Spiegels: plek, maat en ophangen
Een spiegel maakt een kamer niet lichter door licht toe te voegen, maar door het raam nog een keer te laten zien. Daarom hangt hij in de woonkamer het best op een zijwand haaks op het raam en niet er recht tegenover. Boven een dressoir werkt twee derde van de meubelbreedte met de onderrand 20 tot 30 cm boven het blad, in de hal een hartlijn van 155 cm en boven de wastafel een onderrand 20 cm boven het blad. Glas weegt 2,5 kg per vierkante meter per millimeter dikte, dus een passpiegel van 80 bij 180 cm in 5 mm weegt 18 kg, en dat gewicht bepaalt samen met je wand de spiegelophanging.
Alle gidsen over spiegels
Slimspiegel correct installeren
Een slimspiegel installeer je in deze volgorde: eerst het gewicht en het wandtype bepalen, dan het stroompunt en het netwerkbereik…
Spiegel schoonmaken
Een spiegel maak je streeploos schoon met twee doeken: een licht vochtige die het vuil losmaakt en een kurkdroge die…
Hoe hang je een spiegel op
Een spiegel hang je op met vijf beslissingen voordat je boort: hoeveel hij weegt, waaraan hij hangt, wat je wand…
Wat een spiegel in jouw ruimte moet doen
Een spiegel koop je voor een van vier dingen: jezelf zien, daglicht verder de kamer in brengen, een ruimte breder laten lijken, of een wandvlak boven een meubel vullen. Die functie bepaalt de maat, de hoogte en de wand, en pas daarna kies je een lijst.
Wie die volgorde omdraait, hangt een mooie spiegel op een plek waar hij het plafond laat zien of de middagzon in je gezicht kaatst. Een spiegel hoort bij de grote vlakken aan de wand, en hoe die zich verhouden tot lampen, lijsten en losse objecten staat bij decoratie en licht als laatste laag van een interieur.
Eén functie valt buiten dit rijtje: een spiegel met verlichting, verwarming of een scherm erin. Dat is in de badkamer eerder een installatievraag dan een decoratievraag, en de volgorde daarvoor staat bij een spiegel met licht en verwarming installeren.
Herken je je vraag in een rij van de tabel, dan weet je meteen welke maat en welke plek erbij horen. De rechterkolom is waar het in de praktijk het vaakst op stukloopt.
| Wat de spiegel moet doen | Waar | Soort en maat die werkt | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Jezelf van top tot teen zien | Slaapkamer, hal, binnenkant van een kastdeur | Passpiegel van de halve lichaamslengte, 40 tot 60 cm breed | Een spiegel die te hoog begint, laat je voeten weg |
| Je gezicht en je jas zien bij het vertrekken | Hal en entree | 50 tot 60 cm hoog, met het midden op 155 cm | Een bovenrand die onder de kruin van de langste huisgenoot blijft |
| Scheren, opmaken en lenzen indoen | Badkamer en toilet | Onderrand 20 cm boven het blad, lampen ernaast op 160 cm | Eén lamp boven de spiegel legt schaduw onder je ogen en je kin |
| Daglicht dieper de kamer in brengen | Woonkamer, doorzonkamer, donkere eethoek | Eén groot vlak op een zijwand, haaks op het raam | Recht tegenover het raam kaatst hij vooral lucht en zon terug |
| Een smalle ruimte breder laten lijken | Smalle hal, gang, smalle woonkamer | Een brede liggende spiegel op de lange wand | Op de korte wand wordt de ruimte juist nog langer |
| Een wandvlak boven een meubel invullen | Boven dressoir, bank of schouw | Twee derde van de meubelbreedte, 20 tot 30 cm boven het blad | Een spiegel die de wandbreedte volgt, hangt los van het meubel eronder |
| Licht, verwarming of een scherm in het glas | Badkamer | Slimspiegel of spiegel met verlichting | Het stroompunt achter het glas en het gewicht van de achterbak |
Wat een spiegel met licht en diepte doet
Een spiegel maakt geen licht. Hij stuurt het licht dat erop valt in één richting terug, onder dezelfde hoek als waaronder het binnenkwam, terwijl een witte muur hetzelfde licht naar alle kanten verstrooit.
Een gewone zilverspiegel kaatst rond negentig procent van het licht terug, maar alleen naar de plek die tegenover de invalshoek ligt. Dat verklaart waarom een spiegel een kamer soms merkbaar lichter maakt en soms niets doet.
Het effect zit vooral in wat je erin ziet. Toont de spiegel vanaf je zitplek het raam en de tuin, dan leest je hoofd een tweede raam in de wand; toont hij een kast of de gang, dan is hij voor het licht gewoon een glanzend vlak.
Met diepte werkt het net zo. Het spiegelbeeld ligt even ver achter het glas als het voorwerp ervoor staat, dus een spiegel voegt ruimte toe haaks op zijn eigen vlak. Op de lange wand van een smalle kamer lijkt die kamer breder, op de korte wand lijkt hij langer, en in een pijpenla is dat precies de verkeerde kant op.
Wat je in een spiegel ziet, hangt af van waar jij staat. Kijk je er recht op, dan zie je jezelf; kijk je schuin, dan zie je wat onder dezelfde hoek aan de andere kant staat. Hangt de onderrand boven je ooghoogte, dan zie je jezelf niet meer maar de bovenste strook van de wand achter je en het plafond.
Beoordeel een plek daarom niet vanaf de wand, maar vanaf de drie of vier plekken waar mensen staan of zitten: de deur, de bank en de eettafel.
Spiegels in de woonkamer: welke wand werkt
In een woonkamer hangt een spiegel het best op een zijwand, haaks op het raam. Het daglicht strijkt langs die wand, de spiegel vangt het onder een schuine hoek en stuurt het dieper de kamer in, en wie verder van het raam zit ziet de tuin er nog een keer in.
Recht tegenover het raam werkt het anders dan je verwacht. Daar laat de spiegel vooral de lucht of de gevel van de overburen zien, en dat geeft een fel, vlak gat in de wand. Op het zuiden en westen komt de lage zon er in de namiddag recht in en kaatst de bundel terug naar de plek waar je met je gezicht naar de spiegel zit.
In oudere woningen zit tussen twee ramen in de voorgevel vaak een smalle dichte strook, en daar hing van oudsher de penantspiegel. Die plek werkt nog steeds: de spiegel staat met zijn rug naar het licht, laat de verlichte kamer zien in plaats van de lucht, en haalt de donkere strook tussen de ramen weg.
Het plan hieronder laat een gangbare opstelling zien. De spiegel boven de bank hangt haaks op de pui, zodat hij vanaf de eettafel de tuin laat zien en vanaf de bank buiten beeld blijft; zo komt hij ook niet in de kijklijn naar het scherm. Hoe hoog en hoe breed hij boven zo'n meubel hoort, zoek je op in de matentabel met hoogtes aan de muur.
Een spiegel naast of tegenover de televisie hoort er niet. Het scherm en de lampen spiegelen dan in je ooghoek, en elke beweging in de kamer beweegt mee aan de rand van je blikveld.
| Plek in de woonkamer | Wat je erin ziet | Wanneer het werkt | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Zijwand, haaks op het raam | Het raam en de tuin, vanaf de plekken dieper in de kamer | Bijna altijd: het licht strijkt langs de wand en het beeld van het raam komt erbij | Op zuid en west kan de lage winterzon er schuin in vallen |
| Recht tegenover het raam | De lucht, de gevel aan de overkant en de zon | Op het noorden, met een groene tuin of een rustige gevel ervoor | Een fel vlak in de wand, en verblinding bij lage zon op zuid en west |
| Tussen twee ramen in dezelfde gevel | De verlichte kamer, met het daglicht in de rug van de spiegel | In oudere woningen met een dichte strook tussen de ramen | Houd de spiegel smaller dan de strook, anders raakt de lijst het kozijn |
| Boven de bank | De kamer, voor wie tegenover zit of aan tafel | Als de bank tegen een zijwand staat | Vanaf de bank zelf zie je hem niet, dus kies de plek op de andere zitplekken |
| Boven het dressoir in de eethoek | De hanglamp, de tafel en wie aan tafel zit | Om het licht boven de tafel te verdubbelen | Met de onderrand onder ongeveer 120 cm zie je jezelf eten |
| Boven de schouw | Het plafond en de bovenste strook van de kamer | Als de schouw het middelpunt van de kamer is | Ver boven ooghoogte toont hij vooral lampen en plafond |
| Naast of tegenover de televisie | Het scherm, de lampen en beweging in je ooghoek | Nergens in de kijklijn | Het schijnsel van het scherm kaatst 's avonds terug de kamer in |
| Korte wand van een lange kamer | De hele kamer nog een keer in de lengte | Alleen als de kamer niet al smal en lang is | Een doorzonkamer van 360 cm breed wordt er een gang van |
Hoe groot en hoe hoog een spiegel boven een meubel hangt
Boven een meubel kies je de spiegel op de breedte van dat meubel en niet op de breedte van de wand. Wij houden twee derde van het meubel aan, met 60 tot 75 procent als bereik: smaller dan de helft verdwijnt de spiegel boven het blad, breder dan het meubel lijkt hij erop te balanceren.
Dat is een smaakregel en geen voorschrift, maar hij verklaart waarom een spiegel van 60 cm boven een dressoir van 180 cm er verloren uitziet. Een ronde spiegel oogt lichter dan een rechthoek van dezelfde breedte, dus daar volstaat ongeveer de helft van de meubelbreedte.
De hoogte volgt uit het blad. Houd de onderrand 20 tot 30 cm boven een dressoir of de rugleuning van een bank, dan lezen spiegel en meubel als één geheel en past er een lamp of schaal voor zonder het glas te raken.
Reken met die twee maten en je komt vanzelf uit op een hoogte die klopt met de rest van de kamer. Een dressoir van 80 cm hoog met 25 cm lucht en een spiegel van 80 cm hoog geeft een hartlijn van 145 cm, dezelfde ooghoogte die voor schilderijen geldt.
Op een vrije wand zonder meubel ervoor ligt het anders. Daar hangt een spiegel om jezelf te zien op ooghoogte, en in de hal houden wij een hartlijn van 155 cm aan met 150 tot 165 cm als bereik, zodat ook de langste huisgenoot zijn kruin ziet. De hoogtes voor de wastafel en de passpiegel staan uitgewerkt bij de ophanghoogtes per plek voor een spiegel aan de muur.
| Waar de spiegel hangt | Maat die wij aanhouden | Marge die werkt | Waarom die maat |
|---|---|---|---|
| Boven een dressoir, breedte | Twee derde van het meubel | 60 tot 75 procent | Smaller verdwijnt hij boven het blad, breder lijkt hij op het meubel te balanceren |
| Boven een dressoir, onderrand | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Er past een lamp of een schaal voor zonder het glas te raken |
| Boven een bank, breedte | De helft tot twee derde van de bank | 50 tot 70 procent | Bij een bank van 220 cm is dat 110 tot 150 cm |
| Boven een bank, onderrand | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Bij een rugleuning van 80 cm begint de spiegel rond 105 cm; lager lijkt hij op de bank te leunen |
| Ronde spiegel boven een meubel, doorsnede | De helft van de meubelbreedte | 40 tot 60 procent | Een cirkel heeft minder vlak dan een rechthoek van dezelfde breedte en oogt daardoor kleiner |
| Boven een schouw, onderrand | 20 cm boven de mantel | 15 tot 25 cm | Er blijft plek voor een kandelaar of lijstje, en de spiegel blijft bij de schouw horen |
| Vrije wand zonder meubel, breedte | Een derde van de vrije wandbreedte | Een derde tot de helft | Kleiner leest als een los object, groter als een glazen wand |
| Hal, hartlijn | 155 cm | 150 tot 165 cm | Een spiegel van 60 cm hoog loopt dan tot 185 cm, genoeg om bij 190 cm lengte je kruin te zien |
| Boven de wastafel, onderrand | 20 cm boven het blad | 15 tot 25 cm | Ruimte voor de kraan en een zeeppompje, en je kijkt nog recht in je gezicht |
| Passpiegel, hoogte | De helft van je lichaamslengte | Plus de helft van het lengteverschil met de kleinste huisgenoot | Een vlakke spiegel toont je op de helft van je werkelijke hoogte, op elke afstand |
| Groep spiegels, tussenruimte | 6 cm | 5 tot 8 cm | Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse spiegeltjes |
| Lampen naast de spiegel, hart | 160 cm | 155 tot 170 cm | Licht van opzij geeft geen schaduw onder je ogen en je kin |
Soorten spiegels en wat ze in een kamer doen
Spiegels verschillen per soort in drie dingen: hoe scherp en helder ze terugkaatsen, wat ze wegen, en waaraan ze hangen. Het uiterlijk van de lijst volgt daar pas op.
Een spiegel met lijst hangt aan ringen of een draad op de achterkant, en de lijst draagt het glas. Een spiegel zonder lijst heeft een geslepen rand nodig: een gepolijste rand is recht en glad afgewerkt, een facetrand is schuin geslepen over 10 tot 30 mm en vangt langs de rand een dunne lichtlijn. Een gesneden rand zonder slijpwerk is scherp en hoort alleen achter een lijst.
Een bolle spiegel, van oudsher heksenspiegel genoemd, laat de hele kamer verkleind zien en werkt daarom als object en niet als venster. Een antiekspiegel heeft een bewust gevlekte zilverlaag en kaatst minder en onregelmatiger terug.
Een grijze of bronzen spiegel dempt het beeld. Dat is prettig tegenover een eettafel, maar in een donkere hal doet hij voor het licht weinig.
Spiegeltegels en een groep kleine spiegels breken het beeld op, omdat elk vlak een eigen hoek heeft en de wand zelden helemaal vlak is. Het resultaat leest als glinstering en niet als diepte, en wie diepte wil, heeft één doorlopend vlak nodig.
| Soort spiegel | Waaraan je hem herkent | Wat hij in de kamer doet | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Wandspiegel met lijst | Ringen, een draad of een rail op de achterkant | De lijst bepaalt de stijl, het glas het beeld | Een massief houten of gipsen lijst weegt vaak meer dan het glas zelf |
| Spiegel zonder lijst, gepolijste rand | Rechte, glad afgewerkte rand zonder schuine kant | Leest als een glazen vlak in de wand en geeft het meeste licht en diepte | Hangt op klemmen of lijm, en elke oneffenheid in de wand zie je terug |
| Spiegel met facetrand | Schuin geslepen rand van 10 tot 30 mm | Een dunne lichtlijn langs de rand scheidt glas en wand | Het facet maakt de rand dunner en daarmee kwetsbaarder bij tillen en klemmen |
| Ronde spiegel | Doorsnede van 40 tot 100 cm, met of zonder rand | Breekt de rechte lijnen van kozijnen en kasten | Boven een laag meubel wordt hij snel te hoog, want de doorsnede is ook de hoogte |
| Passpiegel | 30 tot 80 cm breed en 120 tot 200 cm hoog, hangend, leunend of op een voet | Jezelf helemaal zien in slaapkamer, hal of op een kastdeur | Leunend moet de bovenkant tegen omvallen worden vastgezet |
| Spiegeltegels of een groep kleine spiegels | Losse vlakken van 20 tot 40 cm | Glinstering in plaats van diepte | Het beeld breekt op elke naad, en plakpads kruipen onder het gewicht van glas |
| Bolle spiegel of heksenspiegel | Ronde, bol staande spiegel, vaak in een brede lijst | Toont de hele kamer verkleind, als object aan de wand | Maakt de kamer niet groter en toont je gezicht vervormd |
| Antiekspiegel | Gevlekte, verweerde of gerookte zilverlaag | Licht en beweging zonder scherp beeld | Kaatst minder licht terug dan helder spiegelglas |
| Grijze of bronzen spiegel | Getint glas, het beeld is donkerder en koeler of warmer | Dempt de reflectie tegenover een zitplek | In een donkere hal of een noordkamer levert hij weinig licht op |
| Acrylaatspiegel | Licht, en buigt mee als je hem aan een hoek optilt | Onbreekbaar, voor kinderkamer, deur of sportruimte | Het beeld golft tenzij de plaat volvlaks op een vlakke ondergrond zit, en hij krast sneller |
| Spiegel met verlichting of slimspiegel | Ledlicht achter of in het glas, soms verwarming of een scherm | Licht op je gezicht en een spiegel die minder beslaat | Stroompunt achter het glas, gewicht van de achterbak en de badkamerzones |
| Spiegelkast | Kast met spiegeldeuren boven de wastafel, meestal 12 tot 16 cm diep | Opbergruimte en spiegel in één | Met gevulde planken weegt hij veel meer dan de spiegel alleen, dus reken de inhoud mee |
Glas, dikte en achterkant bepalen hoe lang hij goed blijft
Een spiegel is een glasplaat met aan de achterkant een dunne metaallaag, meestal zilver, met daaroverheen een of twee lagen beschermlak. Het beeld komt van die metaallaag, dus het licht gaat twee keer door het glas: heen en terug.

Daardoor telt de kleur van het glas mee. Gewoon floatglas bevat ijzeroxide en is licht groen, wat je aan de zijkant van de plaat ziet, en in een spiegel schuift het beeld daardoor een fractie naar groen.
Hangen twee spiegels tegenover elkaar, dan wordt de tunnel van beelden na een paar weerkaatsingen duidelijk groen en donker. Extra helder glas, ook ijzerarm glas genoemd, heeft die tint veel minder.
De dikte bepaalt hoe vlak het beeld blijft. Dun glas buigt mee met een lijst die niet haaks is of een wand die niet vlak ligt, en dan lopen rechte lijnen in het spiegelbeeld krom; dikker glas houdt beter stand maar weegt meer.
Reken met 2,5 kg per vierkante meter per millimeter dikte. Een spiegel van 60 bij 80 cm in 4 mm weegt 4,8 kg, een passpiegel van 80 bij 180 cm in 5 mm 18 kg.
De zwakke plek van elke spiegel is de rand. Daar ligt de metaallaag bloot, en vocht, schoonmaakmiddel en azijnzuur uit kit tasten hem vanaf de zaagkant aan. Die zwarte randen zitten achter het glas en gaan er niet meer uit, en hoe je poetst zonder die schade te veroorzaken staat bij streeploos poetsen zonder blinde randen.
Voor een spiegel die laag hangt, in een deur zit of in een kinderkamer komt, kies je glas met splinterfolie op de achterkant. De folie maakt de spiegel niet sterker, maar houdt de scherven bij elkaar als hij toch breekt.
| Glas of plaat | Gewicht per m² | Gangbaar voor | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Spiegelglas 3 mm | 7,5 kg | Kleine spiegels in een lijst en spiegeltegels | Buigt mee in een lijst die niet haaks is, en dan golft het beeld |
| Spiegelglas 4 mm | 10 kg | De meeste wandspiegels met en zonder lijst tot ongeveer een vierkante meter | Op een wand die niet vlak is, trekken lijm of klemmen het glas mee krom |
| Spiegelglas 5 mm | 12,5 kg | Grote spiegels zonder lijst en passpiegels | Een passpiegel van 80 bij 180 cm weegt 18 kg, en dat is voor gipsplaat zonder regel te zwaar |
| Spiegelglas 6 mm | 15 kg | Spiegelwanden en panelen boven 2 m² | Een paneel van 100 bij 200 cm weegt 30 kg en vraagt twee mensen en klemmen in massieve steen |
| Extra helder spiegelglas | Gelijk aan gewoon glas van dezelfde dikte | Spiegelwanden, spiegels tegenover elkaar, witte interieurs | Het verschil zie je pas naast gewoon glas of in een spiegeltunnel |
| Glas met splinterfolie | Het glas plus een paar honderd gram folie | Laag hangende spiegels, deuren, kinderkamers en sportruimtes | Controleer of de spiegellijm op die folie mag, want het gewicht hangt dan aan de hechting van de folie |
| Acrylaatspiegel 3 mm | Ongeveer 3,6 kg | Waar breuk geen optie is | Buigt en krast, en vervormt het beeld zonder vlakke ondergrond |
Spiegelophanging: welk systeem bij welke spiegel hoort
De spiegelophanging kies je op twee dingen: wat er op de achterkant van de spiegel zit, en wat je wand houdt. Het gewicht reken je uit aan het glas en niet op gevoel, want een spiegel die in twee handen licht aanvoelt, weegt aan de wand al gauw 10 kg.
Wat een punt houdt, hangt niet aan de plug maar aan het materiaal eromheen. In gipsplaat scheurt het gips eerder dan de plug bezwijkt, en daarom houdt een metalen hollewandplug daar ongeveer 10 kg, tegenover 15 kg voor een nylon plug in gestuukte steen en 25 kg in beton. Met je eigen wand en gewicht kun je per wandsoort nazoeken welke bevestiging past.
Twee punten dragen samen niet het dubbele, want een last trekt zelden precies gelijk aan beide. De ophangwijzer rekent met anderhalf keer één punt; bij glas houden wij het gewicht onder wat één punt houdt, omdat een spiegel die valt niet beschadigt maar breekt.
Voor een spiegel zonder lijst zijn er twee wegen: klemmen, of een spiegellijmset met neutraal uithardende lijm. Plakstrips, montagetape en gewone kit vallen af, want tape kruipt onder het constante gewicht van glas en kit met azijnzuur of oplosmiddel tast de metaallaag aan. Wat er zonder boren nog kan, per wand en per kilo, staat bij een spiegel aan de wand zonder boorgaten.
Het ophangen zelf, van het gewicht bepalen tot het waterpas zetten van de tweede schroef, loopt in volgorde door in de werkvolgorde om een spiegel op te hangen.
| Wat je op de achterkant ziet of wilt | Spiegelophanging | Wat het draagt | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Lijst met twee D-ringen of ophangogen | Twee schroeven met plug, recht onder de ringen | Wat de plug in jouw wand per punt houdt | Meet de ringen hart op hart, anders hangt één ring naast zijn schroef |
| Lijst met een ophangdraad | Twee haken of schroeven, met de draad over allebei | Lichte en middelzware lijsten | Aan één haak kantelt de spiegel voorover en draait hij scheef |
| Zware lijst boven 15 kg of breder dan een meter | Ophangrail of Z-profiel, met een plug om de 30 tot 40 cm | Het gewicht verdeeld over alle pluggen in de rail | De onderkant valt naar de wand; een afstandsblokje ter dikte van de rail haalt dat weg |
| Gepolijste rand zonder lijst | Vier spiegelklemmen: twee dragend onder, twee schuivend boven | Tot ongeveer 80 bij 100 cm, groter met extra klemmen | Een bovenklem die op het glas drukt, zet spanning in de rand |
| Voorgeboorde gaten in het glas | Spiegelschroeven met kunststof huls, rubberring en afdekkap | Kleine en middelgrote spiegels op een vlakke wand | Te hard aandraaien trekt het glas rond het gat krom |
| Aluminium profiel of beugel op de achterkant | De bijgeleverde wandbeugel met de plug van jouw wand | Wat beugel en plug samen houden | De haak in het profiel bepaalt de hoogte, dus meet vanaf de haak en niet vanaf de bovenrand |
| Geen lijst, en boren is geen optie | Spiegellijmset met neutrale lijm en tape | 3 kg op gipsplaat, 4 kg op gesausd stucwerk, 8 kg op tegel of glad beton | Blijvend: eraf halen kost de spiegel en een stuk wand |
| Lijst met oog, en liever geen boorgat | X-haak met geharde nagel | Tot 3 kg op gipsplaat en 4 kg op stucwerk | In beton en harde kalkzandsteen buigt de nagel, op tegel werkt hij niet |
| Grote passpiegel zonder vaste plek | Leunen tegen de wand, bovenkant vast met een haakje of koord | Het gewicht staat op de vloer | Bij 5 tot 8 graden staat de voet van een spiegel van 150 cm 13 tot 21 cm van de wand |
| Plakstrip, montagetape of gewone kit | Niet voor een spiegel | Niets blijvend | Tape kruipt onder glas en kit tast de metaallaag aan |
Per ruimte vraagt een spiegel iets anders
In de hal gaat het om je gezicht en je jas, in de slaapkamer om je hele lichaam, in de badkamer om licht op je gezicht en in de eetkamer om het licht boven tafel. Dezelfde spiegel doet het daardoor in de ene ruimte goed en in de andere niet.
In een smalle hal hoort de spiegel op de lange wand, want daar maakt hij de gang breder en niet langer. In een hal van 110 cm breed laat een console van 20 cm diep precies de 90 cm doorloop over die je met een volle tas nodig hebt.
In de badkamer is het licht belangrijker dan de spiegel zelf. Lampen naast de spiegel op 160 cm hart geven licht op je gezicht zonder schaduw, op 3000 tot 4000 K en met een kleurweergave van Ra 90, terwijl één lamp erboven schaduw onder je ogen en kin legt.
Heeft de badkamerspiegel zelf verlichting, verwarming of een stroompunt achter het glas, lees dan eerst wat een slimspiegel vraagt van wand, stroom en vocht. Daar zitten de meeste valkuilen achter het glas en niet ervoor.
In de eetkamer bepaalt de hoogte of je jezelf ziet eten. Aan tafel zitten je ogen op ongeveer 120 cm boven de vloer; begint de spiegel daarboven, dan zie je de hanglamp en de bovenkant van de kamer en niet je eigen bord.
In de slaapkamer is een passpiegel de gewone keuze, en die hoeft maar half zo hoog te zijn als jij. Een spiegel tegenover het bed vangt 's nachts licht van de straat of van een wekker, en wie daar last van heeft, zet hem op de wand naast het bed of op de binnenkant van een kastdeur.
| Ruimte | Maat en hoogte | Welke wand | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Hal | 50 tot 60 cm hoog, hartlijn 155 cm | De lange wand, of naast de voordeur | Een console eronder van hooguit 20 tot 25 cm diep, zodat de doorloop blijft |
| Woonkamer | Twee derde van het meubel eronder, onderrand 20 tot 30 cm erboven | Een zijwand haaks op het raam | Niet in de kijklijn naar het scherm en niet recht tegenover een zuid- of westraam |
| Eetkamer | Onderrand boven 120 cm als je jezelf niet wilt zien | De wand waarin de hanglamp weerkaatst | Een getinte of antiekspiegel dempt het beeld tegenover een zitplek |
| Slaapkamer | Passpiegel van de halve lichaamslengte, 40 tot 60 cm breed | Naast het bed of op een kastdeur | Leunend de bovenkant vastzetten; tegenover het bed kaatst straatlicht |
| Badkamer | Onderrand 20 cm boven het blad, niet breder dan het wastafelmeubel | Boven de wastafel, met de lampen ernaast | Vocht aan de onderrand en elektra in de badkamerzones |
| Toilet | 30 tot 40 cm breed, onderrand 20 cm boven het fonteintje | Boven het fonteintje | In een smalle ruimte zie je jezelf van dichtbij, dus een kleine spiegel is genoeg |
| Kinderkamer | Passpiegel met de onderrand op 20 tot 30 cm | Een wand buiten de speelhoek | Acrylaat of glas met splinterfolie, en vast aan de wand in plaats van leunend |
| Thuiswerkplek | Geen vaste maat, het gaat om de plek | Niet achter je bureaustoel | Een spiegel in beeld kaatst het raam of een lamp recht in de camera |
Een groep spiegels of een spiegelwand strak krijgen
Een groep spiegels werkt anders dan een groep lijsten. Elke spiegel toont de kamer vanuit een net iets andere hoek, dus de wand leest als losse flitsen van de kamer en niet als één beeld. Dat kan mooi zijn, zolang je weet dat een groep geen diepte geeft.
Hang de groep op één hartlijn en houd 6 cm tussenruimte aan, met 5 tot 8 cm als bereik. Boven 10 cm valt hij uiteen in losse spiegeltjes, en boven een meubel houd je het geheel smaller dan dat meubel.
Een spiegelwand uit meerdere panelen stelt de hoogste eisen aan de ondergrond. Een wand die over een meter een paar millimeter afwijkt, zet elk paneel in een eigen vlak, en op de naad breekt een rechte lijn uit de kamer dan zichtbaar.
Lijm panelen daarom niet direct op stucwerk, maar op een vlakke, gegronde plaat van 18 mm multiplex die eerst met afstandhouders recht is gezet. Leg de naden op een plek waar in het spiegelbeeld geen rechte lijn loopt, zoals een kozijn of de rand van een kast, anders zie je elke millimeter verspringing.
Twee spiegels recht tegenover elkaar geven een tunnel van beelden die na een paar weerkaatsingen groen en donker wordt. Wil je dat effect niet, verschuif de spiegels dan zodat ze elkaar niet recht aankijken.
Veiligheid en onderhoud: waar een spiegel op termijn op afgaat
Een vlakke spiegel is in de zon ongevaarlijk, want hij kaatst het licht terug zonder het te bundelen. Een holle spiegel doet dat wel: een vergrotende make-upspiegel of scheerspiegel kan zonlicht tot een brandpunt samenbrengen, en die hoort daarom niet in een zonnige vensterbank.
Een bolle heksenspiegel spreidt het licht juist, en daar speelt dat niet. Let bij een gewone spiegel in de middagzon eerder op de vlek die hij terugkaatst, want die schuift met de zon mee over de muur en kan op een bank of een scherm blijven hangen.
Glas dat valt wordt scherf, en daarom hangt een grote spiegel in een huis met kinderen of huisdieren vast aan de wand en niet leunend. Een leunende passpiegel van 150 cm hoog gaat al om bij een trek van ongeveer een halve kilo aan de bovenrand.
Op termijn gaat een spiegel bijna altijd aan de rand achteruit. Vocht, schoonmaakmiddel en zure kit kruipen vanaf de zaagkant achter de lak, en dan verschijnen er zwarte of grijze vlekjes die met poetsen niet meer weggaan.
Spuit daarom het middel op de doek en niet op het glas, en houd vooral de onderrand droog. De rest van het schoonmaken van een spiegel draait om twee doeken en zo weinig mogelijk vocht.

Ophangwijzer
Kies je wandtype en het gewicht van wat je wilt ophangen. Je ziet welke bevestiging het houdt, tot hoeveel kilo, en wat je beter niet doet. Open de volledige ophangwijzer
Veelgestelde vragen
Waar hang je een spiegel in de woonkamer?
Op een zijwand haaks op het raam, bij voorkeur boven een meubel dat de spiegel een vaste plek geeft, zoals een dressoir of een bank. Daar vangt hij het daglicht dat langs de wand strijkt en toont hij het raam aan wie dieper in de kamer zit.
Vermijd de wand recht tegenover een zuid- of westraam en elke plek in de kijklijn naar de televisie. Beoordeel de plek vanaf de eettafel, de bank en de deur, want vanaf daar kijk je ernaar.
Maakt een spiegel een kleine kamer echt groter?
Hij maakt de kamer niet groter, maar het spiegelbeeld ligt even ver achter het glas als de kamer ervoor, en dat leest je oog als extra diepte. Die diepte komt haaks op het glas: op de lange wand lijkt de kamer breder, op de korte wand langer.
Het werkt het sterkst met één groot vlak zonder naden en een rustig beeld tegenover de spiegel. Toont hij een volle kast of een rommelhoek, dan zie je die twee keer en voelt de kamer eerder voller dan groter.
Hoe groot moet een spiegel boven een dressoir zijn?
Reken op twee derde van de breedte van het dressoir, met 60 tot 75 procent als bereik. Boven een dressoir van 180 cm is dat een spiegel van ongeveer 120 cm breed, en dan blijft aan weerszijden 30 cm blad vrij voor een lamp of een schaal.
Hang de onderrand 20 tot 30 cm boven het blad. Bij een ronde spiegel volstaat ongeveer de helft van de meubelbreedte, omdat een cirkel minder vlak heeft dan een rechthoek.
Op welke hoogte hang je een spiegel boven de bank?
Met de onderrand 20 tot 30 cm boven de rugleuning. Bij een gangbare rugleuning van 80 cm begint de spiegel dan rond 105 cm, en met een spiegel van 80 cm hoog komt het midden op 145 cm, gelijk met de schilderijen in de rest van de kamer.
Houd de breedte op de helft tot twee derde van de bank, dus 110 tot 150 cm bij een bank van 220 cm. Vanaf de bank zelf zie je de spiegel niet; hij werkt voor wie tegenover zit of aan tafel.
Is een spiegel tegenover het raam een slecht idee?
Niet altijd, maar meestal levert hij daar minder op dan op een zijwand. Tegenover het raam kaatst hij vooral de lucht of de gevel aan de overkant terug, en op het zuiden en westen vangt hij in de namiddag de lage zon, die dan terugkaatst naar de plek waar je met je gezicht naar de spiegel zit.
Op het noorden, met een groene tuin of een rustige gevel ervoor, kan het wel. Dan toont de spiegel een tweede venster op het groen zonder verblinding.
Welke spiegelophanging past bij een zware spiegel?
Boven ongeveer 15 kg of bij een lijst breder dan een meter hangt een spiegel het best aan een ophangrail of Z-profiel, met een plug om de 30 tot 40 cm. Het gewicht wordt dan over alle pluggen verdeeld in plaats van over twee punten.
Het zwakke punt blijft de wand. In beton houdt een nylon plug ongeveer 25 kg, in gipsplaat hoort de rail aan de houten regels erachter en niet aan de plaat. Zet onder de onderrand een afstandsblokje ter dikte van de rail, dan hangt de spiegel evenwijdig aan de wand.
Hoeveel weegt een spiegel?
Reken met 2,5 kg per vierkante meter per millimeter glasdikte. Een spiegel van 40 bij 60 cm in 4 mm weegt 2,4 kg, een van 60 bij 80 cm 4,8 kg, en een passpiegel van 80 bij 180 cm in 5 mm 18 kg.
Tel de lijst erbij, want een massief houten of gipsen lijst kan meer wegen dan het glas. Een acrylaatspiegel weegt iets minder dan de helft van glas van dezelfde dikte. Met dat gewicht zoek je daarna op welke plug of haak jouw wand daarvoor nodig heeft.
Een ronde of een rechthoekige spiegel: wat past waar?
Een rechthoekige spiegel volgt de lijnen van kozijnen, kasten en een dressoir, en geeft bij dezelfde breedte en hoogte het meeste spiegelvlak, dus het meeste licht en diepte. Een ronde spiegel breekt die rechte lijnen en oogt kleiner bij dezelfde breedte.
Boven een langwerpig meubel werkt een liggende rechthoek van twee derde van de breedte, of een ronde spiegel van ongeveer de helft. In een hal of boven een fonteintje past een staande rechthoek of een ronde spiegel van 40 tot 50 cm.
Wat is een heksenspiegel?
Een heksenspiegel is een bolle ronde spiegel, meestal in een brede lijst, die de hele kamer verkleind en licht gebogen laat zien. Hij komt uit oudere interieurs en werkt als object aan de wand: ramen en lampen zie je erin als kleine lichtpunten.
Voor licht of diepte doet hij weinig, want een bol vlak spreidt het licht in plaats van het in één richting terug te sturen. Om dezelfde reden kan hij in de zon geen brandpunt maken, anders dan een holle make-upspiegel.
Waarom ziet het spiegelbeeld er een beetje groen uit?
Gewoon glas bevat een kleine hoeveelheid ijzeroxide en is daardoor licht groen, wat je aan de zijkant van de plaat ziet. In een spiegel gaat het licht twee keer door dat glas, heen naar de metaallaag en terug, en dan schuift het beeld een fractie naar groen.
Bij één spiegel valt dat nauwelijks op, bij twee spiegels tegenover elkaar of naast een wit vlak wel. Extra helder, ijzerarm spiegelglas heeft die tint veel minder en is de keuze voor een spiegelwand in een wit of lichtgrijs interieur.
Kan een spiegel in de zon brand veroorzaken?
Een vlakke wandspiegel niet, want die kaatst het zonlicht terug zonder het te bundelen. Een holle spiegel wel: een vergrotende make-upspiegel of scheerspiegel brengt zonlicht samen in een brandpunt, en dat punt kan gordijnstof of papier in de vensterbank laten schroeien.
Zet zo'n spiegel daarom niet in een zonnige vensterbank, en klap hem dicht of draai hem weg van het raam als hij op een kaptafel voor het glas staat.
Mag een spiegel tegenover het bed hangen?
Er is geen technische reden waarom dat niet kan. Wat je er wel van kunt merken: 's nachts kaatst de spiegel licht van de straat, een wekker of een lader terug, en bij het wakker worden zie je beweging in je ooghoek.
Heb je daar last van, zet de passpiegel dan op de wand naast het bed of op de binnenkant van een kastdeur. Een spiegel die je alleen overdag gebruikt, hoort op een plek die je vanuit bed niet in je blikveld hebt.
Hoe hoog hang je een spiegel in de hal?
Met het midden op 155 cm, en 150 tot 165 cm als bereik. Een spiegel van 60 cm hoog loopt dan van 125 tot 185 cm: hoog genoeg voor een huisgenoot van 190 cm om zijn kruin te zien, en laag genoeg om voor een kleinere huisgenoot kin en kraag in beeld te houden.
Wie zich in de hal van top tot teen wil bekijken, heeft een passpiegel nodig van de halve lichaamslengte. De hoogtes voor hal, wastafel en passpiegel kun je in de maatwijzer per onderdeel opzoeken.
Hoe hang je een spiegel zonder lijst op?
Op vier spiegelklemmen: twee dragende onder de onderrand en twee schuivende boven, met 1 tot 2 mm lucht zodat het glas nergens klem zit. Heeft het glas voorgeboorde gaten, dan gaan er spiegelschroeven in met een kunststof huls en een rubberring, net aangedraaid.
Wil je niet boren, dan is een spiegellijmset met neutraal uithardende lijm de enige bedoelde weg, en die houdt op tegels tot ongeveer 8 kg en op gipsplaat 3 kg. Hoe je de klemmen per formaat verdeelt, staat bij spiegelklemmen en pluggen per wandsoort.
Kun je een spiegel boven een open haard of houtkachel hangen?
Boven een schouw zonder vuur kan dat gewoon. Boven een haard of kachel die brandt, geldt de afstand die in de handleiding van de kachel staat voor brandbare materialen, en een houten lijst valt daaronder.
Opstijgende warme lucht neemt roet en stof mee dat zich op koelere vlakken afzet, dus een spiegel recht boven de haard wordt sneller grauw. Glas dat aan de onderkant veel warmer wordt dan aan de bovenkant kan door die spanning barsten, en ook daarom houd je de afstand uit de handleiding aan.
Waar let je op bij een spiegel met verlichting in de badkamer?
Op drie dingen: het gewicht met de achterbak erbij, de plek van het stroompunt achter het glas, en de zone waarin de spiegel hangt. Een verlichte spiegel van 80 bij 80 cm weegt 11 tot 13 kg, 3 tot 5 kg meer dan het glas alleen, en achter het glas blijft vaak maar 15 tot 25 mm ruimte over waar een gewone stekker niet in past.
Een stekkermodel op een bestaande wandcontactdoos buiten 60 cm van bad of douche sluit je zelf aan; een vaste aansluiting is werk voor een erkend elektricien. De hele volgorde staat bij het correct installeren van een slimspiegel.