Meubels kiezen: maten, materiaal en waar het misgaat
Een meubel valt zelden af op smaak, maar op drie maten: het blok vloer dat het opeist, de route waarlangs het naar binnen moet en de zithoogte die bij je benen past. Een gangbare driezitsbank is 200 tot 230 cm breed en 90 tot 100 cm diep, en met 45 cm beenruimte erbij kost hij 140 cm kamerdiepte. Daarna pas kies je stof of leer, hoge poten of een dichte plint, en een stijl die bij de rest van de kamer past. De maten en materiaaleigenschappen op deze pagina gelden voor bijna elk meubel, met de uitzonderingen per ruimte erbij.
Alle gidsen over meubels kiezen
Ergosofa comfortbank
Een ergosofa comfortbank is een bank die op steun is gebouwd in plaats van op onderuitzakken. Er zit geen keurmerk…
Grootste meubelwinkel nederland
Als één woonwinkel onder één dak is Woonboulevard Poortvliet met ongeveer 50.000 m² de grootste meubelzaak van Nederland, als keten…
Koloniale meubelen
Koloniale meubelen zijn massief hardhouten meubels in Europese vormen met Aziatische details: paneeldeuren, snijwerk, gedraaide poten, gevlochten pitriet en messing…
De drie maten die je eerst vastlegt
Een meubel valt zelden af op smaak. Het valt af op de vloer die het opeist, op de hoek in de gang waar het niet omheen komt, en op een zithoogte die niet bij je benen past.
Leg die drie eerst vast en kies daarna pas vorm, kleur en materiaal. Welke soorten meubels er zijn en wat ze in een kamer doen, staat in het overzicht van meubels per kamer en per soort.
Het blok vloer is de buitenmaat van het meubel plus de ruimte die je ervoor nodig hebt om het te gebruiken. Een driezitsbank van 210 bij 95 cm kost met 45 cm beenruimte al 140 cm kamerdiepte, en een dressoir van 45 cm diep heeft 75 cm ruimte voor zich nodig omdat een lade er 45 cm uit komt.
De route naar binnen reken je in de kortste zijde van het meubel. Diagonaal door een deur van 83 cm gaat een bank van 95 cm diep meestal nog wel, maar of hij om een haakse hoek in een gang van 110 cm komt, hangt af van zijn lengte en niet van zijn diepte.

De derde maat ben je zelf. Bij een zithoogte van 44 cm en een zitdiepte van 60 cm zit je met je rug tegen de leuning als je rond 1,80 m lang bent; ben je korter, dan hangt je onderrug los en schuif je vanzelf onderuit.

Bankmaten van tweezits tot hoekbank
De gemiddelde diepte van een bank ligt tussen 90 en 100 cm, gemeten van de voorrand tot de achterkant van de rugleuning. Losse rugkussens maken hem 5 tot 10 cm dieper dan de webshop opgeeft, want die kussens vallen naar voren zodra je erop leunt.
Reken daarom per model met een blok vloer in plaats van met de buitenmaat. Bij een zitmeubel is dat de diepte plus 45 cm beenruimte tot de salontafel; onder 30 cm stoot je je schenen tegen de rand.
De breedte werkt anders dan mensen verwachten. Van een tweezitsbank van 160 cm gaat ongeveer 20 cm op aan twee armleuningen, dus blijft er 140 cm zitvlak over, en bij een model zonder armleuningen zit je op diezelfde breedte een stuk ruimer.
Bij een hoekbank telt vooral de korte poot. Die is 150 tot 180 cm lang en de meeste modellen zijn spiegelbaar, dus je legt bij de bestelling vast aan welke kant het lange deel komt. Dat is later niet meer om te draaien.
Wil je een maat naslaan die hier niet bij staat, van barkruk tot nachtkast, dan vind je die in de maatwijzer met hoogtes en marges per meubel.
| Model | Breedte | Diepte | Vloer met loopruimte erbij | Waar de maat op vastloopt |
|---|---|---|---|---|
| Tweezitsbank | 150 tot 180 cm | 85 tot 95 cm | 160 bij 135 cm | Twee armleuningen kosten samen ongeveer 20 cm zitvlak |
| Driezitsbank | 200 tot 230 cm | 90 tot 100 cm | 210 bij 140 cm | De lengte bepaalt of hij om de hoek van de hal komt, niet de diepte |
| Loungebank met diepe zit | 220 tot 260 cm | 100 tot 115 cm | 240 bij 155 cm | De zitting alleen is al 70 cm diep, dus je ligt erin en zit er niet op |
| Hoekbank met longchair | 240 tot 280 cm | 150 tot 180 cm in de korte poot | 260 bij 210 cm | Spiegelbaar model: de kant van het lange deel leg je bij de bestelling vast |
| Slaapbank | 180 tot 210 cm | 90 tot 100 cm dicht | 200 bij 200 cm uitgeklapt | Uitgeklapt komt hij 140 tot 200 cm de kamer in; teken dat vlak gestippeld |
| Fauteuil | 80 tot 95 cm | 80 tot 95 cm | 125 bij 125 cm | Een oorfauteuil is 10 cm breder door de wangen |
| Relaxfauteuil | 80 tot 90 cm | 90 tot 100 cm | 85 bij 145 cm | Achterover wordt hij 40 tot 50 cm langer, tenzij het een wandvrij mechaniek is |
| Chaiselongue als losse module | 80 tot 100 cm | 160 tot 170 cm | 90 bij 165 cm | Verlengt een rechte bank tot een hoekopstelling zonder een nieuwe bank |
| Poef of voetenbank | 45 tot 70 cm | 45 tot 70 cm | 55 bij 55 cm | Vanaf 70 cm met een blad erop doet hij dienst als salontafel |
Zitdiepte en zithoogte bepalen hoe een bank zit
Zitdiepte en diepte zijn twee verschillende maten. De zitdiepte loopt van de voorrand van de zitting tot het punt waar de rugleuning begint, en dat is 25 tot 35 cm minder dan de buitendiepte van het meubel.
Een bank met zitdiepte 50 cm zet je rechtop: je onderrug raakt de leuning terwijl je knieholtes nog 3 tot 5 cm vrij van de voorrand blijven. Dat werkt voor wie rechtop wil zitten, lezen of eten, en voor iedereen tot ongeveer 1,70 m.
Vanaf 60 cm zitdiepte moet je kiezen tussen onderuitzakken of een rugkussen. Boven 70 cm hangen je voeten vrij en is het meubel bedoeld om op te liggen, niet om op te zitten.
De zithoogte meet je tot de ingezakte zitting en niet tot het bolle kussen. Dat scheelt in de winkel 3 tot 6 cm, en die centimeters bepalen of je knieën hoger of lager komen dan je heupen.
Wie moeizaam opstaat heeft baat bij het omgekeerde van een loungebank: een zitting van 48 tot 50 cm hoog, een vlakke voorrand en een rug die je rechtop houdt. Hoe zulke comfortbanken op zithoogte en rugsteun zijn opgebouwd lees je op de pagina daarover.
| Zitdiepte | Hoe je erin zit | Waar dit bij past | Wat je erbij nodig hebt |
|---|---|---|---|
| 45 tot 50 cm | Rechtop, met je onderrug tegen de leuning en je voeten plat | Eten, lezen, werken vanaf de bank, en lichaamslengtes tot ongeveer 1,70 m | Niets; een extra kussen duwt je hier juist van de leuning af |
| 50 tot 55 cm | Licht achterover, met de leuning tot halverwege je rug | Een erkerbank, een eetbank of een tweezitsbank in een kleine kamer | Een zitkussen van 6 tot 10 cm dik als het een maatwerkbak is |
| 55 tot 60 cm | Ontspannen achterover met je voeten nog op de vloer | De gangbare woonkamerbank voor dagelijks gebruik | Een rugkussen van 10 cm als je korter bent dan 1,70 m |
| 60 tot 70 cm | Onderuit, met je knieën lager dan je heupen | Films kijken, met zijn tweeën languit | Twee rugkussens, of een verstelbare rug die naar voren komt |
| 70 cm en meer | Half liggend, met je voeten los van de vloer | Een loungebank waar je op ligt en niet op zit | Een voetenbank van 42 cm hoog, anders bungelen je onderbenen |
Een bank op hoge poten of dicht op de vloer
Een bank op hoge poten en een bank met een dichte plint kunnen dezelfde buitenmaat hebben en toch een heel ander effect geven. Het verschil zit in hoeveel vloer je onder het meubel door blijft zien.
Bij poten van 15 tot 20 cm loopt de vloer visueel door tot de plint achter de bank, en dat leest het oog als ruimte. Bij een dichte onderkant stopt de vloer bij de voorrand, en dan lijkt een kamer van 350 cm breed een halve meter smaller dan hij is.
Het tweede verschil is schoonmaken. Onder de bank schoonmaken kan alleen als er ruimte onder zit: een gewone zuigmond is 6 tot 7 cm hoog en een robotstofzuiger 9 tot 10 cm, dus met poten van 15 cm kom je overal en met poten van 8 cm nergens meer.
Hoge poten verhogen ook de zitting. Dezelfde zittingopbouw komt op poten van 20 cm ruim 10 cm hoger uit dan op poten van 8 cm, en boven 50 cm zithoogte hangen de voeten van korte mensen los.
Let bij dunne metalen poten op wat eronder ligt. Vier poten dragen samen het meubel plus de mensen erop, en op een zachte pvc- of vinylvloer drukt zo'n poot een blijvende deuk; welke vloeren daar gevoelig voor zijn staat bij het kiezen van een vloer per situatie. Viltglijders of een bredere voetplaat verdelen die druk.
Een bank in de erker, los of op maat
Een erker is meestal 200 tot 300 cm breed en 50 tot 100 cm diep, gemeten van de kamerwand tot het glas. Die diepte beslist alles: een losse tweezitsbank is 85 tot 95 cm diep en past alleen vrij in de erker als er na de radiator nog zoveel over is.
Bij een ondiepe erker steekt een losse bank in de erker altijd de kamer in. Dat mag, zolang je de looproute er niet mee afsnijdt en de bank niet hoger is dan 80 cm, want dan blijft hij onder de vensterbank en houdt het raam zijn volle hoogte.
Een bank in erker maken op maat begint bij de zithoogte. Bouw de kast op 36 cm als het kussen 8 cm dik is, houd de zitdiepte op 50 tot 55 cm en laat 10 mm speling per zijde, want erkerwanden staan zelden haaks op elkaar.
Kijk daarna naar de radiator. Een bank pal voor een paneelradiator sluit de luchtstroom af waarop die radiator werkt, dus houd 10 cm vrij voor en boven het paneel of maak het front en de bovenkant open.
Een hoekbank in erker vraagt extra aandacht, want de meeste erkers hebben schuine zijwanden van ongeveer 135 graden. Een fabrieksmatige hoekbank voor erker is haaks en laat in elke schuine hoek een driehoek van 20 tot 30 cm open; in maatwerk zaag je die hoek op verstek, en met losse elementen zet je ze los van elkaar in plaats van in elkaar.
Houd de bekleding 5 cm van het glas af. Enkel of oud dubbelglas wordt in de winter zo koud dat er vocht op neerslaat, en een kussen dat daar tegenaan staat blijft klam. De hoogte van een vensterbank en de vrije ruimte die een radiator vraagt kun je per onderdeel opzoeken bij de maten rond ramen en radiatoren.
| De erker | Wat erin past | Waar je op let |
|---|---|---|
| Ondiep, 40 tot 60 cm | Een maatwerkbankje met 40 tot 50 cm zitdiepte, of alleen een kussen op de vensterbank | Onder 45 cm zitdiepte zit je op de rand en schuif je naar voren; een losse bank steekt hier altijd de kamer in |
| Gangbaar, 60 tot 90 cm | Een erkerbank op maat met 50 tot 55 cm zitdiepte en opbergruimte eronder | Trek eerst 10 cm af voor de radiator en 5 cm voor het glas, dan weet je wat er voor de zitting overblijft |
| Diep, 90 tot 120 cm | Een losse tweezitsbank van 160 bij 90 cm, of twee fauteuils van 85 bij 85 cm | Een losse bank blijft verplaatsbaar en kan mee bij een verhuizing; maatwerk niet |
| Erker met schuine zijwanden | Drie losse elementen, of maatwerk waarbij de hoeken op verstek worden gezaagd | Een haakse hoekbank laat in elke schuine hoek een driehoek van 20 tot 30 cm open |
| Erker met een radiator onder het raam | Een bank met open onderkant en open bovenrand, of het meubel 10 cm ervoor | Een dicht front zet de convectie stil en de warmte blijft achter het glas hangen |
| Erker met een draairaam of een deur | Een losse bank of poef die je verschuift | Teken het draaivlak van het raam mee: een naar binnen draaiend raam van 60 cm eist ook 60 cm vrij |
Wandmeubels, planken boven de bank en wat de muur houdt
Een smal wandmeubel is 30 tot 35 cm diep in plaats van de gangbare 40 tot 45 cm. Dat scheelt in een kamer van 350 cm breed bijna een tiende van de diepte, maar een versterker of een spelcomputer van 40 cm diep past er niet meer in.
Meet daarom eerst het diepste apparaat dat erin moet en tel er 5 cm bij voor de stekkers en de kabels achter het meubel. Zit er geen kabeldoorvoer in de achterwand, dan zaag je die zelf of het meubel komt 5 cm van de wand te staan. Welke kasten, dressoirs en wandmeubels er in welke diepte bestaan, staat bij de soorten meubels en hun gangbare maten.
Wandplanken boven de bank hang je met de onderkant ongeveer 30 cm boven de rugleuning. Bij een rugleuning van 80 cm komt de plank dan op 110 cm, en dan kun je er nog achter langs stofzuigen zonder je hoofd te stoten.
Houd een plank smaller dan de bank, ongeveer 40 tot 50 cm binnen de bankrand aan weerszijden. Twee planken boven elkaar zet je 35 tot 40 cm uit elkaar, want een A4-ordner is 32 cm hoog en een gemiddeld boek 24 cm.
De overspanning is de echte grens. Een plank van 18 mm massief hout of mdf zakt boven 80 tot 90 cm vrije lengte zichtbaar door, en boeken wegen 20 tot 30 kg per strekkende meter. Een industrieel ogende plank op stalen T-beugels lost dat op zolang die beugels op 15 tot 20 cm van de uiteinden zitten en niet helemaal aan de kop.
Wat de wand zelf houdt, hangt af van wat erachter zit. De waarden hieronder liggen bewust onder de fabriekswaarden, want die komen uit een testopstelling en niet uit jouw muur.
| Wandtype | Hoe je hem herkent | Bevestiging | Wat één punt houdt |
|---|---|---|---|
| Gipsplaat of voorzetwand | Klinkt hol, uit het boorgat komt wit poeder, elke 40 tot 60 cm klinkt het massief | Metalen hollewandplug, of een schroef direct in de houten regel erachter | 10 kg per hollewandplug, 15 kg in de regel |
| Gestuukte steen | De boor gaat door 5 tot 15 mm zacht materiaal en stuit dan op iets hards | Nylon plug van 8 mm in de steen erachter, niet in de stuclaag | 15 kg |
| Beton | De boor komt nauwelijks vooruit en loopt warm, het gruis is fijn en grijs | Nylon plug met schroef, bij zwaar werk een keilbout | 25 kg met een nylon plug, 50 kg met een keilbout |
| Kalkzandsteen | Lichtgrijs, strak van vorm, het gruis is grijs en zanderig | Nylon plug met schroef | 20 kg |
| Baksteen | Rood gruis uit het boorgat | Nylon plug in de steen en niet in de voeg | 15 kg |
| Gasbeton of cellenbeton | Licht en poreus, een spijker gaat er met de hand in | Gasbetonplug van 60 tot 100 mm lang | 10 kg |
Stof, leer en kunstleer uit elkaar houden
Een leren bank herkennen doe je aan de achterkant en aan de rand. Echt leer heeft een ruwe, vezelige onderzijde en een nerf die nergens precies herhaalt; kunstleer heeft een geweven textieldrager en een nerf die om de zoveel centimeter terugkeert, want die is met een wals ingeperst.
Kijk ook naar de snijranden bij de naden. Leer laat daar losse vezels zien en kleurt in de kern vaak lichter, terwijl kunstleer een strakke rand toont waarin je de kunststoflaag als een dun streepje op het weefsel ziet liggen.
Een kunstleren bank schoonmaken gaat met zo weinig mogelijk vocht: 250 ml lauw water met twee tot drie druppels neutrale zeep, een goed uitgewrongen microvezeldoek, deppen in plaats van wrijven en meteen nadrogen. Aceton, bleek, een schuurspons, een stoomreiniger en leervet horen er niet op, want die tasten juist de toplaag aan die het materiaal zijn sterkte geeft.
Bij stof is het schuurgetal het getal dat iets zegt. Leveranciers geven vaak een waarde in toeren op: onder 15.000 is een stof bedoeld voor een stoel waar zelden iemand op zit, en vanaf 25.000 houdt hij een bank vol waar dagelijks gebruik op staat.
De vulling bepaalt hoe lang die maten kloppen. Polyether met een laag soortelijk gewicht verliest in het eerste jaar 1 tot 2 cm hoogte, terwijl een veerkern of een kern met hoge veerkracht zijn vorm langer houdt en alleen de bovenlaag inzakt. Hoe zitting, vering en rugsteun samen het zitgevoel bepalen, staat uitgewerkt bij banken die op zitcomfort zijn opgebouwd.
| Bekleding | Waaraan je het herkent | Onderhoud | Waar het op stukgaat |
|---|---|---|---|
| Gepigmenteerd leer | Gelijkmatige kleur met een dunne dekkende laklaag, een druppel water trekt er niet in | Stofzuigen met een borstelmond, droog afnemen, twee keer per jaar een middel voor gepigmenteerd leer | De laklaag scheurt fijn open op de plooien van de zitting als het leer uitdroogt |
| Anilineleer en nubuck | Zichtbare poriën en kleurverschil per huid, water trekt er als een donkere vlek in | Alleen stofvrij houden en vlekken deppen; water laat op deze soort kringen na | Vlekt door huidvet en zonlicht, en juist die patina hoort bij het materiaal |
| Splitleer met kunststoflaag | Verkocht als leer, maar de achterzijde is glad en de nerf herhaalt zich | Vochtige doek met neutrale zeep, nooit vetten of oliën | De opgespoten laag laat na jaren los in schilfers, meestal eerst op de armleuning |
| Kunstleer met pu- of pvc-laag | Textielweefsel aan de achterkant, een regelmatig terugkerende nerf | Lauw water met twee tot drie druppels neutrale zeep, deppen en direct nadrogen | De toplaag wordt plakkerig en bladdert waar het meubel warm wordt en huidvet opneemt |
| Geweven kunstvezel | Strak weefsel, vaak met een vlekwerende afwerking, voelt koel aan | Wekelijks zuigen, vlekken van buiten naar binnen deppen | Pluist op bij een losse weving; een korte, dichte weving pluist nauwelijks |
| Wol en bouclé | Voelt droog en veerkrachtig, lusjes staan los van het weefsel | Zuigen met een gladde mond zonder borstel, want een borstel trekt lusjes los | Een enkele lus die uitgetrokken wordt, laat een streep na die je niet meer wegwerkt |
| Velours en fluweel | De kleur verschilt per kijkrichting omdat de pool één kant op ligt | Zuigen in de richting van de pool, zitplekken opborstelen | Zitplekken worden blijvend lichter doordat de pool daar platligt |
Meubels voor een tuinkamer, een garage en langs een schuifpui
In een ruimte die niet constant verwarmd wordt, kies je meubels op het klimaat en niet op het beeld. Hout binnen zit op een vochtgehalte van ongeveer 8 tot 12 procent, en in een onverwarmde ruimte loopt dat naar 14 tot 18 procent.
Dat verschil is de reden dat tuinkamer meubels van massief hout gaan werken en dat verlijmde panelen loslaten. Mdf met fineer is daar de slechtste keuze: de kern zuigt vocht op via de onafgewerkte onderkant en zwelt dan zichtbaar op aan de onderrand.
Voor garage meubels geldt hetzelfde plus een koude betonvloer. Zet kasten op stelpoten van 5 tot 10 cm zodat er lucht onderdoor kan, en kies metalen stellingen met een gepoedercoate laag in plaats van kaal staal, want op koud metaal slaat vocht als eerste neer. Welke vloerafwerking in zo'n ruimte tegen vocht en temperatuurwisselingen kan, staat bij de vloeren per situatie naast elkaar.
Houd in een garage ook rekening met de auto zelf. Je stapt zijwaarts uit en hebt daarvoor 55 tot 70 cm naast het portier nodig, dus een stelling van 40 cm diep kan meestal alleen tegen de kopse wand of aan de kant waar je niet instapt.
Een bank voor schuifpui staat in een heel ander probleem: licht en koude. Een schuifpui is 180 tot 300 cm breed en kost binnen alleen het kozijn van 10 tot 20 cm, dus de vloer ervoor blijft vrij, en dat is precies de strook waar je langs naar buiten loopt.
Zet een zitmeubel daarom minstens 50 cm van het glas en houd 90 cm vrij voor het paneel dat opzij schuift. Direct zonlicht bleekt geverfd textiel binnen één zomer zichtbaar aan de raamzijde, en dat verschil haal je er later niet meer uit.
| Ruimte | Wat het meubel moet kunnen | Wat er wel staat | Wat er misgaat |
|---|---|---|---|
| Tuinkamer die niet doorgestookt wordt | Vochtwisselingen van 8 naar 18 procent opvangen zonder te scheuren | Gepoedercoat aluminium, vlechtwerk van kunststof, massief teak of acacia, hoezen die snel drogen | Fineer op mdf zwelt op aan de onderrand en een verlijmd paneel trekt open |
| Garage of onverwarmde berging | Tegen een koude vloer, condens en olie kunnen | Metalen stelling met gepoedercoate legborden, kunststof kasten, een werkblad op 90 cm hoogte | Spaanplaat op de betonvloer zuigt vocht op en zwelt onderaan uit elkaar |
| Voor een schuifpui of een groot zuidraam | Uv-licht en koudeval verdragen | Meubels op poten, geverfde of geoliede houtsoorten, textiel met een hoge kleurechtheid | De raamzijde van een bank of kleed verschiet in één zomer en de rest niet |
| Kamer met een erker of een pui op het noorden | Weinig daglicht compenseren zonder zwaar te worden | Lichte houtsoorten, een open onderstel, een spiegel tegenover het glas | Een donkere massieve kast tegenover het raam maakt de kamer overdag grauw |
Koloniaal, frans, strak of goud: wat een stijl van het meubel vraagt
Een stijl is geen voorschrift maar een set keuzes in materiaal, kleur en profiel. Wat een kamer laat kloppen, is dat die keuzes zich herhalen: de meeste interieurs komen uit op één hoofdmateriaal, één bijmateriaal en één metaalkleur.
Koloniaal meubels herken je aan massief donker hardhout, zware profielen, panelen van latwerk of rotan en beslag in messing of zwart. Die stukken zijn vaak 45 tot 50 cm diep en wegen als kast al gauw meer dan 100 kg, dus reken op twee personen en op deuken in een zachte vloer.
Een koloniale inrichting werkt in een gemiddelde Nederlandse woonkamer alleen als je het bij één of twee grote stukken houdt tegen een lichte wand. Zet je de hele koloniale inrichting woonkamer vol met dezelfde houtsoort, dan verdwijnt het reliëf dat die meubels juist hun vorm geeft.
Een modern koloniaal interieur doet precies dat: één donkere kast of eettafel, een lichte vloer, gladde wanden en zitmeubels met een strakke lijn. Wat er in de koloniale stijl aan houtsoorten, afwerkingen en beslag gangbaar is, staat bij de meubelen in koloniale stijl en hun materiaal.
Franse meubels lopen de andere kant op: gebogen poten, gesculpteerd lijstwerk, een geceruseerde of verweerde afwerking en linnen op de zitting. De zithoogte ligt daar vaak op 42 tot 45 cm en de zitdiepte op 50 cm, dus wie gewend is aan een moderne bank zit er rechter in dan verwacht.
Strakke meubels zijn juist gedefinieerd door wat ze weglaten: geen grepen, geen profiel, bladen van 4 tot 6 cm dik en één materiaal per meubel. Gouden meubels en accenten in messing werken hetzelfde als elk metaal in huis, namelijk in herhaling van minstens drie punten in hetzelfde zichtveld.
| Stijl | Waaraan je het meubel herkent | Materiaal en kleur | Waar het in een gemiddelde kamer misgaat |
|---|---|---|---|
| Koloniale stijl | Zware profielen, latwerk of rotan in de panelen, gedraaide of geblokte poten | Massief donker hardhout met beslag in messing of zwart | Meer dan twee grote stukken en de kamer wordt één bruin vlak zonder diepte |
| Frans en brocante | Gebogen poten, lijstwerk, een geceruseerde of afgesleten afwerking | Licht hout, linnen, marmer, gebroken wit en duifgrijs | De zitmaten zijn kleiner: 42 tot 45 cm zithoogte en 50 cm zitdiepte |
| Strak en modern | Geen grepen, rechte lijnen, dunne bladen, zwevend gemonteerd | Eén materiaal per meubel, matte afwerking, weinig kleurverschil | Zwevende kasten vragen een draagkrachtige wand; in gipsplaat moet je de regels raken |
| Industrieel | Zichtbare stalen beugels en bouten, planken op T-dragers, ruw hout | Zwart of blank staal met eiken of steigerhout | Metalen dragers zijn zwaar; tel het gewicht van de beugels bij de belasting op de plug op |
| Goud en messing als accent | Poten, grepen, lampvoeten en lijsten in dezelfde metaalkleur | Geborsteld messing patineert mee, goudkleurig gelakt staal blijft gelijk | Gelakt goud toont vingerafdrukken en is niet bij te werken als de lak beschadigt |
| Luxe woonkamer meubels | Zwaardere onderstellen, een veerkern in de zitting, massieve bladen | Bouclé, fluweel, natuursteen, hout met zichtbare nerf | De ruimte eromheen doet het werk: een groot meubel tegen elke wand haalt het effect juist weg |
Wat je in de winkel meet en wat je thuis narekent
In een toonzaal van duizenden vierkante meters met plafonds van vier meter hoog oogt een bank van 260 cm normaal. In een woonkamer van 380 cm breed is datzelfde meubel twee derde van de wand, en dat verschil is geen gevoel maar een verhouding.
Neem daarom een rolmaat mee en meet het meubel zelf op in plaats van af te gaan op het kaartje. Meet de breedte over de armleuningen, de diepte inclusief de rugkussens en de zithoogte tot de ingezakte zitting.
Wie een middag door de grootste meubelwinkels van Nederland loopt, ziet honderden modellen en onthoudt er drie. Schrijf per model het stofnummer, de vulling en de leverdatum op, want die drie gegevens heb je later nodig en ze staan zelden op de bon.
Vraag ook of losse onderdelen navraagbaar zijn: een zittingvulling, een hoes, een extra module. Bij een modulaire bank betekent dat dat je over vijf jaar een element kunt bijzetten in plaats van de hele bank te vervangen.
Reken thuis alles terug naar je plattegrond. De hoogtes die daarbij horen, van zithoogte tot de onderkant van een hanglamp boven de tafel, vind je terug in de opzoektabel met hoogtes en marges per onderdeel.
Maatwijzer
De hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Onderdeel | Wat | Maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|---|
| Zitten | Bank, zithoogte | 44 cm | 40 tot 48 cm | Meet tot de ingezakte zitting, niet tot het bolle kussen. Hoger kom je makkelijker op en af, lager zit je meer achterover. |
| Zitten | Bank, zitdiepte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Boven 70 cm hangen je voeten vrij en zit je gedwongen onderuit. Loungebanken gaan tot 100 cm en zijn bedoeld om op te liggen. |
| Zitten | Bank, totale hoogte met rugleuning | 80 cm | 75 tot 90 cm | Staat de bank voor een raam, dan blijft hij onder de vensterbank als hij niet hoger is dan 80 cm. |
| Zitten | Fauteuil, zithoogte | 45 cm | 42 tot 48 cm | Een paar centimeter hoger dan de bank scheelt bij het opstaan. Een lage lounge-fauteuil zakt naar 38 cm. |
| Zitten | Salontafel, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Vuistregel: gelijk aan of net onder de zithoogte van de bank. Dan zet je je kopje neer zonder voorover te buigen. |
| Zitten | Salontafel, afstand tot de bank | 40 cm | 35 tot 45 cm | Minder en je knieën stoten tegen de rand, meer en je moet opstaan om je glas te pakken. |
| Zitten | Bijzettafel naast de bank, hoogte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Gelijk met de armleuning, dan pak je je glas zonder te kijken. |
| Zitten | Poef of voetenbank, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Iets lager dan de zitting waar je op zit, anders drukt de rand in je kuiten. |
| Zitten | Doorloop tussen bank en meubel | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm loop je er met een volle wasmand langs. 60 cm is te krap om elkaar te passeren. |
| Zitten | Tv-meubel, hoogte | 45 cm | 40 tot 55 cm | Hierop komt het midden van een 55 inch scherm op ongeveer 80 cm. Wil je het midden op ooghoogte, dan hang je de tv aan de wand. |
| Eten en bar | Barblad, hoogte | 105 cm | 100 tot 110 cm | De barkruk moet 25 tot 30 cm lager zijn dan het blad. |
| Eten en bar | Barblad, diepte | 40 cm | 30 tot 60 cm | 40 cm is een bord plus een glas. Wil je er ook snijden of een laptop neerzetten, dan 60 cm. |
| Eten en bar | Barblad, overstek voor je knieën | 25 cm | 20 tot 30 cm | Zonder overstek zitten je knieën tegen het kastje. Boven 30 cm moet het blad onderstut worden, anders kantelt het als iemand erop leunt. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm | 78 cm | 75 tot 82 cm | Het verschil tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm, want daar passen je bovenbenen. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij aanrechthoogte (90 cm) | 63 cm | 60 tot 67 cm | Hetzelfde verschil van 25 tot 30 cm. Een gewone barkruk van 78 cm is hier te hoog en je zit met je knieën omhoog. |
| Eten en bar | Bar, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Met 60 cm stoot je je elleboog niet tegen je buurman. Onder 55 cm zit je schouder aan schouder. |
| Eten en bar | Eettafel, hoogte blad | 75 cm | 72 tot 78 cm | Vaste maat in de meubelbranche, geen norm. Een dik hardstenen of houten blad telt mee, dus meet de bovenkant. |
| Eten en bar | Eettafel, vrije hoogte onder het blad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Hier zitten je bovenbenen. Een dikke tafelrand, een schuiflade of een dwarsbalk eet die ruimte op. |
| Eten en bar | Eetstoel, zithoogte | 45 cm | 44 tot 47 cm | Het verschil met het tafelblad moet 28 tot 32 cm zijn. Bij een tafel van 78 cm hoort dus een stoel van 46 tot 48 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Een placemat is 45 cm breed, de rest is ruimte voor je ellebogen en je glas. Aan de kopse kant reken je een extra plek van 60 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, diepte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Bij 80 cm raken de borden tegenover elkaar bijna. Bij 90 cm past er een schaal of een kaars in het midden. |
| Eten en bar | Ronde eettafel, diameter | 120 cm voor 4 personen | 110 tot 150 cm | Reken 60 cm omtrek per persoon en houd het midden vrij voor de schalen. Vanaf 140 cm zitten er zes mensen omheen. |
| Eten en bar | Ruimte achter een eetstoel | 100 cm | 75 tot 110 cm | 75 cm om de stoel achteruit te schuiven en op te staan, 100 cm om er ook achterlangs te lopen met een schaal. |
| Aan de muur | Schilderij, hartlijn boven de vloer | 145 cm | 140 tot 155 cm | Vuistregel, geen norm: het midden van het werk op ooghoogte van iemand die staat. Hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig. |
| Aan de muur | Schilderij boven een bank, onderrand | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Lager en het lijkt of het werk op de bank leunt. Door de bank schuift de hartlijn omhoog naar 150 tot 165 cm, en dat mag hier. |
| Aan de muur | Schilderij boven een dressoir, onderrand | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Genoeg om er een lamp of een vaas voor te zetten zonder dat die de lijst raakt. |
| Aan de muur | Wandcollage, ruimte tussen de lijsten | 6 cm | 5 tot 8 cm | Gelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen. Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse lijstjes. |
| Aan de muur | Schilderij in een trapgat, hartlijn | 145 cm boven de neus van de trede | 140 tot 150 cm | Meet loodrecht boven de voorkant van de trede waar je staat. Dan loopt de rij lijsten mee met de trap in plaats van scheef te lijken. |
| Aan de muur | Spiegel in de hal, hartlijn | 155 cm | 150 tot 165 cm | De bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen, anders ziet die zijn kruin niet. |
| Aan de muur | Spiegel boven de wastafel, onderkant | 20 cm boven het blad | 15 tot 25 cm | Ruimte voor de kraan en een zeeppompje. Bij 20 cm kijk je nog recht in je gezicht in plaats van tegen je hals. |
| Aan de muur | Wandklok, hartlijn | 180 cm | 170 tot 200 cm | Boven ooghoogte en boven de meubels, zodat je hem van de andere kant van de kamer ziet en er niemand voor staat. |
| Aan de muur | Tv, midden van het scherm | 105 cm | 100 tot 115 cm | Op ooghoogte als je op de bank zit: bij een zitting van 44 cm zit je oog op ongeveer 115 cm. Boven een schouw kijk je omhoog en dat voel je na een film in je nek. |
| Aan de muur | Tv, kijkafstand | 2 keer de schermdiagonaal | 1,5 tot 2,5 keer | Een 55 inch scherm is 140 cm diagonaal, dus 2 tot 3,5 m. Bij 4K mag je dichterbij zitten omdat je de pixels niet meer ziet. |
| Aan de muur | Stopcontact, hart boven de vloer | 30 cm | 25 tot 35 cm | Gewoonte, geen norm: NEN 1010 schrijft geen hoogte voor, alleen de zones in de badkamer. Achter een dressoir zet je hem net zo goed op 15 cm, boven een werkblad juist hoog. |
| Aan de muur | Schakelaar, hart boven de vloer | 105 cm | 90 tot 110 cm | Ook een gewoonte. 105 cm is de oude Nederlandse standaard: je vindt hem in het donker met je hand op heuphoogte. Voor kinderen en vanuit een rolstoel werkt 90 tot 100 cm beter. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, onderkant | 80 cm boven het blad | 75 tot 90 cm | Laag genoeg om het blad te verlichten, hoog genoeg om iemand tegenover je aan te kijken. Bij een plafond boven 280 cm mag hij iets hoger. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, breedte | 30 cm binnen de rand van het blad | 30 tot 40 cm binnen de rand | Anders stoot je je hoofd als je langs de tafel loopt of een stoel aanschuift. |
| Licht | Hanglamp boven een kookeiland, onderkant | 75 cm boven het blad | 70 tot 85 cm | Boven een blad van 90 cm kom je dan op 165 cm, ongeveer ooghoogte. Kies dus een kap die de lamp van onderaf afschermt. Bij twee of drie lampen reken je 70 tot 90 cm hart op hart. |
| Licht | Hanglamp in de hal of boven de trap, onderkant | 210 cm boven de vloer | 200 tot 230 cm | Vrije doorloop, niemand stoot zijn hoofd. Boven een trap meet je vanaf de hoogste trede die onder de lamp ligt. |
| Licht | Wandlamp, hart | 160 cm | 150 tot 170 cm | Ooghoogte. Schijnt de lamp opzij of omhoog, dan mag hij lager hangen. In een open lamp op ooghoogte kijk je recht in de bron. |
| Licht | Leeslamp naast een stoel, onderkant van de kap | 110 cm | 100 tot 125 cm | Net boven je schouder als je zit, dan valt het licht op de pagina en niet in je ogen. |
| Licht | Vloerlamp naast de bank, onderkant van de kap | 140 cm | 130 tot 150 cm | Je hoofd zit op de bank op ongeveer 130 cm. Blijft de kap daarboven, dan kijk je niet in het lampje. |
| Licht | Bedlamp aan de wand, hart | 65 cm boven de matras | 55 tot 75 cm | Op zithoogte in bed, zodat het licht op je boek valt. Meet vanaf de matras en niet vanaf de vloer, want een boxspring scheelt 20 cm. |
| Licht | Spiegellamp badkamer, twee lampen naast de spiegel | 160 cm hart | 155 tot 170 cm | Licht van de zijkant geeft geen schaduw onder je ogen en je kin. Een enkele lamp boven de spiegel doet dat wel. |
| Licht | Inbouwspot, afstand tot de wand | 70 cm | 60 tot 90 cm | Dichterbij krijg je een felle boog op het stucwerk, verder weg blijft de wand donker. Onderling 100 tot 150 cm, afhankelijk van de stralingshoek. |
| Licht | Buitenlamp naast de voordeur, hart | 190 cm | 170 tot 210 cm | Boven je hoofd, zodat je niet in de lamp kijkt terwijl je het slot zoekt. Op ooghoogte ben je juist blind. |
| Keuken | Aanrecht, hoogte bovenkant blad | 90 cm | 85 tot 95 cm | De Nederlandse standaard: onderkast, verstelbare poten en een blad van 3 tot 4 cm samen. Vuistregel: ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, dus ben je langer dan 1,85 m, draai de poten dan uit. |
| Keuken | Werkblad, diepte | 60 cm | 57 tot 65 cm | Kookplaten en spoelbakken zijn op 60 cm gemaakt. Een diep blad van 70 cm geeft ruimte achter de kookplaat, maar je reikt verder naar de bovenkastjes. |
| Keuken | Bovenkastjes, onderkant boven het werkblad | 55 cm | 50 tot 60 cm | Onder 50 cm past je keukenmachine er niet onder en sta je met je hoofd tegen de deur. Boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap. |
| Keuken | Bovenkastjes, diepte | 35 cm | 32 tot 40 cm | Ondieper dan het werkblad, zodat je er niet tegenaan stoot als je over het blad buigt om te snijden. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaskookplaat, onderkant | 70 cm | 65 tot 75 cm | De vlam en de hete lucht moeten weg kunnen: onder 65 cm boven de pannendrager wordt het vetfilter te heet. Houd altijd de minimummaat uit de handleiding aan, dat is een eis van de fabrikant. |
| Keuken | Afzuigkap boven inductie, onderkant | 60 cm | 55 tot 65 cm | Geen vlam, dus hij mag lager, en lager hangen vangt meer damp. Ook hier is de handleiding leidend, want die maat hoort bij het apparaat. |
| Keuken | Kookeiland, loopruimte rondom | 120 cm | 100 tot 150 cm | Bij 100 cm kun je de vaatwasser openen en er nog langs. Bij 120 cm passeren twee mensen elkaar terwijl er een lade open staat. |
| Keuken | Twee keukenrijen tegenover elkaar, afstand | 120 cm | 110 tot 140 cm | Een ovendeur en een lade die tegenover elkaar open staan hebben allebei ongeveer 60 cm nodig. |
| Keuken | Oven op werkhoogte, bodem van de ovenruimte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Je tilt een hete bakplaat er recht uit in plaats van gebogen. Boven 100 cm til je een schaal boven je middel en zie je niet meer wat erin staat. |
| Keuken | Vaatwasser, nismaat | 60 cm breed, 82 cm hoog | 60 tot 60,5 cm breed | Een onderbouwmodel schuift onder een blad van 90 cm. Een vrijstaand model heeft zijn eigen bovenblad en is ongeveer 85 cm hoog. |
| Keuken | Inbouwkoelkast, nishoogte | 88, 122 of 178 cm | vaste maten per model | De kast volgt de nismaat, dus meet de nis en niet het apparaat. Achter en boven het apparaat moet ventilatieruimte vrij blijven. |
| Keuken | Stopcontact boven het werkblad, hart | 115 cm | 110 tot 120 cm | Dat is 20 tot 30 cm boven het blad, dus vrij van spetters en niet weggewerkt achter de waterkoker. Houd minstens 30 cm afstand tot de spoelbak. |
| Keuken | Keukenplint, hoogte | 10 cm | 10 tot 15 cm | De poten zijn verstelbaar en met de plint stel je de aanrechthoogte fijn in. De plint staat 5 cm terug, zodat je met je tenen onder het kastje kunt. |
| Trap, hal en deur | Trapleuning, hoogte | 90 cm | 80 tot 100 cm (norm) | Norm: het Bouwbesluit, sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving, eist een leuning tussen 80 en 100 cm, gemeten vanaf de voorkant van de trede. Een leuning is verplicht als je over de trap meer dan 1 m stijgt. |
| Trap, hal en deur | Optrede, hoogte van een trede | maximaal 18,8 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw tot 22 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl, voor een woning. Oude trappen zijn vaak 20 tot 21 cm en dat mag blijven zolang je de trap niet vernieuwt. |
| Trap, hal en deur | Aantrede, diepte van een trede | minimaal 22 cm bij nieuwbouw | 22 cm is de ondergrens (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Bij een draaiende trap geldt die maat op de looplijn, dus in de punt van een kwartdraai mag de trede smaller zijn. |
| Trap, hal en deur | Trap, vuistregel voor comfortabel lopen | 2 x optrede + aantrede = 60 cm | 58 tot 64 cm | Geen norm maar een oude vuistregel. 17 op en 26 aan loopt rustig (60), 20 op en 22 aan is een gewone Nederlandse trap (62). Daarbuiten struikel je op de maat. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije breedte | 80 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 70 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Onder 80 cm krijg je een matras of een bank niet naar boven. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije hoogte erboven | 230 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 190 cm (norm) | Norm, gemeten loodrecht boven de voorkant van de trede. Bij een dichtgezette zoldertrap is dit de maat waar je tegen de balk loopt. |
| Trap, hal en deur | Vloerafscheiding langs een trapgat of vide | 100 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 90 cm (norm) | Norm: verplicht zodra het verval meer dan 1 m is. Openingen mogen niet groter zijn dan 10 cm en tussen 20 en 70 cm boven de vloer mag er niets zijn waar een kind op kan klimmen. |
| Trap, hal en deur | Binnendeur, dagmaat van het kozijn | 83 x 201,5 cm | 78, 83, 88 of 93 cm breed; 201,5, 211,5 of 231,5 cm hoog | Industriestandaard, geen norm. Na montage houd je ongeveer 3 cm minder vrije doorgang over, dus voor een rolstoel of rollator kies je een blad van 93 cm. |
| Trap, hal en deur | Deurkruk, hoogte | 100 cm | 95 tot 105 cm | Gewoonte: het slot zit in een standaardkozijn op die hoogte. Verplaatsen kan alleen als je het slotgat in het blad meeverhuist. |
| Trap, hal en deur | Kapstok, hoogte van de haken | 170 cm | 160 tot 180 cm | Een lange jas hangt ongeveer 100 cm af, dus op 170 cm blijft hij vrij van de vloer. Een kinderkapstok komt op 110 tot 120 cm. |
| Trap, hal en deur | Hal, vrije loopruimte | 100 cm | 90 tot 120 cm | Onder 90 cm kun je niet met twee mensen langs elkaar en past er geen kinderwagen naast de kapstok. |
| Trap, hal en deur | Drempel, hoogte | maximaal 2 cm | 0 tot 2 cm | Boven 2 cm struikel je eroverheen en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling over. Een schuine aanloop haalt de rand eraf. |
| Slapen | Bed, bovenkant matras | 55 cm | 45 tot 65 cm | Zit je op de rand met je voeten plat op de vloer en je knieën in een hoek van 90 graden, dan is de hoogte goed. Een boxspring komt vaak op 60 tot 65 cm, een laag frame op 45. |
| Slapen | Matras, standaardmaten | 140 x 200 cm | 80, 90, 120, 140, 160 of 180 cm breed; 200 of 210 cm lang | Ben je langer dan 1,90 m, neem dan 210 cm. Twee losse matrassen van 90 x 210 vullen samen een bed van 180 x 210. |
| Slapen | Nachtkast, hoogte bovenblad | 60 cm | 55 tot 70 cm | Gelijk met of iets boven de matras, dan zet je liggend je glas neer zonder te kijken. Bij een boxspring van 65 cm hoort dus een hoge nachtkast. |
| Slapen | Loopruimte naast het bed | 70 cm | 60 tot 90 cm | 60 cm is genoeg om langs te lopen, 70 cm om het bed op te maken zonder tegen de kast te stoten. |
| Slapen | Kledingroede voor lange kleding | 160 cm | 150 tot 170 cm | Een jas of lange jurk hangt 120 tot 140 cm af, dus eronder blijft nog ruimte voor een lade of een schoenenbak. |
| Slapen | Kledingroede voor korte kleding | 100 cm | 95 tot 110 cm | Hemden en dubbelgevouwen broeken hangen 70 tot 90 cm af. Met twee roedes boven elkaar, op 100 en 195 cm, verdubbel je de hangruimte. |
| Slapen | Kast, diepte voor hangende kleding | 60 cm | 55 tot 65 cm | Een hanger is 45 cm breed en met 60 cm diepte sluit de deur zonder dat de mouwen klem zitten. Is de kast ondieper dan 55 cm, zet de roede dan in de lengte. |
| Slapen | Kast, legborddiepte voor truien en broeken | 40 cm | 35 tot 45 cm | Een opgevouwen trui is ongeveer 30 cm breed. Met 40 cm valt de stapel niet naar voren als je de deur opent. |
| Slapen | Kast, hoogste bruikbare schap | 200 cm | 190 tot 210 cm | Verder reik je niet zonder trapje. Wat boven 210 cm staat, is opslag voor koffers die je twee keer per jaar pakt. |
| Slapen | Hoogslaper, vrije hoogte boven de matras | 100 cm | 90 tot 110 cm | Genoeg om rechtop in bed te zitten. Meet van de bovenkant van de matras tot het plafond, niet tot de bodem van het bed. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, hoogte boven het kozijn | 12 cm | 10 tot 15 cm | Boven het kozijn laat het raam groter lijken en houdt de rail het gordijn uit het glas. Zit het plafond dichtbij, monteer de rail dan 5 tot 10 cm onder het plafond of direct tegen het plafond. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, uitloop naast het kozijn | 20 cm per zijde | 15 tot 25 cm | Daar staat het opzij geschoven gordijn geparkeerd, zodat het niet voor het glas blijft hangen en je het daglicht niet inlevert. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vloer | 1 cm boven de vloer | 0 tot 2 cm | Net vrij van de vloer: het sleept niet en hangt toch recht. Wil je het gordijn op de vloer laten vallen, maak het dan 5 tot 10 cm langer dan de maat tot de vloer. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vensterbank | 2 cm boven de bank | 1 tot 3 cm | Vrij van de bank, zodat het gordijn niet omkrult op de plank en de warmte van de radiator eronder langs kan. |
| Raam en gordijn | Gordijn, stofbreedte | 2 keer de railbreedte | 1,5 tot 2,5 keer | Bij 1,5 keer hangt de stof vlak, bij 2,5 keer krijg je volle plooien. Een wave-rail vraagt 2 tot 2,5 keer, anders staat de golf niet. |
| Raam en gordijn | Rolgordijn of plissé in de dag, speling | 0,5 cm per zijde | 0,3 tot 1 cm | Meet de dagmaat op drie hoogtes en neem de kleinste maat, want een kozijn staat zelden haaks. |
| Raam en gordijn | Vitrage, afstand tot het glas | 5 cm | 3 tot 10 cm | Tegen koud glas wordt de stof vochtig en krijg je vlekken. Verder naar binnen botst hij op de vensterbank of de raamkruk. |
| Raam en gordijn | Vensterbank binnen, diepte | 20 cm | 15 tot 30 cm | Volgt de dikte van de muur plus een overstek van 2 tot 3 cm. Vanaf 20 cm staat een plant er stabiel op. |
| Raam en gordijn | Vensterbank buiten, overstek | 4 cm | 3 tot 5 cm | Met een waterhol aan de onderkant. Zonder dat overstek loopt regenwater terug over de gevel en krijg je vuilstrepen onder het raam. |
| Raam en gordijn | Radiator onder het raam, onderkant | 12 cm boven de vloer | 10 tot 15 cm | Er moet lucht onderlangs kunnen, daar begint de convectie. Houd ook 3 tot 5 cm tussen radiator en wand en 10 cm vrij onder de vensterbank. |
| Werken | Bureau, hoogte blad zittend | 74 cm | 72 tot 76 cm | Je onderarmen liggen horizontaal op het blad en je schouders blijven laag. Kun je het blad niet verstellen, zet dan de stoel hoger en je voeten op een steun. |
| Werken | Zit-stabureau, stahoogte | 105 cm | 95 tot 120 cm | Ellebooghoogte staand. Vuistregel: je lichaamslengte min 75 cm, dus bij 1,80 m kom je op 105 cm. |
| Werken | Bureaustoel, zithoogte | 45 cm | 40 tot 52 cm | Voeten plat op de vloer, knieën iets lager dan je heupen. De gasveer van een bureaustoel dekt dat bereik zelf. |
| Werken | Vrije hoogte onder het bureaublad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Je bovenbenen moeten eronder passen, ook met een lade of een kabelgoot. Houd daarnaast 60 cm breed en 60 cm diep beenruimte vrij. |
| Werken | Bureaublad, diepte | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm staat het scherm op armlengte, 50 tot 80 cm van je ogen, en ligt je toetsenbord er nog voor. |
| Werken | Beeldscherm, bovenrand | op ooghoogte of iets lager | 110 tot 125 cm boven de vloer | Je kijkt dan licht naar beneden en dat is de rustpositie van je ogen. Een laptop op het blad zit ongeveer 20 cm te laag, dus zet hem op een standaard met een los toetsenbord. |
| Werken | Toetsenbord, afstand tot de bladrand | 10 cm | 8 tot 15 cm | Daar rusten je handpalmen. Zonder die strook hangen je armen in de lucht en trekt het in je schouders. |
| Werken | Wandplank boven het bureau, onderkant | 45 cm boven het blad | 40 tot 60 cm | Een A4-ordner is 32 cm hoog, dus die past er nog onder, en je stoot je hoofd niet als je opstaat. |
| Werken | Boekenschap, diepte | 25 cm | 20 tot 30 cm | Een pocket is 12 cm diep, een gebonden boek 16 tot 20 cm. Bij 25 cm staan ze allemaal binnen de rand. |
| Werken | Boekenschap, overspanning zonder steun | 80 cm | 70 tot 90 cm | Boeken wegen al snel 25 kg per meter schap. Bij 18 mm plaatmateriaal blijf je onder 80 cm, anders zakt het schap zichtbaar door. |
| Keuken | Schap voor borden, diepte | 32 cm | 30 tot 35 cm | Een plat bord is 26 tot 28 cm in doorsnee. Met 32 cm houd je een vinger ruimte om de stapel te pakken zonder te schuiven. |
| Badkamer | Wastafel, bovenkant | 85 cm | 80 tot 95 cm | Vuistregel: heuphoogte, dan buig je niet voorover om je handen te wassen. Gebruiken kinderen de wastafel, dan is 80 cm prettiger. |
| Badkamer | Opzetkom, hoogte van het meubel | 75 cm | 70 tot 80 cm | Tel de kom van 10 tot 15 cm erbij op, dan komt de bovenrand op 85 tot 95 cm. Vergeet die optelsom en je wast je handen op keukenhoogte. |
| Badkamer | Handdoekhaak naast de wastafel | 140 cm | 120 tot 160 cm | Binnen handbereik met natte handen, dus naast de wastafel en niet aan de andere kant van de ruimte. |
| Badkamer | Handdoekradiator, onderkant | 20 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Daar zitten de aansluitingen en je kunt eronder dweilen. Hang de bovenkant niet hoger dan 180 cm, anders kom je niet bij de handdoek. Een smalle handdoekradiator geeft weinig vermogen, dus reken hem niet als enige verwarming. |
| Badkamer | Douchekraan, hart | 100 cm | 95 tot 110 cm | Heuphoogte, zodat je de kraan kunt bedienen zonder onder de koude straal te gaan staan. |
| Badkamer | Badkraan, hart | 65 cm | 60 tot 75 cm | Ongeveer 20 cm boven de badrand, dan kun je bijmengen terwijl je in bad zit. |
| Badkamer | Regendouchekop | 210 cm | 200 tot 225 cm | Minstens 20 cm boven het hoofd van de langste gebruiker, want je staat er recht onder. Bij een schuin dak meet je op het punt waar je echt staat. |
| Badkamer | Handdouche aan een glijstang, bovenste stand | 190 cm | 180 tot 200 cm | De stang is 60 tot 90 cm lang, dus de onderste stand komt rond 110 cm. Daarmee spoel je het bad, een kind of de hond af. |
| Badkamer | Toilet, zithoogte | 40 cm | 38 tot 48 cm | Standaard is 40 cm. Een verhoogd toilet van 45 tot 48 cm zit op stoelhoogte en daar sta je makkelijker van op. Bij een hangend toilet bepaal je de hoogte zelf met het inbouwframe. |
| Badkamer | Toilet, vrije ruimte voor de pot | 60 cm | 55 tot 70 cm | Daar staan je knieën en voeten. Zijwaarts wil je 80 cm breedte, anders zit je met je schouder tegen de muur. |
| Badkamer | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 75 cm hoog; 20 tot 30 cm voor de voorkant van de pot | Zittend pak je de rol zo zonder te draaien. Hang je hem naast of achter je, dan verdraai je je rug elke keer. |
| Badkamer | Fonteintje in het toilet, bovenkant | 85 cm | 80 tot 90 cm | Dezelfde hoogte als een wastafel. Let op de draairichting van de deur, want een fonteintje van 40 cm breed vraagt een vrije hoek. |
| Badkamer | Stopcontact in de badkamer | buiten 60 cm van bad of douche | norm, geen gewoonte | NEN 1010 verdeelt de badkamer in zones: binnen 60 cm van de rand van een bad of douche mag geen wandcontactdoos. Alle wandcontactdozen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Veelgestelde vragen
Wat is de gemiddelde diepte van een bank?
De gemiddelde diepte van een bank ligt tussen 90 en 100 cm, gemeten van de voorrand tot de achterzijde van de rugleuning. Een tweezitsbank blijft vaak op 85 tot 95 cm en een loungebank loopt door tot 115 cm.
Losse rugkussens maken het meubel 5 tot 10 cm dieper dan opgegeven, want die vallen naar voren zodra je erop leunt. Tel bij de diepte altijd 45 cm beenruimte op om te weten hoeveel kamerdiepte de bank echt kost.
Is een bank met zitdiepte 50 cm te ondiep?
Nee, 50 cm zitdiepte is een rechte zitmaat en geen fout. Je zit er met je onderrug tegen de leuning en je knieholtes 3 tot 5 cm vrij van de voorrand, en dat is prettig om te lezen, te eten of vanaf de bank te werken.
Het past het beste bij lichaamslengtes tot ongeveer 1,70 m en bij plekken waar je rechtop wilt zitten, zoals een erkerbank of een tweezitsbank in een kleine kamer. Wil je onderuit kunnen zakken, dan heb je 60 cm of meer nodig.
Welke bank past in een erker?
Dat hangt van de erkerdiepte af. Tot 60 cm past alleen een maatwerkbankje met 40 tot 50 cm zitdiepte, tussen 60 en 90 cm werkt een erkerbank op maat met opbergruimte, en vanaf 90 cm kan er een losse tweezitsbank van 160 bij 90 cm of twee fauteuils staan.
Trek van de diepte eerst 10 cm af voor de radiator en 5 cm voor het glas. Wat er dan overblijft, is de ruimte die je voor de zitting hebt, en dat is bijna altijd minder dan de erker op het oog suggereert.
Hoe kun je zelf een bank in de erker maken?
Meet eerst de breedte op drie hoogtes en beide diepten, want erkerwanden staan zelden haaks. Bouw de kast dan 10 mm smaller dan de kleinste maat, zodat hij er zonder wrikken in gaat en je de naad met een latje afwerkt.
Reken de zithoogte terug vanaf het kussen: bij een kussen van 8 cm bouw je de bak op 36 cm om op 44 cm uit te komen. Houd de zitdiepte op 50 tot 55 cm, laat de onderkant open waar de radiator zit, en kies tussen een opklapbaar blad of laden met 55 cm vrije uitschuifruimte ervoor.
Past een hoekbank in een erker?
Een fabrieksmatige hoekbank voor erker is haaks, terwijl de meeste erkers schuine zijwanden van ongeveer 135 graden hebben. In elke schuine hoek blijft dan een driehoek van 20 tot 30 cm over, en die vult zich met stof en kruimels.
Een hoekbank in erker werkt dus vooral in maatwerk, waarbij de hoeken op verstek worden gezaagd. Wil je losse meubels, zet dan twee of drie rechte elementen naast elkaar met een kleine onderbreking ertussen in plaats van ze in elkaar te schuiven.
Is een losse bank in de erker beter dan een vaste erkerbank?
Een losse bank in erker houdt je vrij: je verschuift hem, je neemt hem mee bij een verhuizing en je blokkeert de radiator niet permanent. Het nadeel is dat hij zelden de volle breedte vult, waardoor er aan weerszijden een strook overblijft waar niets gebeurt.
Maatwerk gebruikt de hele breedte, levert opbergruimte onder de zitting en kan rond een radiator of een schuine wand heen gebouwd worden. Dat is een investering in de woning en niet in een meubel, want meeverhuizen doet het niet.
Wat is het voordeel van een bank op hoge poten?
Bij een bank op hoge poten van 15 tot 20 cm loopt de vloer visueel door onder het meubel, en dat leest het oog als ruimte. In een kleine kamer scheelt dat meer dan een smaller model, omdat je niet de bank maar de zichtbare vloer vergroot.
Praktisch levert het schoonmaakruimte op: een zuigmond is 6 tot 7 cm hoog en een robotstofzuiger 9 tot 10 cm. Let wel op de zithoogte, want dezelfde zitting komt op hoge poten 10 cm hoger uit, en op een zachte vloer drukken smalle metalen poten een deuk.
Hoe moet je een kunstleren bank schoonmaken?
Zuig eerst de naden en de hoeken uit, want zand schuurt de toplaag dof. Maak daarna 250 ml lauw water met twee tot drie druppels neutrale zeep, wring een microvezeldoek goed uit en neem het oppervlak in rustige bewegingen af.
Neem na met een tweede doek met alleen water en droog meteen na met een droge doek. Gebruik geen aceton, bleek, schuurspons, stoomreiniger of onderhoudsmiddel voor echt leer: die tasten precies de laag aan die het kunstleer sterk houdt.
Hoe kun je een leren bank herkennen?
Draai een kussen om of kijk bij een naad naar de onderkant. Echt leer heeft een ruwe, vezelige achterzijde en een nerf die nergens exact herhaalt, terwijl kunstleer op een glad textielweefsel ligt en een nerf heeft die om de zoveel centimeter terugkomt.
Kijk ook naar de snijrand: leer laat losse vezels zien en is in de kern vaak lichter van kleur. Let op de omschrijving splitleer, want dat is de onderste laag van een huid met een opgespoten kunststoflaag erover, en die gedraagt zich in onderhoud als kunstleer.
Op welke hoogte hang je wandplanken boven de bank?
Hang de onderkant van de plank ongeveer 30 cm boven de rugleuning. Bij een bank van 80 cm hoog komt de plank dan op 110 cm, hoog genoeg om erachter te zuigen en laag genoeg om er nog bij te kunnen.
Houd de plank aan weerszijden 40 tot 50 cm binnen de bankrand, zodat de bank het brede vlak blijft. Twee planken boven elkaar zet je 35 tot 40 cm uit elkaar, want een A4-ordner is 32 cm hoog en een gemiddeld boek 24 cm.
Hoeveel gewicht houdt een plank boven de bank?
Dat hangt af van de wand en van de overspanning. In gestuukte steen houdt een nylon plug van 8 mm ongeveer 15 kg per punt, in beton 25 kg en in gipsplaat houdt een metalen hollewandplug ongeveer 10 kg; schroef je in de houten regel erachter, dan wordt dat 15 kg.
De plank zelf is de tweede grens: 18 mm hout of mdf buigt boven 80 tot 90 cm vrije lengte zichtbaar door, en boeken wegen 20 tot 30 kg per strekkende meter. Een plank boven bank industrieel op stalen T-dragers lost dat op zolang die dragers 15 tot 20 cm van de uiteinden zitten.
Welk wandmeubel past in een kleine woonkamer?
Een wandmeubel smal van 30 tot 35 cm diep in plaats van de gangbare 40 tot 45 cm, en liefst zwevend gemonteerd zodat de vloer eronder doorloopt. Meet wel eerst het diepste apparaat dat erin moet en tel 5 cm op voor stekkers en kabels.
Ga in de hoogte verder waar de breedte ontbreekt: een smalle kast tot het plafond telt voor het oog als wand en niet als meubel. Houd de bovenste plank onder 210 cm, want daarboven kom je niet zonder trapje.
Welke meubels kies je voor een tuinkamer?
Tuinkamer meubels moeten tegen wisselend vocht kunnen, want in een ruimte die niet doorgestookt wordt loopt het vochtgehalte van hout van 8 naar 18 procent. Gepoedercoat aluminium, vlechtwerk van kunststof en massief teak of acacia doen dat zonder te scheuren.
Wat daar niet hoort, is fineer op mdf of spaanplaat: de kern zuigt vocht op via de onafgewerkte onderkant en zwelt op aan de onderrand. Kies hoezen die je eraf kunt halen en die snel drogen, en leg kussens nooit tegen het koude glas.
Wat zet je aan meubels in een garage?
Garage meubels staan op een koude betonvloer waar condens op neerslaat, dus zet kasten op stelpoten van 5 tot 10 cm en kies gepoedercoat metaal of kunststof boven hout. Spaanplaat dat de vloer raakt, zwelt onderaan binnen een paar seizoenen uit elkaar.
Houd rekening met de auto: je stapt zijwaarts uit en hebt 55 tot 70 cm naast het portier nodig. Een stelling van 40 cm diep past daarom meestal alleen tegen de kopse wand, en een werkblad zet je op ongeveer 90 cm, dezelfde hoogte als een aanrecht.
Welke bank zet je bij een schuifpui?
Een bank voor schuifpui staat het liefst haaks op het glas of met de rug ernaartoe, op minstens 50 cm afstand. Het schuivende paneel loopt langs het glas en kost binnen alleen het kozijn van 10 tot 20 cm, maar de strook ervoor is je looproute naar buiten en die houd je 90 cm breed.
Kies een model op poten en met een rugleuning tot ongeveer 80 cm, dan blijft het zicht naar de tuin heel. Textiel aan de zonzijde verschiet: bij een pui op het zuiden of westen is een kleurechte stof of een geoliede houtsoort de veiligere keuze.
Hoe richt je een woonkamer met een hoekbank in?
Een woonkamer met een hoekbank inrichten begint bij de korte poot, want die van 150 tot 180 cm bepaalt welke looproute je afsnijdt. Zet het lange deel langs de langste vrije wand en laat de korte poot naar de kamer wijzen, niet naar de deur, anders loop je elke dag om het meubel heen.
Reken het blok vloer op 260 bij 210 cm inclusief 45 cm beenruimte. Leg de kant van de longchair bij de bestelling schriftelijk vast, want een spiegelbaar model wordt in de fabriek definitief gemaakt.
Wat maakt een meubel koloniaal?
Koloniaal meubels zijn massief en donker, met zware profielen, panelen van latwerk of rotan en beslag in messing of zwart. De koloniale stijl verwijst naar meubels die Europese kolonisten in tropische gebieden lieten maken, met Europese vormen in lokale houtsoorten.
Praktisch betekent het diepte en gewicht: zo'n kast is vaak 45 tot 50 cm diep en weegt meer dan 100 kg. Zet er in een koloniale inrichting één of twee neer tegen een lichte wand, want meer dan dat maakt van de kamer één bruin vlak. Welke houtsoorten, afwerkingen en beslagtypes daarbij horen, staat bij meubels in koloniale stijl per materiaal.
Wat zijn franse meubels en waarin verschillen ze van landelijk?
Franse meubels hebben gebogen poten, gesculpteerd lijstwerk en een geceruseerde of afgesleten afwerking, vaak met linnen of rotan op de zitting. Landelijke meubels zijn robuuster en rechter van lijn; het verschil zit in het profiel, niet in de kleur.
Let bij aankoop op de zitmaten: een Franse fauteuil zit vaak op 42 tot 45 cm hoogte met 50 cm zitdiepte. Dat is rechter en kleiner dan een moderne bank, dus combineer hem niet met een loungebank van 110 cm diep in hetzelfde zichtveld.
Hoe gebruik je gouden meubels zonder dat het te veel wordt?
Gouden meubels en accenten in messing werken in herhaling: drie punten in hetzelfde zichtveld, bijvoorbeeld de poten van een bijzettafel, een lampvoet en de grepen van een kast. Eén los gouden stuk tussen zwart en chroom leest als een vergissing.
Let op het verschil in materiaal. Geborsteld messing patineert langzaam en wordt donkerder, terwijl goudkleurig gelakt staal gelijk blijft maar vingerafdrukken toont en niet is bij te werken als de lak beschadigt.
Wat maakt woonkamermeubels luxe of strak?
Luxe woonkamer meubels herken je aan het onderstel en de vulling: een veerkern in de zitting, massieve bladen in plaats van fineer, en textiel met een hoog schuurgetal. De ruimte eromheen doet de rest, want een groot meubel tegen elke wand haalt het effect juist weg.
Strakke meubels zijn gedefinieerd door wat ze weglaten: geen grepen, rechte lijnen, bladen van 4 tot 6 cm dik en één materiaal per stuk. Beide richtingen vragen dezelfde discipline in de keuze van materiaal, alleen de ene laat het zien en de andere verbergt het.