Bar en barhoogte: de maten die kloppen
Een bar in huis ligt op 105 cm met een kruk van 78 cm, en aan een doorgetrokken aanrechtblad van 90 cm hoort een kruk van 63 cm. In beide gevallen blijft er tussen zitting en blad 25 tot 30 cm over. Reken 60 cm blad per persoon, 65 cm hart op hart zodra er krukken staan, 25 cm overstek voor de knieën en een steun onder het blad zodra dat overstek boven 30 cm komt. Achter de krukken houd je 75 cm vrij om op te staan en 100 cm waar er langs gelopen wordt. Een kookeiland met krukken kost daardoor met aanrecht en werkgang erbij al gauw 440 cm van de keuken.
Alle gidsen over bar & barhoogte
Horeca bar
Een horeca bar werkt op twee hoogtes: 105 cm aan de gastzijde en 90 cm aan de werkzijde, met een…
Bar voorbeelden
Elk voorbeeld van een bar komt uit op een blad van 90 cm met een kruk van 63 cm, of…
Welke bar je bedoelt, en welke hoogte daarbij hoort
Een bar is in huis zelden een los meubel. Meestal is het een verhoogd blad aan een kookeiland, een doorgetrokken aanrecht met krukken, een plank langs de wand of een blok onder de overkapping. De maten ervan hangen samen met de banken, tafels en stoelen in de rest van het huis.
Het onderscheid dat de meeste keuzes bepaalt, is de hoogte. Een blad op 75 cm is een tafel, op 90 cm een aanrecht en op 105 cm een bar, en elke hoogte vraagt een eigen stoel of kruk die bij de andere twee niet werkt.
Het tweede onderscheid is wat er achter het blad gebeurt. Thuis sta je er een kwartier, in een café een hele dienst, en dan krijgt de bar een werkblad op 90 cm, een spoelpunt en een werkgang. Die opbouw staat bij een bar voor een café, kantine of clubhuis; hier gaat het om de maten die voor elke bar gelden.
De tabel zet de gangbare vormen naast elkaar. Zoek de rij die bij je ruimte past en lees de laatste kolom als de vraag die je daarna moet beantwoorden.
| Soort bar | Bladhoogte en kruk | Waar hij past | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Verhoogd barblad aan een kookeiland | Blad 105 cm, kruk 78 cm | Open keuken met ruimte voor een werkgang van 90 tot 120 cm | Met de opstaande rand en het overstek wordt het eiland 120 cm of dieper |
| Doorgetrokken werkblad aan een eiland | Blad 90 cm, kruk 63 cm | Kleinere keuken, of waar het blad ook werkplek is | Een gewone barkruk van 78 cm staat hier 15 cm te hoog |
| Schiereiland tussen keuken en kamer | 105 cm aan de kamerzijde, 90 cm aan de keukenzijde | Woning met een open keuken die aan de kamer grenst | Aan de kamerzijde komt er 25 cm overstek en 45 cm kruk bij, plus 75 cm om op te staan |
| Barplank tegen de wand | Blad 105 cm, 30 tot 40 cm diep | Smalle strook langs een wand, raam of balustrade | Er past geen kast onder, want daar zitten de knieën |
| Thuisbar als los meubel | Blad 100 tot 110 cm, kruk 75 tot 82 cm | Woonkamer, souterrain of zolder | Een los meubel met overstek kantelt naar voren als er op de rand geleund wordt |
| Statafel | Blad 105 tot 110 cm, meestal zonder kruk | Staand borrelen in een hal, kantine of op een feest | Een rond blad van 60 tot 80 cm biedt plek aan hooguit vier staande mensen |
| Buitenbar onder een overkapping | Blad 105 cm, kruk 78 cm | Terras met een dicht dak en een gesloten zijde | Bij wind slaat regen tot 135 cm onder de dakrand naar binnen |
| Bar in een horecazaak | 105 cm gastzijde, 90 cm werkzijde | Café, restaurant, clubhuis of kantine | De werkgang: 90 cm voor één barkeeper, 120 cm voor twee |
Tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm
Een barhoogte is geen losse maat maar het bovenste getal van een paar. Tussen zitting en bovenkant blad moeten je bovenbenen en de dikte van het blad passen, en aan een bar komt dat neer op 25 tot 30 cm; aan een eettafel ligt die marge op 28 tot 32 cm.
Daaruit volgen de hoogtes in de tabel. Een blad op 105 cm vraagt een kruk met een zithoogte van 78 cm, een aanrechtblad van 90 cm een kruk van 63 cm, en een eettafel van 75 cm een stoel van 45 cm.
Dat de bar juist op 105 cm ligt, heeft twee redenen. Het is de hoogte waarop je staand met je onderarmen leunt zonder te bukken, en een blad op die hoogte onttrekt het werkblad van 90 cm erachter aan het zicht. Onder 100 cm verdwijnt dat tweede effect, en boven 110 cm hoort er een kruk van 82 cm of hoger bij en wordt opstappen voor kleinere mensen klimmen.
Meet bij het vergelijken de ingezakte zitting en niet de bolle bovenkant van het kussen. Dat scheelt 3 tot 6 cm, en precies die centimeters bepalen of je knieën onder het blad passen. Zoek je een hoogte die hier niet staat, zoals een vensterbank of een werkblad waar de bar tegenaan komt, dan staat die in de maatwijzer met de hoogtes van bar, keuken en eettafel.
De voetsteun hangt aan dezelfde reeks. Op een kruk van 78 cm staan je voeten het prettigst op ongeveer 35 cm boven de vloer, 40 tot 45 cm onder de zitting. Zonder steun hangen de benen en drukt de rand van de zitting in de achterkant van je dijen.
| Wat | Bovenkant blad | Bijbehorende maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|---|
| Eetstoel aan een eettafel | 75 cm | Zithoogte 45 cm | 44 tot 47 cm | Verschil 28 tot 32 cm; bij een blad van 78 cm hoort een stoel van 46 tot 48 cm |
| Kruk aan een aanrecht of doorgetrokken werkblad | 90 cm | Zithoogte 63 cm | 60 tot 67 cm | Een aanrecht ligt op 85 tot 95 cm; draai je de poten uit, dan schuift de kruk mee |
| Barkruk aan een bar | 105 cm | Zithoogte 78 cm | 75 tot 82 cm | De maat die in de winkel meestal als barkruk verkocht wordt |
| Kruk aan een hoge bar of statafel | 110 cm | Zithoogte 82 cm | 80 tot 85 cm | Zonder voetsteun zit je hier niet langer dan een paar minuten |
| Voetsteun aan een barkruk | 105 cm | 35 cm boven de vloer | 30 tot 40 cm | 40 tot 45 cm onder de zitting, anders hangen de voeten |
| Voetrail langs de voorkant van de bar | 105 cm | 20 cm boven de vloer | 18 tot 25 cm | Voor wie staat; wie zit gebruikt de steun van de kruk |
| Hanglamp boven het barblad, onderkant | 105 cm | 185 cm boven de vloer | 180 tot 195 cm | 75 tot 90 cm boven het blad, dus onder de ooghoogte van wie staat |
Diepte, overstek en het aantal krukken per meter blad
Een barblad is 40 cm diep als er een bord en een glas op moeten, en 60 cm als je er ook snijdt of een laptop neerzet. Aan de zitzijde komt daar een overstek van 20 tot 30 cm bij, want zonder overstek zitten je knieën tegen de onderkast en schuif je 25 cm van het blad af.
Boven 30 cm overstek hoort er een steun onder, en dat is mechanica en geen voorzichtigheid. Het blad rust op de kast en werkt als een hefboom: wie met 40 kg op de rand leunt, trekt aan de achterkant van het blad met een kracht die meegroeit met de lengte van het overstek. Schroeven in spaanplaat houden die trek slecht. Een console, een platstalen strip of een doorgezette zijwang vangt die last op.
In de lengte reken je 60 cm per persoon. Met krukken wordt het 65 cm hart op hart, want een kruk is ongeveer 40 cm breed en de rest is ruimte voor de ellebogen; met rugleuning houd je 65 cm aan en met armleuningen 70 cm.
De tabel telt dat uit per bladlengte. De middelste kolom is de maat waarop je een avond blijft zitten, de derde de maat die werkt voor een ontbijt van twintig minuten.
| Lengte van het blad | Krukken op 65 cm hart op hart | Krukken als het krap mag, op 60 cm | Waar het knelt |
|---|---|---|---|
| 120 cm | 1 | 2 | Twee krukken alleen zonder armleuningen, en de buitenste staat met een poot buiten het blad |
| 150 cm | 2 | 2 | Genoeg voor twee met ruimte voor een schaal ertussen |
| 180 cm | 2 | 3 | Drie krukken lukt zonder rugleuning; met rugleuning schuren de ruggen langs elkaar |
| 210 cm | 3 | 3 | De lengte waarbij drie mensen elkaar niet raken, ook met rugleuning |
| 240 cm | 3 | 4 | Het gangbare kookeiland: drie aan de lange zijde, vier als niemand lang blijft zitten |
| 300 cm | 4 | 5 | Met vijf krukken staat de buitenste vaak in de looproute langs de kopse kant |
| 400 cm | 6 | 6 | Zes krukken beslaan 365 cm; de rest verdeel je over de uiteinden |
| Kopse kant van een eiland van 110 cm diep | 1 | 1 | Alleen met overstek aan die zijde, anders zitten de knieën tegen het zijpaneel |
Hoeveel vloer een bar met krukken kost
Het blad zelf is smal, de strook eromheen niet. Een kruk steekt 45 cm uit en schuift maar half onder een overstek van 25 cm. Achter wie zit is 75 cm nodig om van de kruk te stappen en 100 cm om er met een schaal langs te lopen.
Tel bij een kookeiland alle banden van wand tot wand op. Aanrecht 60 cm, werkgang 120 cm, eiland met overstek 115 cm, krukken 45 cm en de route erachter 100 cm maken samen 440 cm.
Met de krapste maten die nog werken, 90 cm werkgang en 75 cm achter de krukken, kom je op 385 cm. Onder die maat valt er een band af, en dan schrap je de krukken en niet de werkgang: bij 90 cm kun je een ovenklep van 55 cm openen en er nog langs, bij minder niet.

Een barplank tegen de wand is de zuinigste vorm. Blad van 40 cm, kruk van 45 cm en 75 cm om op te staan maken samen 160 cm, en er hoeft geen werkgang achter.
Hoe die banden uitpakken bij een eiland, een schiereiland of een hoekopstelling, zie je in de uitgewerkte opstellingen met eiland, hoek en wand. De rechte variant vormt de basis voor de andere opstellingen.
Een bar als afscheiding, tegen de wand of als los meubel
Waar de bar komt, bepaalt meer dan hoe hij eruitziet. Een bar in een open keuken is ook een scherm tussen koken en zitten, een bar tegen de wand is een tafel voor twee, en een los barmeubel in de woonkamer is een meubel dat moet blijven staan als er op geleund wordt.
Een schiereiland met een verhoogde rand is de vorm die het meest oplost. Aan de keukenzijde blijft het werkblad op 90 cm, aan de kamerzijde komt een rand op 105 cm, en die 15 cm hoogteverschil houdt de snijplank en de afwas uit het zicht van wie aan het blad zit.
Die rand kost wel werkblad. Een opstaande rand van 25 tot 30 cm diep neemt dat stuk van het aanrecht in, dus reken het eiland 20 tot 30 cm dieper als je dezelfde werkruimte wilt houden.
Een barplank voor een raam loopt vaak vast op de radiator eronder. Een blad van 40 cm diep boven een radiator vangt de opstijgende warme lucht op, en zonder 10 cm vrije ruimte tussen radiator en blad blijft de warmte onder de plank hangen.
Een los barmeubel heeft zijn gewicht aan de achterkant nodig. Met krukken aan de voorzijde en een overstek van 25 cm kantelt een lichte kast naar voren zodra er op de rand geleund wordt; vul de onderste lade met flessen, zet hem tegen de wand of veranker hem.
| Situatie | Welke bar daarbij past | Waar je op let |
|---|---|---|
| Open keuken waar gekookt en ontbeten wordt | Eiland met één blad op 90 cm en krukken van 63 cm | Eén hoogte is makkelijker schoon te houden, maar vanuit de kamer kijk je op het werkblad |
| Open keuken die vanuit de zithoek rustig moet ogen | Schiereiland of eiland met een rand op 105 cm | De rand kost 25 tot 30 cm werkblad; stopcontacten kunnen in de opstaande kant |
| Smalle keuken zonder ruimte voor een eiland | Barplank van 30 tot 40 cm diep aan de kopse kant van het aanrecht | Geen kast eronder, en de kruk mag niet in de werkgang uitsteken |
| Woonkamer, souterrain of zolder met een thuisbar | Los barmeubel met krukken aan de voorzijde | Zwaar onderin of verankerd zodra het overstek 25 cm of meer is |
| Strook voor een raam of langs een balustrade | Barplank op 105 cm, 30 tot 40 cm diep | Boven een radiator 10 cm vrij houden, anders blijft de warmte onder het blad hangen |
| Staand borrelen zonder vaste plek | Statafel van 105 tot 110 cm hoog en 60 tot 80 cm rond | Een smalle voet kantelt; een voetplaat van minstens de halve bladmaat staat stabiel |
| Terras met een dicht dak | Buitenbar met blad op 105 cm tegen de gesloten zijde | Buiten de regenzone langs de open rand, en water aftapbaar voor de vorst |
Wat het blad moet kunnen hebben
Op een bar wordt meer gemorst dan op een eettafel, en vooral zuurder: citroen, wijn en cola staan er vaker op dan een bord. Kies het blad daarom op wat er gebeurt en pas daarna op kleur.
Drie mechanismen verklaren de meeste schade. Zuur etst kalkhoudende steen als marmer en travertin dof, en die kring zit in de steen, dus poetsen helpt niet. Water dat tijd krijgt trekt in hout via elke onderbroken laklaag en via de kopse kant, en bij eiken reageert de looistof met ijzer uit een blikje of een stalen onderzetter tot een zwarte vlek.
Het derde mechanisme speelt vooral buiten: uv-licht breekt de lignine in hout af, waardoor onbehandeld hout in één tot twee seizoenen grijs wordt en de vezel opent. Welk blad onder een dak heel blijft, staat bij de bladkeuze voor een bar onder een overkapping.
Aan de werkzijde van een bar in een zaak valt de keuze nog strenger uit, omdat er elke dienst schoonmaakmiddel overheen gaat. Daar gaan rvs en composiet voor, en hoe dat blad aansluit op de spoelbak lees je bij de werkzijde achter een bar in de horeca.
| Materiaal | Aan een bar binnen | Buiten onder een dak | Waar het op stukgaat |
|---|---|---|---|
| Eiken of ander hardhout, gelakt | Goed, mits de lak rondom dicht is | Matig, de lak scheurt door zon en vocht | Water trekt in bij een beschadiging in de lak en loopt eronder door |
| Hout, geolied | Alleen waar weinig gemorst wordt | Alleen hardhout, met één of twee keer per jaar oliën | Olie keert geen water, dus een natte onderzetter laat een donkere kring na |
| Composiet met kwarts | Goed, verkleurt niet van wijn | Niet bij volle zon, de hars kan verkleuren | Hitte: een hete pan laat een doffe plek na |
| Keramiek van 12 tot 20 mm | Goed, ongevoelig voor zuur en vet | Goed, ook tegen uv en vorst | De rand bij een stoot, en een dun blad heeft over de hele lengte steun nodig |
| Graniet, gepolijst | Goed, dicht genoeg voor zuur | Goed | Een schilfer uit de hoek als er een glas op valt |
| Marmer of travertin | Alleen op een droog deel | Niet geschikt | Citroen, wijn en cola etsen doffe kringen in de steen |
| Roestvast staal | Goed, maar koel en kil aan de onderarmen | Goed | Krassen: geborsteld verbergt ze, gepolijst laat elke veeg zien |
| Laminaat of hpl op spaanplaat | Goed, zolang de randen dicht zijn | Niet geschikt | Water in een open zaagkant laat de plaat opzwellen |
| Beton, gepolijst | Matig, elk glas tekent af zonder impregnatie | Redelijk, met elk jaar of twee jaar impregneren | Rode wijn en olie trekken in het poreuze oppervlak |
Barkrukken kiezen op zithoogte, voetsteun en leuning
Koop de kruk nooit voordat het blad vastligt. De zithoogte hoort 25 tot 30 cm onder de bovenkant van het blad, dus aan een blad van 105 cm een kruk van 75 tot 82 cm en aan een aanrecht van 90 cm een kruk van 60 tot 67 cm.

Een verstelbare kruk op een gasveer lijkt die keuze te omzeilen, maar het bereik is per model anders en staat in de productomschrijving. Kijk of zowel 63 cm als 78 cm binnen dat bereik valt als de kruk op beide hoogtes moet werken, want veel modellen komen maar aan één kant uit.
De voetsteun bepaalt hoe lang je blijft zitten. Een ring of dwarsregel op 40 tot 45 cm onder de zitting laat je voeten rusten; een kruk zonder steun is een kruk voor een kop koffie.
Een rugleuning geeft houvast, maar kost 5 cm extra per kruk en laat de kruk niet meer onder het blad verdwijnen. Armleuningen vragen 70 cm per plek en moeten onder het blad door kunnen, dus meet de hoogte van de armleuning tegen de onderkant van het blad inclusief een eventuele rand.
Een draaikruk heeft een voordeel dat vaak wordt onderschat: je stapt er zijwaarts af zonder de kruk naar achteren te schuiven, zodat de route achter je vrij blijft. Zoek je de zithoogte van een kruk op naast die van een eetstoel of een bank, dan staan ze bij elkaar in de opzoektabel met zithoogtes en bladhoogtes.
Licht boven de bar
Boven een bar hangt het licht lager dan in de rest van de ruimte, omdat het op het blad moet vallen en niet in de ogen. De onderkant van een hanglamp komt 75 tot 90 cm boven het blad, bij een bar van 105 cm dus op 180 tot 195 cm boven de vloer.
Hangt de lamp hoger, dan schijnt hij bij het opstaan en in het voorbijlopen recht in je gezicht. Hangt hij lager, dan staat hij tussen de mensen die tegenover elkaar aan het blad zitten.
Voor het aantal lampen houden wij een vuistregel aan en geen voorschrift: ongeveer 60 tot 80 cm tussen de hartlijnen, met de buitenste lamp 30 tot 40 cm binnen het uiteinde van het blad. Aan een blad van 240 cm komen dat drie lampen, aan een blad van 150 cm twee.
Kies een kap die de lichtbron aan de onderkant afschermt of een lamp met een matte diffuser. Wie op een kruk van 78 cm zit, heeft de ogen op ongeveer 155 cm, en een open kap op 185 cm laat van een meter afstand het peertje zien.
Houd binnen één zichtveld één kleurtemperatuur aan, meestal 2700 K in een woonkeuken. Zet je boven de bar 2700 K en in de keuken erachter 4000 K, dan lijkt de ene lamp oranje en de andere blauw, omdat het oog zich op het gemiddelde instelt. Werk je aan het blad ook, geef het werklicht dan een eigen schakelaar in plaats van een koelere kleur.
Wat een horecabar anders doet dan een bar in huis
De maten aan de gastzijde zijn in een café dezelfde als thuis: blad op 105 cm, kruk op 78 cm, 60 cm per persoon. Het verschil zit in wat er achter de rand gebeurt, en daar komt een horecabar met een tweede hoogte.
Het werkblad achter de rand ligt op 90 cm, dezelfde hoogte als een aanrecht, omdat je daar een hele dienst staat te schenken en te snijden. De 15 cm hoogteverschil met het gastblad houdt de ijsbak, de spoelbak en het vuile glaswerk uit het zicht.
Daarachter ligt de werkgang: 90 cm voor één barkeeper, 120 cm zodra er twee langs elkaar moeten. Die maat komt uit dezelfde reeks als de ruimte tussen twee keukenblokken, want een koeldeur of een klep van 55 tot 60 cm moet open kunnen terwijl je erlangs gaat.
Bij twee barkeepers telt het aantal stations meer dan de breedte van de gang. Een station is ongeveer 120 cm blad met een eigen spoelpunt en ijsbak, alles binnen 60 cm handbereik; hoe je die stations, de afruimzone en de backbar indeelt, staat bij de indeling achter een horeca bar.
Twee dingen uit de horeca doen thuis ook hun werk. Een voetrail op 20 cm boven de vloer langs de voorkant van een eiland maakt staand leunen prettiger. Een blad op 105 cm voor een werkblad op 90 cm is in een open keuken hetzelfde scherm als in een café.
Een bar buiten of onder een overkapping
Buiten gelden dezelfde hoogtes, maar de plek wordt bepaald door regen, zon en leidingen. Bij wind valt regen onder ongeveer 45 graden naar binnen, dus met een dakrand op 240 cm en een blad op 105 cm is de natte strook langs de open zijde 135 cm breed.
Zet de bar daarom tegen de gesloten zijde, of sluit de open zijde met een windscherm. Een blad in de regenzone droogt telkens weer op, en juist dat wisselen tussen nat en droog doet hout werken en kit loslaten.
Een koelkast buiten loopt vast op zijn klimaatklasse. Een apparaat met klasse SN werkt vanaf 10 graden, N en ST pas vanaf 16 graden; daaronder slaat de compressor te weinig aan en ontdooit het vriesvak, ook al brandt het lampje.
Een buitenstopcontact heeft minstens IP44 nodig en zit op een groep met een aardlekschakelaar van 30 mA. Een waterleiding naar de bar krijgt binnen een afsluiter en een aftappunt, want water dat in de vorst in de leiding blijft staan zet uit en scheurt de leiding.
Bestrating op een zandbed is geen fundering voor een bar met een stenen of betonnen blad. Hoe je de bar onder het dak neerzet, verankert en van stroom voorziet, staat uitgewerkt bij een bar onder een overkapping in de tuin.
Maatwijzer
De hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Onderdeel | Wat | Maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|---|
| Zitten | Bank, zithoogte | 44 cm | 40 tot 48 cm | Meet tot de ingezakte zitting, niet tot het bolle kussen. Hoger kom je makkelijker op en af, lager zit je meer achterover. |
| Zitten | Bank, zitdiepte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Boven 70 cm hangen je voeten vrij en zit je gedwongen onderuit. Loungebanken gaan tot 100 cm en zijn bedoeld om op te liggen. |
| Zitten | Bank, totale hoogte met rugleuning | 80 cm | 75 tot 90 cm | Staat de bank voor een raam, dan blijft hij onder de vensterbank als hij niet hoger is dan 80 cm. |
| Zitten | Fauteuil, zithoogte | 45 cm | 42 tot 48 cm | Een paar centimeter hoger dan de bank scheelt bij het opstaan. Een lage lounge-fauteuil zakt naar 38 cm. |
| Zitten | Salontafel, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Vuistregel: gelijk aan of net onder de zithoogte van de bank. Dan zet je je kopje neer zonder voorover te buigen. |
| Zitten | Salontafel, afstand tot de bank | 40 cm | 35 tot 45 cm | Minder en je knieën stoten tegen de rand, meer en je moet opstaan om je glas te pakken. |
| Zitten | Bijzettafel naast de bank, hoogte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Gelijk met de armleuning, dan pak je je glas zonder te kijken. |
| Zitten | Poef of voetenbank, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Iets lager dan de zitting waar je op zit, anders drukt de rand in je kuiten. |
| Zitten | Doorloop tussen bank en meubel | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm loop je er met een volle wasmand langs. 60 cm is te krap om elkaar te passeren. |
| Zitten | Tv-meubel, hoogte | 45 cm | 40 tot 55 cm | Hierop komt het midden van een 55 inch scherm op ongeveer 80 cm. Wil je het midden op ooghoogte, dan hang je de tv aan de wand. |
| Eten en bar | Barblad, hoogte | 105 cm | 100 tot 110 cm | De barkruk moet 25 tot 30 cm lager zijn dan het blad. |
| Eten en bar | Barblad, diepte | 40 cm | 30 tot 60 cm | 40 cm is een bord plus een glas. Wil je er ook snijden of een laptop neerzetten, dan 60 cm. |
| Eten en bar | Barblad, overstek voor je knieën | 25 cm | 20 tot 30 cm | Zonder overstek zitten je knieën tegen het kastje. Boven 30 cm moet het blad onderstut worden, anders kantelt het als iemand erop leunt. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm | 78 cm | 75 tot 82 cm | Het verschil tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm, want daar passen je bovenbenen. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij aanrechthoogte (90 cm) | 63 cm | 60 tot 67 cm | Hetzelfde verschil van 25 tot 30 cm. Een gewone barkruk van 78 cm is hier te hoog en je zit met je knieën omhoog. |
| Eten en bar | Bar, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Met 60 cm stoot je je elleboog niet tegen je buurman. Onder 55 cm zit je schouder aan schouder. |
| Eten en bar | Eettafel, hoogte blad | 75 cm | 72 tot 78 cm | Vaste maat in de meubelbranche, geen norm. Een dik hardstenen of houten blad telt mee, dus meet de bovenkant. |
| Eten en bar | Eettafel, vrije hoogte onder het blad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Hier zitten je bovenbenen. Een dikke tafelrand, een schuiflade of een dwarsbalk eet die ruimte op. |
| Eten en bar | Eetstoel, zithoogte | 45 cm | 44 tot 47 cm | Het verschil met het tafelblad moet 28 tot 32 cm zijn. Bij een tafel van 78 cm hoort dus een stoel van 46 tot 48 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Een placemat is 45 cm breed, de rest is ruimte voor je ellebogen en je glas. Aan de kopse kant reken je een extra plek van 60 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, diepte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Bij 80 cm raken de borden tegenover elkaar bijna. Bij 90 cm past er een schaal of een kaars in het midden. |
| Eten en bar | Ronde eettafel, diameter | 120 cm voor 4 personen | 110 tot 150 cm | Reken 60 cm omtrek per persoon en houd het midden vrij voor de schalen. Vanaf 140 cm zitten er zes mensen omheen. |
| Eten en bar | Ruimte achter een eetstoel | 100 cm | 75 tot 110 cm | 75 cm om de stoel achteruit te schuiven en op te staan, 100 cm om er ook achterlangs te lopen met een schaal. |
| Aan de muur | Schilderij, hartlijn boven de vloer | 145 cm | 140 tot 155 cm | Vuistregel, geen norm: het midden van het werk op ooghoogte van iemand die staat. Hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig. |
| Aan de muur | Schilderij boven een bank, onderrand | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Lager en het lijkt of het werk op de bank leunt. Door de bank schuift de hartlijn omhoog naar 150 tot 165 cm, en dat mag hier. |
| Aan de muur | Schilderij boven een dressoir, onderrand | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Genoeg om er een lamp of een vaas voor te zetten zonder dat die de lijst raakt. |
| Aan de muur | Wandcollage, ruimte tussen de lijsten | 6 cm | 5 tot 8 cm | Gelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen. Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse lijstjes. |
| Aan de muur | Schilderij in een trapgat, hartlijn | 145 cm boven de neus van de trede | 140 tot 150 cm | Meet loodrecht boven de voorkant van de trede waar je staat. Dan loopt de rij lijsten mee met de trap in plaats van scheef te lijken. |
| Aan de muur | Spiegel in de hal, hartlijn | 155 cm | 150 tot 165 cm | De bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen, anders ziet die zijn kruin niet. |
| Aan de muur | Spiegel boven de wastafel, onderkant | 20 cm boven het blad | 15 tot 25 cm | Ruimte voor de kraan en een zeeppompje. Bij 20 cm kijk je nog recht in je gezicht in plaats van tegen je hals. |
| Aan de muur | Wandklok, hartlijn | 180 cm | 170 tot 200 cm | Boven ooghoogte en boven de meubels, zodat je hem van de andere kant van de kamer ziet en er niemand voor staat. |
| Aan de muur | Tv, midden van het scherm | 105 cm | 100 tot 115 cm | Op ooghoogte als je op de bank zit: bij een zitting van 44 cm zit je oog op ongeveer 115 cm. Boven een schouw kijk je omhoog en dat voel je na een film in je nek. |
| Aan de muur | Tv, kijkafstand | 2 keer de schermdiagonaal | 1,5 tot 2,5 keer | Een 55 inch scherm is 140 cm diagonaal, dus 2 tot 3,5 m. Bij 4K mag je dichterbij zitten omdat je de pixels niet meer ziet. |
| Aan de muur | Stopcontact, hart boven de vloer | 30 cm | 25 tot 35 cm | Gewoonte, geen norm: NEN 1010 schrijft geen hoogte voor, alleen de zones in de badkamer. Achter een dressoir zet je hem net zo goed op 15 cm, boven een werkblad juist hoog. |
| Aan de muur | Schakelaar, hart boven de vloer | 105 cm | 90 tot 110 cm | Ook een gewoonte. 105 cm is de oude Nederlandse standaard: je vindt hem in het donker met je hand op heuphoogte. Voor kinderen en vanuit een rolstoel werkt 90 tot 100 cm beter. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, onderkant | 80 cm boven het blad | 75 tot 90 cm | Laag genoeg om het blad te verlichten, hoog genoeg om iemand tegenover je aan te kijken. Bij een plafond boven 280 cm mag hij iets hoger. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, breedte | 30 cm binnen de rand van het blad | 30 tot 40 cm binnen de rand | Anders stoot je je hoofd als je langs de tafel loopt of een stoel aanschuift. |
| Licht | Hanglamp boven een kookeiland, onderkant | 75 cm boven het blad | 70 tot 85 cm | Boven een blad van 90 cm kom je dan op 165 cm, ongeveer ooghoogte. Kies dus een kap die de lamp van onderaf afschermt. Bij twee of drie lampen reken je 70 tot 90 cm hart op hart. |
| Licht | Hanglamp in de hal of boven de trap, onderkant | 210 cm boven de vloer | 200 tot 230 cm | Vrije doorloop, niemand stoot zijn hoofd. Boven een trap meet je vanaf de hoogste trede die onder de lamp ligt. |
| Licht | Wandlamp, hart | 160 cm | 150 tot 170 cm | Ooghoogte. Schijnt de lamp opzij of omhoog, dan mag hij lager hangen. In een open lamp op ooghoogte kijk je recht in de bron. |
| Licht | Leeslamp naast een stoel, onderkant van de kap | 110 cm | 100 tot 125 cm | Net boven je schouder als je zit, dan valt het licht op de pagina en niet in je ogen. |
| Licht | Vloerlamp naast de bank, onderkant van de kap | 140 cm | 130 tot 150 cm | Je hoofd zit op de bank op ongeveer 130 cm. Blijft de kap daarboven, dan kijk je niet in het lampje. |
| Licht | Bedlamp aan de wand, hart | 65 cm boven de matras | 55 tot 75 cm | Op zithoogte in bed, zodat het licht op je boek valt. Meet vanaf de matras en niet vanaf de vloer, want een boxspring scheelt 20 cm. |
| Licht | Spiegellamp badkamer, twee lampen naast de spiegel | 160 cm hart | 155 tot 170 cm | Licht van de zijkant geeft geen schaduw onder je ogen en je kin. Een enkele lamp boven de spiegel doet dat wel. |
| Licht | Inbouwspot, afstand tot de wand | 70 cm | 60 tot 90 cm | Dichterbij krijg je een felle boog op het stucwerk, verder weg blijft de wand donker. Onderling 100 tot 150 cm, afhankelijk van de stralingshoek. |
| Licht | Buitenlamp naast de voordeur, hart | 190 cm | 170 tot 210 cm | Boven je hoofd, zodat je niet in de lamp kijkt terwijl je het slot zoekt. Op ooghoogte ben je juist blind. |
| Keuken | Aanrecht, hoogte bovenkant blad | 90 cm | 85 tot 95 cm | De Nederlandse standaard: onderkast, verstelbare poten en een blad van 3 tot 4 cm samen. Vuistregel: ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, dus ben je langer dan 1,85 m, draai de poten dan uit. |
| Keuken | Werkblad, diepte | 60 cm | 57 tot 65 cm | Kookplaten en spoelbakken zijn op 60 cm gemaakt. Een diep blad van 70 cm geeft ruimte achter de kookplaat, maar je reikt verder naar de bovenkastjes. |
| Keuken | Bovenkastjes, onderkant boven het werkblad | 55 cm | 50 tot 60 cm | Onder 50 cm past je keukenmachine er niet onder en sta je met je hoofd tegen de deur. Boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap. |
| Keuken | Bovenkastjes, diepte | 35 cm | 32 tot 40 cm | Ondieper dan het werkblad, zodat je er niet tegenaan stoot als je over het blad buigt om te snijden. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaskookplaat, onderkant | 70 cm | 65 tot 75 cm | De vlam en de hete lucht moeten weg kunnen: onder 65 cm boven de pannendrager wordt het vetfilter te heet. Houd altijd de minimummaat uit de handleiding aan, dat is een eis van de fabrikant. |
| Keuken | Afzuigkap boven inductie, onderkant | 60 cm | 55 tot 65 cm | Geen vlam, dus hij mag lager, en lager hangen vangt meer damp. Ook hier is de handleiding leidend, want die maat hoort bij het apparaat. |
| Keuken | Kookeiland, loopruimte rondom | 120 cm | 100 tot 150 cm | Bij 100 cm kun je de vaatwasser openen en er nog langs. Bij 120 cm passeren twee mensen elkaar terwijl er een lade open staat. |
| Keuken | Twee keukenrijen tegenover elkaar, afstand | 120 cm | 110 tot 140 cm | Een ovendeur en een lade die tegenover elkaar open staan hebben allebei ongeveer 60 cm nodig. |
| Keuken | Oven op werkhoogte, bodem van de ovenruimte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Je tilt een hete bakplaat er recht uit in plaats van gebogen. Boven 100 cm til je een schaal boven je middel en zie je niet meer wat erin staat. |
| Keuken | Vaatwasser, nismaat | 60 cm breed, 82 cm hoog | 60 tot 60,5 cm breed | Een onderbouwmodel schuift onder een blad van 90 cm. Een vrijstaand model heeft zijn eigen bovenblad en is ongeveer 85 cm hoog. |
| Keuken | Inbouwkoelkast, nishoogte | 88, 122 of 178 cm | vaste maten per model | De kast volgt de nismaat, dus meet de nis en niet het apparaat. Achter en boven het apparaat moet ventilatieruimte vrij blijven. |
| Keuken | Stopcontact boven het werkblad, hart | 115 cm | 110 tot 120 cm | Dat is 20 tot 30 cm boven het blad, dus vrij van spetters en niet weggewerkt achter de waterkoker. Houd minstens 30 cm afstand tot de spoelbak. |
| Keuken | Keukenplint, hoogte | 10 cm | 10 tot 15 cm | De poten zijn verstelbaar en met de plint stel je de aanrechthoogte fijn in. De plint staat 5 cm terug, zodat je met je tenen onder het kastje kunt. |
| Trap, hal en deur | Trapleuning, hoogte | 90 cm | 80 tot 100 cm (norm) | Norm: het Bouwbesluit, sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving, eist een leuning tussen 80 en 100 cm, gemeten vanaf de voorkant van de trede. Een leuning is verplicht als je over de trap meer dan 1 m stijgt. |
| Trap, hal en deur | Optrede, hoogte van een trede | maximaal 18,8 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw tot 22 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl, voor een woning. Oude trappen zijn vaak 20 tot 21 cm en dat mag blijven zolang je de trap niet vernieuwt. |
| Trap, hal en deur | Aantrede, diepte van een trede | minimaal 22 cm bij nieuwbouw | 22 cm is de ondergrens (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Bij een draaiende trap geldt die maat op de looplijn, dus in de punt van een kwartdraai mag de trede smaller zijn. |
| Trap, hal en deur | Trap, vuistregel voor comfortabel lopen | 2 x optrede + aantrede = 60 cm | 58 tot 64 cm | Geen norm maar een oude vuistregel. 17 op en 26 aan loopt rustig (60), 20 op en 22 aan is een gewone Nederlandse trap (62). Daarbuiten struikel je op de maat. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije breedte | 80 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 70 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Onder 80 cm krijg je een matras of een bank niet naar boven. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije hoogte erboven | 230 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 190 cm (norm) | Norm, gemeten loodrecht boven de voorkant van de trede. Bij een dichtgezette zoldertrap is dit de maat waar je tegen de balk loopt. |
| Trap, hal en deur | Vloerafscheiding langs een trapgat of vide | 100 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 90 cm (norm) | Norm: verplicht zodra het verval meer dan 1 m is. Openingen mogen niet groter zijn dan 10 cm en tussen 20 en 70 cm boven de vloer mag er niets zijn waar een kind op kan klimmen. |
| Trap, hal en deur | Binnendeur, dagmaat van het kozijn | 83 x 201,5 cm | 78, 83, 88 of 93 cm breed; 201,5, 211,5 of 231,5 cm hoog | Industriestandaard, geen norm. Na montage houd je ongeveer 3 cm minder vrije doorgang over, dus voor een rolstoel of rollator kies je een blad van 93 cm. |
| Trap, hal en deur | Deurkruk, hoogte | 100 cm | 95 tot 105 cm | Gewoonte: het slot zit in een standaardkozijn op die hoogte. Verplaatsen kan alleen als je het slotgat in het blad meeverhuist. |
| Trap, hal en deur | Kapstok, hoogte van de haken | 170 cm | 160 tot 180 cm | Een lange jas hangt ongeveer 100 cm af, dus op 170 cm blijft hij vrij van de vloer. Een kinderkapstok komt op 110 tot 120 cm. |
| Trap, hal en deur | Hal, vrije loopruimte | 100 cm | 90 tot 120 cm | Onder 90 cm kun je niet met twee mensen langs elkaar en past er geen kinderwagen naast de kapstok. |
| Trap, hal en deur | Drempel, hoogte | maximaal 2 cm | 0 tot 2 cm | Boven 2 cm struikel je eroverheen en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling over. Een schuine aanloop haalt de rand eraf. |
| Slapen | Bed, bovenkant matras | 55 cm | 45 tot 65 cm | Zit je op de rand met je voeten plat op de vloer en je knieën in een hoek van 90 graden, dan is de hoogte goed. Een boxspring komt vaak op 60 tot 65 cm, een laag frame op 45. |
| Slapen | Matras, standaardmaten | 140 x 200 cm | 80, 90, 120, 140, 160 of 180 cm breed; 200 of 210 cm lang | Ben je langer dan 1,90 m, neem dan 210 cm. Twee losse matrassen van 90 x 210 vullen samen een bed van 180 x 210. |
| Slapen | Nachtkast, hoogte bovenblad | 60 cm | 55 tot 70 cm | Gelijk met of iets boven de matras, dan zet je liggend je glas neer zonder te kijken. Bij een boxspring van 65 cm hoort dus een hoge nachtkast. |
| Slapen | Loopruimte naast het bed | 70 cm | 60 tot 90 cm | 60 cm is genoeg om langs te lopen, 70 cm om het bed op te maken zonder tegen de kast te stoten. |
| Slapen | Kledingroede voor lange kleding | 160 cm | 150 tot 170 cm | Een jas of lange jurk hangt 120 tot 140 cm af, dus eronder blijft nog ruimte voor een lade of een schoenenbak. |
| Slapen | Kledingroede voor korte kleding | 100 cm | 95 tot 110 cm | Hemden en dubbelgevouwen broeken hangen 70 tot 90 cm af. Met twee roedes boven elkaar, op 100 en 195 cm, verdubbel je de hangruimte. |
| Slapen | Kast, diepte voor hangende kleding | 60 cm | 55 tot 65 cm | Een hanger is 45 cm breed en met 60 cm diepte sluit de deur zonder dat de mouwen klem zitten. Is de kast ondieper dan 55 cm, zet de roede dan in de lengte. |
| Slapen | Kast, legborddiepte voor truien en broeken | 40 cm | 35 tot 45 cm | Een opgevouwen trui is ongeveer 30 cm breed. Met 40 cm valt de stapel niet naar voren als je de deur opent. |
| Slapen | Kast, hoogste bruikbare schap | 200 cm | 190 tot 210 cm | Verder reik je niet zonder trapje. Wat boven 210 cm staat, is opslag voor koffers die je twee keer per jaar pakt. |
| Slapen | Hoogslaper, vrije hoogte boven de matras | 100 cm | 90 tot 110 cm | Genoeg om rechtop in bed te zitten. Meet van de bovenkant van de matras tot het plafond, niet tot de bodem van het bed. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, hoogte boven het kozijn | 12 cm | 10 tot 15 cm | Boven het kozijn laat het raam groter lijken en houdt de rail het gordijn uit het glas. Zit het plafond dichtbij, monteer de rail dan 5 tot 10 cm onder het plafond of direct tegen het plafond. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, uitloop naast het kozijn | 20 cm per zijde | 15 tot 25 cm | Daar staat het opzij geschoven gordijn geparkeerd, zodat het niet voor het glas blijft hangen en je het daglicht niet inlevert. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vloer | 1 cm boven de vloer | 0 tot 2 cm | Net vrij van de vloer: het sleept niet en hangt toch recht. Wil je het gordijn op de vloer laten vallen, maak het dan 5 tot 10 cm langer dan de maat tot de vloer. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vensterbank | 2 cm boven de bank | 1 tot 3 cm | Vrij van de bank, zodat het gordijn niet omkrult op de plank en de warmte van de radiator eronder langs kan. |
| Raam en gordijn | Gordijn, stofbreedte | 2 keer de railbreedte | 1,5 tot 2,5 keer | Bij 1,5 keer hangt de stof vlak, bij 2,5 keer krijg je volle plooien. Een wave-rail vraagt 2 tot 2,5 keer, anders staat de golf niet. |
| Raam en gordijn | Rolgordijn of plissé in de dag, speling | 0,5 cm per zijde | 0,3 tot 1 cm | Meet de dagmaat op drie hoogtes en neem de kleinste maat, want een kozijn staat zelden haaks. |
| Raam en gordijn | Vitrage, afstand tot het glas | 5 cm | 3 tot 10 cm | Tegen koud glas wordt de stof vochtig en krijg je vlekken. Verder naar binnen botst hij op de vensterbank of de raamkruk. |
| Raam en gordijn | Vensterbank binnen, diepte | 20 cm | 15 tot 30 cm | Volgt de dikte van de muur plus een overstek van 2 tot 3 cm. Vanaf 20 cm staat een plant er stabiel op. |
| Raam en gordijn | Vensterbank buiten, overstek | 4 cm | 3 tot 5 cm | Met een waterhol aan de onderkant. Zonder dat overstek loopt regenwater terug over de gevel en krijg je vuilstrepen onder het raam. |
| Raam en gordijn | Radiator onder het raam, onderkant | 12 cm boven de vloer | 10 tot 15 cm | Er moet lucht onderlangs kunnen, daar begint de convectie. Houd ook 3 tot 5 cm tussen radiator en wand en 10 cm vrij onder de vensterbank. |
| Werken | Bureau, hoogte blad zittend | 74 cm | 72 tot 76 cm | Je onderarmen liggen horizontaal op het blad en je schouders blijven laag. Kun je het blad niet verstellen, zet dan de stoel hoger en je voeten op een steun. |
| Werken | Zit-stabureau, stahoogte | 105 cm | 95 tot 120 cm | Ellebooghoogte staand. Vuistregel: je lichaamslengte min 75 cm, dus bij 1,80 m kom je op 105 cm. |
| Werken | Bureaustoel, zithoogte | 45 cm | 40 tot 52 cm | Voeten plat op de vloer, knieën iets lager dan je heupen. De gasveer van een bureaustoel dekt dat bereik zelf. |
| Werken | Vrije hoogte onder het bureaublad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Je bovenbenen moeten eronder passen, ook met een lade of een kabelgoot. Houd daarnaast 60 cm breed en 60 cm diep beenruimte vrij. |
| Werken | Bureaublad, diepte | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm staat het scherm op armlengte, 50 tot 80 cm van je ogen, en ligt je toetsenbord er nog voor. |
| Werken | Beeldscherm, bovenrand | op ooghoogte of iets lager | 110 tot 125 cm boven de vloer | Je kijkt dan licht naar beneden en dat is de rustpositie van je ogen. Een laptop op het blad zit ongeveer 20 cm te laag, dus zet hem op een standaard met een los toetsenbord. |
| Werken | Toetsenbord, afstand tot de bladrand | 10 cm | 8 tot 15 cm | Daar rusten je handpalmen. Zonder die strook hangen je armen in de lucht en trekt het in je schouders. |
| Werken | Wandplank boven het bureau, onderkant | 45 cm boven het blad | 40 tot 60 cm | Een A4-ordner is 32 cm hoog, dus die past er nog onder, en je stoot je hoofd niet als je opstaat. |
| Werken | Boekenschap, diepte | 25 cm | 20 tot 30 cm | Een pocket is 12 cm diep, een gebonden boek 16 tot 20 cm. Bij 25 cm staan ze allemaal binnen de rand. |
| Werken | Boekenschap, overspanning zonder steun | 80 cm | 70 tot 90 cm | Boeken wegen al snel 25 kg per meter schap. Bij 18 mm plaatmateriaal blijf je onder 80 cm, anders zakt het schap zichtbaar door. |
| Keuken | Schap voor borden, diepte | 32 cm | 30 tot 35 cm | Een plat bord is 26 tot 28 cm in doorsnee. Met 32 cm houd je een vinger ruimte om de stapel te pakken zonder te schuiven. |
| Badkamer | Wastafel, bovenkant | 85 cm | 80 tot 95 cm | Vuistregel: heuphoogte, dan buig je niet voorover om je handen te wassen. Gebruiken kinderen de wastafel, dan is 80 cm prettiger. |
| Badkamer | Opzetkom, hoogte van het meubel | 75 cm | 70 tot 80 cm | Tel de kom van 10 tot 15 cm erbij op, dan komt de bovenrand op 85 tot 95 cm. Vergeet die optelsom en je wast je handen op keukenhoogte. |
| Badkamer | Handdoekhaak naast de wastafel | 140 cm | 120 tot 160 cm | Binnen handbereik met natte handen, dus naast de wastafel en niet aan de andere kant van de ruimte. |
| Badkamer | Handdoekradiator, onderkant | 20 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Daar zitten de aansluitingen en je kunt eronder dweilen. Hang de bovenkant niet hoger dan 180 cm, anders kom je niet bij de handdoek. Een smalle handdoekradiator geeft weinig vermogen, dus reken hem niet als enige verwarming. |
| Badkamer | Douchekraan, hart | 100 cm | 95 tot 110 cm | Heuphoogte, zodat je de kraan kunt bedienen zonder onder de koude straal te gaan staan. |
| Badkamer | Badkraan, hart | 65 cm | 60 tot 75 cm | Ongeveer 20 cm boven de badrand, dan kun je bijmengen terwijl je in bad zit. |
| Badkamer | Regendouchekop | 210 cm | 200 tot 225 cm | Minstens 20 cm boven het hoofd van de langste gebruiker, want je staat er recht onder. Bij een schuin dak meet je op het punt waar je echt staat. |
| Badkamer | Handdouche aan een glijstang, bovenste stand | 190 cm | 180 tot 200 cm | De stang is 60 tot 90 cm lang, dus de onderste stand komt rond 110 cm. Daarmee spoel je het bad, een kind of de hond af. |
| Badkamer | Toilet, zithoogte | 40 cm | 38 tot 48 cm | Standaard is 40 cm. Een verhoogd toilet van 45 tot 48 cm zit op stoelhoogte en daar sta je makkelijker van op. Bij een hangend toilet bepaal je de hoogte zelf met het inbouwframe. |
| Badkamer | Toilet, vrije ruimte voor de pot | 60 cm | 55 tot 70 cm | Daar staan je knieën en voeten. Zijwaarts wil je 80 cm breedte, anders zit je met je schouder tegen de muur. |
| Badkamer | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 75 cm hoog; 20 tot 30 cm voor de voorkant van de pot | Zittend pak je de rol zo zonder te draaien. Hang je hem naast of achter je, dan verdraai je je rug elke keer. |
| Badkamer | Fonteintje in het toilet, bovenkant | 85 cm | 80 tot 90 cm | Dezelfde hoogte als een wastafel. Let op de draairichting van de deur, want een fonteintje van 40 cm breed vraagt een vrije hoek. |
| Badkamer | Stopcontact in de badkamer | buiten 60 cm van bad of douche | norm, geen gewoonte | NEN 1010 verdeelt de badkamer in zones: binnen 60 cm van de rand van een bad of douche mag geen wandcontactdoos. Alle wandcontactdozen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Veelgestelde vragen
Hoe hoog is een bar?
Een gangbare bar is 105 cm hoog, gemeten tot de bovenkant van het blad, met een bruikbare marge van 100 tot 110 cm. Daar hoort een kruk met een zithoogte van 78 cm bij. Het is geen wettelijke maat maar een gewoonte die uit de verhouding tussen kruk en blad komt: tussen zitting en blad moet 25 tot 30 cm overblijven voor je bovenbenen.
Wat is het verschil tussen barhoogte en aanrechthoogte?
Aanrechthoogte is 90 cm, barhoogte 105 cm. Het verschil van 15 cm bepaalt welke kruk je nodig hebt: aan een aanrecht een kruk van 63 cm, aan een bar een kruk van 78 cm. Een blad op aanrechthoogte is makkelijker om aan te werken, een blad op barhoogte houdt het werkblad erachter uit het zicht en is prettiger om staand aan te leunen.
Hoe hoog moet een bar in de keuken zijn?
Dat hangt af van wat het blad moet doen.
Kook en snijd je op hetzelfde blad waaraan gegeten wordt, dan houd je de aanrechthoogte van 90 cm aan met krukken van 63 cm. Wil je een scherm tussen keuken en kamer, dan komt er een rand op 105 cm met krukken van 78 cm.
De hoogte bar keuken zoek je naast de andere keukenmaten op in de tabel met aanrecht-, bar- en tafelhoogtes.
Hoe hoog moet een barkruk zijn?
De zithoogte van een barkruk ligt 25 tot 30 cm onder de bovenkant van het blad. Aan een bar van 105 cm is dat 75 tot 82 cm, met 78 cm als gangbare maat; aan een aanrecht van 90 cm is het 60 tot 67 cm. Meet de ingezakte zitting en niet de bovenkant van een dik kussen, want dat scheelt 3 tot 6 cm.
Hoeveel krukken passen er aan een kookeiland van 240 cm?
Drie, als er een avond aan gezeten wordt, en vier als het krap mag. Met krukken reken je 65 cm hart op hart, want een kruk is ongeveer 40 cm breed en de rest is ruimte voor de ellebogen. Bij vier krukken kom je op 60 cm per plek, en dat werkt voor een ontbijt maar niet met krukken met rugleuning of armleuningen.
Wat zijn de gangbare afmetingen van een bar?
Een barblad is 105 cm hoog, 40 cm diep als er een bord en een glas op moeten en 60 cm als er ook gesneden wordt. Aan de zitzijde komt 20 tot 30 cm overstek.
In de lengte reken je 60 cm per persoon, of 65 cm hart op hart met krukken, dus een bar voor vier mensen is 240 tot 260 cm lang. Achter de krukken houd je 75 tot 100 cm vrij.
Hoeveel overstek heeft een barblad nodig?
20 tot 30 cm, met 25 cm als gangbare maat. Minder dan 20 cm en je knieën raken de kast, zodat je verder van het blad af zit dan prettig is. Meer dan 30 cm kan, maar dan hoort er een console, een stalen strip of een doorlopende zijwang onder. Een blad dat alleen op de kast rust, werkt als een hefboom zodra er op de rand geleund wordt.
Hoeveel ruimte moet er achter een barkruk vrij blijven?
75 cm om van de kruk te stappen en 100 cm als er ook iemand achterlangs moet lopen met een schaal of een pan. Die maat begint achter de kruk en niet bij de rand van het blad: een kruk steekt ongeveer 45 cm voor het blad uit. Bij een eiland met krukken aan de kamerzijde komt die strook dus bovenop de maat van het eiland zelf.
Wat zijn de afmetingen van een bar in de horeca?
Aan de gastzijde dezelfde als thuis: blad op 105 cm, kruk op 78 cm, 60 cm per gast. Achter de rand ligt een werkblad op 90 cm en een werkgang van 90 cm voor één barkeeper of 120 cm voor twee. Met krukken, blad, werkgang en backbar komt een rechte bar in een zaak op ruim vier meter diepte, en die maat is in een smal pand vaak de beperking.
Kan een bar tegen de muur als er weinig ruimte is?
Ja, als barplank van 30 tot 40 cm diep op 105 cm hoogte, zonder kast eronder zodat de knieën eronder passen. Met de kruk en 75 cm om op te staan kost dat 150 tot 160 cm van de ruimte. Zit er een radiator onder, houd dan minstens 10 cm tussen radiator en blad vrij, anders blijft de warmte onder de plank hangen.
Hoe hoog hang je een lamp boven de bar?
Met de onderkant 75 tot 90 cm boven het blad, bij een bar van 105 cm dus op 180 tot 195 cm boven de vloer. Hang je hoger, dan kijk je bij het opstaan in de lichtbron; hang je lager, dan hangt de lamp tussen de mensen tegenover elkaar. Kies een kap die de lichtbron aan de onderkant afschermt, want van een kruk kijk je er schuin in.
Wat is een horecabar?
Een horecabar is een bar voor een café, restaurant, kantine of clubhuis, waaraan gasten zitten en waarachter een hele dienst gewerkt wordt. Hij heeft een gastblad op 105 cm, een werkblad erachter op 90 cm, een spoelpunt, koeling onder het blad en een werkgang van 90 tot 120 cm. De maten aan de gastzijde zijn dezelfde als die van een bar in huis.
Hoe maak je een bar in huis zonder de keuken te verbouwen?
Met een los barmeubel of een barplank, die allebei geen water en afvoer nodig hebben. Een barplank van 30 tot 40 cm diep op consoles tegen de wand is binnen een middag geplaatst; een los meubel met een blad op 105 cm en 25 cm overstek moet zwaar onderin of verankerd zijn. Hoe zulke opstellingen er in een woonkamer, keuken of op het terras uitzien, staat bij voorbeelden van bars in huis en buiten.
Is een statafel hetzelfde als een bar?
De hoogte is vergelijkbaar, 105 tot 110 cm, maar een statafel is gemaakt om aan te staan en heeft meestal een rond blad van 60 tot 80 cm zonder overstek voor knieën. Er staan vier mensen omheen. Zet je er krukken bij, dan hoort daar een zithoogte van 78 tot 82 cm bij, en een voet die breed genoeg is om niet te kantelen als er op de rand geleund wordt.
Welke barkruk past bij een eettafel, een aanrecht en een bar?
Aan een eettafel van 75 cm hoort een stoel van 45 cm, aan een aanrecht van 90 cm een kruk van 63 cm en aan een bar van 105 cm een kruk van 78 cm. Eén kruk voor alle drie bestaat niet, behalve een verstelbaar model waarvan het bereik beide hoogtes dekt. Hoe die zithoogtes aansluiten op eetstoelen, banken en tafels in hetzelfde huis, volgt steeds dezelfde regel van 25 tot 32 cm tussen zitting en blad.