Een fotolijst met ketting: de ketting kiezen en op hoogte hangen
Een fotolijst met ketting laat de ophanging bewust zien: de ketting vormt een driehoek boven de lijst en telt mee in het beeld. Kies een gelaste schakel voor alles wat zwaarder is dan een paar kilo, maak de driehoek minstens half zo hoog als de afstand tussen de oogjes, en zet de haak op de hartlijn van 145 cm plus de halve lijsthoogte plus de hoogte van de driehoek. De wand is bijna altijd de zwakste schakel: een spijkerhaakje houdt in gipsplaat ongeveer 2 kilo, een X-haak 3 tot 4 kilo.
Dit heb je nodig
- Tijd
- een half uur per lijst
- Moeilijkheid
- Goed zelf te doen
- Kosten
- 5 tot 20 euro aan ketting, oogjes en haken
Gereedschap
- Rolmaat en potlood
- Kniptang of twee combinatietangen
- Kleine schroevendraaier
- Handboortje of boor van 2 mm om voor te boren
- Waterpas
- Keukenweegschaal om de lijst te wegen
Materiaal
- Ketting per meter, 10 tot 20 cm langer dan berekend
- Twee schroefogen of D-ringen per lijst
- Wandhaak die bij de wand en het gewicht past
- S-haakjes om de ketting af te hangen en te stellen
Waarom je de ophanging juist laat zien
Bij de meeste lijsten werk je de ophanging weg achter het glas. Een fotolijst met ketting doet het omgekeerde: de ketting hangt in het zicht, vormt een driehoek of twee verticale lijnen boven de lijst en telt mee in het beeld. Dat maakt de keuze van de ketting net zo bepalend als de keuze van de lijst zelf.

Er zijn drie vormen. Een lijst met een zichtbare ketting aan een wandhaak, een lijst die met een lange ketting aan een schilderijlat onder het plafond hangt, en een losse fotoketting met knijpers waar prints en kaarten aan hangen.
Alle drie vragen ze om dezelfde beslissingen: welke ketting, op welke hoogte, en wat de wand moet houden. De hoogtes en de manier van kiezen sluiten aan op de rest van onze gidsen over schilderijen en lijsten aan de muur.
Een ketting heeft daarbij een praktisch voordeel dat een draadje niet heeft: hij is schakel voor schakel verstelbaar. De lijst schuift een paar centimeter omhoog of omlaag zonder nieuw gat, en dat is prettig voor wie vaak wisselt van werk of van plek.
Welke ketting bij welke lijst past
Kettingwerk koop je per meter bij de bouwmarkt of de ijzerhandel, en de soorten verschillen meer in constructie dan in uiterlijk. De schakels van gedraaid kettingwerk zijn gebogen, niet gelast: onder te veel gewicht buigen ze langzaam open, en dat zie je pas als de opening groot genoeg is om de volgende schakel los te laten.
Bij een gelaste ketting is elke schakel dichtgesmolten en is de ketting zelf vrijwel nooit de grens. Het oogje in de lijst en de haak in de wand bezwijken eerder, dus daar verschuift je aandacht naartoe.
Een bolletjesketting zit anders in elkaar: de sterkte zit niet in de bolletjes maar in het klemhuisje dat de uiteinden koppelt. Dat huisje laat zonder waarschuwing los, en daarom hoort er niets zwaarders aan dan een licht lijstje.
Meet ook de schakelmaat na als de ketting door een oogje moet. Een schakel van dikke draad gaat niet door het oog van een klein schroefoogje, dus neem het oogje mee naar de winkel of kies D-ringen met een ruime beugel.
| Soort ketting | Zo herken je hem | Geschikt voor | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Bolletjesketting | Rij losse balletjes met een klemhuisje als koppeling | Een licht lijstje tot ongeveer een kilo | De sterkte zit in het klemhuisje, niet in de bolletjes; dat huisje laat zonder waarschuwing los |
| Gedraaid kettingwerk | Schakels van gebogen draad die niet zijn dichtgelast | Gewone fotolijsten tot een kilo of vijf | Open schakels buigen onder te veel gewicht langzaam open; kies bij twijfel een dikkere draad |
| Gelaste schakelketting | Elke schakel is dichtgesmolten, glad en zwaarder | Zware lijsten en spiegels | De ketting is dan zelden de grens; het oogje in de lijst en de haak in de wand wel |
| Messing sierketting | Geelkoperen kleur, vaak een grove decoratieve schakel | Gouden en houten lijsten in een klassiek interieur | Messing wordt vanzelf donkerder; poetsen of laten verkleuren is een keuze |
Op welke hoogte de lijst en de haak komen
Voor de lijst zelf gelden dezelfde hoogtes als voor elk ander werk aan de wand: de hartlijn, het midden van het beeld, op 145 cm boven de vloer. Dat is een vuistregel uit de ooghoogte van wie staat, geen norm.
Nieuw is de rekensom erboven. De haak komt op de hartlijn plus de halve lijsthoogte plus de hoogte van de kettingdriehoek, want die driehoek telt boven de lijst gewoon door.
Een voorbeeld: een lijst van 70 cm hoog met een driehoek van 25 cm. De onderrand komt op 110 cm, de bovenrand op 180 cm en de haak op 205 cm.
De ketting hoort bij het beeld, dus plan hem ook zo. Boven een dressoir of een bank oogt een driehoek van 20 tot 30 cm in verhouding, onder een hoog plafond mag hij langer worden. Alle hoogtes voor lijsten, spiegels en lampen kun je per plek in de maatwijzer opzoeken.
| Waar de lijst hangt | Maat die je aanhoudt | Marge | Waarom die maat |
|---|---|---|---|
| Vrije wand, hartlijn van het beeld | 145 cm boven de vloer | 140 tot 155 cm | Ooghoogte van wie staat; hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig |
| Boven een bank, onderrand van de lijst | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Lager en het werk lijkt op de bank te leunen; de hartlijn schuift hier omhoog naar 150 tot 165 cm |
| Boven een dressoir, onderrand van de lijst | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Genoeg ruimte voor een lamp of een vaas zonder dat die de lijst of de ketting raakt |
| In een trapgat, hartlijn | 145 cm boven de neus van de trede | 140 tot 150 cm | Loodrecht boven de voorkant van de trede gemeten loopt de rij lijsten met de trap mee |
| Wandcollage, ruimte tussen de lijsten | 6 cm | 5 tot 8 cm | Gelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen; boven 10 cm valt hij uiteen in losse lijstjes |
| Haak boven de lijst | Bovenrand plus de driehoekshoogte | Driehoek minstens half zo hoog als de afstand tussen de oogjes | Een plattere driehoek zet meer kracht op de oogjes en oogt gedrongen |
Knip de omtrek van de lijst uit papier of karton en plak hem met schilderstape op de wand. Schuif tot de hoogte klopt, teken de bovenrand af en tel daar de driehoekshoogte bij op: dat is de plek van de haak.
De vorm van de driehoek bepaalt de kracht op de oogjes
Hangt de ketting over een enkele haak, dan verdelen de twee benen van de driehoek het gewicht. Hoeveel elk been draagt hangt af van hoe steil het loopt, en dat verschil is groter dan het lijkt.
Lopen de benen bijna verticaal, dan draagt elk oogje ongeveer de helft van het gewicht. Bij een hoek van 30 graden met de horizontaal draagt elk oogje al het volle gewicht van de lijst, en bij een nog plattere driehoek meer dan dat. Die extra kracht trekt bovendien dwars, naar het midden toe, en wrikt een schroefoog zo langzaam uit zijn gat.
Maak de driehoek daarom minstens half zo hoog als de oogjes uit elkaar zitten. Bij oogjes op 40 cm afstand wordt de top dan minstens 20 cm hoog en lopen de benen onder 45 graden, waarmee elk oogje ruwweg zeven tiende van het gewicht draagt.
De oogjes zelf komen in het dikste deel van het lijstprofiel aan de achterkant, niet in de smalle bovenrand. Boor voor op ongeveer 70 procent van de schroefdikte, want vlak bij een hoek en in de kopse kant splijt het hout. In een MDF-lijst draai je een schroefoog maar één keer in, want bij een tweede keer indraaien sloopt de draad zijn eigen houvast.

Ophangen aan een schilderijlat, zonder gaten in de muur
In veel woningen van voor de oorlog loopt een houten lat langs de bovenkant van de wand, op deurhoogte of vlak onder het plafond. Die schilderijlat is gemaakt om aan te hangen: een S-haak over de lat, een ketting eraan, en de lijst hangt zonder dat er een gat in de muur komt.
Dat is ook nu de reden om hem te gebruiken. In een huurwoning verschuif je een lijst langs de lat zonder te plamuren of te sausen, en een wand van hard beton hoef je niet te lijf met een boor.
Hang de lijst aan twee kettingen naar twee haken, recht boven de oogjes. Twee evenwijdige kettingen houden de lijst recht, terwijl één lange driehoek naar één haak langs de lat schuift en scheef zakt.
De lat steekt een paar centimeter uit de wand, dus het ophangpunt ligt voor het vlak van de lijst en de bovenkant helt licht naar voren. Dat is geen gebrek: het glas kijkt iets naar de vloer en vangt daardoor minder spiegeling van ramen en lampen.
Wat de wand per bevestiging houdt
Weeg de lijst compleet, met glas, achterwand en ketting, op een keukenweegschaal. Glas van 2 mm weegt ongeveer 5 kilo per vierkante meter, dus een lijst van 50 bij 70 cm komt met profiel en achterwand al gauw op 2,5 tot 3 kilo.
De wand is bijna altijd de zwakste schakel, niet de ketting. In de tabel staan de gewichten die wij per punt aanhouden voor de twee wanden die je binnen het meest tegenkomt: gipsplaat en gestuukte steen.
Reken marge voor beweging. Een lijst aan een ketting slingert even na wanneer je hem aanstoot of wanneer een deur dichtslaat, en zo'n schok trekt kort veel harder aan de haak dan het stilhangende gewicht.
Twijfel je wat er in jouw wand blijft zitten, bepaal dan eerst het wandtype en het gewicht: de ophangwijzer geeft per wand en gewicht de passende bevestiging, van spijkerhaakje tot plug.
| Bevestiging | Op gipsplaat | Op gestuukte steen | Waar de grens zit |
|---|---|---|---|
| Plakstrip met klittenband | tot 1 kg | tot 1 kg | Het gewicht hangt aan de verflaag; op kalkverf, behang en spuitwerk laat die in één keer los |
| Spijkerhaakje | tot 2 kg | tot 2,5 kg | De schuine spijkertjes houden in gips, stuc en hout, maar buigen op beton en kalkzandsteen |
| X-haak met geharde nagel | tot 3 kg | tot 4 kg | De nagel klemt dwars door de stuclaag in de steen erachter; in hard beton buigt hij |
| Schroef in de houten regel | tot 15 kg | niet van toepassing | Alleen waar achter de plaat een regel zit, elke 40 tot 60 cm; zoek hem met een magneet |
| Nylon plug met schroef | houdt hier niets | tot 15 kg | Werkt alleen in massieve steen; zet de plug voorbij de stuclaag en boor niet in een voeg |
Het getal op de verpakking van een haak of plug komt uit een testopstelling, niet uit jouw muur. Houd de waarden uit de tabel aan en verdeel bij twijfel het gewicht over twee punten.
De fotoketting met knijpers voor losse prints
Een fotoketting is een fijne ketting of een koord tussen twee haakjes, met kleine knijpers waar prints, kaarten en briefjes aan hangen. De prints wegen een paar gram per stuk, dus het gewicht is hier nooit het probleem.
De spanning wel. Een strak gespannen ketting is dezelfde platte driehoek als bij de lijst: hoe strakker je hem trekt, hoe harder er aan de twee eindhaakjes wordt getrokken. Laat hem daarom bewust doorhangen, want een paar centimeter doorhang per meter haalt bijna alle trek van de haakjes af en leest losser.
Hang de strook op ooghoogte, met het midden rond 145 tot 160 cm, dan bekijk je de foto's zonder te bukken. Twee spijkerhaakjes of plakhaakjes zijn hier genoeg, want er hangt hooguit een paar honderd gram.
Gebruik kopieën en geen originelen op een zonnige wand. Daglicht bleekt een print zichtbaar uit, en anders dan in een lijst hangt de print hier onbeschermd in het licht.
De kleur van de ketting stem je af op de lijst
De ketting hangt in het zicht, dus zijn kleur doet mee. Messing kleurt bij gouden lijsten, warm hout en oudere interieurs, en wordt vanzelf donkerder met de jaren; poetsen of laten verkleuren is een keuze, geen onderhoudsplicht.
Zwart gecoat staal past bij zwarte aluminium en stalen lijsten en tekent grafisch af tegen een lichte wand. Blank verzinkt staal valt het minst op en verdwijnt tegen een witte muur bijna uit het beeld.
Voor de dikte geldt een smaakregel uit de interieurwereld, geen wet: een grove schakel bij een brede, zware lijst en een fijne schakel bij een smal profiel. Een dun kettinkje aan een brede baklijst oogt alsof het het werk maar net houdt, ook als het dat ruimschoots doet.
Wat er in de lijst komt bepaalt de rest van de keuze. Loop daarvoor de ideeën voor een schilderij aan de muur door, of kijk naar een kant-en-klaar schilderij van Bloomingville. Herhaal de kleur van de ketting daarna in ander metaal aan de wand, van lampen tot haken; dat soort keuzes staat bij de rest van de decoratie en verlichting.
Zo hangt de lijst in een half uur recht aan zijn ketting
Eerst wegen en rekenen, dan pas slaan of boren: die volgorde voorkomt een tweede gat.
-
Weeg de lijst compleet
Leg de lijst met glas, achterwand en inhoud op een keukenweegschaal en rond naar boven af. Dit getal bepaalt de ketting, de oogjes en de haak, dus zonder dit getal kies je alles op gevoel.
-
Bepaal wat voor wand je hebt
Tik met een knokkel op de wand: hol is gipsplaat of een voorzetwand, massief is steen of beton. Kies daarop de bevestiging uit de tabel hierboven, en bij twijfel de zwaardere van de twee.
-
Monteer de oogjes of D-ringen
Zet ze symmetrisch en op gelijke hoogte in het dikste deel van het profiel aan de achterkant, voorgeboord op 70 procent van de schroefdikte. Meet daarna de afstand tussen de oogjes, want daar reken je de driehoek mee uit.
-
Maak de ketting op lengte
Neem voor de driehoek een hoogte van minstens de helft van de afstand tussen de oogjes. Knip de ketting ruim af, want inkorten kan altijd nog en aanzetten niet.
-
Zet de haak op de berekende hoogte
Haakhoogte is hartlijn plus halve lijsthoogte plus driehoekshoogte: bij 145 cm hartlijn, een lijst van 70 cm en een driehoek van 25 cm komt de haak op 205 cm. Markeer met potlood en controleer de rekensom voordat je slaat of boort.
-
Hang de lijst en stel hem recht
Tel aan beide kanten de schakels tussen oogje en haak en leg de waterpas op de bovenrand. Trek na een week de oogjes en de haak nog een keer na, want dan heeft het gewicht zijn werk gedaan.
Maatwijzer
De hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Onderdeel | Wat | Maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|---|
| Zitten | Bank, zithoogte | 44 cm | 40 tot 48 cm | Meet tot de ingezakte zitting, niet tot het bolle kussen. Hoger kom je makkelijker op en af, lager zit je meer achterover. |
| Zitten | Bank, zitdiepte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Boven 70 cm hangen je voeten vrij en zit je gedwongen onderuit. Loungebanken gaan tot 100 cm en zijn bedoeld om op te liggen. |
| Zitten | Bank, totale hoogte met rugleuning | 80 cm | 75 tot 90 cm | Staat de bank voor een raam, dan blijft hij onder de vensterbank als hij niet hoger is dan 80 cm. |
| Zitten | Fauteuil, zithoogte | 45 cm | 42 tot 48 cm | Een paar centimeter hoger dan de bank scheelt bij het opstaan. Een lage lounge-fauteuil zakt naar 38 cm. |
| Zitten | Salontafel, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Vuistregel: gelijk aan of net onder de zithoogte van de bank. Dan zet je je kopje neer zonder voorover te buigen. |
| Zitten | Salontafel, afstand tot de bank | 40 cm | 35 tot 45 cm | Minder en je knieën stoten tegen de rand, meer en je moet opstaan om je glas te pakken. |
| Zitten | Bijzettafel naast de bank, hoogte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Gelijk met de armleuning, dan pak je je glas zonder te kijken. |
| Zitten | Poef of voetenbank, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Iets lager dan de zitting waar je op zit, anders drukt de rand in je kuiten. |
| Zitten | Doorloop tussen bank en meubel | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm loop je er met een volle wasmand langs. 60 cm is te krap om elkaar te passeren. |
| Zitten | Tv-meubel, hoogte | 45 cm | 40 tot 55 cm | Hierop komt het midden van een 55 inch scherm op ongeveer 80 cm. Wil je het midden op ooghoogte, dan hang je de tv aan de wand. |
| Eten en bar | Barblad, hoogte | 105 cm | 100 tot 110 cm | De barkruk moet 25 tot 30 cm lager zijn dan het blad. |
| Eten en bar | Barblad, diepte | 40 cm | 30 tot 60 cm | 40 cm is een bord plus een glas. Wil je er ook snijden of een laptop neerzetten, dan 60 cm. |
| Eten en bar | Barblad, overstek voor je knieën | 25 cm | 20 tot 30 cm | Zonder overstek zitten je knieën tegen het kastje. Boven 30 cm moet het blad onderstut worden, anders kantelt het als iemand erop leunt. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm | 78 cm | 75 tot 82 cm | Het verschil tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm, want daar passen je bovenbenen. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij aanrechthoogte (90 cm) | 63 cm | 60 tot 67 cm | Hetzelfde verschil van 25 tot 30 cm. Een gewone barkruk van 78 cm is hier te hoog en je zit met je knieën omhoog. |
| Eten en bar | Bar, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Met 60 cm stoot je je elleboog niet tegen je buurman. Onder 55 cm zit je schouder aan schouder. |
| Eten en bar | Eettafel, hoogte blad | 75 cm | 72 tot 78 cm | Vaste maat in de meubelbranche, geen norm. Een dik hardstenen of houten blad telt mee, dus meet de bovenkant. |
| Eten en bar | Eettafel, vrije hoogte onder het blad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Hier zitten je bovenbenen. Een dikke tafelrand, een schuiflade of een dwarsbalk eet die ruimte op. |
| Eten en bar | Eetstoel, zithoogte | 45 cm | 44 tot 47 cm | Het verschil met het tafelblad moet 28 tot 32 cm zijn. Bij een tafel van 78 cm hoort dus een stoel van 46 tot 48 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Een placemat is 45 cm breed, de rest is ruimte voor je ellebogen en je glas. Aan de kopse kant reken je een extra plek van 60 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, diepte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Bij 80 cm raken de borden tegenover elkaar bijna. Bij 90 cm past er een schaal of een kaars in het midden. |
| Eten en bar | Ronde eettafel, diameter | 120 cm voor 4 personen | 110 tot 150 cm | Reken 60 cm omtrek per persoon en houd het midden vrij voor de schalen. Vanaf 140 cm zitten er zes mensen omheen. |
| Eten en bar | Ruimte achter een eetstoel | 100 cm | 75 tot 110 cm | 75 cm om de stoel achteruit te schuiven en op te staan, 100 cm om er ook achterlangs te lopen met een schaal. |
| Aan de muur | Schilderij, hartlijn boven de vloer | 145 cm | 140 tot 155 cm | Vuistregel, geen norm: het midden van het werk op ooghoogte van iemand die staat. Hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig. |
| Aan de muur | Schilderij boven een bank, onderrand | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Lager en het lijkt of het werk op de bank leunt. Door de bank schuift de hartlijn omhoog naar 150 tot 165 cm, en dat mag hier. |
| Aan de muur | Schilderij boven een dressoir, onderrand | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Genoeg om er een lamp of een vaas voor te zetten zonder dat die de lijst raakt. |
| Aan de muur | Wandcollage, ruimte tussen de lijsten | 6 cm | 5 tot 8 cm | Gelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen. Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse lijstjes. |
| Aan de muur | Schilderij in een trapgat, hartlijn | 145 cm boven de neus van de trede | 140 tot 150 cm | Meet loodrecht boven de voorkant van de trede waar je staat. Dan loopt de rij lijsten mee met de trap in plaats van scheef te lijken. |
| Aan de muur | Spiegel in de hal, hartlijn | 155 cm | 150 tot 165 cm | De bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen, anders ziet die zijn kruin niet. |
| Aan de muur | Spiegel boven de wastafel, onderkant | 20 cm boven het blad | 15 tot 25 cm | Ruimte voor de kraan en een zeeppompje. Bij 20 cm kijk je nog recht in je gezicht in plaats van tegen je hals. |
| Aan de muur | Wandklok, hartlijn | 180 cm | 170 tot 200 cm | Boven ooghoogte en boven de meubels, zodat je hem van de andere kant van de kamer ziet en er niemand voor staat. |
| Aan de muur | Tv, midden van het scherm | 105 cm | 100 tot 115 cm | Op ooghoogte als je op de bank zit: bij een zitting van 44 cm zit je oog op ongeveer 115 cm. Boven een schouw kijk je omhoog en dat voel je na een film in je nek. |
| Aan de muur | Tv, kijkafstand | 2 keer de schermdiagonaal | 1,5 tot 2,5 keer | Een 55 inch scherm is 140 cm diagonaal, dus 2 tot 3,5 m. Bij 4K mag je dichterbij zitten omdat je de pixels niet meer ziet. |
| Aan de muur | Stopcontact, hart boven de vloer | 30 cm | 25 tot 35 cm | Gewoonte, geen norm: NEN 1010 schrijft geen hoogte voor, alleen de zones in de badkamer. Achter een dressoir zet je hem net zo goed op 15 cm, boven een werkblad juist hoog. |
| Aan de muur | Schakelaar, hart boven de vloer | 105 cm | 90 tot 110 cm | Ook een gewoonte. 105 cm is de oude Nederlandse standaard: je vindt hem in het donker met je hand op heuphoogte. Voor kinderen en vanuit een rolstoel werkt 90 tot 100 cm beter. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, onderkant | 80 cm boven het blad | 75 tot 90 cm | Laag genoeg om het blad te verlichten, hoog genoeg om iemand tegenover je aan te kijken. Bij een plafond boven 280 cm mag hij iets hoger. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, breedte | 30 cm binnen de rand van het blad | 30 tot 40 cm binnen de rand | Anders stoot je je hoofd als je langs de tafel loopt of een stoel aanschuift. |
| Licht | Hanglamp boven een kookeiland, onderkant | 75 cm boven het blad | 70 tot 85 cm | Boven een blad van 90 cm kom je dan op 165 cm, ongeveer ooghoogte. Kies dus een kap die de lamp van onderaf afschermt. Bij twee of drie lampen reken je 70 tot 90 cm hart op hart. |
| Licht | Hanglamp in de hal of boven de trap, onderkant | 210 cm boven de vloer | 200 tot 230 cm | Vrije doorloop, niemand stoot zijn hoofd. Boven een trap meet je vanaf de hoogste trede die onder de lamp ligt. |
| Licht | Wandlamp, hart | 160 cm | 150 tot 170 cm | Ooghoogte. Schijnt de lamp opzij of omhoog, dan mag hij lager hangen. In een open lamp op ooghoogte kijk je recht in de bron. |
| Licht | Leeslamp naast een stoel, onderkant van de kap | 110 cm | 100 tot 125 cm | Net boven je schouder als je zit, dan valt het licht op de pagina en niet in je ogen. |
| Licht | Vloerlamp naast de bank, onderkant van de kap | 140 cm | 130 tot 150 cm | Je hoofd zit op de bank op ongeveer 130 cm. Blijft de kap daarboven, dan kijk je niet in het lampje. |
| Licht | Bedlamp aan de wand, hart | 65 cm boven de matras | 55 tot 75 cm | Op zithoogte in bed, zodat het licht op je boek valt. Meet vanaf de matras en niet vanaf de vloer, want een boxspring scheelt 20 cm. |
| Licht | Spiegellamp badkamer, twee lampen naast de spiegel | 160 cm hart | 155 tot 170 cm | Licht van de zijkant geeft geen schaduw onder je ogen en je kin. Een enkele lamp boven de spiegel doet dat wel. |
| Licht | Inbouwspot, afstand tot de wand | 70 cm | 60 tot 90 cm | Dichterbij krijg je een felle boog op het stucwerk, verder weg blijft de wand donker. Onderling 100 tot 150 cm, afhankelijk van de stralingshoek. |
| Licht | Buitenlamp naast de voordeur, hart | 190 cm | 170 tot 210 cm | Boven je hoofd, zodat je niet in de lamp kijkt terwijl je het slot zoekt. Op ooghoogte ben je juist blind. |
| Keuken | Aanrecht, hoogte bovenkant blad | 90 cm | 85 tot 95 cm | De Nederlandse standaard: onderkast, verstelbare poten en een blad van 3 tot 4 cm samen. Vuistregel: ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, dus ben je langer dan 1,85 m, draai de poten dan uit. |
| Keuken | Werkblad, diepte | 60 cm | 57 tot 65 cm | Kookplaten en spoelbakken zijn op 60 cm gemaakt. Een diep blad van 70 cm geeft ruimte achter de kookplaat, maar je reikt verder naar de bovenkastjes. |
| Keuken | Bovenkastjes, onderkant boven het werkblad | 55 cm | 50 tot 60 cm | Onder 50 cm past je keukenmachine er niet onder en sta je met je hoofd tegen de deur. Boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap. |
| Keuken | Bovenkastjes, diepte | 35 cm | 32 tot 40 cm | Ondieper dan het werkblad, zodat je er niet tegenaan stoot als je over het blad buigt om te snijden. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaskookplaat, onderkant | 70 cm | 65 tot 75 cm | De vlam en de hete lucht moeten weg kunnen: onder 65 cm boven de pannendrager wordt het vetfilter te heet. Houd altijd de minimummaat uit de handleiding aan, dat is een eis van de fabrikant. |
| Keuken | Afzuigkap boven inductie, onderkant | 60 cm | 55 tot 65 cm | Geen vlam, dus hij mag lager, en lager hangen vangt meer damp. Ook hier is de handleiding leidend, want die maat hoort bij het apparaat. |
| Keuken | Kookeiland, loopruimte rondom | 120 cm | 100 tot 150 cm | Bij 100 cm kun je de vaatwasser openen en er nog langs. Bij 120 cm passeren twee mensen elkaar terwijl er een lade open staat. |
| Keuken | Twee keukenrijen tegenover elkaar, afstand | 120 cm | 110 tot 140 cm | Een ovendeur en een lade die tegenover elkaar open staan hebben allebei ongeveer 60 cm nodig. |
| Keuken | Oven op werkhoogte, bodem van de ovenruimte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Je tilt een hete bakplaat er recht uit in plaats van gebogen. Boven 100 cm til je een schaal boven je middel en zie je niet meer wat erin staat. |
| Keuken | Vaatwasser, nismaat | 60 cm breed, 82 cm hoog | 60 tot 60,5 cm breed | Een onderbouwmodel schuift onder een blad van 90 cm. Een vrijstaand model heeft zijn eigen bovenblad en is ongeveer 85 cm hoog. |
| Keuken | Inbouwkoelkast, nishoogte | 88, 122 of 178 cm | vaste maten per model | De kast volgt de nismaat, dus meet de nis en niet het apparaat. Achter en boven het apparaat moet ventilatieruimte vrij blijven. |
| Keuken | Stopcontact boven het werkblad, hart | 115 cm | 110 tot 120 cm | Dat is 20 tot 30 cm boven het blad, dus vrij van spetters en niet weggewerkt achter de waterkoker. Houd minstens 30 cm afstand tot de spoelbak. |
| Keuken | Keukenplint, hoogte | 10 cm | 10 tot 15 cm | De poten zijn verstelbaar en met de plint stel je de aanrechthoogte fijn in. De plint staat 5 cm terug, zodat je met je tenen onder het kastje kunt. |
| Trap, hal en deur | Trapleuning, hoogte | 90 cm | 80 tot 100 cm (norm) | Norm: het Bouwbesluit, sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving, eist een leuning tussen 80 en 100 cm, gemeten vanaf de voorkant van de trede. Een leuning is verplicht als je over de trap meer dan 1 m stijgt. |
| Trap, hal en deur | Optrede, hoogte van een trede | maximaal 18,8 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw tot 22 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl, voor een woning. Oude trappen zijn vaak 20 tot 21 cm en dat mag blijven zolang je de trap niet vernieuwt. |
| Trap, hal en deur | Aantrede, diepte van een trede | minimaal 22 cm bij nieuwbouw | 22 cm is de ondergrens (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Bij een draaiende trap geldt die maat op de looplijn, dus in de punt van een kwartdraai mag de trede smaller zijn. |
| Trap, hal en deur | Trap, vuistregel voor comfortabel lopen | 2 x optrede + aantrede = 60 cm | 58 tot 64 cm | Geen norm maar een oude vuistregel. 17 op en 26 aan loopt rustig (60), 20 op en 22 aan is een gewone Nederlandse trap (62). Daarbuiten struikel je op de maat. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije breedte | 80 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 70 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Onder 80 cm krijg je een matras of een bank niet naar boven. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije hoogte erboven | 230 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 190 cm (norm) | Norm, gemeten loodrecht boven de voorkant van de trede. Bij een dichtgezette zoldertrap is dit de maat waar je tegen de balk loopt. |
| Trap, hal en deur | Vloerafscheiding langs een trapgat of vide | 100 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 90 cm (norm) | Norm: verplicht zodra het verval meer dan 1 m is. Openingen mogen niet groter zijn dan 10 cm en tussen 20 en 70 cm boven de vloer mag er niets zijn waar een kind op kan klimmen. |
| Trap, hal en deur | Binnendeur, dagmaat van het kozijn | 83 x 201,5 cm | 78, 83, 88 of 93 cm breed; 201,5, 211,5 of 231,5 cm hoog | Industriestandaard, geen norm. Na montage houd je ongeveer 3 cm minder vrije doorgang over, dus voor een rolstoel of rollator kies je een blad van 93 cm. |
| Trap, hal en deur | Deurkruk, hoogte | 100 cm | 95 tot 105 cm | Gewoonte: het slot zit in een standaardkozijn op die hoogte. Verplaatsen kan alleen als je het slotgat in het blad meeverhuist. |
| Trap, hal en deur | Kapstok, hoogte van de haken | 170 cm | 160 tot 180 cm | Een lange jas hangt ongeveer 100 cm af, dus op 170 cm blijft hij vrij van de vloer. Een kinderkapstok komt op 110 tot 120 cm. |
| Trap, hal en deur | Hal, vrije loopruimte | 100 cm | 90 tot 120 cm | Onder 90 cm kun je niet met twee mensen langs elkaar en past er geen kinderwagen naast de kapstok. |
| Trap, hal en deur | Drempel, hoogte | maximaal 2 cm | 0 tot 2 cm | Boven 2 cm struikel je eroverheen en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling over. Een schuine aanloop haalt de rand eraf. |
| Slapen | Bed, bovenkant matras | 55 cm | 45 tot 65 cm | Zit je op de rand met je voeten plat op de vloer en je knieën in een hoek van 90 graden, dan is de hoogte goed. Een boxspring komt vaak op 60 tot 65 cm, een laag frame op 45. |
| Slapen | Matras, standaardmaten | 140 x 200 cm | 80, 90, 120, 140, 160 of 180 cm breed; 200 of 210 cm lang | Ben je langer dan 1,90 m, neem dan 210 cm. Twee losse matrassen van 90 x 210 vullen samen een bed van 180 x 210. |
| Slapen | Nachtkast, hoogte bovenblad | 60 cm | 55 tot 70 cm | Gelijk met of iets boven de matras, dan zet je liggend je glas neer zonder te kijken. Bij een boxspring van 65 cm hoort dus een hoge nachtkast. |
| Slapen | Loopruimte naast het bed | 70 cm | 60 tot 90 cm | 60 cm is genoeg om langs te lopen, 70 cm om het bed op te maken zonder tegen de kast te stoten. |
| Slapen | Kledingroede voor lange kleding | 160 cm | 150 tot 170 cm | Een jas of lange jurk hangt 120 tot 140 cm af, dus eronder blijft nog ruimte voor een lade of een schoenenbak. |
| Slapen | Kledingroede voor korte kleding | 100 cm | 95 tot 110 cm | Hemden en dubbelgevouwen broeken hangen 70 tot 90 cm af. Met twee roedes boven elkaar, op 100 en 195 cm, verdubbel je de hangruimte. |
| Slapen | Kast, diepte voor hangende kleding | 60 cm | 55 tot 65 cm | Een hanger is 45 cm breed en met 60 cm diepte sluit de deur zonder dat de mouwen klem zitten. Is de kast ondieper dan 55 cm, zet de roede dan in de lengte. |
| Slapen | Kast, legborddiepte voor truien en broeken | 40 cm | 35 tot 45 cm | Een opgevouwen trui is ongeveer 30 cm breed. Met 40 cm valt de stapel niet naar voren als je de deur opent. |
| Slapen | Kast, hoogste bruikbare schap | 200 cm | 190 tot 210 cm | Verder reik je niet zonder trapje. Wat boven 210 cm staat, is opslag voor koffers die je twee keer per jaar pakt. |
| Slapen | Hoogslaper, vrije hoogte boven de matras | 100 cm | 90 tot 110 cm | Genoeg om rechtop in bed te zitten. Meet van de bovenkant van de matras tot het plafond, niet tot de bodem van het bed. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, hoogte boven het kozijn | 12 cm | 10 tot 15 cm | Boven het kozijn laat het raam groter lijken en houdt de rail het gordijn uit het glas. Zit het plafond dichtbij, monteer de rail dan 5 tot 10 cm onder het plafond of direct tegen het plafond. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, uitloop naast het kozijn | 20 cm per zijde | 15 tot 25 cm | Daar staat het opzij geschoven gordijn geparkeerd, zodat het niet voor het glas blijft hangen en je het daglicht niet inlevert. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vloer | 1 cm boven de vloer | 0 tot 2 cm | Net vrij van de vloer: het sleept niet en hangt toch recht. Wil je het gordijn op de vloer laten vallen, maak het dan 5 tot 10 cm langer dan de maat tot de vloer. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vensterbank | 2 cm boven de bank | 1 tot 3 cm | Vrij van de bank, zodat het gordijn niet omkrult op de plank en de warmte van de radiator eronder langs kan. |
| Raam en gordijn | Gordijn, stofbreedte | 2 keer de railbreedte | 1,5 tot 2,5 keer | Bij 1,5 keer hangt de stof vlak, bij 2,5 keer krijg je volle plooien. Een wave-rail vraagt 2 tot 2,5 keer, anders staat de golf niet. |
| Raam en gordijn | Rolgordijn of plissé in de dag, speling | 0,5 cm per zijde | 0,3 tot 1 cm | Meet de dagmaat op drie hoogtes en neem de kleinste maat, want een kozijn staat zelden haaks. |
| Raam en gordijn | Vitrage, afstand tot het glas | 5 cm | 3 tot 10 cm | Tegen koud glas wordt de stof vochtig en krijg je vlekken. Verder naar binnen botst hij op de vensterbank of de raamkruk. |
| Raam en gordijn | Vensterbank binnen, diepte | 20 cm | 15 tot 30 cm | Volgt de dikte van de muur plus een overstek van 2 tot 3 cm. Vanaf 20 cm staat een plant er stabiel op. |
| Raam en gordijn | Vensterbank buiten, overstek | 4 cm | 3 tot 5 cm | Met een waterhol aan de onderkant. Zonder dat overstek loopt regenwater terug over de gevel en krijg je vuilstrepen onder het raam. |
| Raam en gordijn | Radiator onder het raam, onderkant | 12 cm boven de vloer | 10 tot 15 cm | Er moet lucht onderlangs kunnen, daar begint de convectie. Houd ook 3 tot 5 cm tussen radiator en wand en 10 cm vrij onder de vensterbank. |
| Werken | Bureau, hoogte blad zittend | 74 cm | 72 tot 76 cm | Je onderarmen liggen horizontaal op het blad en je schouders blijven laag. Kun je het blad niet verstellen, zet dan de stoel hoger en je voeten op een steun. |
| Werken | Zit-stabureau, stahoogte | 105 cm | 95 tot 120 cm | Ellebooghoogte staand. Vuistregel: je lichaamslengte min 75 cm, dus bij 1,80 m kom je op 105 cm. |
| Werken | Bureaustoel, zithoogte | 45 cm | 40 tot 52 cm | Voeten plat op de vloer, knieën iets lager dan je heupen. De gasveer van een bureaustoel dekt dat bereik zelf. |
| Werken | Vrije hoogte onder het bureaublad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Je bovenbenen moeten eronder passen, ook met een lade of een kabelgoot. Houd daarnaast 60 cm breed en 60 cm diep beenruimte vrij. |
| Werken | Bureaublad, diepte | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm staat het scherm op armlengte, 50 tot 80 cm van je ogen, en ligt je toetsenbord er nog voor. |
| Werken | Beeldscherm, bovenrand | op ooghoogte of iets lager | 110 tot 125 cm boven de vloer | Je kijkt dan licht naar beneden en dat is de rustpositie van je ogen. Een laptop op het blad zit ongeveer 20 cm te laag, dus zet hem op een standaard met een los toetsenbord. |
| Werken | Toetsenbord, afstand tot de bladrand | 10 cm | 8 tot 15 cm | Daar rusten je handpalmen. Zonder die strook hangen je armen in de lucht en trekt het in je schouders. |
| Werken | Wandplank boven het bureau, onderkant | 45 cm boven het blad | 40 tot 60 cm | Een A4-ordner is 32 cm hoog, dus die past er nog onder, en je stoot je hoofd niet als je opstaat. |
| Werken | Boekenschap, diepte | 25 cm | 20 tot 30 cm | Een pocket is 12 cm diep, een gebonden boek 16 tot 20 cm. Bij 25 cm staan ze allemaal binnen de rand. |
| Werken | Boekenschap, overspanning zonder steun | 80 cm | 70 tot 90 cm | Boeken wegen al snel 25 kg per meter schap. Bij 18 mm plaatmateriaal blijf je onder 80 cm, anders zakt het schap zichtbaar door. |
| Keuken | Schap voor borden, diepte | 32 cm | 30 tot 35 cm | Een plat bord is 26 tot 28 cm in doorsnee. Met 32 cm houd je een vinger ruimte om de stapel te pakken zonder te schuiven. |
| Badkamer | Wastafel, bovenkant | 85 cm | 80 tot 95 cm | Vuistregel: heuphoogte, dan buig je niet voorover om je handen te wassen. Gebruiken kinderen de wastafel, dan is 80 cm prettiger. |
| Badkamer | Opzetkom, hoogte van het meubel | 75 cm | 70 tot 80 cm | Tel de kom van 10 tot 15 cm erbij op, dan komt de bovenrand op 85 tot 95 cm. Vergeet die optelsom en je wast je handen op keukenhoogte. |
| Badkamer | Handdoekhaak naast de wastafel | 140 cm | 120 tot 160 cm | Binnen handbereik met natte handen, dus naast de wastafel en niet aan de andere kant van de ruimte. |
| Badkamer | Handdoekradiator, onderkant | 20 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Daar zitten de aansluitingen en je kunt eronder dweilen. Hang de bovenkant niet hoger dan 180 cm, anders kom je niet bij de handdoek. Een smalle handdoekradiator geeft weinig vermogen, dus reken hem niet als enige verwarming. |
| Badkamer | Douchekraan, hart | 100 cm | 95 tot 110 cm | Heuphoogte, zodat je de kraan kunt bedienen zonder onder de koude straal te gaan staan. |
| Badkamer | Badkraan, hart | 65 cm | 60 tot 75 cm | Ongeveer 20 cm boven de badrand, dan kun je bijmengen terwijl je in bad zit. |
| Badkamer | Regendouchekop | 210 cm | 200 tot 225 cm | Minstens 20 cm boven het hoofd van de langste gebruiker, want je staat er recht onder. Bij een schuin dak meet je op het punt waar je echt staat. |
| Badkamer | Handdouche aan een glijstang, bovenste stand | 190 cm | 180 tot 200 cm | De stang is 60 tot 90 cm lang, dus de onderste stand komt rond 110 cm. Daarmee spoel je het bad, een kind of de hond af. |
| Badkamer | Toilet, zithoogte | 40 cm | 38 tot 48 cm | Standaard is 40 cm. Een verhoogd toilet van 45 tot 48 cm zit op stoelhoogte en daar sta je makkelijker van op. Bij een hangend toilet bepaal je de hoogte zelf met het inbouwframe. |
| Badkamer | Toilet, vrije ruimte voor de pot | 60 cm | 55 tot 70 cm | Daar staan je knieën en voeten. Zijwaarts wil je 80 cm breedte, anders zit je met je schouder tegen de muur. |
| Badkamer | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 75 cm hoog; 20 tot 30 cm voor de voorkant van de pot | Zittend pak je de rol zo zonder te draaien. Hang je hem naast of achter je, dan verdraai je je rug elke keer. |
| Badkamer | Fonteintje in het toilet, bovenkant | 85 cm | 80 tot 90 cm | Dezelfde hoogte als een wastafel. Let op de draairichting van de deur, want een fonteintje van 40 cm breed vraagt een vrije hoek. |
| Badkamer | Stopcontact in de badkamer | buiten 60 cm van bad of douche | norm, geen gewoonte | NEN 1010 verdeelt de badkamer in zones: binnen 60 cm van de rand van een bad of douche mag geen wandcontactdoos. Alle wandcontactdozen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Nalopen voordat je de haak in de wand zet
Uit de praktijk
De lijst zakt om de paar dagen scheef
Hangt de lijst met één doorlopende ketting los over één haak, dan werkt die haak als een katrol. Elke trilling, een dichtslaande deur of een zware bus voor de deur, laat de schakels een fractie doorschuiven naar de zwaarste kant, en na een week hangt de lijst zichtbaar scheef.
Recht blijft hij op twee manieren: steek de haak door één vaste schakel in plaats van de ketting eroverheen te laten lopen, of gebruik twee haken op 10 tot 20 cm afstand met elk een eigen kettingdeel. Aan een schilderijlat doen twee evenwijdige kettingen hetzelfde werk.
Het schroefoog kruipt millimeter voor millimeter uit de lijst
Een lijst die elke maand een fractie lager hangt, met fijn poeder op het profiel onder het oogje, is zijn schroefoog aan het verliezen. De oorzaak is bijna altijd een platte kettingdriehoek in een smalle bovenrand van MDF of zacht grenen: de dwarskracht wrikt het oogje heen en weer en het gat wordt bij elke beweging iets ruimer.
Draai het oogje niet opnieuw in hetzelfde gat, want de draad heeft daar niets meer om in te grijpen. Zet een D-ring op het vlakke deel van de achterkant, boor voor, en maak de driehoek hoger zodat de dwarskracht grotendeels verdwijnt.
Veelgemaakte fouten
De haak op ooghoogte in plaats van boven de driehoek
De hartlijn van 145 cm geldt voor het midden van het beeld, niet voor de haak. Wie de haak op ooghoogte slaat, ziet de lijst een halve meter te laag eindigen, want de halve lijsthoogte en de hele driehoek komen er nog bovenop.
Reken de haakhoogte dus eerst uit. Bij een lijst van 70 cm en een driehoek van 25 cm zit de haak op 205 cm, ruim boven ooghoogte.
Een bolletjesketting aan een lijst met glas
Een bolletjesketting oogt industrieel, maar zijn sterkte zit in het klemhuisje dat de uiteinden verbindt, en dat huisje laat zonder waarschuwing los. Aan een lijst met glas hangt al snel twee tot drie kilo, en dat is daarvoor te veel.
Gebruik de bolletjesketting voor een licht lijstje zonder glas of voor kaarten, en pak voor al het andere een gedraaide of gelaste schakel.
Schroefogen zonder voorboren in de smalle bovenrand
De bovenrand van een lijst is kops hout van vaak maar één tot twee centimeter breed. Een schroefoog dat daar zonder voorboren in gaat, splijt het profiel, en in kops hout houdt een schroef ongeveer de helft van wat hij in de lengterichting houdt.
Boor voor op 70 procent van de schroefdikte en zet het oog in het dikkere deel van de achterkant. Bij een D-ring staat de kracht dwars op de schroef in plaats van eraan te trekken, en dwars houdt een schroef veel meer.
De ketting precies op maat kopen
Een ketting die exact de berekende lengte heeft, laat niets te stellen over: hangt de lijst een paar centimeter te laag, dan moet er een nieuw gat komen. Koop 10 tot 20 cm extra en verhang de ketting een schakel tot de hartlijn klopt.
Inkorten is daarna een minuut werk met een kniptang, en een S-haakje maakt van elke schakel een nieuw eindpunt.
Een plakhaakje voor een lijst die kan slingeren
Een plakstrip of plakhaakje houdt op een gesausde wand ongeveer een kilo, en dat gewicht hangt niet aan de lijm maar aan de verflaag eronder. Een lijst aan een ketting beweegt bij elke aanraking, en die schok trekt kort veel harder dan het stilhangende gewicht.
Op kalkverf, behang en spuitwerk laat de laag zelf los. Gebruik plakwerk alleen voor de lichte fotoketting met knijpers, en sla voor een echte lijst een haakje in de wand.
Een geknipte ketting in een vochtige ruimte hangen
Op de plek waar je een verzinkte of gecoate ketting doorknipt, is de beschermlaag weg en ligt het blanke staal open. In een badkamer of boven het aanrecht begint daar roest, en die loopt via de schakels omlaag tot er strepen op de wand of het passe-partout staan.
Kies in vochtige ruimtes een ketting van roestvast staal of messing, want die roesten niet op het knipvlak.
Veelgestelde vragen
Hoe hang je een fotolijst met ketting op?
Monteer twee oogjes of D-ringen op de achterkant, maak daar een ketting aan vast met een driehoek die minstens half zo hoog is als de oogjes uit elkaar zitten, en hang die over een haak die bij de wand en het gewicht past.
De haak komt op de hartlijn van 145 cm plus de halve lijsthoogte plus de driehoekshoogte. Weeg de lijst vooraf, want daar hangt de keuze van de haak van af.
Hoe hoog hang je een fotolijst met ketting?
Houd voor het midden van het beeld de gewone hartlijn van 145 cm aan. Boven een bank of een dressoir komt de onderrand 20 tot 30 cm boven de leuning of het blad, waardoor de hartlijn iets omhoog schuift.
De ketting telt daar bovenop: de haak zit op de bovenrand van de lijst plus de driehoekshoogte. In de maatwijzer met alle ophanghoogtes zoek je de maten per plek op.
Hoeveel ketting heb je nodig boven de lijst?
Voor een driehoek over één haak reken je met de twee benen samen: bij oogjes op 40 cm afstand en een driehoekshoogte van 20 tot 25 cm komt dat op ongeveer 60 tot 65 cm ketting. Koop 10 tot 20 cm extra als stelruimte.
Voor twee verticale kettingen naar een schilderijlat meet je de afstand van oogje tot lat en telt er per kant een stuk bij voor het afhangen aan de S-haak.
Welke ketting heb je nodig voor een zware lijst of een spiegel?
Een gelaste schakelketting, want daarvan gaan de schakels niet open staan. De ketting is dan zelden de grens: het schroefoog in de lijst en de haak in de wand bezwijken eerder, dus kies daar D-ringen en een geboorde bevestiging.
Boven een kilo of vier hoort het gewicht niet meer aan een spijkerhaakje of X-haak, maar aan een schroef in de regel of een plug in de steen.
Hoe maak je de ketting aan de fotolijst vast?
Met twee schroefogen of D-ringen aan de achterkant, symmetrisch en op gelijke hoogte, in het dikste deel van het profiel. Boor voor op ongeveer 70 procent van de schroefdikte, zeker in een smalle lijst of in MDF.
De ketting zelf zet je vast met een S-haakje, of door de laatste schakel met twee tangen open te buigen, om het oog te leggen en weer dicht te knijpen.
Kun je een fotolijst met ketting ophangen zonder te boren?
Tot een kilo of twee wel: een spijkerhaakje houdt in gipsplaat ongeveer 2 kilo en in stucwerk 2,5 kilo, een X-haak met geharde nagel 3 tot 4 kilo. Beide maken maar een spijkergaatje dat je met een likje verf wegwerkt.
Hangt er een schilderijlat in de kamer, dan boor je niets: een S-haak over de lat draagt de ketting. Plakstrips zijn alleen genoeg voor de lichte fotoketting met knijpers.
Hoe voorkom je dat de lijst steeds scheef zakt?
Laat de ketting niet los over de haak lopen, want dan schuift hij bij elke trilling een fractie door. Steek de haak door één schakel, of hang de lijst aan twee haken op 10 tot 20 cm afstand.
Tel bij het stellen aan beide kanten de schakels tussen oogje en haak en leg de waterpas op de bovenrand. Een gelijk aantal schakels houdt de lijst ook recht na het afstoffen.
Hoe kort je een ketting in?
Fijn en gedraaid kettingwerk knip je met een kniptang, of je buigt een schakel met twee tangen open en haalt het overtollige stuk eruit. Een gelaste ketting vraagt een boutensnijder; laat die anders op maat knippen waar je hem koopt.
Knip aan de bovenkant bij de haak, dan blijft het nette fabrieksuiteinde onderaan in het zicht hangen.
Hoe zwaar is een fotolijst met glas eigenlijk?
Het glas is de hoofdmoot: floatglas van 2 mm weegt ongeveer 5 kilo per vierkante meter. Een lijst van 30 bij 40 cm blijft daarmee rond een kilo, een lijst van 50 bij 70 cm komt met glas, achterwand en profiel op 2,5 tot 3 kilo.
Weeg bij twijfel na op de keukenweegschaal, want het verschil tussen 2 en 4 kilo is precies het verschil tussen een spijkerhaakje en een geboorde bevestiging.
Wat hang je aan een fotoketting met knijpers?
Losse prints, ansichtkaarten, kindertekeningen en instantfoto's, alles van een paar gram waar geen lijst omheen hoeft. Laat de ketting een paar centimeter per meter doorhangen, dan staat er nauwelijks trek op de eindhaakjes en hangt de rij losjes.
Hang originelen niet in direct zonlicht, want een onbeschermde print bleekt zichtbaar uit. Een herdruk of kopie is zo gemaakt en het origineel blijft in de doos goed.
Welke kleur ketting past bij welke lijst?
Messing bij goud, warm hout en klassieke lijsten, zwart gecoat staal bij zwarte en donkere lijsten, blank verzinkt of roestvast staal bij aluminium en een lichte wand. De ketting trekt het meest bij als hij het metaal van de lijst of ander beslag in de kamer herhaalt.
Dat is een smaakregel, geen wet: een bewust afwijkende ketting kan het beeld juist maken, zolang de rest van de wand rustig blijft.
Past een ketting ook op een modern ophangsysteem met rails?
Een moderne klikrail onder het plafond werkt met perlon- of staaldraden en verstelbare schuifhaken, en daar past geen ketting in. De klassieke houten schilderijlat neemt wel een S-haak met ketting, en dat blijft de manier om een zichtbare ketting te combineren met verplaatsbaar ophangen.
Aan de wand zelf is de wandhaak met driehoek de eenvoudigste vorm: één haak, één ketting, en schakel voor schakel te stellen.