Moerbeiboom snoeien
Een moerbeiboom snoei je in de winterrust, van december tot in de eerste helft van februari, en niet van maart…
Vul de maten van je kamer in, zet deuren en ramen op de juiste plek en schuif meubels op schaal rond. Je ziet meteen of het past en hoeveel loopruimte er overblijft.
OpenenDe hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt.
OpenenVul de maten van je kamer in, zet deuren en ramen op de juiste plek en schuif meubels op schaal rond. Je ziet meteen of het past en hoeveel loopruimte er overblijft.
OpenenKies de kleur die je al hebt: je bank, je vloer of je muur. Je krijgt de kleuren die daar bij passen, met de bijbehorende RAL- en verfcodes en het lichtadvies erbij.
OpenenGeef aan wat er in de ruimte gebeurt: vloerverwarming, huisdieren, kinderen, vocht en budget. Je ziet welke vloeren afvallen en waarom.
OpenenKies de windrichting en het uur waarop je de kamer gebruikt. Je ziet welk licht je krijgt, welke kleuren daarin standhouden en welke grauw worden.
OpenenKies je wandtype en het gewicht van wat je wilt ophangen. Je ziet welke bevestiging het houdt, tot hoeveel kilo, en wat je beter niet doet.
OpenenKies je boom, heester of haag en zie in welke maanden je hem snoeit, wat je dan weghaalt en wanneer je juist afblijft.
OpenenEen tuin loopt in dezelfde volgorde vast als een kamer: eerst wat vastligt, dan het water, dan de verharding, dan het groen. De vier maten die de meeste tuinen bepalen zijn 100 cm voor een pad waar een kruiwagen langs moet, 360 bij 290 cm voor een eettafel met zes stoelen buiten, 1 tot 2 cm afschot per meter van de gevel af, en 2 meter tussen een boom en de erfgrens. Waar het terras komt te liggen volgt uit de windrichting en niet uit de plek van de tuindeuren: een achtergevel met de goot op 6 meter legt in juni al 330 cm schaduw de tuin in.
Een tuin is de enige ruimte van het huis waar het weer meedoet, en juist daar beginnen de meeste mensen bij de leukste laag: de planten. De volgorde die wel standhoudt loopt van diep naar hoog, want alles wat onder de grond of onder de tegels hoort, krijg je er later niet meer bij zonder het bovenste weer open te breken.

Begin bij wat blijft: de erfgrens, de schuur, de put, de huisaansluitingen en de boom die je niet weghaalt. Meet de tuin daarna op, teken hem op schaal en volg één zonnige dag lang waar de schaduw valt.
Pas dan valt de beslissing waar de rest aan hangt: waar de verharding ligt en welke kant het water op gaat. Die twee bepalen waar je kunt zitten, waar je loopt en welke strook grond overblijft om in te planten. Hoe je vanaf dat punt een lege tuin invult, staat bij het inrichten van een tuin.
Planten gaan er als laatste in, en dat is geen uitstel. Een boom die je voor de bestrating plant, staat straks met zijn wortels onder de tegels, en een border die klaar is voordat de kruiwagens dat zijn, ligt na de klus plat.
| Fase | Wat je hier vastlegt | Waarom dit niet later kan |
|---|---|---|
| 1. Opmeten en de zon volgen | De maat van de tuin, de windrichting en waar de schaduw om 9, 13, 17 en 20 uur staat | Zonder die vier momenten is de plek van het terras een gok, en dat is de duurste gok in een tuin |
| 2. Wat blijft staan en wat er ligt | Erfgrens, schuur, put, riolering, huisaansluitingen, hoogteverschil, bestaande bomen | Een leiding of een dikke wortel die je pas tegenkomt als de graver er staat, gooit het hele plan om |
| 3. Water | Afschot, waar een bui naartoe loopt, infiltratie in de border of in een grindkoffer | Na de bestrating ligt de helling vast, en een helling die naar de gevel wijst blijft naar de gevel wijzen |
| 4. Verharding en routes | Terras, pad van 100 cm, de plek van de fietsen, de containers en de poort | De fundering onder de tegels gaat erin voordat de tuin dichtligt, want een trilplaat komt er daarna niet meer bij |
| 5. Grote beplanting | Boom, haag, klimplanten tegen de schutting | Een boom vraagt een plantgat van 80 bij 80 cm en wortelruimte eromheen die je achteraf niet meer maakt |
| 6. Border en gazon | Vaste planten, bodembedekkers, graszoden of graszaad | Tot dit moment rijdt alles hier nog overheen, en aangereden grond blijft jaren dicht |
| 7. Meubels, licht en water | Tafel, loungebank, buitenlamp, buitenkraan, waterbak of fontein | Kabel en leiding liggen liefst in dezelfde sleuf als de rest, dus de plek bedenk je eerder dan je hem gebruikt |
Fotografeer de tuin op één zonnige dag om 9, 13, 17 en 20 uur, steeds vanaf dezelfde plek uit een raam boven. Op die vier foto's zie je waar de schaduw van de gevel, de schuur en de schutting staat, en dat is de kaart waarop het terras hoort te liggen.
Voordat de eerste spade de grond in gaat: in een achtertuin lopen de huisaansluiting voor gas, water en elektra, de riolering en vaak een kabel naar de schuur die ooit veel te ondiep is gelegd. Graaf de eerste 50 cm met de hand en huur pas een machine als je weet wat er ligt.
Het terras belandt meestal tegen het huis omdat de deuren daar zitten. In Nederland, rond 52 graden noorderbreedte, staat de zon op 21 juni om het middaguur ruim 60 graden hoog en op 21 december nog geen 15 graden, en dat verschil beslist of die plek klopt.
Een zonnestand vertaalt zich rechtstreeks in schaduwlengte. Bij ruim 60 graden is de schaduw ongeveer de helft van de hoogte die hem werpt, eind maart en eind september ruim één keer die hoogte, en in december bijna vier keer.
Een achtergevel met de goot op 600 cm legt in juni dus zo'n 330 cm schaduw in de tuin en eind september bijna 8 meter. In een tuin op het noorden staat het terras daarom achterin, tegen de achterste erfgrens, en niet bij de tuindeuren.
Een schutting van 180 cm doet hetzelfde op kleinere schaal: ongeveer 100 cm schaduw in juni en 230 cm in maart. In een tuin van 6 meter breed is dat bijna de helft van de breedte, en dat is de reden dat een dichte schutting rondom een tuin koeler en donkerder maakt dan mensen verwachten.
De tabel zet per richting bij elkaar wanneer de zon er valt en wat dat voor de zitplek en de beplanting betekent. De richting weegt daarbij zwaarder dan de maat: een terras of balkon op het westen is in september 's avonds nog bruikbaar, terwijl op het noordoosten de zon er in juli om acht uur 's avonds al af is.
| Richting van de tuin | Wanneer de zon er valt | Waar de zitplek dan het beste ligt | Wat er groeit |
|---|---|---|---|
| Noorden | Alleen kort in de vroege ochtend en de late avond tussen eind maart en eind september; de rest is hemellicht zonder slagschaduw | Zo ver mogelijk van de gevel, want de schaduw van het huis reikt in juni al 330 cm de tuin in | Hosta, varens, hortensia en klimhortensia; lichte bestrating en een lichte schutting kaatsen terug wat er aan licht is |
| Noordoosten | Van zonsopkomst tot een uur of tien, en alleen in de maanden dat de zon in het noordoosten opkomt | Bij de keukendeur als ontbijtplek; voor de avond heb je een tweede zitplek nodig | Planten die geen middagzon verdragen, want na tienen blijft het hier koel |
| Oosten | Van zonsopkomst tot de zon pal zuid staat, in de zomertijd rond half twee | Dicht bij huis werkt hier wel, want de ochtendzon komt laag onder de schaduw van de gevel door | Bloeiende heesters die geen droogte willen; een ontbijttafel wordt hier in juli niet te warm |
| Zuidoosten | Van zonsopkomst tot een flink stuk na het middaguur, het hele jaar door | Vrijwel overal; dit is de richting met de minste beperkingen | Fruitbomen en vaste planten; in augustus is het hier 's avonds aangenaam koel |
| Zuiden | Vrijwel de hele dag, in de zomer van een uur of acht tot half acht 's avonds | Met schaduw erbij: een boom, een pergola of een doek, want rond het middaguur staat de zon ruim 60 graden hoog | Lavendel, salie en rozemarijn; donkere bestrating houdt de warmte vast en lichte bestrating spiegelt fel |
| Zuidwesten | Vanaf een uur of elf tot zonsondergang, in juni tot tien uur 's avonds | Vrij in de tuin, met lichte schaduw van een boom voor de uren rond het middaguur | Alles wat volle zon wil, met bodembedekkers eronder om de grond koel en dicht te houden |
| Westen | Van het middaguur tot zonsondergang, in de zomer tot tien uur 's avonds | Tegen een muur die de warmte van de middag vasthoudt, want daar zit je in september nog | Planten die late hitte aankunnen; de muur straalt 's avonds na en droogt de grond ervoor uit |
| Noordwesten | Vanaf het midden van de middag tot zonsondergang, en alleen in de zomermaanden | Achterin voor de avondzon; overdag is dit een schaduwtuin | Hortensia en Japanse esdoorn, die de volle middagzon toch niet willen |
Zon op de kalender is niet hetzelfde als zon in de tuin. De schuur van de buren, een rij populieren of een flat aan de zuidkant schuift de schaduw op een manier die geen windrichting voorspelt, dus kijk altijd eerst zelf een dag mee.
Een tuin raakt niet vol van meubels maar van de ruimte eromheen. Een eettafel van 160 bij 90 cm lijkt op een terras van 3 bij 3 meter ruim te passen, tot de stoelen meetellen: 75 cm om er achteruit uit te stappen en 100 cm waar iemand met een schaal achterlangs moet.
Daarmee wordt het blok verharding 310 bij 240 cm als de tafel met een korte zijde tegen een muur staat, en 360 bij 290 cm als hij vrij staat. Dat is de maat waarop je bestelt, niet de maat van het blad.
Voor een pad is 100 cm de werkmaat. Een kruiwagen is ongeveer 60 cm breed en jij loopt er nog naast, dus bij 60 cm pad zet je in elke bocht een wiel in de border. Een pad dat alleen naar de container loopt mag terug naar 80 cm.

Neem als voorbeeld een rijtjeshuistuin van 6 bij 9 meter op het noorden. Het terras ligt achterin omdat daar de zon staat, het pad loopt er in een rechte lijn heen, en de berging staat in de strook die toch al in de schaduw van het huis valt.
| Wat je buiten doet | Wat je ervoor neerzet | Blok verharding dat dat kost | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Eten met zes personen | Tafel van 160 bij 90 cm met zes stoelen | 360 bij 290 cm vrijstaand, 310 bij 240 cm met een korte zijde tegen een muur | De stoelpoten: op gras en grind zakken ze weg, dus dit hele blok moet verhard zijn |
| Eten met vier personen | Tafel van 120 bij 80 cm of een ronde van 120 cm | 320 bij 280 cm rechthoekig, 320 bij 320 cm rond | Een ronde tafel vraagt aan alle kanten dezelfde vrije ruimte en past daardoor slecht in een hoek |
| Loungen | Buitenbank van 200 bij 80 cm met een lage tafel van 100 bij 60 cm | 200 bij 200 cm: bank, 45 cm beenruimte en de tafel | De diepte: een loungebank is 80 tot 100 cm diep, een stuk meer dan een eetstoel |
| Schaduw maken | Parasol met een voet van 50 bij 50 cm | Schaduwvlak van 250 tot 350 cm doorsnede, dat met de zon meedraait | Het gewicht: een vrijstaande parasol vraagt 40 tot 70 kg aan voet, en die staat de hele zomer in de weg |
| Naar achteren lopen | Tegels of klinkers in een rechte lijn | 100 cm breed, of 80 cm als er alleen een container overheen gaat | De bocht: een kruiwagen van 60 cm breed rijdt bij elke draai de border in |
| Fietsen en containers kwijt | Twee fietsen naast elkaar en twee containers van 240 liter | 200 bij 200 cm verhard, met 90 cm doorgang ernaartoe | De poort: een container van 240 liter is ongeveer 58 cm breed en 74 cm diep en moet er los doorheen |
| Spullen opbergen | Berging of tuinhuis | 250 bij 200 cm, plus 50 cm vrij rondom om te kunnen schilderen | De deur: draait hij naar buiten, dan is er ook 90 cm vlak terrein voor nodig |
| Buiten koken | Barbecue of werkblok van 120 bij 60 cm | 120 bij 180 cm, met 100 cm vrij aan de kant waar je staat | De hitte: op minder dan 2 meter van een schutting of een haag blakert het hout en het blad |
Leg de maat van het terras met een tuinslang of met schilderstape op de grond en zet de tafel en de stoelen er een avond op, ook als de tegels er nog niet liggen. Schuif je een stoel achteruit het gras in, dan is het terras 40 cm te klein en niet de tafel te groot.
Regen is in een tuin een rekensom. Eén millimeter neerslag is één liter per vierkante meter, dus een bui van 20 mm legt op een terras van 40 m² achthonderd liter neer, en een regenton van 200 liter is daar na een kwartier bij vol.
Leg daarom 1 tot 2 cm afschot per strekkende meter, altijd van de gevel af, en houd de bovenkant van de tegels minstens 5 cm onder de onderdorpel van de tuindeur. Helt het terras naar het huis, dan staat het water bij elke stevige bui tegen het metselwerk en trekt het in de gevel.
Wijs daarna aan waar het water heen mag: een border met een verlaagde rand, een grindkoffer van 60 bij 60 cm gevuld met grof grind, of een strook grasbetontegels langs het terras. Zandgrond neemt een bui in een paar uur op en klei en veen niet, dus graaf een gat van 30 cm diep, vul het met water en kijk hoe lang het blijft staan. Staat het er de volgende dag nog, dan is infiltreren geen route en moet het water over het maaiveld weg.
De opbouw onder de tegels bepaalt of het terras vlak blijft liggen. De straatlaag is de laag waar bijna iedereen te veel van gebruikt: meer dan 3 cm zand onder een tegel blijft jarenlang naklinken, en dan zakt precies de tegel waar je stoelpoot op staat. Hoe je zo'n opbouw combineert met een waterbak of een fonteintje staat bij water in de tuin zonder vijver.
Hemelwater van een terras mag lang niet overal de riolering in. Veel gemeenten verlangen bij nieuwe verharding dat het water op eigen terrein blijft, soms met een eis in liters per vierkante meter. Kijk het omgevingsplan van je gemeente na voordat je een afvoer aanlegt.
Onkruid tussen tegels komt zelden uit de grond eronder. Het kiemt in de vuillaag bovenin de voeg: blad, stuifzand en algen die in twee seizoenen een laagje aarde vormen waar zaad net genoeg houvast in vindt. Wie die laag weghaalt, heeft minder werk dan wie elke plant apart aanpakt.
Dat verklaart waarom vegen beter werkt dan het lijkt. Een ronde met een straatbezem in het voorjaar en nog een eind augustus houdt de voeg schoon, terwijl een hogedrukreiniger de voeg in één keer leegblaast en je het voegzand daarna moet bijvullen.
Zout en azijn horen niet in dit rijtje, en niet alleen omdat ze slecht werken. Gebruik je ze om planten dood te maken, dan gebruik je ze volgens de wet als gewasbeschermingsmiddel, en dat mag alleen met een middel dat het Ctgb voor dat doel heeft toegelaten. Zout en azijn hebben die toelating niet, ook al liggen ze gewoon in de winkel.
Het mechanisme erachter maakt het erger dan een boete. Natrium duwt calcium en magnesium van de bodemdeeltjes af, waardoor de grond dichtslaat en er jarenlang niets meer groeit, ook niet wat je er wel wilt hebben. Chloride tast daarbij beton, metselwerk en wapening aan, en een terras ligt vaak strak tegen de fundering. Wat op jouw plek en jouw soort onkruid wel werkt, zoek je op met de onkruidwijzer per plek en per soort, en de uitwerking per methode staat bij onkruid weghalen zonder zout of azijn.
| Methode | Waar hij werkt | Hoe lang het wegblijft | Waar je op let |
|---|---|---|---|
| Kokend water | Tussen tegels en tegen een muur, op mos en jong onkruid | 3 tot 6 weken | Een halve liter per pol, zodat de hele voet nat wordt; paardenbloem, zevenblad en brandnetel lopen binnen twee weken weer uit |
| Onkruidbrander op gas | Tegels en grind, op onkruid tot ongeveer 5 cm hoog | 2 tot 3 weken, dus een ronde in maart, mei en augustus | 1 tot 2 seconden per plant tot het blad glazig wordt; niet langs een houten schutting, niet onder een overkapping en niet bij droogte |
| Stoom of heet water met een machine | Tegels, grind en vlak langs een schutting | 6 tot 10 weken, dus 3 tot 4 rondes per seizoen | Er komt geen vlam aan te pas, dus dit kan wel tegen hout; wortelstokken overleven het nog steeds |
| Voegenkrabber | Voegen tussen tegels en klinkers | 2 tot 4 maanden | Krab niet zo diep dat het voegzand wegloopt, want dan gaan de stenen wiebelen; op travertijn en kalksteen krast een stalen mesje |
| Vegen met een straatbezem of onkruidborstel | Het hele terras, als ronde in het voorjaar en eind augustus | 4 tot 8 weken, afhankelijk van hoeveel blad er valt | Een stalen borstel neemt voegzand mee, dus vul dat bij voordat de stenen scheef komen te liggen |
| Wieden met een onkruidsteker | Border en gazon, en tussen tegels bij penwortels | Weg is weg, zolang de hele wortel meekomt | Zevenblad en hondsdraf lopen uit vanaf een wortelstukje van een centimeter; reken op twee seizoenen herhalen |
| Bodembedekkers of een mulchlaag van 5 tot 8 cm | Border en onder heesters | Twee tot drie jaar, tot de laag is afgebroken | Wortelonkruid dat er al staat groeit er dwars doorheen, dus dat moet er eerst helemaal uit |
| Gronddoek onder nieuwe verharding of grind | Alleen bij nieuwe aanleg | Tien jaar of langer, zolang het doek heel is | Houdt alleen tegen wat van onderaf komt; zaad dat in de voeg valt kiemt er gewoon bovenop, en in een border werkt doek averechts |
| Middel met een Ctgb-toelating, bijvoorbeeld op basis van pelargonzuur | Tegels, grind en tegen een muur | Op wortelonkruid 2 tot 4 weken, want de wortel blijft leven | Controleer het toelatingsnummer in de toelatingendatabank van het Ctgb en houd kinderen en dieren van het oppervlak tot het droog is |
Bij snoeien zit de schade bijna nooit in de schaar maar in de maand. Dezelfde knip is in februari een vormsnoei en in mei een wond die blijft bloeden of een nest dat je verstoort.
Drie regels verklaren het grootste deel van de kalender. Bomen die sterk bloeden, zoals berk, esdoorn, walnoot, druif en moerbei, snoei je niet van maart tot mei maar in de winterrust of juist in de nazomer.
Heesters die op oud hout bloeien, zoals sering, forsythia en boerenhortensia, snoei je vlak na de bloei, want de knoppen voor volgend jaar zitten al op de takken die er nu staan. Heesters die op nieuw hout bloeien, zoals pluimhortensia, vlinderstruik en clematis uit groep 3, zet je in februari of maart terug en die bloeien in dezelfde zomer gewoon weer.
De derde regel gaat over vogels. Tussen 15 maart en 15 juli knip je geen haag en geen dicht bladerdak: de zorgplicht uit de natuurwetgeving, sinds 2024 opgenomen in de Omgevingswet, verbiedt het verstoren van een nest dat in gebruik is. Die twee data zijn een vuistregel en geen garantie, want een merel kan in februari al zitten en een houtduif in augustus nog, dus kijk eerst in de haag. Per soort staan de maand en de reden in de snoeikalender met achtenveertig soorten, en het snoeien van vormbomen als de dakmoerbei staat uitgewerkt bij snoeien per soort en per seizoen.
| Periode | Wat er dan aan de beurt is | Waarom juist dan |
|---|---|---|
| December tot februari | Appel, peer, rode en witte bes, druif, leilinde, en de moerbei als vrije boom | De plant is in rust en er staat geen druk op het sap, en zonder blad zie je de vorm waar je in snoeit |
| Februari tot begin maart | Dakmoerbei en dakplataan terug op de knobbels, pluimhortensia, clematis groep 3, herfstframboos en siergrassen | Vlak voor het uitlopen: de plant heeft de hele zomer om terug te groeien en bloeit op het hout dat daarna komt |
| Maart tot half april | Grootbloemige rozen, vlinderstruik, boerenhortensia en bolcatalpa | De zware nachtvorst is voorbij; bij de roos is de bloei van de forsythia de oude vuistregel voor het moment |
| Mei tot begin juni | Buxus, en sering en forsythia vlak na hun bloei; sneeuwbal in juni | Deze soorten zetten meteen na de bloei de knoppen voor volgend jaar aan, dus later snoeien kost je een bloeiseizoen |
| Eind juni tot half juli | Vormsnoei van beuk, taxus, haagbeuk en liguster; Salvia, Nepeta en Geranium na de eerste bloei | De eerste groeischeut is uitgehard en er komt nog een tweede, dus de haag zit in september weer dicht. Zit er een nest in, wacht dan tot na 15 juli |
| Juli en augustus | Blauweregen, klimroos die één keer bloeit, pruim, kers, zomerframboos, walnoot en bolacacia | Bij steenfruit sluit een wond in droog, warm weer snel, waardoor loodglans en bacteriekanker minder kans krijgen |
| Augustus en september | Lavendel na de bloei, berk en esdoorn, en de tweede beurt van haagbeuk en liguster | Lavendel moet nog uitlopen voor de winter en verdraagt geen snee in het oude hout; berk en esdoorn bloeden nu het minst |
| Oktober en november | Braam na de oogst, en verder vooral opruimen en afvoeren | De plant trekt zijn sappen terug. Vorstgevoelige soorten en holle stengels laat je juist staan, want dat oude loof beschermt het hart |
Snoei nooit meer dan een kwart van het levende hout in één seizoen weg, behalve bij soorten waar terugzetten tot op het raamwerk de methode is, zoals een dakmoerbei of een pluimhortensia. Boven dat kwart reageert een boom met waterlot: rechte, slappe scheuten die je het jaar erna allemaal weer moet wegknippen.
De randen van een tuin zijn het enige deel waar je niet alleen over gaat. Voor beplanting staat de afstand in het Burgerlijk Wetboek: een boom hoort op minstens 2 meter van de erfgrens, gemeten vanuit het midden van de voet, en een haag of heester op minstens 50 cm.
Daar zitten uitzonderingen op. Een gemeentelijke verordening of een plaatselijke gewoonte kan een kleinere afstand toestaan, de buren kunnen toestemming geven, en staat de boom er langer dan twintig jaar, dan is het recht om verwijdering te eisen verjaard.
Voor takken en wortels geldt een eigen volgorde. Hangt er een tak over jouw erf, dan mag je die niet zomaar afzagen: je vraagt de eigenaar eerst schriftelijk om het te doen, en pas als hij dat nalaat mag je het zelf. Wortels die jouw kant op groeien mag je wel meteen afsteken.
Bij een schutting gaat het om de hoogte en de plek. Een erfafscheiding tot 1 meter mag vrijwel overal zonder vergunning, en tot 2 meter mag het als hij achter de voorgevelrooilijn staat en meer dan 1 meter van openbaar toegankelijk gebied. Het omgevingsplan van je gemeente kan daarvan afwijken, dus kijk dat na voordat de palen erin gaan.
Een dichte schutting van 180 cm rondom kost meer dan hij oplevert. Hij geeft 100 cm schaduw in juni en 230 cm in maart, en hij stopt de wind niet maar duwt hem eroverheen, waardoor er vlak achter de schutting juist een wervel ontstaat. Een scherm dat half open is remt de wind tot ongeveer tien keer zijn eigen hoogte verderop, en een haag doet hetzelfde; hoe je die daarna in vorm houdt staat bij het knippen van een haag op het juiste moment.
| Wat er aan de rand staat | De maat of de regel | Waar het van afhangt |
|---|---|---|
| Boom | Minstens 2 meter van de erfgrens, gemeten vanuit het midden van de voet | Artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek; een gemeentelijke verordening, een plaatselijke gewoonte of toestemming van de buren kan korter toestaan, en na twintig jaar is het verjaard |
| Haag of heester | Minstens 50 cm van de erfgrens | Hetzelfde artikel. Een haag precies op de grens werkt alleen als beide buren meebetalen en meeknippen, want je moet er van twee kanten bij kunnen |
| Overhangende tak van de buren | Eerst schriftelijk vragen of de eigenaar hem weghaalt, daarna pas zelf zagen | Artikel 5:44; wortels die jouw kant op groeien mag je wel meteen afsteken, ook zonder te vragen |
| Erfafscheiding tot 1 meter | In de regel vergunningvrij, ook voor de voorgevel | Het omgevingsplan en een eventuele erfdienstbaarheid gaan voor |
| Erfafscheiding tot 2 meter | Vergunningvrij achter de voorgevelrooilijn en op meer dan 1 meter van openbaar toegankelijk gebied | Bij een hoekwoning of een pad langs de tuin ligt die grens anders dan je denkt, dus kijk het na in het omgevingsloket |
| Beukenhaag | 3 planten per meter, eindbreedte 40 tot 60 cm | Reken vanaf de grens 50 cm plus de halve breedte voordat je de plantlijn uitzet, anders staat de helft straks bij de buren |
| Taxushaag | 3 tot 4 planten per meter, 15 tot 30 cm groei per jaar | Taxus, beuk en liguster lopen weer uit als je ze in het oude hout terugzet, een coniferenhaag van thuja of chamaecyparis niet |
| Een boom die weg moet | Soms vergunningvrij, soms niet | Dat verschilt per gemeente en hangt af van de stamomtrek, de soort en of de boom op een lijst staat; monumentale bomen blijven vrijwel altijd staan |
Een balkon en een patio zijn geen kleine tuin maar een andere situatie. Op een balkon telt gewicht, op een patio telt lucht.
Begin op een balkon bij de vloer. Een pot van 40 liter weegt met natte potgrond al gauw 40 tot 50 kg, en vier van die potten plus een tafel en twee mensen zijn samen een paar honderd kilo op een paar vierkante meter. Zet het zware werk daarom tegen de gevel en niet aan de balustrade, want een uitkragend balkon draagt dicht bij de muur het makkelijkst.
De tweede beperking is wind. Op de vierde verdieping staat meer wind dan in een achtertuin, en een plantenbak aan de buitenzijde van de balustrade hangt boven de stoep. Hang bakken aan de binnenkant, en vraag bij een appartement na wat de vereniging van eigenaars toestaat aan de gevel en aan het hek, want dat is gemeenschappelijk eigendom. Wat er verder wel past in een strook van anderhalve meter diep staat bij het inrichten van een balkon of terras.
Een patio heeft precies het omgekeerde probleem: daar staat juist geen wind. De muren houden de warmte van de dag vast en geven die 's avonds weer af, wat in september prettig is en in juli benauwd. Water kan er meestal maar één kant op, dus een verstopte afvoer zet een besloten tuin veel sneller blank dan een open tuin. Hoe je met muren rondom toch licht en lucht houdt, staat bij een patiotuin met muren aan alle kanten.
| Buitenruimte | Wat er anders is dan in een tuin | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|
| Balkon van 150 bij 400 cm | Alles staat in een strook van anderhalve meter diep, dus meubels van 60 cm diep en een tafel die inklapt | De doorloop: houd 60 cm vrij langs de meubels, anders kom je er met een wasmand niet langs |
| Dakterras | Volle zon, veel wind en een dakbedekking die je niet mag beschadigen | Het gewicht per vierkante meter en de plek van de afvoer: tegeldragers en een vlonder mogen die nooit afsluiten |
| Patio of binnentuin | Muren rondom: schaduw, opgeslagen warmte en nauwelijks luchtbeweging | Water met maar één uitweg, en planten die in de luwte eerder schimmel krijgen omdat het blad niet opdroogt |
| Frans balkon | Een hek voor de deuren en geen vloer om op te staan | Alles hangt aan dat hek, dus het gewicht per haak en de vraag of er iets aan de gemeenschappelijke gevel mag |
| Voortuin | Openbaar zicht, vaak op het noorden, en de fietsen en containers moeten er ook staan | De verharding: een tegel eruit en een plant erin scheelt precies het water dat nu de straat op loopt |
| Vensterbank buiten | Een strook van 15 tot 30 cm diep, in volle zon of in volle schaduw | De potmaat: onder 20 cm doorsnede is de grond op een zomerdag binnen een dag kurkdroog |
Reken in juli op dagelijks water bij potten in de zon. Een pot van 10 liter is binnen een dag droog en een pot van 40 liter houdt het twee tot drie dagen vol. Is potgrond eenmaal kurkdroog, dan stoot hij water af: zet de pot een halfuur in een emmer water tot er geen luchtbellen meer opkomen.
Snoeien: wanneer, hoe en met welk gereedschap
Een moerbeiboom snoei je in de winterrust, van december tot in de eerste helft van februari, en niet van maart…
Een moerbei dakboom snoei je elk jaar in februari, uiterlijk in de eerste week van maart, op een droge dag…
Een dakmoerbei snoei je elk jaar in februari, uiterlijk in de eerste week van maart, en dan gaan alle roeden…
Patiotuin en binnentuin: veel sfeer op weinig meters
Een patiotuin is een tuin van meestal 10 tot 40 vierkante meter die aan drie of vier kanten wordt ingesloten…
Een patio uit een voorbeeld werkt bij jou alleen als je de rekensom overneemt en niet de opstelling. De hoogte…
Een inspiratiebeeld van een patio is bijna altijd in de zomer gemaakt, en vaak op een breedte waar de zon…
Onkruid weg: wat werkt, wat mag en wat kapot maakt
Zout werkt door het blad uit te drogen, en daar houdt het op: de penwortel of de wortelstok eronder blijft…
Strooizout is natriumchloride dat voor gladheid is toegelaten: op onkruid droogt het het blad uit, laat het de wortel leven…
Onkruid met zout bestrijden haalt het blad een paar weken weg en laat in de grond twee stoffen achter die…
Terras en balkon inrichten, overkappen en meubileren
Een balkon richt je in op drie gegevens die je niet kiest: de bruikbare diepte tot de binnenkant van de…
Een bar onder een overkapping werkt als het blad op 105 cm ligt, elke kruk 60 cm breedte krijgt en…
Een industriële overkapping is een gewone terrasoverkapping met dunne donkere profielen, veel glas en geen versiering. De meeste zijn van…
De tuin inrichten: indeling, zon en onderhoud
Een fontein zonder wateraansluiting is een gesloten circuit: je vult een schaal, bak of verzonken reservoir één keer met de…
Water in de tuin zonder vijver begint bij de vraag wat het water moet doen: vogels laten baden, insecten laten…
Een waterbak in de tuin is een vijver boven de grond: minder water, geen bodem eromheen die de temperatuur vasthoudt,…
De tools die bij tuin & buiten horen.
Kies de plek en het soort onkruid. Je ziet welke aanpak werkt, wat er wettelijk mag op verharding en in de tuin, en wat zout en azijn echt doen met je bodem.
Kies je boom, heester of haag en zie in welke maanden je hem snoeit, wat je dan weghaalt en wanneer je juist afblijft.