Een parasol van HKliving kiezen: maat, doek en voet
Een parasol kies je op vier gegevens: de doekmaat, de doeksoort, de hoogte van de doekrand en het gewicht van de voet. Reken de maat vanuit de zone waar mensen zitten, dus de tafel plus 40 cm per zijde waar iemand aan zit, en niet vanuit het tafelblad. Houd de doekrand op 200 tot 210 cm, zodat je er rechtop onderdoor loopt. En reken op minstens 25 kg voet bij een vrijstaande stokparasol en op 60 kg of meer bij een zweefparasol, want daar werkt de wind op een lange arm.
Wat een parasol van een woonmerk anders maakt
HKliving is een Nederlands woonmerk dat bekendstaat om een eclectische mix van retro vormen, natuurlijke materialen en gedempte kleuren. Wie een HKliving parasol zoekt, kijkt daarom meestal eerst naar kleur en vorm, en pas daarna naar wat het ding technisch is.
Dat mag, zolang je vier gegevens naloopt voordat je bestelt: de doekmaat, de doeksoort, de hoogte van de mast en de vraag of er een voet bij zit. Op de andere merkpagina's over meubels en woonaccessoires loopt het net zo. De vorm trekt je over de streep, de maatvoering bepaalt of je er blij mee blijft.
Een gedempte kleur heeft bij buitendoek een praktisch voordeel. Zand, olijf, gebroken wit en roestbruin verbleken net zo hard als knalrood, alleen zie je het verschil met de nieuwe staat veel minder. Een fel dessin dat aan de zonzijde een tint lichter wordt, valt na twee zomers meteen op.
Specificaties verschillen per model en per serie, dus leid niets af uit de merknaam alleen. Ga in plaats daarvan de lijst hieronder langs op de productpagina, wie de parasol ook maakt.
| Wat er vermeld moet staan | Wat het je vertelt | Waar je op let |
|---|---|---|
| Doekmaat, rond in cm of vierkant in cm bij cm | Hoeveel vloer er in de schaduw ligt bij hoge zon | Rond 300 cm dekt 7,1 m², vierkant 300 bij 300 cm dekt 9 m² met dezelfde mast |
| Doeksoort en doekgewicht in gram per vierkante meter | Hoe lang de kleur houdt en hoe strak het doek hangt | Polyester zit rond 180 tot 250 g/m², acryl rond 250 tot 300 g/m² |
| Masthoogte en mastdiameter | Of je er rechtop onderdoor loopt en of de mast in je tafelgat past | Masten zijn meestal 38 of 48 mm dik, gaten in tuintafels 40 tot 50 mm |
| Het openmechanisme | Hoeveel kracht het openen kost | Duwen werkt tot ongeveer 250 cm doek, daarboven wil je een katrol of een zwengel |
| Of de voet wordt meegeleverd | Of je nog een tweede aankoop te gaan hebt | Bij veel modellen koop je de voet los, en die weegt meer dan de parasol zelf |
| Kantelen, draaien of geen van beide | Of je de schaduw kunt bijsturen zonder de voet te verzetten | Kantelen zit meestal in een scharnier halverwege de mast, draaien alleen bij een zweefparasol |
| Ribben en hun materiaal | Hoe het doek zich bij wind gedraagt | Glasvezelribben buigen mee en veren terug, aluminium ribben knikken eerder blijvend |
Staat er niets over een voet bij de productgegevens, ga er dan van uit dat je hem los koopt. Reken het gewicht uit de tabel verderop meteen mee in je besluit, want een parasol zonder passende voet is een paal die omvalt.
Welke doekmaat hoort bij de tafel die eronder staat
De maat van een parasol gaat niet over het tafelblad maar over de zone waar mensen zitten. Wie aan tafel zit, steekt met schouders en stoelrug ongeveer 40 cm buiten de tafelrand uit. Onder een doek dat even groot is als het blad zit je dus met je rug in de zon.
Reken daarom met de tafelmaat plus 40 cm aan elke zijde waar iemand zit. Bij zes personen hoort een tafel van 180 bij 90 cm, en die wordt op die manier een zitzone van 180 bij 170 cm. Een rond doek moet die hele rechthoek dekken, dus daar past 300 cm bij en geen 250 cm: de diagonaal van die zone is al 247 cm.
Een vierkant of rechthoekig doek dekt dezelfde zone met minder stof, omdat je in de hoeken niets weggooit. Vierkant 250 bij 250 cm is 6,3 m² en dekt die zitzone met 35 cm marge rondom, terwijl een rond doek van 300 cm 7,1 m² is en er aan vier kanten overheen steekt.
De hoogte telt even hard mee. Een doekrand op 200 tot 210 cm laat je er rechtop onderdoor lopen; bij 190 cm buigt iedereen zijn hoofd op weg naar binnen. De mast is dan 240 tot 250 cm, want vanaf de rand loopt het doek schuin omhoog naar de top.
Staat er nog helemaal geen tafel, kies dan eerst het blad en daarna het doek. Bij het uitzoeken van een tuintafel ligt de maat nog open en kun je hem op de plek en op de schaduw afstemmen.
| Tafel of zitplek | Zone die de zitters innemen | Kleinste rond doek | Kleinste hoekig doek |
|---|---|---|---|
| Ronde tafel 120 cm, vier stoelen | cirkel van ongeveer 210 cm | 250 cm, 4,9 m² | 200 bij 200 cm, 4 m² |
| Tafel 120 bij 80 cm, vier personen | 160 bij 160 cm | 250 cm, 4,9 m² | 200 bij 200 cm, 4 m² |
| Tafel 180 bij 90 cm, zes personen | 180 bij 170 cm | 300 cm, 7,1 m² | 250 bij 250 cm, 6,3 m² |
| Tafel 240 bij 100 cm, acht personen | 240 bij 180 cm | 350 cm, 9,6 m² | 300 bij 200 cm, 6 m² |
| Loungebank met hoek en tafeltje | ongeveer 250 bij 200 cm | 350 cm, 9,6 m² | 300 bij 300 cm, 9 m² als zweefparasol |
| Twee ligbedden naast elkaar | 200 bij 200 cm | 300 cm, 7,1 m² | 250 bij 250 cm, 6,3 m² |
Plak de zitzone met schilderstape op de tegels uit en ga er met de stoelen omheen zitten voordat je bestelt. Wat er dan buiten de tape uitsteekt, steekt straks ook buiten de schaduw uit.
Waar de schaduw valt en waarom hij wegloopt
Een parasol geeft alleen recht onder zich schaduw als de zon pal boven je staat, en zo hoog komt hij in Nederland nooit. Op onze breedte haalt de zon rond het middaguur in juni ruim 60 graden, eind maart en eind september bijna 40 graden, en midden in de winter nog geen 15 graden.

Hoe lager de zon staat, hoe verder de schaduw van de parasol wegschuift. Die verschuiving is het hoogteverschil tussen de doekrand en het vlak waar je de schaduw wilt hebben, gedeeld door de tangens van de zonshoogte. Met een doekrand op 220 cm en een tafelblad op 75 cm is dat hoogteverschil 145 cm, en daar hoort de tabel hieronder bij.
In die getallen zit de verklaring waarom een parasol om twee uur precies goed staat en om zes uur niets meer doet. De schaduw is dan niet verdwenen, hij ligt anderhalve tot tweeënhalve meter verderop in het gras.
Je kunt daar drie dingen tegen doen: de mast kantelen, de voet verzetten, of de parasol van begin af aan aan de zonzijde van de tafel plaatsen in plaats van precies in het midden. Kantelen is het makkelijkst, maar let op dat een gekantelde parasol de wind op een scheve arm vangt en dus meer voet nodig heeft.
Zit je vooral aan het eind van de dag buiten, dan bepaalt de richting van je terras meer dan de maat van het doek. Op een terras op het zuidwesten staat de zon in de zomer vanaf een uur of elf tot zonsondergang, en de laatste uren daarvan zijn precies de uren waarin de schaduw het verst wegschuift. Bij een complete tuinset met tafel en stoelen ligt de plek van de tafel meestal vast, en dan is kantelen of draaien de enige manier om de schaduw mee te laten lopen.
| Hoogte van de zon | Wanneer dat ongeveer zo is | Schaduw schuift op tafelhoogte | Wat je merkt |
|---|---|---|---|
| Ruim 60 graden | Midzomer, rond het middaguur | ongeveer 85 cm | De schaduw ligt bijna onder het doek, alleen de rand verschuift |
| 45 graden | Halverwege de middag in juni, of het middaguur in april | 145 cm | De helft van een tafel van 90 cm diep ligt weer in de zon |
| Bijna 40 graden | Middaguur eind maart en eind september | 185 cm | De tafel ligt er grotendeels buiten, kantelen helpt nog |
| 30 graden | Zomeravond, een uur of zeven | 250 cm | De schaduw ligt naast het terras; alleen verzetten helpt nog |
| 20 graden | Laat op een zomeravond | 400 cm | Een parasol doet niets meer voor de tafel; een schaduwdoek aan de gevel wel |
| Nog geen 15 graden | Midwinter, rond het middaguur | ruim 500 cm | Niet van belang voor schaduw, wel voor de vraag waar je de winterzon nog vangt |
De getallen gelden voor een doekrand op 220 cm boven een tafelblad van 75 cm. Hangt jouw doek lager, dan schuift de schaduw evenredig minder ver; wil je de schaduw op de grond in plaats van op tafel, reken dan met de volle 220 cm en dus met anderhalf keer zulke afstanden.
Stokparasol, zweefparasol of een halfronde tegen de gevel
Het type bepaalt waar de mast staat, en daarmee waar je kunt zitten. Een stokparasol heeft de mast in het midden, dus midden op tafel of midden in de zithoek. Een zweefparasol hangt aan een arm naast de zone, waardoor de hele vloer eronder vrij blijft en je het doek kunt draaien.
Die vrijheid kost gewicht. Bij een zweefparasol grijpt de wind aan op een doek dat anderhalve meter of meer naast de voet hangt, en dat werkt als een hefboom op de voet. Daarom vraagt een zweefparasol al gauw twee tot drie keer zoveel ballast als een stokparasol met hetzelfde doekoppervlak.
Het openmechanisme volgt de maat. Tot ongeveer 250 cm doek duw je de parasol met de hand omhoog. Daarboven wordt de kracht te groot en werk je met een katrol of een zwengel, waarbij een zwengel het minste vraagt van je polsen en het meeste onderdelen heeft die kunnen slijten.
Twijfel je nog over het meubel zelf, kijk dan bij het kiezen van een tuinset meteen of er een parasolgat in het blad zit. Dat ene gat scheelt je later tientallen kilo's ballast.
Op een balkon gelden andere maten. Een halfronde parasol heeft een vlakke kant die tegen de gevel of de balustrade staat en dekt daardoor een strook van ongeveer 100 tot 130 cm diep, precies de diepte van een smal balkon. De voet mag dan ondiep zijn, maar hij moet nog steeds zwaar.
| Jouw situatie | Type dat daarbij hoort | Waar je op let |
|---|---|---|
| Tuintafel met een gat in het blad | Stokparasol door de tafel | Leg de mastdiameter naast de maat van het gat; de tafel houdt de mast recht, dus de voet mag lichter |
| Tafel zonder gat, of een loungehoek | Zweefparasol | Houd het hele draaivlak van het doek vrij van schutting, gevel en boomtakken |
| Balkon tot ongeveer 130 cm diep | Halfronde parasol tegen de gevel | Vlakke kant tegen de balustrade, en vraag bij een appartement na wat er aan de balustrade bevestigd mag worden |
| Ligbedden of een bank in de zon | Kantelbare stokparasol | Kantelen verschuift de schaduw zonder dat je de voet optilt, en dat scheelt bij 40 kg beton veel |
| Terras dat de hele middag zon heeft | Zweefparasol die 360 graden draait | Draaien stuurt de schaduw met de zon mee; controleer of de arm boven de tafel blijft als je draait |
| Open, winderige tuin zonder schutting | Kleinere stokparasol, hooguit 250 cm | Minder doek is minder zeil; boven 300 cm is een parasol in een open tuin niet meer veilig te zetten |
Het doek: stof, gewicht en hoe lang de kleur houdt
Buitendoek gaat niet kapot aan regen maar aan uv-straling. Die breekt de kleurstofmoleculen af, en waar de kleurstof zit bepaalt hoe snel je dat ziet. Bij polyester wordt de vezel meestal na het weven geverfd, dus zit het pigment vooral aan de buitenkant en verbleekt de bovenzijde het eerst.
Bij acryldoek dat in de massa is geverfd, zit het pigment door de vezel heen. Slijt de buitenste laag weg, dan komt daaronder dezelfde kleur tevoorschijn. Zulk doek is zwaarder, rond 250 tot 300 gram per vierkante meter tegen 180 tot 250 voor polyester, en het hangt daardoor strakker en klappert minder in de wind.
Waterafstotend is niet hetzelfde als waterdicht. De naden zijn genaaid, en door elk naaigaatje loopt bij aanhoudende regen water naar binnen. Een doek dat urenlang nat blijft rekt bovendien uit, gaat doorhangen en houdt water vast in de laagste plek.
Ook de kleur van het doek doet iets. Een donker doek laat minder licht door en geeft dus een diepere schaduw, maar het loopt zelf warm op. Een licht doek blijft koeler en laat meer licht door, waardoor het eronder vriendelijker oogt maar minder donker is.
Bedenk daarbij dat een parasol de directe zon tegenhoudt en niet het licht dat van de lucht rondom en van de bestrating terugkaatst. Lichte tegels spiegelen fel omhoog, dus onder een parasol op een licht terras verbrand je alsnog. Dat is geen tekortkoming van het doek maar van de plek.
Welk doek bij welke serie hoort verschilt per jaar en per model, ook binnen hetzelfde merk. Wij leggen die verschillen per fabrikant naast elkaar op de overzichtspagina met woonmerken, zodat je op maat en materiaal kunt vergelijken in plaats van op naam.
Berg het doek nooit vochtig op. Schimmel heeft een paar dagen donker en nat genoeg om zwarte stipjes te vormen, en die zitten in de vezel: ze gaan er met wassen niet meer uit. Laat de parasol na een bui open staan tot hij droog aanvoelt en doe pas dan de hoes eromheen.
Een hoes die van boven dicht is en van onderen open blijft, houdt regen tegen en laat vocht weg. Een hoes die overal dicht zit, houdt het vocht juist vast en versnelt precies de schimmel waartegen je hem gebruikt.
Hoe zwaar de voet moet zijn
De voet is het onderdeel waarop de meeste mensen bezuinigen en waarop een parasol het vaakst sneuvelt. Een opgestoken doek is een zeil, en de kracht van de wind daarop neemt toe met het kwadraat van de windsnelheid: bij twee keer zoveel wind staat er vier keer zoveel kracht.
Het oppervlak groeit op dezelfde manier. Van 250 naar 300 cm doek is 20 procent meer diameter, maar ruim 40 procent meer stof. De sprong in benodigd tegenwicht is dus veel groter dan de sprong in maat doet vermoeden.
De getallen hieronder zijn wat leveranciers doorgaans aanhouden, geen norm. Geeft de fabrikant bij een model een eigen minimum op, houd dat dan aan, want dat hoort bij de armlengte en de opbouw van die parasol.
Voor het materiaal geldt een simpele rekensom. Water weegt 1 kg per liter, droog zand ongeveer 1,5 kg. Een vulbare voet van 50 liter komt met water dus op 50 kg en met zand op ruim 70 kg, mits de gebruiksaanwijzing zand toestaat. Beton en graniet zijn zwaarder per liter en nemen minder plaats in, maar je kunt ze niet leeg tillen als je ze wilt verplaatsen.
Kijk ook naar het gat in de voet. Een mast van 38 mm in een voetgat van 48 mm staat te klepperen, en dan slijt de lak of de coating er in één seizoen af. Bij zo'n verschil hoort een verloopring, en die zit vaak wel bij de parasol maar niet bij de voet. Datzelfde speelt bij de gaten in een tuintafel waar de mast doorheen gaat.

| Opstelling | Doekmaat | Gewicht dat gangbaar wordt aangehouden | Waarom |
|---|---|---|---|
| Stokparasol door een tuintafel | tot 300 cm | 15 tot 25 kg | De tafel klemt de mast op twee hoogtes, dus de voet hoeft vooral te verankeren en niet te stutten |
| Vrijstaande stokparasol | 250 tot 300 cm | 25 tot 40 kg | De mast staat los, dus alle wind komt op de voet terecht |
| Vrijstaande stokparasol | 350 tot 400 cm | 40 tot 60 kg | Bij 400 cm hangt er 12,6 m² doek, ruim twee keer het oppervlak van een parasol van 250 cm |
| Zweefparasol, vierkant | 300 bij 300 cm | 60 tot 90 kg | Het doek hangt naast de voet en werkt bij wind als een hefboom op de mast |
| Zweefparasol, groot of rechthoekig | 350 tot 400 cm | 90 tot 120 kg | Langere arm en meer doek tegelijk, meestal opgelost met losse tegels van 20 tot 25 kg |
| Halfronde parasol op een balkon | 270 tot 300 cm breed | 25 tot 40 kg | De gevel vangt een deel van de wind, maar valwinden langs een flat komen juist van boven |
Een voet die met water is gevuld, moet voor de eerste vorst leeg. Bevriezend water zet uit en scheurt de kunststof van binnenuit open, en dat zie je pas het volgende voorjaar als de voet leegloopt over de tegels.
Wind, regen en de winter doorkomen
De meeste fabrikanten geven windkracht 4 tot 5 als grens voor een opgestoken parasol. Dat is de wind waarbij takken bewegen en los papier opwaait, en de grens ligt lager dan mensen denken omdat het doek de kracht over een grote oppervlakte verzamelt.
Sluit de parasol ook als je naar binnen gaat, ook bij windstil weer. Het gaat niet mis tijdens het zitten maar tijdens de bui die er een uur later overheen trekt, en een parasol die omvalt neemt glaswerk, tafelblad en soms een ruit mee.
Een gesloten parasol vangt nog steeds wind. Bind het doek met de band om de stok vast, want een halfopen doek slaat heen en weer en trekt de ribben aan hun scharnieren los. Bij een zweefparasol laat je de arm bovendien zakken of zet je hem in de laagste stand.
Voor de winter hoort de parasol droog en staand in een schuur of berging. Plat op de grond of tegen een muur onder een afdakje komt hij in het voorjaar met vlekken tevoorschijn, want daar staat vocht in de plooien. Blijft hij toch buiten, haal dan het doek eraf en berg dat binnen op.
Aan het frame slijt vooral wat beweegt. Houten masten van teak of eucalyptus vergrijzen in één tot twee seizoenen tot zilvergrijs, wat een normale verwering is en geen schade; wil je de warme kleur houden, dan hoort daar elk voorjaar olie bij. Aluminium roest niet maar krast, en op de plek waar de coating weg is vreet weer en wind zich in. Wie op zoek gaat naar wat er verder bij een terras hoort, vindt dat op onze pagina's over merken en cadeaus voor in huis en tuin.
Van de plek naar de juiste parasol
De volgorde ligt vast, want elke keuze begrenst de volgende.
-
Meet de zone die in de schaduw moet liggen
Neem de maat van de tafel of de zithoek en tel er 40 cm bij op aan elke kant waar iemand zit. Dat is de rechthoek waar het doek overheen moet, en die is bijna altijd groter dan het meubel zelf.
-
Bepaal op welk moment van de dag je er zit
Ga een keer buiten zitten op het uur dat je normaal buiten zit en kijk waar de zon dan vandaan komt. Aan het eind van de middag staat hij laag, en dan schuift de schaduw anderhalve meter of meer weg van de voet.
-
Kies het type dat bij die plek past
Zit er een gat in je tafel, dan is een stokparasol het eenvoudigst en het goedkoopst in ballast. Wil je de vloer vrij houden of de schaduw met de zon mee draaien, dan wordt het een zweefparasol en gaat het voetgewicht fors omhoog.
-
Leg de doekmaat en de hoogte vast
Zoek in de maattabel de kleinste maat die je zitzone dekt en kijk daarna naar de hoogte van de doekrand. Onder 200 cm loop je te bukken, boven 220 cm laat de lage avondzon er ver onderdoor schijnen.
-
Kies de voet bij het type en niet bij de prijs
Reken 25 tot 40 kg voor een vrijstaande stokparasol en 60 kg of meer voor een zweefparasol. Controleer daarbij of de mastdiameter in het voetgat past en of er een verloopring bij zit.
-
Regel de opbergplek voordat je bestelt
Een parasol van 300 cm is dicht ruim 250 cm lang en moet staand en droog de winter door. Past dat nergens, kies dan een model waarvan het doek los van het frame gaat, of neem een kleinere maat.
Nalopen voordat je afrekent
Uit de praktijk
De parasol staat om twee uur goed en om zes uur nergens meer
Het symptoom is dat de schaduw in de loop van de middag van tafel af schuift terwijl de parasol niet is bewogen. Dat is geen fout in de opstelling maar meetkunde: de schaduw verspringt met het hoogteverschil tussen doekrand en tafelblad, gedeeld door de tangens van de zonshoogte.
Bij 60 graden zon is dat 85 cm, bij 30 graden al 250 cm. In diezelfde uren zakt de zon dus niet alleen, de schaduw versnelt ook.
Er zijn twee oplossingen die werken. Zet de voet aan de zonzijde van de tafel in plaats van in het midden, zodat de schaduw de tafel in loopt in plaats van eraf. Of kies een parasol die kantelt of draait, en accepteer dat je daar een zwaardere voet bij nodig hebt.
De voet schuift bij de eerste windvlaag over de tegels
Als een voet van 20 kg onder een doek van 300 cm gaat schuiven of kantelen, is het gewicht niet het enige probleem. De wind grijpt aan op zeven vierkante meter doek op ruim twee meter hoogte, en dat moment moet door een voet van veertig centimeter doorsnee worden opgevangen.
De kracht van de wind loopt op met het kwadraat van de snelheid, dus de vlaag die vier keer zo hard is als het briesje van een uur eerder duwt zestien keer zo hard. Een voet die bij windkracht 3 nog stevig voelt, glijdt bij windkracht 5 weg.
Meer gewicht helpt, een grotere voetplaat helpt evenveel, en een mast die door een tafel steekt haalt het grootste deel van het kantelmoment weg. Bij twijfel is sluiten de enige maatregel die altijd werkt.
Zwarte stipjes in het doek die er niet meer uit gaan
Zwarte of grijsgroene stippen op de binnenzijde van het doek wijzen op schimmel, en die ontstaat waar vocht en donker samenkomen. Een doek dat nat wordt opgerold en in een hoes gaat, blijft in de plooien dagen vochtig, ook als de buitenkant droog aanvoelt.
De schimmeldraden groeien in de vezel en niet erop, dus bleken en boenen halen wel de kleur weg maar niet de vlek. Bij geïmpregneerd doek verdwijnt bovendien de waterafstotende laag door agressieve middelen.
Dit is dus een zaak van voorkomen: parasol open laten staan tot hij droog is, pas dan de band erom, en een hoes gebruiken die van onderen open blijft zodat vocht eruit kan.
Veelgemaakte fouten
De doekmaat op het tafelblad kiezen
Een doek dat even groot is als de tafel, dekt de tafel en verder niets. Wie eraan zit, steekt met schouders en stoelrug ongeveer 40 cm buiten de rand uit en zit met rug en armen in de zon.
Reken daarom altijd de zitzone en niet het blad. Dat scheelt bij een tafel voor zes personen het verschil tussen een doek van 250 en van 300 cm.
Een lichte voet nemen om te kunnen verplaatsen
Een voet die je makkelijk optilt, houdt ook een parasol makkelijk niet tegen. Bij een vrijstaande stokparasol van 300 cm begint het bij 25 kg en bij een zweefparasol bij 60 kg.
Wil je hem toch kunnen verzetten, kies dan een vulbare voet op wielen: leeg rol je hem weg, gevuld staat hij vast. Of kies een model met losse tegels die je per stuk van 20 tot 25 kg verplaatst.
De parasol open laten staan als je naar binnen gaat
Het gaat bijna nooit mis terwijl je eronder zit, want dan sluit je hem bij de eerste vlaag. Het gaat mis tijdens de bui die een uur later overtrekt, als niemand buiten is.
Een omvallende parasol neemt glaswerk mee, slaat vlekken in een houten blad en beschadigt bij een balkon de buren onder je. Sluiten en vastbinden kost tien seconden.
Het doek nat opbergen
Vocht in de plooien geeft binnen een paar dagen schimmelstippen die in de vezel groeien. Die zijn er niet meer uit te krijgen, ook niet met de middelen die het doek verder aantasten.
Laat de parasol na regen open staan tot het doek droog aanvoelt, ook aan de naden, en berg hem pas dan op.
De mast en het tafelgat niet vergelijken
Masten zijn meestal 38 of 48 mm dik en gaten in tuintafels 40 tot 50 mm. Een mast die ruim in het gat past, staat te klepperen en schuurt zijn coating eraf op precies die plek.
Kijk of er een verloopring bij zit en meet anders je eigen gat op voordat je bestelt. Een te dikke mast past helemaal niet, en dan sta je met een parasol zonder plek.
Een zweefparasol zetten zonder het draaivlak na te lopen
Een zweefparasol van 300 bij 300 cm beschrijft bij het draaien een cirkel van ruim vier meter doorsnee. Staat er een schutting, een heg of een dakoverstek in dat vlak, dan kun je hem maar naar één kant draaien.
Loop het draaivlak op de tegels na met een touw aan de voet voordat je hem vastzet. Takken die er nu net boven zitten, hangen na een regenbui lager.
Veelgestelde vragen
Welke maat parasol past bij een tuintafel voor zes personen?
Bij zes personen hoort een tafel van ongeveer 180 bij 90 cm. Tel daar 40 cm bij op aan elke lange zijde waar iemand zit en je komt op een zitzone van 180 bij 170 cm. Een rond doek moet die hele rechthoek dekken en dus de diagonaal van 247 cm halen: daar past 300 cm bij en geen 250 cm. Een vierkant doek van 250 bij 250 cm dekt dezelfde zone met minder stof.
Hoe zwaar moet de voet van een parasol zijn?
Voor een stokparasol die door een tuintafel steekt is 15 tot 25 kg gangbaar, omdat de tafel de mast op twee hoogtes klemt. Staat de parasol los, reken dan op 25 tot 40 kg tot 300 cm doek en op 40 tot 60 kg bij 350 tot 400 cm. Een zweefparasol van 300 bij 300 cm vraagt 60 tot 90 kg, want het doek hangt naast de voet en werkt als een hefboom. Geeft de fabrikant een eigen minimum op, houd dat dan aan.
Wat is het verschil tussen een stokparasol en een zweefparasol?
Bij een stokparasol staat de mast in het midden van het doek, meestal door het gat in de tafel. Bij een zweefparasol staat de mast ernaast en hangt het doek aan een arm, waardoor de vloer eronder vrij blijft en je het doek kunt draaien en vaak ook kantelen. Die vrijheid kost ballast: bij hetzelfde doekoppervlak vraagt een zweefparasol twee tot drie keer zoveel voetgewicht, omdat de wind op een lange arm aangrijpt.
Past een HKliving parasol in het gat van elke tuintafel?
Dat hangt van het model af en niet van het merk. Parasolmasten zijn meestal 38 of 48 mm dik, terwijl gaten in tuintafels doorgaans 40 tot 50 mm zijn. Een mast van 48 mm past niet in een gat van 40 mm, en een mast van 38 mm in een gat van 50 mm staat te klepperen en schuurt zijn coating weg. Meet je eigen gat op en zoek de mastdiameter op bij de productgegevens voordat je bestelt.
Welk parasoldoek verkleurt het minst?
Doek van acryl dat in de massa is geverfd houdt de kleur het langst, omdat het pigment door de vezel heen zit en niet alleen aan de buitenkant. Slijt er een laagje af, dan komt dezelfde kleur tevoorschijn. Polyester wordt meestal na het weven geverfd en verbleekt aan de bovenzijde dus eerder, vooral in felle en donkere tinten. Gedempte kleuren als zand, olijf en gebroken wit verbleken even hard, maar je ziet het verschil veel minder.
Bij welke windkracht moet een parasol dicht?
De meeste fabrikanten geven windkracht 4 tot 5 als grens, dus bij wind waarbij takken bewegen en los papier opwaait. Die grens ligt lager dan mensen verwachten, omdat de kracht van de wind toeneemt met het kwadraat van de snelheid: twee keer zoveel wind geeft vier keer zoveel kracht op hetzelfde doek. Sluit hem daarnaast altijd als je naar binnen gaat, want de meeste schade ontstaat als er niemand buiten is.
Kun je een parasol in de winter buiten laten staan?
Beter niet. Het doek blijft in de plooien vochtig en krijgt schimmelstippen die in de vezel groeien, en een vulbare voet met water erin scheurt open zodra het vriest. Zet de parasol droog en staand in een schuur of berging, of haal het doek van het frame en berg alleen dat binnen op. Moet het frame buiten blijven, leg het dan niet plat op de grond maar zet het staand en met de opening naar beneden.
Hoe krijg je schimmelvlekken uit een parasoldoek?
Meestal niet meer. Schimmeldraden groeien in de vezel in plaats van erop, dus de middelen die de vlek aanpakken halen ook de kleur en de waterafstotende laag weg. Wat wel werkt is voorkomen: laat de parasol na regen open staan tot hij droog aanvoelt, ook langs de naden, en gebruik een hoes die aan de onderkant open blijft zodat vocht kan ontsnappen.
Beschermt een parasol voldoende tegen de zon?
Een parasol houdt de directe zon tegen, maar niet het licht dat van de lucht rondom en van de bestrating terugkaatst. Lichte tegels spiegelen fel omhoog, dus op een licht terras verbrand je onder een parasol alsnog. Een dicht geweven en donkerder doek laat minder door dan een licht en dun doek, maar geen enkel doek vervangt zonnebrand op de uren rond het middaguur.
Wat doe je op een balkon waar geen ruimte is voor een grote voet?
Kies een halfronde parasol met de vlakke kant tegen de gevel of de balustrade. Die dekt een strook van ongeveer 100 tot 130 cm diep en vraagt een ondiepe voet, al blijft het gewicht van 25 tot 40 kg nodig. Aan een balustrade bevestigen mag lang niet overal, dus vraag bij een appartement eerst na wat er is toegestaan.
Hoe houd je schaduw op een terras dat tot laat in de avond zon heeft?
Op een terras op het zuidwesten staat de zon in de zomer van een uur of elf tot zonsondergang, en juist de laatste uren zijn de uren waarin de schaduw het verst wegschuift. Een parasol die kantelt of draait houdt het tot een zonshoogte van ongeveer 30 graden vol; daaronder ligt de schaduw naast het terras. Wil je daarna nog zitten, dan is een schaduwdoek of een luifel aan de gevel de oplossing, want die vangt de zon van opzij.
Is een vierkante parasol beter dan een ronde?
Voor een rechthoekige tafel wel, want een vierkant of rechthoekig doek dekt dezelfde zitzone met minder stof en dus met minder windvang. Een vierkant doek van 250 bij 250 cm is 6,3 vierkante meter en dekt een zone van 180 bij 170 cm, terwijl een rond doek daarvoor 300 cm moet zijn en op 7,1 vierkante meter uitkomt. Bij een ronde tafel of een losse zithoek is een rond doek juist logischer, omdat de schaduw dan naar alle kanten even ver reikt.
Wanneer je beter een vakman belt
Een parasolhouder of een grondanker in een balkonvloer of dakterras schroeven is werk waar je van af moet blijven. Onder de tegels ligt een waterdichte laag, en een boorgat daarin lekt pas maanden later zichtbaar, meestal bij de buren onder je. Laat dat over aan een dakdekker en vraag bij een appartement eerst toestemming aan de vereniging van eigenaars. Boor je in de gevel voor een muurbevestiging van een halfronde parasol, dan gelden dezelfde vragen over spouw, isolatie en waterdichting.