Gratis tuinontwerp app: wat hij wel en niet voor je uitrekent
Een gratis tuinontwerp app tekent alleen wat jij invoert: de opgemeten vorm van het perceel, de plek van de gevel en de schutting, en de kant waar de zon vandaan komt. Reken daarom eerst de vier gegevens uit die geen enkele app zelf kan weten, namelijk de buitenmaat, het hoogteverschil, de windrichting en de eindmaat van de beplanting. Daarna is het schuiven op het scherm een avondje werk, en zie je op de plattegrond of een terras van 310 bij 290 cm en een pad van 100 cm samen in de breedte passen. De gratis versie loopt zelden vast op tekenen en bijna altijd op exporteren, dus test die knop voordat je er een avond in stopt.
Handig bij het plannen
- Tijd
- een ochtend meten, een avond tekenen
Gereedschap
- Rolmaat van 20 m, of een laserafstandsmeter met een doelplaatje omdat de straal buiten in fel licht wegvalt
- Ruitjespapier van 5 mm, waarbij één hokje 25 cm is
- Vier tuinpennen of stokken om vaste meetpunten te markeren
- Waterpasslang of laserwaterpas met statief voor het hoogteverschil
- Telefoon met kompasfunctie om de noordrichting vast te leggen
Materiaal
- Touw of wit zand om de vlakken in de tuin uit te zetten
- Bamboestokken van 150 tot 200 cm om de hoogte van haag en heesters af te tekenen
Wat een tuinontwerp app voor je oplost en wat niet
Een tuinontwerp app doet twee dingen goed: hij houdt de schaal vast en hij maakt weggooien gratis. Alles wat je erin schuift blijft in verhouding, dus je ziet meteen dat een terras van 400 bij 400 cm in een tuin van 600 cm breed twee derde van de breedte opeet.
Wat hij niet doet, is meten. De app kent jouw perceel niet, weet niet dat de schutting over 6 m 15 cm uit het lood staat en heeft geen idee welke kant het zuiden op ligt. Dezelfde grens geldt binnenshuis, waar een ontwerp op het scherm net zo betrouwbaar is als de maten die je intypt.

Er zijn vier gegevens die je zelf moet aanleveren en die samen bepalen of het ontwerp klopt: de opgemeten buitenmaat van de tuin, het hoogteverschil tussen gevel en achterste grens, de windrichting, en de eindmaat van elke plant die je neerzet.
Ontbreekt er één, dan tekent de app vrolijk door. Het beeld blijft als plaatje kloppen, terwijl het terras in juni om vijf uur al in de schaduw ligt of het pad 20 cm te smal is voor een kruiwagen.
Wat een app wel oplost, is de volgorde van je beslissingen zichtbaar maken. Eerst de vaste punten, dan de routes, dan de zones, en pas daarna de beplanting, precies de volgorde waarin je ook de ruimtes binnen inricht.
Meet de tuin op voordat je iets tekent
Een tuin is bijna nooit een rechthoek. De schutting loopt taps, de erfgrens maakt een knik en de achtergevel springt in bij de uitbouw, dus met vier randmaten heb je de vorm niet te pakken.
Gebruik de achtergevel als basislijn en meet daar alles vanaf. Kies twee vaste punten op die lijn, bijvoorbeeld de twee hoeken van de gevel, en meet vanaf allebei de afstand naar elk punt dat je wilt vastleggen: de hoeken van de schutting, de stam van de boom, het putdeksel, de hoek van de berging.
Met twee afstanden vanaf twee bekende punten ligt elk derde punt vast. Dat is dezelfde driehoeksmeting die een landmeter gebruikt, en in een tuin met scheve hoeken werkt hij beter dan langs de randen meten.
Meet ook de twee diagonalen. Schelen die meer dan 5 cm, dan staat de tuin niet haaks, en dan gaat elke tegelrij die je evenwijdig aan de schutting legt zichtbaar uit de pas lopen met de gevel.
Het hoogteverschil meet je met een waterpasslang of een laserwaterpas: kies een nulpunt op de gevel en noteer op vier plekken hoeveel de tuin zakt. Ligt er afschot van 1 cm per meter, dan zit een tuin van 10 m diep achterin al 10 cm lager, en is er ooit grond aangevuld, dan kan het meer zijn. Die opgemeten vorm zet je daarna op schaal over, net zoals bij het natekenen van een woonkamer op ruitjespapier.
Een luchtfoto als ondergrond is handig voor de vorm, niet voor de maat. Daken steken over, de foto is schuin genomen, en een kadastrale grens op een kaart is een administratieve lijn en geen ingemeten piket in de grond.
Sla vier tuinpennen in de hoeken van de tuin en laat ze staan tot het ontwerp af is. Je kunt dan elke maat opnieuw natrekken zonder opnieuw uit te zoeken waar de hoek precies lag, en dat scheelt bij een taps toelopende tuin een halve middag.
Welk soort app bij welke vraag hoort
Apps voor tuinontwerp verschillen minder in wat ze kunnen dan in waarvoor ze bedacht zijn. Een app die een boom in het camerabeeld van je tuin zet, meet niets. Een beregeningsplanner van een fabrikant rekent sproeizones uit en laat verder in het midden hoe de tuin eruitziet.
Kies daarom op de vraag die je hebt en niet op het mooiste voorbeeld op de startpagina. Wil je weten of het terras en de berging samen passen, dan ben je met een bovenaanzicht op schaal binnen een uur klaar, terwijl een 3D-pakket je een avond aan tegels laat kiezen.
Wil je juist zien hoe hoog een haag van 180 cm de tuin afsluit, dan heb je een aanzicht op ooghoogte nodig. In bovenaanzicht is een haag namelijk niets meer dan een grijze strook van 40 cm breed.
Die indeling in soorten loopt binnen hetzelfde, en voor de kamers in huis staan de programma's naast elkaar bij het plannen van een ruimte in 3D. Buiten komt er één soort bij die binnen niet bestaat: de app die met beplanting rekent in plaats van met meubels.
| Soort app | Waar hij voor gemaakt is | Waar hij op vastloopt |
|---|---|---|
| 2D-tuinplanner in de browser | Vlakken op schaal intekenen: terras, gazon, border en pad, met de oppervlakte erbij | Alles blijft plat, dus hoogte, schaduw en zichtlijnen zie je er niet in |
| 3D-tuinontwerper met objectbibliotheek | Het ontwerp op ooghoogte bekijken, met beplanting als volume in plaats van als vlek | De bibliotheek toont planten op eindmaat, waardoor het beeld vier tot zes jaar op de tuin vooruitloopt |
| AR-app op de telefoon | Een boom, een schutting of een set tuinmeubels in het camerabeeld van je eigen tuin zetten | De vlakherkenning zoekt een horizontaal vlak, en in hoog gras of bij fel tegenlicht zweeft het object |
| Beregeningsplanner van een fabrikant | Sproeizones, leidinglengtes en het aantal sproeiers per zone uitrekenen | Ontwerpen doe je er niet mee, en het assortiment is dat van één merk |
| Algemeen 3D-tekenpakket | Volledige controle over vorm, hoogteverschil, keermuren en trappen | Geen plantenbibliotheek, en de leertijd kost meer avonden dan één tuin waard is |
| Plantenkiezer of plantendatabase | De juiste soort bij een standplaats zoeken, met bloeitijd, eindmaat en grondsoort erbij | Tekent geen plattegrond, dus de maten neem je met de hand over |
| Kaartviewer of luchtfotodienst | De vorm en de globale oppervlakte van het perceel aflezen | Daken steken over en een kadastrale grens is geen meetlijn in het veld |
| Materiaalcalculator van een leverancier | Het aantal tegels, zakken zand of meters schutting bij een oppervlakte uitrekenen | Rekent met het assortiment van die leverancier en niet met jouw tekening |
Waar het woord gratis meestal ophoudt
Bijna elke gratis tuinontwerp app is de instapversie van een betaald pakket. Dat maakt hem niet minder bruikbaar, maar het bepaalt wel waar de grens ligt, en die ligt zelden bij het tekenen zelf.
De grens zit bij de uitgang. Intekenen mag onbeperkt, terwijl de knop waarmee je het resultaat als pdf of als afbeelding zonder watermerk meekrijgt achter een abonnement zit.
Loop daarom zes dingen na voordat je er een avond in stopt: kun je je eigen maten in centimeters invoeren, kun je een vorm tekenen die niet rechthoekig is, kun je de noordrichting instellen, kun je opslaan zonder te betalen, kun je exporteren, en staat je ontwerp er over een half jaar nog.
Is het antwoord drie keer nee, dan is dit de app niet. De uren die je in het intekenen stopt, neem je namelijk niet mee naar een ander programma: een tuinontwerp laat zich tussen apps vrijwel nooit uitwisselen.
Wat wel altijd lukt, is een schermafdruk op de grootste zoom waarbij de maatvoering in beeld staat. Dat is geen mooie tekening, maar het is wel het enige wat je in de tuin nodig hebt.
| De grens die je tegenkomt | Waaraan je het merkt | Wat je eraan doet |
|---|---|---|
| Exporteren kost geld | Tekenen mag, maar pdf en een afbeelding zonder watermerk zitten achter een abonnement | Maak een schermafdruk op de grootste zoom en zet de maten er zelf bij |
| Het aantal projecten is beperkt | Je mag één tuin bewaren en moet de vorige verwijderen om een variant te proberen | Bewaar varianten als afbeelding in plaats van als project |
| De objectbibliotheek is half op slot | De meeste planten, tegels en schuttingen hebben een slotje of een kroontje | Pak een vrij object met dezelfde maat, want op de plattegrond telt alleen de maat |
| Er is een account nodig | Tekenen kan pas na het invullen van een e-mailadres en het ontwerp staat in de cloud | Lees wat er met je ontwerp gebeurt voordat je perceelmaten of een luchtfoto invoert |
| Hoge resolutie kost geld | Het gratis beeld is te klein om maten op af te lezen | Leg de maatvoering vast in het bovenaanzicht en niet in het 3D-beeld |
| De app rekent in feet en inches | Het raster loopt niet op stappen van 10 cm maar op vreemde tussenmaten | Zoek de instelling voor metrische maten voordat je begint, anders teken je alles opnieuw |
| De app is van één leverancier | Alle tegels, schuttingen en planten komen uit dezelfde catalogus | Prima om maten aan te ontlenen, maar reken erop dat je later vrij bent in wat je koopt |
| Het ontwerp verdwijnt na verloop van tijd | Een inactief account wordt opgeruimd of de dienst stopt ermee | Sla je tekening af als afbeelding op je eigen apparaat zodra hij af is |
Kijk in de voorwaarden wat er met je ontwerp gebeurt voordat je je adres, een luchtfoto of de exacte perceelmaten invoert. Een gratis dienst verdient ergens geld, en bij een tuinplanner is dat meestal aan doorverwijzing naar leveranciers.
De maten die je in het ontwerp invoert
Een app vraagt om getallen, en de kwaliteit van het ontwerp zit in de getallen die je erin zet. De maten hieronder zijn vuistregels uit de praktijk en geen normen, maar ze komen wel uit vaste gegevens: de diepte van een stoel, de breedte van een kruiwagen, de eindmaat van een plant. Waar wel een regel geldt, staat die er bij naam bij.
Begin bij het terras, want dat is het grootste verharde vlak en het bepaalt wat er verder nog kan. Een tafel van 160 bij 90 cm met zes stoelen vraagt 75 cm achter elke stoel om op te staan en 100 cm waar je erlangs moet, dus komt het verharde vlak uit op ongeveer 310 bij 290 cm.
Dat is bijna 9 vierkante meter voor alleen een eettafel. In een tuin van 600 cm breed gaat daar de halve breedte in zitten, en wie er ook nog een loungeset naast tekent, houdt geen gazon over.
Schuiven gaat op schaal sneller dan in je hoofd. Je kunt de maten van het terras ook in de kamerplanner zetten en de zitgroep rondschuiven: die rekent uit hoeveel vloer er overblijft en waar de smalste doorgang zit, en buiten is dat net zo goed de plek waar een indeling strandt.
| Onderdeel | Maat die werkt | Krappe grens | Waarom die maat |
|---|---|---|---|
| Terras voor een tafel van 160 bij 90 cm met zes stoelen | 310 bij 290 cm | 260 bij 240 cm | 75 cm achter een stoel om op te staan, 100 cm waar je erlangs loopt met een schaal in je handen |
| Loungeset met een bank van 200 bij 90 cm en een lage tafel | 350 bij 280 cm | 300 bij 230 cm | 45 cm beenruimte tussen bank en tafel, plus 60 cm om eromheen te lopen |
| Hoofdpad door de tuin | 100 tot 120 cm | 60 cm | Bij 60 cm loop je alleen en met lege handen, bij 100 cm kom je met een kruiwagen langs |
| Zijpad langs een border | 60 cm | 40 cm | Je moet ernaast kunnen staan om te wieden zonder in de border te stappen |
| Border tegen een schutting | 120 cm | 60 cm | Een vaste plant wordt 40 tot 80 cm breed en moet los van het hout blijven, anders blijft dat hout nat |
| Border die je van twee kanten bereikt | 150 cm | 100 cm | Vanaf één kant reik je ongeveer 60 cm ver zonder in de grond te stappen |
| Haag van beuk, haagbeuk of liguster | 40 tot 50 cm breed op eindmaat | 30 cm | Reken 3 tot 4 planten per strekkende meter; smaller houden kan, maar dan knip je twee keer per jaar |
| Vrije ruimte voor de bergingsdeur | 150 cm | 100 cm | Een fiets is ongeveer 180 cm lang en moet de draai naar de deur kunnen maken |
| Afschot van verharding | 1 tot 2 cm per meter, van de gevel af | 1 cm per meter | Onder 1 cm blijft water op de tegels staan en groeit de voeg dicht met alg |
| Tuintrap in een talud | Optrede 15 cm bij aantrede 35 cm | Optrede 18 cm | Buiten loop je met een langere pas dan binnen, dus een steile trap voelt er onveiliger |
| Vrije hoogte onder een pergola of overkapping | 220 cm | 210 cm | Een klimplant hangt na een paar jaar 20 tot 30 cm door, en daar loop je onderdoor |
| Afstand van boom of heester tot de erfgrens | 2 m voor een boom, 0,5 m voor een heester | geen vuistregel maar wetgeving | Artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek, tenzij de gemeente een kortere afstand aanhoudt of de buren toestemming geven |
Een indeling waarin het terras en het pad allebei passen
Een indeling wordt pas concreet als je de breedte van de tuin in één regel optelt. In de tuin hieronder is dat 480 cm terras plus 120 cm border, samen precies de 600 cm die de tuin breed is.
Die optelsom is de reden dat een app helpt. Op het scherm zie je meteen dat een border van 150 cm en een terras van 480 cm samen 30 cm te breed zijn, terwijl datzelfde in je hoofd nog lang goed lijkt te gaan.
Het terras ligt hier tegen de gevel, wat klopt bij een tuin op het zuidwesten of het westen, want daar blijft de avondzon het langst. Ligt de tuin op het noorden, dan schuift het terras naar de achterste grens, want dat is de strook waar in de zomer nog zon valt.
Het pad loopt langs de border naar de berging en niet dwars over het gazon. Een looplijn over gras slijt binnen één seizoen een kale streep, en die streep krijg je er niet meer uit zolang de route blijft lopen.

De 80 cm tussen de tuindeuren en de tafel is de doorloop naar het gazon, breed genoeg om er met een dienblad langs te komen. De 120 cm achter de stoelen is wat je nodig hebt om op te staan zonder in de border te stappen.
Zet de vlakken uit de tekening met touw en tuinpennen in de tuin uit en laat ze een week liggen. Je loopt vanzelf de route die klopt, en waar het touw steeds wordt aangeraakt, is het pad te smal getekend.
De kant waarop de tuin ligt bepaalt waar het terras komt
De meeste tuinontwerp apps kunnen een schaduw laten zien, maar ze rekenen met drie gegevens die jij moet invoeren: de noordrichting, de datum met het tijdstip, en de hoogte van alles wat om de tuin heen staat.
Die laatste is de lastigste, want de schuur van de buren en het huis aan de andere kant van de erfgrens staan niet in jouw tekening. Een simulatie die alleen jouw eigen perceel kent, laat dus een zonniger tuin zien dan hij ooit wordt.
Begin daarom bij de windrichting en niet bij de simulatie. Ga met een kompas of met de kompasfunctie van je telefoon bij de achtergevel staan, kijk de tuin in en lees af welke kant dat op is.
De richting bepaalt niet of er zon is, maar wanneer. Dat verschil telt zwaarder dan mensen denken, want een terras dat om elf uur 's ochtends in de zon ligt en om zes uur 's avonds in de schaduw, is een ander terras dan andersom.
Onze eigen lichtgegevens zetten de acht richtingen naast elkaar, met de uren erbij en met wat er op zo'n plek groeit. Neem die kolom over in je ontwerp voordat je het eerste vlak intekent.
| De kant waarop de tuin ligt | Wanneer er directe zon staat | Waar het terras komt en wat er groeit |
|---|---|---|
| Noorden | Tussen eind maart en eind september alleen vroeg in de ochtend en laat in de avond schuin licht, de rest van het jaar geen uur directe zon | Terras tegen de achterste grens, waar de zon nog wel komt; hosta, varens, hortensia en klimhortensia, met een lichte schutting die terugkaatst wat er is |
| Noordoosten | Van zonsopkomst tot een uur of tien, en alleen in de maanden dat de zon in het noordoosten opkomt | Ontbijtterras bij de gevel, koel genoeg voor planten die geen middagzon verdragen |
| Oosten | Van zonsopkomst tot het moment dat de zon pal zuid staat, in de zomertijd rond half twee | Ochtendzon en middagschaduw: bloeiende heesters die geen droogte willen, en een tafel die in juli niet te warm wordt |
| Zuidoosten | Van zonsopkomst tot een flink stuk na het middaguur, het hele jaar door | Zon tot in de middag en daarna schaduw: fruitbomen en vaste planten, en in augustus een terras dat 's avonds koel is |
| Zuiden | In de zomer van een uur of acht tot half acht 's avonds, in de winter de hele korte dag | Volle zon: lavendel, salie en rozemarijn; lichte bestrating spiegelt fel, donkere houdt de warmte tot in de avond vast |
| Zuidwesten | In de zomer vanaf een uur of elf tot zonsondergang, in de winter vanaf het midden van de ochtend tot half vijf | Het beste terras voor de avond; een boom voor lichte schaduw maakt het in juli overdag leefbaar |
| Westen | Vanaf het moment dat de zon pal zuid staat tot zonsondergang, in de zomertijd tot tien uur 's avonds | Avondterras tegen de gevel, want de muur geeft de warmte van de middag nog af |
| Noordwesten | Vanaf het midden van de middag tot zonsondergang, en alleen in de maanden dat de zon in het noordwesten ondergaat | Schaduw tot de late middag en dan zon tot het eind: hortensia en Japanse esdoorn, met het terras voor de avond |
Zet de noordpijl goed voordat je een schaduwbeeld beoordeelt. Staat hij standaard recht naar boven op het scherm terwijl jouw tuin op het westen ligt, dan kijk je naar een simulatie die er een kwartslag naast zit.
Hoe lang de schaduw wordt en in welke maand
Schaduw kun je narekenen zonder app. De lengte van een schaduw is de hoogte van het object gedeeld door de tangens van de zonshoogte, en op 52 graden noorderbreedte staat de zon om het middaguur in juni ruim 60 graden hoog, eind maart en eind september 38 graden, en in december nog geen 15 graden.
Dat levert drie factoren op: rond midzomer is de schaduw ongeveer 0,55 keer de hoogte, rond de equinox 1,3 keer, en in december 3,8 keer. Een schutting van 180 cm werpt om twaalf uur 's middags in juni dus 1 m schaduw en in december bijna 7 m.
Daarmee weet je meteen hoe een tuin van 10 m diep zich in de winter gedraagt. Vrijwel alles ligt dan in de schaduw van het eigen huis, en dat is geen fout in je ontwerp maar een gevolg van de zonnestand.
De tabel geldt voor het middaguur, het moment waarop de schaduw pal naar het noorden wijst en het kortst is. In de ochtend en de avond is hij veel langer en draait hij naar het westen en het oosten, dus toets een ontwerp op het tijdstip waarop je de tuin echt gebruikt.
Staat het object buiten je eigen perceel, trek dan de afstand tot de erfgrens van de schaduwlengte af. Van de 11,5 m die een buurhuis van 9 m eind maart werpt, blijft over een afstand van 6 m nog 5,5 m schaduw in jouw tuin over.
| Wat er in of om de tuin staat | Schaduw rond het middaguur in juni | Eind maart en eind september | Rond het middaguur in december |
|---|---|---|---|
| Schutting van 1,80 m | 1,0 m | 2,3 m | 6,9 m |
| Schutting van 2,00 m | 1,1 m | 2,6 m | 7,6 m |
| Berging van 2,50 m hoog | 1,4 m | 3,2 m | 9,5 m |
| Aanbouw of garage van 3,00 m | 1,7 m | 3,8 m | 11,4 m |
| Boom of leiboom met de kruin tot 4,00 m | 2,2 m | 5,1 m | 15,2 m |
| Achtergevel van 6,00 m | 3,3 m | 7,7 m | 22,8 m |
| Buurhuis van 9,00 m hoog | 5,0 m | 11,5 m | 34 m, dus de hele tuin |
Fotografeer je tuin op één zonnige dag drie keer vanaf dezelfde plek: om tien uur, om twee uur en om zeven uur 's avonds. Die drie foto's zeggen meer over de schaduw dan elke simulatie, en je kunt er de plek van het terras mee vastleggen.
Waarom de tekening voller staat dan je eerste zomer
In vrijwel elke tuinontwerp app staat een plant op zijn eindmaat. Het symbool in bovenaanzicht is een cirkel met de volwassen kroonbreedte, en in de 3D-weergave staat een heester die al een jaar of vijf in de grond zit.
Zet je die planten op de juiste onderlinge afstand, dan is de tekening een belofte voor over vier tot zes jaar en staat je tuin het eerste seizoen halfleeg. Zet je ze zo dicht op elkaar dat het beeld meteen vol oogt, dan verdringen ze elkaar precies in het jaar dat ze op dreef komen.
Reken daarom met eindmaten en niet met potmaten. Een vaste plant die 40 cm breed wordt, komt op 40 cm hart op hart te staan, wat neerkomt op vijf tot zes stuks per vierkante meter. Een heester die 150 cm breed wordt, krijgt 150 cm ruimte, ook al is hij in de pot 30 cm.
De kale eerste jaren vul je met eenjarigen of met potten, niet met extra vaste planten. Dat is het verschil tussen een border die dichtgroeit en een border die je over drie jaar moet uitdunnen.
Datzelfde optische effect speelt binnen, waar een uitgewerkt 3D-beeld van een interieur de ruimte ruimer laat lijken dan hij is. Zet in het tuinbeeld een figuur van 175 cm neer, dan zie je in één blik of die haag van 180 cm echt tot je kin komt.
Van de tekening naar de tuin
Een ontwerp is pas af als er maten op staan die je buiten kunt uitzetten. Zet bij elk vlak twee maten vanaf de achtergevel, want dat is de enige lijn die in de tuin echt vastligt, en gebruik daarvoor dezelfde maatlijnen als op een tekening van een woonkamer op schaal.
Reken daarna de hoeveelheden uit, want daar stopt een gratis app meestal. Een terras van 310 bij 290 cm is 9 vierkante meter; met tegels van 60 bij 60 cm gaan er 2,8 per vierkante meter in, dus 25 stuks plus een marge van 5 procent voor snijverlies, en meer als je in halfsteensverband of diagonaal legt.
Onder die tegels komt 4 tot 5 cm straatzand, ongeveer 50 liter per vierkante meter. In een border reken je 30 cm goede grond, dat is 0,3 kubieke meter per vierkante meter, en voor een gazon uit zaad houd je 25 tot 30 gram per vierkante meter aan.
Zet het plan daarna uit met piketpaaltjes en touw, of met een streep wit zand langs de lijnen. Loop er een paar dagen omheen, want een pad van 80 cm dat op het scherm royaal leek, voelt met een volle kruiwagen anders.
Besteed je het werk uit, dan is een plattegrond met maten plus een lijst hoeveelheden precies wat een hovenier nodig heeft. Een sfeerbeeld zonder maten kost hem een extra bezoek en jou een extra offerte.
Zo kom je in een avond van een lege tuin naar een plan dat klopt
Elke stap levert de grens waarbinnen de volgende stap nog mag kiezen.
-
Meet de tuin in vanaf de achtergevel
Kies twee vaste punten op de gevel en meet vanaf allebei de afstand naar elke hoek van de tuin, naar de boom, de put en de berging. Meet ook beide diagonalen, zodat je weet of de tuin haaks staat of taps toeloopt.
-
Leg de noordrichting en het hoogteverschil vast
Noteer met een kompas welke kant de tuin op ligt en zet die richting meteen goed in de app. Meet daarna met een waterpasslang op vier plekken hoeveel de tuin zakt ten opzichte van de gevel, want dat getal bepaalt of er een trapje, een keerwandje of alleen afschot nodig is.
-
Teken eerst alleen wat vastligt
Zet de gevel met de tuindeuren, de schutting, de put, de bestaande boom en de kabelgoot op de tekening voordat je iets nieuws bedenkt. Wat er in bovenaanzicht niet in staat, komt later ook niet vanzelf tevoorschijn, en hoe hoog die dingen uitkomen bekijk je pas in een aanzicht op ooghoogte.
-
Zet de zones neer met hun loopruimte erbij
Teken het terras met 75 cm achter de stoelen en 100 cm waar je erlangs loopt, en doe hetzelfde voor de loungehoek en de plek van de berging. Tel de blokken in de breedte op: passen ze niet binnen de tuinbreedte, dan valt hier de beslissing wat er afgaat.
-
Trek de paden en kijk waar ze op uitkomen
Verbind de tuindeuren met de berging, de kraan en de achterste grens, en houd het hoofdpad op 100 tot 120 cm. Laat het pad langs een border lopen en niet over het gazon, want gras slijt op een looplijn binnen één seizoen kaal.
-
Kies beplanting op standplaats en eindmaat
Zoek per zone eerst op hoeveel zon die plek krijgt en kies daar de soorten bij. Zet ze daarna op eindmaat in de tekening: 40 cm breed betekent 40 cm hart op hart, ook al is de pot nu 15 cm.
-
Zet de maten op de tekening en de tekening in de tuin
Exporteer of fotografeer het bovenaanzicht met twee maten per vlak vanaf de gevel. Zet die lijnen daarna met touw en piketten in de tuin uit en loop er een paar dagen omheen voordat je iets bestelt of afgraaft.
Kamerplanner
Vul de maten van je kamer in, zet deuren en ramen op de juiste plek en schuif meubels op schaal rond. Je ziet meteen of het past en hoeveel loopruimte er overblijft. Open de volledige kamerplanner
Nalopen voordat je tegels of planten bestelt
Uit de praktijk
Het terras ligt op de tekening in de zon en in het echt in de schaduw
Het symptoom is een terras dat er op het scherm zonnig bij lag en in de praktijk vanaf een uur of vier koel wordt. Daar zitten twee oorzaken achter, en allebei komen ze door wat er niet in de tekening staat.
De eerste is de noordrichting. Veel apps zetten het noorden standaard naar boven op het scherm, en wie die instelling niet aanpast, kijkt naar een schaduwbeeld dat een kwartslag verdraaid is.
De tweede is de hoogte buiten het perceel. Een buurhuis van 9 m op 6 m afstand werpt rond het middaguur in maart al 11,5 m schaduw en in december de hele tuin, terwijl dat huis in jouw tekening helemaal niet bestaat. Reken die schaduwlengte met de hand na met de factoren 0,55, 1,3 en 3,8, dan weet je wat de simulatie verzwijgt.
De tegelrij loopt zichtbaar uit de pas met de gevel
Het symptoom laat zich niet wegpoetsen: aan de ene kant van het terras is de laatste tegelrij 60 cm breed en aan de andere kant 52 cm. Een app tekent met haakse hoeken en een tuin heeft die zelden.
Het mechanisme zit in de lijn die je als uitgangspunt neemt. Teken je vanaf de schutting en ligt die 4 cm scheef over 6 m, dan loopt die wig door tot aan de gevel, waar je hem in de voeg ziet.
De oplossing is de gevel als basislijn nemen en de wig weg te werken in de rij tegen de schutting, waar een border of een grindstrook hem opvangt. Teken die strook daarom als apart vlak van minstens 20 cm in, dan heeft de scheefstand een plek om te verdwijnen.
Het ontwerp is klaar maar komt niet van het scherm af
Het symptoom komt vrijwel altijd aan het eind van de avond: het plan is af, en de exportknop vraagt om een abonnement. De gratis versie is dan geen halve app maar een demonstratie, waarbij tekenen de lokker is en meenemen het product.
Wat wel werkt, is het bovenaanzicht op de grootste zoom in beeld brengen met de maatvoering zichtbaar, en daar een schermafdruk van maken. Zet er zelf twee maten per vlak bij vanaf de gevel, want die getallen zijn het enige wat je in de tuin nodig hebt.
Test die uitgang daarom voordat je begint, met een tuin van drie vlakken. Dat kost tien minuten en voorkomt dat je een avond aan een ontwerp werkt dat in het account van een ander blijft staan.
Veelgemaakte fouten
Beginnen bij de beplanting
De plantenbibliotheek is het leukste deel van elke app, en daarom begint bijna iedereen daar. Beplanting is echter de laatste laag: pas als de vaste punten, de paden en de zones vastliggen, weet je hoeveel border er over is en hoeveel zon die krijgt.
Wie andersom werkt, kiest soorten voor een plek die later verdwijnt. Dat kost geen geld zolang het op het scherm gebeurt, maar wel de avond waarin je het ontwerp had kunnen afmaken.
Tekenen vanaf de schutting in plaats van vanaf de gevel
De schutting is het makkelijkste beginpunt en het slechtste. Hij staat zelden haaks op het huis, hij is verzakt en hij kan over vijf jaar vervangen worden door een schutting die 5 cm dikker is.
De achtergevel ligt wel vast, is recht en verandert niet. Meet daar alles vanaf, dan blijft je tekening kloppen ook als de erfafscheiding ooit wordt vernieuwd.
De noordrichting overslaan
Zonder noordpijl is elke schaduw in de app een illustratie zonder betekenis. De app zet het noorden meestal naar boven op het scherm, dus wie niets instelt, kijkt naar de tuin van iemand anders.
Stel de richting in als tweede handeling, direct na het invoeren van de buitenmaat. Het is één instelling en hij bepaalt alles wat je daarna over zon en schaduw concludeert.
Planten op potmaat neerzetten
Een heester in een pot van 3 liter is 30 cm breed en wordt 150 cm. Zet je er drie per meter neer omdat het dan meteen vol staat, dan groeien ze in jaar drie in elkaar en verlies je de vorm van alle drie.
Reken met de eindmaat uit de plantbeschrijving en vul de eerste twee zomers op met eenjarigen. Uitdunnen achteraf kost meer werk dan wachten.
Het pad de ruimte geven die overblijft
Paden worden vaak als laatste ingetekend, en krijgen dan de strook die toevallig over is. Zo ontstaat een hoofdpad van 70 cm, waar je niet met een kruiwagen langskomt en waar twee mensen achter elkaar moeten lopen.
Teken het hoofdpad daarom meteen na het terras op 100 tot 120 cm en laat de border de rest krijgen. Een border van 100 cm werkt prima, een pad van 70 cm niet.
Afschot en waterafvoer overslaan
Een app tekent elk vlak vlak, dus water komt er in het ontwerp nooit in voor. In de tuin loopt verharding 1 tot 2 cm per meter van de gevel af, en dat moet ergens heen: een grindstrook, een border of een kolk.
Loopt het naar de gevel toe, dan staat er water tegen het metselwerk en heb je in de winter een natte plint. Zet de richting van het afschot daarom met een pijl op je eigen tekening, ook al kent de app dat begrip niet.
Veelgestelde vragen
Wat is de beste gratis tuinontwerp app?
Die vraag heeft geen vast antwoord, want de beste app is de app die jouw vraag beantwoordt. Wil je weten of het terras past, dan is een 2D-planner met een raster in centimeters genoeg. Wil je zien hoe hoog een haag de tuin afsluit, dan heb je een 3D-weergave nodig.
Beoordeel een kandidaat op zes punten: eigen maten in centimeters, een vorm die niet rechthoekig hoeft te zijn, een instelbare noordrichting, opslaan zonder betaling, exporteren, en een ontwerp dat er over een half jaar nog staat. Vallen er drie af, zoek dan verder.
Kun je met een tuinontwerp app een plattegrond op schaal maken die echt klopt?
Ja, mits je de tuin zelf goed opmeet. De app houdt de schaal vast en rekent oppervlaktes uit, maar hij neemt de vorm over die jij intekent. Meet daarom vanaf de achtergevel met twee afstanden per punt en controleer de diagonalen.
Een plattegrond op schaal beantwoordt de vraag of iets past, en dat is precies de vraag waar de meeste tuinontwerpen op stranden. Wat hij niet doet, is hoogte weergeven, dus een haag, een schutting en een pergola zie je in bovenaanzicht alleen als strook.
Werkt een app voor tuinontwerp ook goed op een telefoon?
Tekenen op een telefoon gaat, maar het intekenen van een vorm met een vinger op een scherm van 6 inch is bewerkelijk. Het raster is fijner dan je vinger, dus je zet vlakken makkelijk 10 cm mis en merkt dat pas bij het optellen.
Praktischer is een taakverdeling: op de telefoon meet je, fotografeer je en bekijk je het 3D-beeld in de tuin zelf, en het tekenen doe je op een laptop of tablet. Kies wel een app die je ontwerp tussen die apparaten synchroniseert, anders teken je twee keer.
Hoe nauwkeurig is het opmeten van een tuin met de camera van je telefoon?
Een meetapp met de camera werkt op het herkennen van vlakken en kost je in een tuin al gauw enkele centimeters per meting. De afwijking stapelt zich op per hoek, en gras, beplanting en fel zonlicht maken het herkennen van het grondvlak onbetrouwbaar.
Gebruik zo'n app voor een ruwe schets en niet voor de maten waarop je bestelt. Een rolmaat van 20 m over de diagonaal kost twee minuten en is op een tuin van 10 m nauwkeuriger dan elke camera.
Zitten er Nederlandse planten in een tuinontwerp app?
Vaak wel, maar de bibliotheek is meestal internationaal en gaat uit van een ander klimaat. Winterhardheid, grondsoort en bloeitijd kloppen dan niet met de Nederlandse situatie, waar de meeste tuinen in zone 8 vallen en de grond van veen tot zand loopt.
Gebruik de app daarom voor de maat en de plek, en controleer de soort in een plantenlijst die op Nederlandse omstandigheden is gebaseerd. De eindmaat en de standplaats zijn de twee gegevens die je beslist moet natrekken.
Hoe deel je een tuinontwerp met een hovenier of met je huisgenoten?
Als afbeelding of pdf van het bovenaanzicht, met minstens twee maten per vlak vanaf de achtergevel en een noordpijl in de hoek. Een deel-link werkt ook, maar die vervalt zodra je het project verwijdert of je account opzegt.
Voor een hovenier telt vooral de maatvoering en niet het sfeerbeeld. Zet er de oppervlakte van de verharding, de lengte van de haag en het hoogteverschil bij, dan kan hij daar een offerte op maken zonder eerst zelf te komen meten.
Klopt de zonnestand die een app laat zien?
De berekening van de zonnestand klopt meestal wel, want die volgt uit breedtegraad, datum en tijd. Wat niet klopt, is de omgeving: het buurhuis, de garage en de bomen buiten je perceel staan niet in de tekening, en juist die werpen de langste schaduw.
Reken daarom zelf na met de vuistregel dat de schaduw rond midzomer 0,55 keer de hoogte is, eind maart 1,3 keer en in december 3,8 keer. Een schutting van 2 m geeft in december 7,6 m schaduw, en dat haalt een tuin van 8 m diep helemaal leeg.
Hoe groot moet een terras zijn voor een tafel met zes stoelen?
Reken op ongeveer 310 bij 290 cm verhard vlak voor een tafel van 160 bij 90 cm. Dat is de tafel plus 75 cm achter elke stoel om op te staan, en aan de zijde waar je langsloopt liever 100 cm.
Krapper kan tot ongeveer 260 bij 240 cm, maar dan schuiven de achterste stoelpoten bij het opstaan van de tegels af. Staat de tafel tegen de gevel, dan valt één stoelzijde weg en kom je met 310 bij 215 cm uit: 25 cm los van de muur, 90 cm tafel en 100 cm voor de stoelen.
Wat doe je met een hoogteverschil dat de app niet kent?
Noteer het als een aparte laag op je tekening. Meet met een waterpasslang op vier punten hoeveel de tuin zakt ten opzichte van de gevel en schrijf die getallen bij de hoeken van je plattegrond.
Tot ongeveer 15 cm over de lengte van de tuin vang je het op met afschot van 1 tot 2 cm per meter. Daarboven wordt het een trapje van 15 cm optrede bij 35 cm aantrede, of een keerwandje, en dat is een constructie die je niet in een tuinplanner tekent maar in een doorsnede.
Kun je een app voor tuinontwerp ook voor een balkon of een klein stadstuintje gebruiken?
Dat gaat goed, want op een klein vlak telt de maatvoering het zwaarst. Een balkon van 150 bij 400 cm biedt ruimte voor een tafel van 70 cm breed met stoelen aan één zijde, want aan de andere kant moet 60 cm doorloop overblijven.
Let bij een balkon op het gewicht van bakken met natte grond en op de vraag of er iets aan de gevel of de balustrade mag hangen. Dat zijn twee gegevens die geen enkele planner meeneemt en die de vereniging van eigenaren of de verhuurder bepaalt.
Heb je tekenervaring nodig om met een tuinontwerp app te werken?
Nee, maar je hebt wel meetervaring nodig. Het tekenen zelf is vlakken slepen en getallen intypen, en dat heeft bijna iedereen binnen een half uur onder de knie.
Waar het op vastloopt is de invoer: een tuin die niet haaks is, een hoogteverschil dat je niet hebt gemeten, een plantmaat die je van de pot afleest. Wil je eerst oefenen met schuiven op schaal, doe dat dan met een rechthoek waarin je meubels op maat rondschuift voordat je aan de tuin begint.
Hoe verhoudt een tuinontwerp zich tot de indeling binnen?
De zichtlijn vanuit de tuindeuren verbindt de twee. Een terras dat pal voor de deuren ligt, verlengt de woonkamer optisch, en een haag of berging recht in die lijn maakt de kamer binnen juist korter.
Houd daarom de zichtlijn vanaf de bank naar buiten vrij en leg het hoogste element uit de as. Hoe die volgorde binnen werkt, staat bij het inrichten van de ruimtes in huis, en buiten pak je hem op dezelfde manier aan: eerst wat vastligt, dan de routes, dan de zones.
Wanneer je beter een vakman belt
Het ontwerp maak je zelf, maar drie dingen uit zo'n plan niet. Ga je machinaal graven voor een fundering, een vijver of een kabel, dan is een graafmelding bij het Kadaster verplicht, en bij twijfel over de ligging van kabels en leidingen laat je de ontgraving over aan een grondwerker.
Een keerwand hoger dan ongeveer 50 cm houdt echte grond tegen en heeft een fundering en een drainage nodig; dat is werk voor een hovenier of een aannemer. Voor het kappen van een boom geldt per gemeente een eigen regeling, en ook een erfafscheiding boven 2 m valt onder het omgevingsplan, dus vraag dat na voordat je het intekent.
Buitenelektra voor verlichting of een pomp hoort achter een aardlekschakelaar van 30 mA. Een buitenlamp aansluiten op een bestaande groep kun je zelf doen, het werk in de groepenkast achter de hoofdzekering laat je aan een elektricien.