilderde baksteen | Beide | Een oude muur die is gesausd | Een eethoek of slaapkamer met eiken en gebroken wit | Een helderwitte wand ernaast die witter is dan de stenen in de print |
| Verweerd staal of roest | Industrieel | Cortenstaal of oude platen met klinknagels | Een smal vlak, zoals een nis of de wand achter een bar | Een hele wand, waar het roestbruin zwaar wordt en de plaatnaden zich zichtbaar herhalen |
| Steigerhout | Industrieel en landelijk industrieel | Gebruikte planken met spijkergaten, zaagsnedes en grijze verwering | Achter een bed of een tafel, met planken van rond 20 cm breed | Een noest of spijkergat dat op elke baan op dezelfde plek terugkomt |
| Geschilderde schroten of planken | Landelijk | Een betimmering van smalle delen in matte verf | Onder een afdeklat, als lambrisering tot 90 of 110 cm | Naden zonder schaduw, die bij strijklicht verdwijnen terwijl een echte naad dan juist tekent |
| Kalk- of pleisterlook | Beide, afhankelijk van de tint | Een wand in kalkverf of ruw stucwerk met wolken en strijksporen | Een hele kamer, omdat de wolken geen vast punt hebben dat zich herhaalt | Een reliëf dat in strijklicht vlekkerig wordt, en wolken met een zichtbaar rapport |
| Linnenstructuur | Landelijk | Grof geweven ongebleekt linnen | Slaapkamer en zithoek, als rustige achtergrond voor hout en wol | Onder een koel wit plafond, dat het beige vaal laat lezen |
| Fijne streep of ruit | Landelijk | Beddentijk en theedoekruit | Een kleine ruimte zoals een toilet of een zolderkamer | Een wand die uit het lood staat, want de streep laat elke afwijking zien |
| Kleine bloem of botanische print | Landelijk | Oud katoen en behang uit een boerderijkamer | Een slaapkamer, of een smalle wand boven een lambrisering | Naast een materiaalprint in hetzelfde zichtveld, waar twee soorten tekening om het oog vechten |
Waarom een materiaalprint echt of nep leest
Of een baksteen- of betonprint als muur leest of als afbeelding van een muur, beslist je oog op vier kenmerken: de maat, de herhaling, de glans en de schaduw. Op een staal van A4 in de winkel zie je van die vier weinig, en daarom valt een print die daar overtuigde thuis soms door.
De maat controleer je het makkelijkst. Een baksteen in waalformaat is ongeveer 21 cm lang en 5 cm hoog, en met een voeg van ruim 1 cm gaan er 16 lagen in een meter. Meet je op het staal tien lagen na en kom je ver boven de 62 cm uit, dan is de print opgeblazen en leest de wand als decor.
De herhaling zie je pas op de wand. Een baan is 53 cm breed, dus een steen of noest die net donkerder is dan de rest komt op een wand van 400 cm zeven à acht keer naast elkaar terug. In de hoogte komt hij terug om het rapport dat op het etiket staat: bij 64 cm vier keer boven elkaar.
Echt beton en echte baksteen zijn mat. Een vinyl toplaag heeft vaak een lichte glans, en die licht in strijklicht op als een laag kunststof over de stenen heen.
De schaduw is het minst bekende mechanisme. Een fotoprint van baksteen of hout draagt de schaduwen van het licht waarin hij is gefotografeerd. Valt het daglicht in jouw kamer van de andere kant, dan liggen de donkere randen aan de verkeerde kant van elke steen.
Een reliëf in vinyl lost dat deels op, omdat de schaduw dan met het echte licht meeloopt. Daar staat tegenover dat elke steen in de pers dezelfde afgeronde rand krijgt, en die gelijkvormigheid verraadt de print van dichtbij.
| Materiaal in de print | Echte maat | Wat je op het staal nameet | Waar de print aan doorvalt |
|---|---|---|---|
| Baksteen, waalformaat | Ongeveer 21 bij 5 cm, met voeg 16 lagen per meter | Tien lagen horen samen rond 62 cm te meten | Bij stenen van 25 cm of langer leest de wand als decor |
| Baksteen, dikformaat | Ongeveer 21 bij 6,5 cm, met voeg 13 lagen per meter | Tien lagen komen rond 77 cm uit | Wordt voor een grote waalsteen aangezien: tel de lagen, anders klopt je schaalcontrole niet |
| Halfsteens verband | Elke laag verspringt een halve steen, ongeveer 11 cm | De stootvoeg hoort midden boven de steen eronder te liggen | Een verband dat op de naad van de baan een sprong maakt, omdat de aansluiting verkeerd is gehangen |
| Steigerplank | Rond 20 cm breed en 3 cm dik | Op één baan van 53 cm passen ruim twee en een halve plank | Planken die zichtbaar breder zijn dan 25 cm, want die schaal hoort bij geen enkel gebruikt hout |
| Schroten of rabatdelen | Rond 10 cm bij schroten, 12 tot 15 cm bij rabat | De afstand tussen twee naden | Naden die in strijklicht wegvallen in plaats van een schaduwlijn te geven |
| Beton gestort tegen bekistingsplaten | Vaak platen van 125 bij 250 cm | De afstand tussen de naden in de print | Naden op precies 53 cm, want die leest je oog als behangnaad |
| Metrotegel | 7,5 bij 15 cm of 10 bij 20 cm | Tien tegels in de breedte horen 150 of 200 cm te meten | Voegen zonder diepte, wat naast een echt tegelvlak in dezelfde keuken meteen opvalt |
Koop eerst één rol en hang een hele baan met schilderstape op de wand voordat je de rest bestelt, en vraag of de overige rollen uit dezelfde partij apart kunnen blijven liggen. Pas op een baan van 53 cm breed en ruim 2 m hoog zie je het rapport, de schaal naast je meubels en de kant waar de schaduw in de print ligt. Bekijk die baan vanaf de plek waar je het meest zit.
Welke behangsoort de look draagt
Bij een materiaalprint kies je de drager op twee vragen: moet de wand tegen aanraking kunnen, en moet de print mat blijven? Die twee vragen trekken vaak een andere kant op, want de schrobvaste soorten hebben een kunststof toplaag en die glanst meer dan beton of steen.
In een woonkamer of slaapkamer, waar weinig langs de wand schuurt, is mat vlies met een gedrukte print de rustigste keuze voor beton, pleister en steigerhout. Vlies zet bij het lijmen nauwelijks uit, dus de voegen van de print sluiten op de baannaad aan zonder een kier die dwars door een steen loopt.
In een hal, een trapgat en een keuken schuren jassen, tassen en vet langs de wand, en daar hoort vinyl op vlies met een schrobvast symbool op het etiket. Kies dan een reliëf met een zo mat mogelijke toplaag, zodat de voeg een eigen schaduw krijgt en de glans niet boven de stenen uitkomt.
Fotobehang dat op de maat van de wand wordt gedrukt, heeft geen rapport: elke steen en elke plank komt maar één keer voor. Het komt in genummerde panelen die je in volgorde hangt, en je bestelt het op de gemeten wandmaat met de overmaat die de leverancier opgeeft.
Wil je het echte materiaal, dan is behang niet de enige route. Steenstrips, beton ciré of kalkstuc geven de diepte die een print mist, maar vragen een vlakke ondergrond en meer werk, en hoe die afwerkingen zich tot behang verhouden staat bij wandafwerkingen van stucwerk tot wandpanelen.
| Look en ruimte | Soort die hem draagt | Waarom juist die | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Betonlook in woonkamer of slaapkamer | Mat vlies, gedrukt zonder reliëf | Beton is mat, en vlies houdt de naden van de print op de baannaad | Bekistingsnaden die niet samenvallen met de baanbreedte van 53 cm |
| Baksteen in hal, trapgat of aan de eetkant van de keuken | Vinyl op vlies met reliëf, schrobvast | Vet en schoenzolen gaan er met een doek af, en de voeg krijgt echte schaduw | Een zo mat mogelijke toplaag, en geen vinyl op een muur waar vocht in zit |
| Baksteen of steigerhout in de woonkamer | Mat vlies, of fotobehang op maat | Geen glans, en bij fotobehang geen herhaling | Bij fotobehang de wand op drie hoogtes meten en de kleinste maat opgeven |
| Kalk- of pleisterlook | Mat vlies met een gedrukte wolk | Een reliëf maakt pleister in strijklicht vlekkerig | Een ontwerp dat over meer dan één baan loopt, zodat de wolken niet in een raster terugkomen |
| Linnen | Textiel op een drager, of vlies met een linnenprint | Echte draad breekt het licht en leest matter dan elke print | Textiel verdraagt geen lijm op de voorkant en hoort niet in keuken of hal |
| Fijne streep, ruit of kleine bloem | Papier of vlies | Een klein motief verbergt kleine tintverschillen tussen de banen | Zet de eerste baan met een laser uit, want de streep toont elke scheefstand |
| Steenstrips als alternatief | Geen behang: gelijmde strips van echte steen | Echte diepte, een voeg die je voelt en geen herhaling | Met lijm 1 tot 2,5 cm opbouw, dus afdekplaten en aansluitingen bij kozijnen moeten mee naar voren |
Welke kleuren om een landelijk of industrieel behang heen komen
Een materiaalprint heeft zijn eigen kleur, en die kleur kiest een kant: koel grijs, warm grijs, roodbruin of beige. De wanden, het plafond, het hout en het staal eromheen moeten dezelfde kant op trekken, anders leest het behang als een foto die op de verkeerde wand is geplakt.
In onze kleurgegevens wringt betongrijs met warm wit, linnen en zandbeige, omdat het beige ernaast geel leest en het beton vies. Dat is de valkuil van landelijk industrieel, waar een koele betonprint naast warme witte wanden en eiken komt; kalkwit kiest zelf geen kant en is het wit dat beide richtingen verbindt.
Rode baksteen doet het omgekeerde. Hij past bij warm wit, linnen, olijfgroen en zacht zwart, en wringt met cognac en terracotta, die in dezelfde oranjerode hoek van het kleurenwiel liggen: een cognac leren bank valt voor een baksteenprint tegen de wand weg.
Bij het staal is het verschil tussen twee zwarten groter dan het lijkt. Antraciet in RAL 7016 heeft een blauwgroene kern en wringt met donkerbruin hout, terwijl zacht zwart met een spoor bruin naast eiken, linnen en cognac standhoudt.
Wil je dit voor je eigen kamer nalopen, begin dan bij wat er al vastzit. In de kleurmatcher, met je kozijn, vloer of bank als vertrekpunt geeft een zwart kozijn kalkwit, betongrijs en zacht zwart, en een antracieten gietvloer kalkwit, betongrijs en oker als accent.
| Behang in de tint van | Overige wanden en plafond | Hout, staal en leer ervoor | Wat wringt, en waarom |
|---|---|---|---|
| Koele betonlook, betongrijs | Kalkwit, of koel gebroken wit in een kamer op het zuiden met veel glas | Antraciet of zacht zwart staal, cognac leer, oker in textiel | Warm wit, linnen en zandbeige: het beige wordt geel en het beton vies |
| Warme betonlook, flanelgrijs | Kalkwit of greige | Zacht zwart staal, cognac leer, saliegroen | Zandbeige en oker: dezelfde gele ondertoon maakt het grijs vaag |
| Rode baksteen, baksteenrood | Warm wit of linnen | Zacht zwart staal, olijfgroen of saliegroen textiel, flanelgrijs | Cognac leer en terracotta: roodbruin tegen roodbruin, en de bank valt weg |
| Linnen of kalkpleister in beige | Warm wit of greige | Eiken, cognac leer, olijfgroen, zacht zwart | Koel gebroken wit en grijsblauw: het linnen leest als een vlek in plaats van een achtergrond |
| Verweerd staal of zwart metaal, antraciet | Kalkwit of koel gebroken wit | Betongrijs, cognac leer, oker, flessengroen | Chocoladebruin hout: twee donkere vlakken waarvan geen van beide leesbaar blijft |
| Olijfgroene streep of ruit | Warm wit of linnen | Cognac leer, terracotta, oker, zacht zwart | Saliegroen en grijsblauw: salie wordt een slap aftreksel en grijsblauw trekt het geel uit het olijf |
| Urban taupe als middenkleur tussen beide | Kalkwit of warm wit | Olijfgroen, cognac leer, oker, zacht zwart | Betongrijs, grijsblauw en koel wit: het rode restje in de taupe komt naar voren en de wand leest paars |
Leg een wit vel printpapier half over het staal. Trekt het grijs naast het papier naar blauw, dan heb je een koele betonlook en hoort er kalkwit bij; trekt het naar bruin, dan kunnen greige of warm wit ernaast.
Wat de windrichting met beton, baksteen en linnen doet
Dezelfde print leest op een noordwand anders dan op een zuidwand, en bij materiaalprints valt dat verschil sterker op dan bij effen behang. Op het noorden valt diffuus hemellicht binnen van rond 6500 K bij bewolking tot 9000 K of meer onder een blauwe lucht, en dat licht tilt blauw op en laat rood en geel wegzakken.
Voor een betonprint betekent dat een wand die op het noorden koud en blauwig wordt en kaler oogt dan het staal in de winkel. Een warm grijs als flanelgrijs blijft daar grijs zonder blauw te worden, en is op die richting de betere betonlook.
Rode baksteen wordt op het noorden zwaar en bruin, en laat pas op het zuiden echt zien dat hij rood is. In een noordkamer werkt een lichtere, gesausde steen daarom beter dan een donkere handvormsteen over de hele wand.
Linnen verliest op het noorden een deel van zijn warmte en leest als lichtgrijs beige, en lampen van 2700 K halen die warmte 's avonds terug. Op het zuiden wordt dezelfde print bijna zandkleurig, en een grote wand kan daar flets worden.
Welk licht jouw kamer krijgt en op welke uren er directe zon op een wand valt, zoek je op in de lichtwijzer, per windrichting en per ruimte. Leg daar ook de schaduw in de print naast. Een verhoging werpt zijn schaduw weg van het licht: ligt het raam rechts van de behangwand, dan hoort de schaduw in de print links van elke steen te vallen.
Is dat niet zo, kies dan een foto die bij bewolkt licht is gemaakt en nauwelijks schaduw heeft. Zo'n print leest vlakker van dichtbij, maar spreekt het licht in de kamer nergens tegen.
Behang boven een lambrisering of van plint tot plafond
In een landelijk interieur loopt behang vaak niet tot op de plint, maar begint het boven een lambrisering met een afdeklat. De hoogte van die lat is een gewoonte en geen maat uit een norm: 90 tot 110 cm is gangbaar bij een plafond van 250 tot 260 cm, ruwweg een derde van de wandhoogte.
In een eethoek heeft die hoogte ook een functie. De rugleuning van de meeste eetstoelen eindigt tussen 80 en 95 cm en tikt bij het achteruitschuiven tegen de wand, dus met een lat op 100 cm raakt de stoel hout en geen behang.
In een industriële kamer werkt dezelfde verdeling met andere materialen: een onderzone in zacht zwart of in metrotegels, met een betonprint of baksteen erboven. Kies de lat dan in zwart of in de kleur van de onderzone, want een witte lat trekt tussen twee donkere vlakken een streep door de kamer.
Minder hoogte scheelt behang. Een wand van 400 cm breed vraagt acht banen van 53 cm. Boven een lat op 100 cm is een baan met 10 cm overmaat en een rapport van 64 cm maar 192 cm lang. Dan haal je er vijf uit een rol en kom je op twee rollen in plaats van drie.

Hoe je dat voor een volle wandhoogte uitrekent, met en zonder rapport, staat bij banen en rollen uitrekenen voor een wand van 400 cm. Verf je de lambrisering en de overige wanden, dan geeft de verfcalculator voor liters per vierkante meter de hoeveelheid. Die rekent met alle vier de wanden van de kamer, dus trek het behangvlak er zelf van af. Voor 4 m² lambrisering in twee lagen kom je met 12 m² per liter voor hout op ongeveer 0,7 liter.
Loopt de vloer af, dan zet je de afdeklat met een laser waterpas en vang je het verschil op in de hoogte van de lambrisering, niet in de lat. Een lat die de vloer volgt, zie je boven een baksteenprint direct, omdat de voegen erboven dan schuin tegen de lat aan lopen.
Landelijk industrieel behang in de woonkamer, de slaapkamer en de keuken
In een woonkamer komt een materiaalprint het best uit op de wand die je vanaf de bank of de eettafel ziet, en niet op de wand waarin het raam zit. Tegen het licht in stelt je oog zich in op het glas, en van de print blijft dan een donker vlak over.
Houd het in de woonkamer bij één wand. Een baksteen- of betonprint rondom maakt van de kamer een decor, en de herhaling van het rapport komt dan op elke wand terug.
In de slaapkamer is de wand achter het bed de logische plek, met een linnenstructuur of wit geschilderde baksteen bij hout en wol. Hoe die wand past in een landelijke slaapkamer met hout, linnen en warm licht, staat daar uitgewerkt. Kies achter het hoofdeinde een soort die je met een vochtige doek afneemt, want daar ontstaat op den duur een vetrand.
In een kleine woonkamer beslist de schaal van de print. Een baksteen op ware grootte werkt ook op een wand van 300 cm, maar een opgeblazen steen maakt de wand korter. De keuzes voor hout, matte wanden en textiel bij een kleine woonkamer landelijk inrichten zonder dat hij volloopt gelden hier ook voor het behang.
In een keuken hoort een baksteen- of metrotegelprint niet achter de kookplaat of de spoelbak, waar vet en stoom de naden loslaten. Aan de eetkant, buiten die zone, kan vinyl op vlies met een schrobvast symbool, en in een hal of trapgat is dat de soort die tassen en jassen overleeft.
Een toilet is de ruimte waar een uitgesproken print het minst risico geeft. Je ziet de wand van dichtbij en kort, en een toilet van 90 bij 120 cm vraagt rondom maar acht banen of drie rollen zonder rapport. Een fijne streep of een roestprint die op een woonkamerwand te zwaar zou zijn, kan daar dus wel.
Zo kies en hang je een materiaalprint die als muur leest
De volgorde loopt van de rol in de winkel naar de laatste voeg, omdat je schaal, herhaling en schaduw alleen vooraf nog kunt controleren.
-
Bepaal welke rol het behang in de kamer speelt
Kijk wat er al staat: een zwart kozijn, een eiken vloer, een cognac leren bank. Levert het behang de ruwe kant, kies dan beton, baksteen of steigerhout, en levert het de zachte kant, kies dan linnen, pleister of een fijne streep, want twee ruwe vlakken in één zichtveld vechten om aandacht.
-
Meet de schaal van de print na op het staal
Tel tien lagen baksteen en meet ze: rond 62 cm bij waalformaat, rond 77 cm bij dikformaat. Meet bij hout de plankbreedte, rond 20 cm bij steigerhout, en kijk bij beton of de bekistingsnaden niet op precies 53 cm liggen, want dan leest elke naad als behangnaad.
-
Lees het rapport af en hang een hele proefbaan op
Noteer het rapport en de aansluiting van het etiket en hang één baan met schilderstape op de gekozen wand. Bekijk hem vanaf de bank of de tafel, bij daglicht en onder je lampen, en controleer of de schaduw in de print aan de kant ligt die van het raam af wijst.
-
Zet de kleur naast de vaste vlakken
Houd het staal tegen het kozijn, de vloer en het grootste meubel. Trekt een betonprint naar blauw, dan komt er kalkwit naast en geen warm wit, en staat er een cognac leren bank, dan valt een rode baksteenprint af.
-
Reken de banen uit en koop alle rollen uit één partij
Deel de breedte van de wand door 53 en rond naar boven af, tel bij de hoogte 10 cm op en rond die lengte af naar een veelvoud van het rapport. Koop alle rollen met hetzelfde partijnummer plus een reserve, want een baan uit een andere productieronde valt in een steenkleur als een blok op.
-
Zet een waterpaslijn uit en leg daar een voeg op
Zet met een laser een horizontale lijn op de hoogte waar je het meest naar kijkt, bijvoorbeeld net boven het dressoir of de afdeklat, en hang de eerste baan zo dat een voeg op die lijn valt. Je oog vergelijkt de voegen met het dichtstbijzijnde rechte meubel en niet met het plafond, dus een scheef plafond vang je bovenaan op in de laatste laag.
Zet de eerste naad vanuit het midden van de wand uit, zodat er aan beide kanten een even brede restbaan overblijft.
-
Laat de print eindigen in een binnenhoek of tegen een lat
Een echte bakstenen muur toont op een buitenhoek de kopse kant van de steen, en een print die om die hoek doorloopt toont alleen de lange zijde die dubbelvouwt. Stop de print daarom in een binnenhoek of tegen een hoekprofiel, en snijd bij stopcontacten met de groep uit langs de inbouwdoos, zodat de afdekplaat over de snijrand valt.
Verfcalculator
Vul de maten van je kamer in, trek ramen en deuren af en zie hoeveel liter je per laag nodig hebt, per verfsoort en per ondergrond. Open de volledige verfcalculator
Nalopen voordat je de rollen bestelt
Uit de praktijk
De bakstenen wand overtuigt vanuit de deur maar niet vanaf de tafel
Het symptoom is een baksteenprint die op vier of vijf meter afstand als muur leest en op een meter of twee als behang. Op die korte afstand zie je drie dingen die je van ver niet ziet: dezelfde donkere steen die om de 53 cm terugkomt, schaduwen die tegen het licht in vallen, en bij reliëf stenen die allemaal exact dezelfde rand hebben.
Je oog zoekt in een groot vlak naar herhaling, en een raster van identieke afwijkingen vindt het binnen een paar tellen. Een echte muur heeft die herhaling niet, en daarom valt het verschil juist op de plek op waar je het langst zit.
Wat helpt: fotobehang op maat zonder rapport, een ontwerp met een verspringend rapport of een rapport over meer dan één baan, en een print waarvan de schaduw aan de juiste kant van het raam ligt. Een dressoir of een bank voor het onderste deel haalt bovendien een deel van de herhaling uit het zicht.
De betonwand oogt blauw en kil naast het eiken
Het symptoom is een betonprint die in de winkel neutraal grijs leek en thuis naast een eiken vloer en warm witte wanden blauw en vies oogt, terwijl het eiken ineens oranje wordt. De print is niet veranderd, maar de ondertonen om hem heen trekken hem uit elkaar.
Licht eiken heeft een geeloranje ondertoon die sterker wordt zodra er een koele kleur naast komt, en warm wit en betongrijs duwen elkaar elk hun eigen kant op: het wit leest geel, het beton blauw. Op een noordwand komt daar het koele hemellicht bij, dat het blauw nog verder optilt.
Zet de overige wanden in kalkwit, dat zelf geen kant kiest, of kies een warmere betonprint in de richting van flanelgrijs. Cognac leer of oker in textiel geeft daarna de warmte terug die het beton wegneemt.
De voegen lopen schuin ten opzichte van het dressoir
Het symptoom is een baksteenprint waarvan de horizontale voegen zichtbaar oplopen of aflopen ten opzichte van een dressoir, een tafelblad of een afdeklat. De banen zelf hangen in het lood, maar de eerste baan is tegen het plafond aangezet, en dat plafond is niet waterpas.
In oudere huizen verloopt een plafond over een wand van 4 m al gauw een centimeter of meer. Bij effen behang zie je dat nergens, maar een voeg is een rechte lijn en je oog legt hem langs het dichtstbijzijnde meubel dat wel waterpas staat.
Daarom leg je de eerste voeg op een laserlijn op meubelhoogte en laat je de afwijking bovenaan in de laatste laag verdwijnen. Is het al gehangen, dan is er geen correctie meer mogelijk: bij droog afneembaar vlies trek je de banen eraf en hang je ze met een nieuwe rol opnieuw.
Veelgemaakte fouten
Een materiaalprint kiezen op een staal van A4
Op een staal zie je geen rapport, geen schaal naast je meubels en geen schaduw tegenover je raam. Een print die op A4 overtuigt, kan op 10 m² een raster van identieke stenen worden; hang eerst een hele baan op de wand zelf.
Een baksteenprint om een buitenhoek laten doorlopen
Een echte muur toont op de hoek de kopse kant van de steen, afwisselend met de lange zijde. Een print die om de hoek vouwt, laat een platte steen zien die dubbelgeklapt is, en daaraan herkent je oog het behang meteen.
Glanzend vinyl kiezen voor beton of steen in de woonkamer
Beton en baksteen zijn mat, en een glanzende toplaag licht in strijklicht op als een laag kunststof over het materiaal. Waar niets langs de wand schuurt, is mat vlies de betere drager; vinyl hoort in de hal en aan de eetkant van de keuken.
Een cognac leren bank voor een rode baksteenprint zetten
Cognac en baksteenrood liggen allebei in de oranjerode hoek van het kleurenwiel. Staan ze voor elkaar, dan loopt de bank in de wand over en verdwijnt precies het meubel dat je wilde laten zien; kies dan een betonprint of linnen, of een bank in groen of zacht zwart.
Warm witte wanden naast een koele betonlook
Betongrijs heeft een koele ondertoon en warm wit een gele, en naast elkaar trekken ze die ondertonen verder uit elkaar. Het wit leest vuilgeel en het beton blauwig, terwijl kalkwit naast dezelfde print neutraal blijft.
Drie materiaalprints in één zichtveld
Baksteen op de ene wand, steigerhout op de andere en een bloemenbehang in de nis ernaast geeft drie tekeningen die elk om aandacht vragen. Houd het bij één print per zichtveld, en laat het tweede materiaal uit echt hout, staal of textiel komen.
Veelgestelde vragen
Wat is behangpapier landelijk industrieel?
Behang voor een interieur dat landelijke en industriële materialen combineert. Meestal gaat het om een print van een ruw materiaal, zoals beton, baksteen of steigerhout, die naast warm hout, linnen en zwart staal komt. Omgekeerd kan het een zachte landelijke structuur zijn, zoals linnen of kalkpleister, in een kamer met industriële meubels. Het behang levert daarin één van de twee kanten, en het echte meubilair de andere.
Welk behang past bij een landelijk industrieel interieur?
Een betonprint in warm grijs, wit geschilderde baksteen of steigerhout passen het best, omdat die met eiken en met zwart staal allebei aansluiten. Een koele betonlook werkt ook, maar dan met kalkwit op de overige wanden. Kies één print per zichtveld en laat de rest uit echt materiaal komen: een eiken tafel, een linnen gordijn en een lamp in zacht zwart.
Ziet betonlook behang er niet nep uit?
Dat hangt aan drie dingen: de glans, de herhaling en de naden. Mat vlies zonder reliëf leest van afstand als beton, een glanzende vinyl toplaag niet. Kijk of ankergaten of vlekken op elke baan op dezelfde hoogte terugkomen, en of de bekistingsnaden in de print niet precies op de baanbreedte van 53 cm liggen, want dan leest je oog elke naad als behangnaad.
Hoe herken je in de winkel of een baksteenprint de juiste schaal heeft?
Tel tien lagen stenen en meet ze na. Bij waalformaat, de gangbare Nederlandse steen van ongeveer 21 bij 5 cm, horen tien lagen met voeg rond 62 cm te meten, bij dikformaat rond 77 cm. Komt het staal ver boven die maat uit, dan is de print vergroot en leest de wand in je kamer als decor in plaats van als muur.
Welke kleur geef je de muren naast baksteen behang?
Bij rode baksteen warm wit of linnen, met zacht zwart staal en olijfgroen of saliegroen in textiel. Houd cognac leer en terracotta uit de buurt, omdat die in dezelfde oranjerode hoek liggen en tegen de stenen wegvallen. Bij wit geschilderde baksteen kies je een wit dat niet helderder is dan het wit van de stenen in de print, anders lijken de stenen vergeeld.
Kan steigerhout behang in een kleine woonkamer?
Ja, op één wand en op ware schaal, met planken van rond 20 cm breed. Een houtprint met veel grijze verwering en een donkere noest die om de 53 cm terugkomt, valt in een kleine kamer sneller op, omdat je er dichter op zit. Kies een rustige print met weinig opvallende noesten en houd de andere wanden licht, zodat de kamer niet kleiner oogt.
Is baksteenbehang geschikt voor de keuken?
Aan de eetkant wel, achter de kookplaat en de spoelbak niet. Vet en stoom zoeken de naden op en laten die loskomen, dus daar horen tegels of glas. Buiten die zone hang je vinyl op vlies met een schrobvast symbool op het etiket, met een zo mat mogelijke toplaag, zodat je spetters met een doek afneemt zonder dat het behang gaat glanzen.
Wat is beter: baksteenbehang of steenstrips?
Steenstrips geven echte diepte, een voeg die je voelt en geen herhaling, maar met lijm komen ze 1 tot 2,5 cm van de wand en schuiven afdekplaten en aansluitingen bij kozijnen mee naar voren. Behang is dunner dan een millimeter, sneller gehangen en weer te verwijderen. Voor een wand die je van dichtbij ziet, zoals achter een bar, winnen strips; voor een wand die je van de bank ziet, volstaat een goede print.
Hoeveel rollen behang heb je nodig boven een lambrisering?
Reken met de hoogte boven de afdeklat. Bij een wand van 400 bij 260 cm met een lat op 100 cm is een baan 160 plus 10 cm, afgerond op een rapport van 64 cm 192 cm. Dat geeft vijf banen per rol en twee rollen voor de acht banen. De rekenregel voor volle wandhoogtes staat bij het uitrekenen van banen, rapport en partijnummer voor een taupe wand.
Hoe lang gaat behang mee?
Gemiddeld 10 tot 15 jaar. Zon die jaren op één wand valt trekt de kleur eruit, vocht in keuken en badkamer laat naden los, en zonder voorstrijk komt bij het strippen het gips mee. Een beschadigde baan vervang je alleen onzichtbaar met een rol uit dezelfde partij; hoe dat zich verhoudt tot verf en andere materialen staat in de levensduurtabel voor apparaten en materialen in huis.
Welke lampen passen bij een industriële behangwand?
Wandlampen met het hart rond 160 cm, en inbouwspots op 60 tot 90 cm van de wand. Een spot die dichterbij van boven langs een reliëf strijkt, laat de voegen tekenen, maar bij een platte print laat datzelfde strijklicht juist zien dat er geen diepte is. Houd bij een platte print het licht dus meer van voren, en kies 2700 K als er ook hout en linnen in de kamer staan.
Wanneer je beter een vakman belt
Een behangwand in vlies of vinyl zet je zelf, maar op twee plekken ligt de grens. Staat er op de wand of het plafond spuitpleister of structuurverf die voor 1994 is aangebracht, laat dan een monster op asbest onderzoeken voordat je gaat schuren, afsteken of boren, want juist bij bewerken komen de vezels vrij.
Beton ciré en kalkstuc als echt alternatief voor een print worden in dunne lagen gezet en geschuurd, en een fout blijft als vlek zichtbaar; dat werk laat je aan een stukadoor. Vertoont de muur vochtplekken of zoutuitbloei, laat dan eerst de oorzaak vaststellen, omdat vocht achter behang, en zeker achter vinyl, onzichtbaar doorwerkt.
Verder lezen over dit onderwerp
Urban taupe behang
