Naar de inhoud
Bekijk de rekenhulpen

Een wandkast hangend ophangen: hoogte, diepte en bevestiging

11 minuten lezen Kasten & opbergen Bijgewerkt 12 september 2026

Een hangende wandkast belast de muur op twee manieren tegelijk: hij duwt met zijn volle gewicht naar beneden en trekt bovenaan van de wand af, en die trekkracht groeit met de diepte en krimpt met de hoogte van de kast. In de keuken hangt de onderkant 55 cm boven het werkblad en is de kast 35 cm diep, boven een dressoir 40 cm boven het blad en 25 tot 35 cm diep. Wat een wand per bevestigingspunt houdt loopt van 10 kg in gipsplaat tot 25 kg in beton, en voor een kast vallen de hollewandpluggen af: die hoort aan een houten regel, aan de steen erachter of aan een chemisch anker. Wie eerst het volle gewicht uitrekent en daarna pas de plug kiest, hangt de kast één keer op.

Dit heb je nodig

Tijd
een halve dag voor twee kastjes
Moeilijkheid
Goed zelf te doen, maar niet alleen
Kosten
5 tot 30 euro aan pluggen, schroeven en een rachel

Gereedschap

  • Rolmaat en potlood
  • Waterpas van minstens 60 cm, liever 120 cm
  • Leidingdetector voor stroom en metaal
  • Magneet om de schroefkoppen in een gipsplaten wand te vinden
  • Boormachine met klopstand, of een SDS-boorhamer bij beton
  • Steenboor 8 mm en een houtboor voor voorboren
  • Accuschroevendraaier met kruiskopbit
  • Stofzuiger of een blaasbalgje om het boorgat leeg te maken

Materiaal

  • Nylon pluggen 8 mm met schroeven van 6 bij 60 tot 80 mm
  • Verstelbare kastophangers met haaklat, of een doorlopende ophangrail
  • Rachel of vulblokjes van 18 mm voor een voorzetwand
  • Koppelschroeven om twee kasten aan elkaar te zetten
  • Vulstrook of sluitlat voor de naad langs een scheve muur

Wat er aan de wand komt te hangen en wat dat weegt

Een hangende wandkast levert vloer op en verplaatst de vraag naar de muur. Het gewicht dat telt is niet dat van de kast, maar dat van de kast plus alles wat je erin zet, en dat tweede is bijna altijd het zwaarste deel.

Een leeg keukenkastje van 60 cm breed en 70 cm hoog weegt 15 tot 20 kg, want plaatmateriaal van 16 mm weegt ongeveer 11 kg per vierkante meter. Zet je er servies in, dan komt daar 15 tot 25 kg bij en hangt er 35 kg aan twee schroeven. Welke kastvorm bij welke spullen hoort en wanneer staand beter uitpakt, staat bij kasten en opbergruimte kiezen.

Reken de inhoud dus op voordat je een plug kiest. De gewichten hieronder gelden per strekkende meter schap en zijn de posten die in een hangkast het verschil maken:

  • Boeken en tijdschriften: 20 tot 30 kg per meter bij een schapdiepte van 25 cm.
  • Volle A4-ordners: ongeveer 1,5 kg per stuk, dus 15 tot 25 kg per meter.
  • Servies: een stapel van twaalf platte borden weegt 6 tot 10 kg, porselein onderin dat bereik en dik aardewerk erboven.
  • Voorraadpotten van een liter: ongeveer 1,3 kg per volle pot, dus een rij van acht haalt ruim 10 kg.
  • Flessen: een volle literfles weegt rond 1,5 kg, waarmee tien flessen zwaarder zijn dan het servies in het kastje ernaast.
  • Handdoeken en linnengoed: 5 tot 10 kg per meter, het lichtste wat je in een hangkast kwijt kunt.

Tel het eigen gewicht van de kast bij die inhoud op en je hebt het getal waarmee je naar de wand kijkt. Wat jouw muur per bevestigingspunt houdt, kun je per wandsoort, gewicht en soort object opzoeken voordat je de boor pakt.

Twee bevestigingspunten verdubbelen die draagkracht niet. Reken met anderhalf keer wat één punt houdt, want een kast trekt zelden precies even hard aan beide punten, en bij vier punten met ongeveer drie keer.

Let op

Het gewicht van de kast staat in de handleiding, het gewicht van de inhoud niet. Een kastje dat leeg netjes aan twee hollewandpluggen bleef hangen, staat vol op het dubbele of het drievoudige en zakt dan alsnog millimeter voor millimeter uit de plaat.

Hoe diep de kast is, bepaalt hoe hard hij aan de bovenkant trekt

Een kast aan de wand belast zijn bevestiging op twee manieren tegelijk. Het volle gewicht werkt recht naar beneden langs de muur, en omdat het zwaartepunt ongeveer een halve kastdiepte voor de muur ligt, kantelt de kast naar voren en trekken de bovenste schroeven uit de wand.

Zolang de achterwand onderaan tegen de muur drukt, schat je die trekkracht met één deling: het volle gewicht maal de halve diepte, gedeeld door de hoogte tussen de bovenste schroeflijn en de onderkant van de achterwand. Dat is de hefboom waar de kast omheen wil draaien.

Daar zit de reden in waarom diepte en hoogte zwaarder wegen dan het gewicht alleen. Een kastje van 35 cm diep en 70 cm hoog met 35 kg erin trekt bovenaan met ongeveer 9 kg, terwijl hetzelfde kastje van 36 cm hoog met maar 20 kg erin met 11 kg trekt: de hefboom is van 65 naar 31 cm gekrompen.

Voor de verticale last geldt dat niet. Die is en blijft het volle gewicht, hoe hoog of hoe ondiep de kast ook is. Je kijkt dus naar twee getallen tegelijk, en de zwaarste combinatie is een lage diepe kast en niet de hoogste.

Een ophangrail of een wiggenlat over de volle breedte verandert die verhouding in je voordeel, omdat de trekkracht dan over de hele bovenrand wordt verdeeld in plaats van over twee schroefkoppen. Komt de onderkant van de kast niet tegen de wand, bijvoorbeeld door een plint of een uitstekende tegelrand, dan verdwijnt de steun onderaan en komt de hele kanteling op de schroeven te staan.

Kast, breedte bij diepte bij hoogteGewicht als hij vol isVerticaal per puntTrekkracht bovenaan per puntWat dat betekent
Keukenkastje 60 bij 35 bij 70 cm, twee punten35 kg23 kg5 kgIn gipsplaat houdt geen enkele plug 23 kg, dus dit kastje hoort aan de regel of aan de steen erachter
Kastje boven de koelkast 80 bij 35 bij 36 cm, twee punten20 kg13 kg6 kgLager en lichter, en toch trekt hij bovenaan harder, want de hefboom is 31 cm in plaats van 65 cm
Wandkast 120 bij 40 bij 60 cm, vier punten55 kg18 kg7 kgVier punten delen de last niet door vier maar door ongeveer drie
Ondiep wandkastje 60 bij 20 bij 60 cm, twee punten15 kg10 kg1,5 kgBij 20 cm diepte valt de trekkracht weg en blijft alleen het dragen over
Zwevend kastje 100 bij 45 bij 35 cm, twee punten40 kg27 kg15 kgDiep en laag is de zwaarste combinatie, en juist dit model hangt vaak aan twee punten
Spiegelkast 80 bij 15 bij 70 cm, twee punten18 kg12 kg1 kgOndiep en hoog hangt bijna recht naar beneden en vraagt draagkracht, geen uittrekweerstand
Let op

Reken met de kast zoals je hem gebruikt en niet zoals hij in de folder staat. Een deur die openstaat verschuift het zwaartepunt naar voren, en een lade die je helemaal uittrekt doet dat nog verder: dan is de diepte in die deling geen 35 cm meer maar eerder 70.

Op welke hoogte een wandkast hangt, per plek in huis

De hoogte van een hangkast volgt uit twee dingen: wat eronder staat en hoe ver je reikt. Boven een blad moet je kunnen werken zonder je hoofd te stoten, en het bovenste schap moet je nog kunnen leegpakken zonder trapje.

Die tweede grens ligt rond 200 cm, met 190 tot 210 cm als bereik waarin de meeste mensen nog bij het achterste van een schap komen. Alles daarboven is opslag voor wat je twee keer per jaar pakt, en dat is zelden wat je in een wandkast wilt bewaren.

Reken van boven naar beneden terug. Wil je de bovenkant op 215 cm en is de kast 70 cm hoog, dan komt de onderkant op 145 cm, en dat is precies de hoogte die boven een aanrecht van 90 cm hoort. Klopt dat niet met wat eronder staat, dan verandert de kasthoogte en niet de plek.

De maten in de tabel hieronder zijn gangbare product- en werkhoogtes en geen voorschriften. Waar een fabrikant een afstand opgeeft, bijvoorbeeld bij een afzuigkap, gaat die handleiding altijd voor. De overige hoogtes in huis kun je per onderdeel opzoeken met de marge erbij, zodat je ziet hoeveel speling er in een maat zit.

Eén regel loopt door alle rijen heen: hang de kast op de hoogte die bij de plek hoort en niet op de hoogte waar de vorige kast toevallig hing. De oude gaten liggen bijna nooit op de goede lijn, en een kast 6 cm te laag boven een werkblad merk je elke dag.

Waar de kast hangtOnderkantDiepte die pastWaarom die maat
Boven een keukenwerkblad van 90 cm145 cm, dus 55 cm boven het blad35 cmOnder 50 cm past de keukenmachine er niet onder, boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap
Boven een inductiekookplaat, de afzuigkap150 cm, dus 60 cm boven het bladvolgens het modelBereik 55 tot 65 cm, maar de handleiding van de kap gaat voor
Boven een gaskookplaat, de afzuigkap160 cm, dus 70 cm boven het bladvolgens het modelDe vlam reikt hoger dan een inductieveld, dus het bereik schuift op naar 65 tot 75 cm
Boven een dressoir of een kast in de woonkamer40 cm boven het blad25 tot 35 cmOnder 30 cm past er geen lamp of lijst meer op het blad, boven 50 cm raakt de kast los van het meubel
Boven een bureaublad van 74 cm119 cm, dus 45 cm boven het blad25 tot 30 cmJe moet er zittend onderdoor kunnen kijken en staand bij het bovenste schap kunnen
Boven een wastafel van 85 cm, een spiegelkast105 cm, dus 20 cm boven het blad12 tot 18 cmDieper dan 18 cm en je stoot je hoofd zodra je voorover buigt boven de kraan
Boven een toiletminstens 130 cm20 tot 25 cmVanaf een zithoogte van 40 cm komt je hoofd tot ongeveer 125 cm en kom je overeind met een voorwaartse beweging
Boven een kapstok met haken op 170 cm180 cm30 tot 35 cmDe schouders van een jas aan een haak vragen de ruimte tot net boven de haak
Boven het hoofdeinde van een bed70 cm boven de matras, dus rond 125 cm20 cmRechtop in bed zit je hoofd 60 tot 70 cm boven de matras, en een diepe kast hangt daar in de weg
Boven een wasmachine van 85 cm hoog110 cm30 tot 40 cmMet 25 cm vrij kun je de trommel nog vullen en een mand op de machine zetten
Praktische tip

Plak de omtrek van de kast met schilderstape op de wand en laat hem daar een dag zitten. Je pakt er in die dag iets onderdoor en loopt er een paar keer langs, en dan voel je 5 cm te laag eerder dan dat je hem met een rolmaat uitrekent.

Wandkasten in de keuken: 35 cm diep en 55 cm boven het blad

In de keuken liggen de maten van een hangkast het strakst vast, omdat het werkblad, de kookplaat en de apparaten er allemaal aan hangen. Het aanrecht ligt op 90 cm, het blad is 60 cm diep, en de bovenkastjes zijn met 35 cm bewust ondieper.

Dat verschil van 25 cm is geen stijlkeuze. Wie over het blad buigt om te snijden of in een pan te kijken, komt met zijn hoofd tot ongeveer 20 cm voorbij de voorrand van de kast, en een kastje van 60 cm diep zou daar precies staan.

Een wandkast hangend in de keuken plaatsen betekent verder werken in modules. Onder- en bovenkasten volgen dezelfde breedtes van 30, 45, 60 en 80 cm, en sommige series hebben daar 40 of 50 cm bij. Houd de stootnaden van boven en onder gelijk, want twee rijen met verspringende naden leest het oog als scheef, ook als alles waterpas hangt.

Tussen het blad en de onderkant van de kast zit de strook waar de stopcontacten zitten, met het hart op ongeveer 115 cm. Dat is meteen de reden om daar niet blind te boren: leidingen lopen meestal recht boven of onder een stopcontact of een schakelaar de wand in.

Boven de kookplaat hangt geen kast maar de afzuigkap, met de onderkant op 60 cm boven het blad bij inductie en 70 cm bij gas. Het kastje dat er soms omheen valt, is meestal 36 cm hoog, en juist zo'n laag kastje trekt bovenaan verhoudingsgewijs hard aan de wand.

Let op

Boor in een keukenwand nooit zonder detector in de strook tussen 100 en 130 cm. Daar lopen de kabels naar de stopcontacten boven het blad, en in oudere keukens ligt de gasleiding naar de kookplaat vaak in dezelfde wand.

Waaraan de kast hangt: kastophangers, een rail of een wiggenlat

De plug in de muur is maar de helft van de bevestiging. De andere helft is wat er aan de kant van de kast zit, en daarin verschillen de systemen sterk in hoeveel je achteraf nog kunt bijstellen.

Verstelbare kastophangers zijn de standaard in keukens en in de meeste vlakverpakte kasten. Achterin de kast zit links en rechts een beugel die met twee schroeven ongeveer 2 tot 3 cm in de hoogte en 1 cm in de diepte verstelt, en die beugel haakt over een lat of over twee schroefkoppen in de wand.

Die verstelling is de reden dat keukenkasten in een rij recht komen te hangen terwijl de muur dat niet is. Je hangt ze eerst allemaal, je stelt daarna pas na, en je koppelt ze als laatste aan elkaar.

Een wiggenlat, ook wel een schuine lat of French cleat, werkt anders: twee latten die je onder 45 graden afschuint, waarvan de ene op de wand zit en de andere op de kast. Het gewicht duwt de kast dan tegen de muur in plaats van ervan af, en de last verdeelt zich over de hele breedte in plaats van over twee punten.

De prijs daarvan is diepte: twee latten van 18 mm brengen de kast ongeveer 4 cm van de wand, en dat zie je aan de zijkant. Bij een kast tegen een zijmuur of tussen twee wanden is dat de reden om voor een rail of voor kastophangers te kiezen.

SysteemHoe de kast eraan hangtWaarvoor het bedoeld isWaar het op misgaat
Verstelbare kastophanger met haaklatTwee beugels achterin de kast haken over een lat of over twee schroeven in de wandKeukenkasten en zware kasten die je na het ophangen nog wilt uitlijnenDe haak valt niet over de lat als je de kast te vlak optilt; kantel hem 10 graden naar voren
Doorlopende ophangrail op de wandEén rail waterpas over de volle wandlengte, alle kasten haken eropEen rij kastjes die onderling op één lijn moet komenDe rail hangt aan zijn zwakste schroef, dus elk gat moet raak zijn, ook dat in het midden
Wiggenlat of French cleat onder 45 gradenTwee schuine latten die in elkaar vallen, waarbij het gewicht de kast naar de wand duwtZelfgemaakte kasten en zware open vakken over een grote breedteDe kast komt ongeveer 4 cm van de wand en is in de hoogte alleen te verstellen door te herboren
Sleutelgatophanging in de achterwandTwee uitgefreesde gaten vallen over twee schroefkoppenLichte kastjes en spiegelkasten tot ongeveer 15 kgNul verstelling: zit het tweede gat 2 mm scheef, dan hangt de kast scheef
Doorschroeven door de achterwandSchroeven met een ring gaan door de achterwand van de kast heen de wand inKasten met een massieve rug van 8 tot 18 mm, vaak bij zelfbouwBij een rug van 3 mm hardboard trekt de schroefkop er dwars doorheen en zakt de kast in zijn eigen rug
Blinde pennen of een strip in de achterkantDraadeinden of een stalen strip in de wand vallen in uitgefreesde gatenEen zwevend kastje zonder zichtbare bevestiging, in een massieve wandAlle kracht komt op een korte hefboom, dus dit werkt alleen bij ondiep en licht
Praktische tip

Schroef een rechte lat waterpas op de wand, precies op de hoogte waar de onderkant van de kast komt, en zet de kast daarop terwijl je hem vastschroeft. De lat houdt het gewicht en de hoogte vast, zodat je handen vrij zijn voor de schroevendraaier en de kast niet tijdens het vastzetten 3 mm wegzakt.

Welke wand een hangkast houdt en welke niet

Wat een wand houdt, zit in de ondergrond en niet in de plug. Bij gipsplaat hangt alles aan 12,5 mm gips met een kartonlaagje, terwijl in kalkzandsteen of beton de steen om de plug het werk doet, en dat verschil is een factor twee tot drie.

Voor een kast komt daar een grens bovenop die bij een schilderij niet geldt. Een metalen hollewandplug, een kunststof hollewandplug en een kiepplug zijn gemaakt voor een lijst, een plank of een klok: het gips scheurt eerder dan het metaal bezwijkt, en onder een blijvende last trekt zo'n plug een halve maan uit de plaat.

Een hangkast hoort daarom aan de houten regel achter de plaat, aan de steen daarachter of aan een chemisch anker. De regels staan om de 40 tot 60 cm; je vindt ze met een magneet die de schroefkoppen in de plaat aanwijst, of door te tikken en te luisteren waar het massief klinkt.

Valt de kastbreedte niet mooi over twee regels, schroef dan eerst een rachel van 18 mm horizontaal over twee of drie regels en hang de kast daaraan. Je verdeelt de last dan over meer punten en je bent vrij in waar de ophangers komen.

Bij een voorzetwand met een spouw ervoor zit het houvast in de steen erachter, en dan speelt er nog iets: draai je de schroef gewoon aan, dan drukt hij de gipsplaat in. Daar horen een afstandhouder of vulblokjes tussen, zodat de kracht van de plaat naar de steen loopt en niet erop blijft staan. Houdt een wand echt weinig, dan is een ondiepe kast van 25 tot 30 cm de betere keuze, want minder diepte betekent minder trekkracht bovenaan.

Boeken en lage schalen passen in de ondiepe kast
Boeken en lage schalen passen in de ondiepe kast. De plank steekt maar beperkt de ruimte in.
WandWaar een hangkast aan hoortWat één punt dan houdtWaar het op misgaat
Gipsplaat met houten regels erachterSchroef zonder plug, minstens 40 mm in het hout15 kgDe regelafstand van 40 tot 60 cm valt zelden samen met de ophangpunten van de kast
Gipsplaat op metalen profielen van 0,6 mmRachel over twee profielen, of doorschroeven naar de steenafhankelijk van wat erachter zitEen houtschroef in dun staal grijpt over nog geen millimeter en trekt er glad uit
Voorzetwand met een spouw voor steenLange schroef met plug in de steen, met vulblokjes ertussenzoals de steen erachterZonder vulblokje drukt de schroef de plaat in en komt de kast schuin te hangen
Gestuukte baksteenNylon plug van 8 mm, voorbij de stuclaag in de steen15 kgSpecie is zachter dan steen, dus een plug in de voeg houdt ongeveer de helft
KalkzandsteenNylon plug, klopstand uit of op de lichtste stand20 kgMet de klop erop wordt het gat te ruim en draait de plug mee in zijn eigen poeder
BetonNylon plug, bij zwaar werk een keilbout of een chemisch anker25 kgStuit de boor op wapening, verplaats het gat 3 tot 5 cm en boor niet door
Gasbeton of cellenbetonChemisch anker met injectiemortel en een schroefhuls20 kgEen gewone nylon plug trekt er als een kurk uit en harder aandraaien maakt het gat groter
Holle bouwsteenChemisch anker met een zeefhuls25 kgHet wandje van 10 tot 20 mm is de grens en niet de bevestiging
Betegelde wandPlug in het materiaal achter de tegel en de lijmlaag12 kgBeginnen met klopstand doet de tegel barsten vanaf het boorgat naar de rand

Waterpas hangen en kastjes naast elkaar op één lijn krijgen

Een kast hangt zelden scheef door de kast. Hij hangt scheef omdat de muur, de vloer en het plafond dat alle drie zijn, en omdat je onbewust vanaf de verkeerde lijn meet.

Meet daarom eerst hoe scheef je vertrek is. Zet de hoogte van de onderkant van de kast op drie plekken vanaf de vloer uit, meet daarna dezelfde lijn vanaf het plafond, en kijk hoeveel de twee uit elkaar lopen. Bij meer dan een centimeter over twee meter moet je kiezen welke naad zichtbaar blijft.

Boven een werkblad wint het blad, want daar zie je de naad elke dag van dichtbij. Loopt de kast tot het plafond door, dan wint het plafond en vang je het verschil onderin op met een plint of een sokkel.

Wandkastjes hangend naast elkaar zet je niet stuk voor stuk waterpas, maar aan één doorgaande lijn: een rail, een lat of een laserlijn over de hele wand. Elke kast die je apart uitmeet, krijgt zijn eigen millimeter afwijking mee, en drie kasten met ieder 2 mm laten de onderkanten zichtbaar verspringen.

Koppel de kasten daarna aan elkaar met twee schroeven per verbinding, een vlak onder het bovenste scharnier en een vlak boven het onderste. Klem de voorkanten eerst gelijk met een lijmklem, want het oog leest de voorranden en de deurnaad, niet de achterkant tegen de wand. Voor een rij van twee of drie smalle kastjes van 30 tot 40 cm breed is die ene rail het verschil tussen een wandje en een stel losse kastjes.

Praktische tip

Hang de zwaarste kast als eerste en werk van daaruit naar de zijkanten. Die kast bepaalt de lijn, en het is makkelijker om een licht kastje van 8 kg een paar millimeter bij te stellen dan een volle kast van 35 kg opnieuw af te hangen.

Ondiep, smal of tot het plafond: welke maat waar past

De diepte van een hangkast kies je op wat erin gaat, want een paar centimeter bepaalt of iets past of op zijn kant moet. De grenzen liggen dichter bij elkaar dan mensen verwachten.

  • 20 cm: glazen, mokken, kruiden, pockets en een fotolijst. Een plat bord past niet.
  • 25 cm: boeken op één rij, ordners liggend, kleine voorraadpotten.
  • 32 tot 35 cm: platte borden van 26 tot 28 cm, kommen en pannen, en dat is de reden dat een keukenbovenkast op 35 cm zit.
  • 40 cm: een legbord met opgevouwen truien of handdoeken, want een gevouwen trui is ongeveer 30 cm breed en valt anders naar voren.
  • Meer dan 45 cm: hoort niet meer aan de wand. De trekkracht bovenaan loopt te hard op en je kijkt er met je hoofd tegenaan.

Voor de breedte geldt de omgekeerde afweging. Twee kastjes van 60 cm naast elkaar hangen makkelijker dan één van 120 cm, want ze zijn met zijn tweeën te tillen en je hebt vier ophangpunten in plaats van twee. Eén brede kast heeft weer minder naden en een rustiger front.

Loopt de kast tot het plafond door, dan is het geen hangkast meer maar een wandkast die op de vloer staat, in modules van 50 tot 60 cm breed en 35 tot 45 cm diep. Boven 220 cm heb je een trapje nodig, dus houd daar 60 cm vloer vrij om te kunnen staan.

Onder de hangende kast blijft de vloer zichtbaar en bereikbaar
Onder de hangende kast blijft de vloer zichtbaar en bereikbaar. Het meubel heeft geen poten op de vloer.

Is de wand de beperking en niet de inhoud, kijk dan eerst naar wat je opgeeft als je van 40 naar 25 cm diepte gaat voordat je een zwaardere bevestiging zoekt. En twijfel je of dit meubel hier het juiste is, dan helpt het overzicht van welk meubel in welke ruimte past om die keuze eerst te maken.

Zo hang je een wandkast op zonder hem twee keer af te halen

De volgorde draait om één ding: alles wat je achteraf niet meer kunt veranderen, doe je eerst.

  1. Reken het volle gewicht uit en leg de hoogte vast

    Tel het gewicht van de kast en van de inhoud bij elkaar op en deel dat door anderhalf bij twee ophangpunten of door drie bij vier punten. Bepaal daarna de onderkant vanuit wat eronder staat, en reken terug of het bovenste schap onder 210 cm blijft.

  2. Zoek uit wat er achter de wand zit

    Tik de wand af: hol met om de 40 tot 60 cm een massief punt betekent gipsplaat met regels. Haal de leidingdetector over de strook boven en onder elk stopcontact en elke schakelaar, en boor één proefgat van 6 mm om aan de kleur van het gruis te zien wat erachter zit.

  3. Zet één doorlopende lijn op de wand

    Teken de onderkant van de kast als één lijn over de hele wand en controleer hem met de waterpas over de volle lengte, niet per kastbreedte. Meet de lijn ook vanaf het plafond, zodat je weet welke naad straks gaat wijken.

  4. Boor de gaten en maak ze schoon

    Boor 10 mm dieper dan de plug lang is en tel de dikte van de stuclaag daarbij op. Zuig of blaas elk gat leeg voordat de plug erin gaat, want boorstof werkt als glijmiddel en halveert de klemming die het gewicht moet dragen.

  5. Schroef een steunlat onder de lijn

    Zet een rechte lat waterpas vlak onder de lijn van de onderkant. De kast rust daar tijdens het ophangen op, waardoor hij niet wegzakt terwijl je de schroeven aandraait en je met twee mensen genoeg hebt in plaats van drie.

  6. Hang de kast en stel hem daarna pas na

    Kantel de kast 10 graden naar voren zodat de haken over de lat vallen en zet hem daarna recht. Draai de schroeven van de ophangers eerst handvast, stel hoogte en diepte bij, en trek ze pas aan als de kast op de lijn staat.

  7. Koppel de kasten en controleer na een week

    Klem de voorranden gelijk, koppel met twee schroeven per verbinding en hang daarna de deuren af. Vul de kast, wacht een week en loop de schroeven nog een keer na: wat gaat zetten, doet dat in de eerste dagen onder volle belasting.

Maatwijzer

De hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens

OnderdeelWatMaatMarge die werktWaar het van afhangt
ZittenBank, zithoogte44 cm40 tot 48 cmMeet tot de ingezakte zitting, niet tot het bolle kussen. Hoger kom je makkelijker op en af, lager zit je meer achterover.
ZittenBank, zitdiepte60 cm55 tot 65 cmBoven 70 cm hangen je voeten vrij en zit je gedwongen onderuit. Loungebanken gaan tot 100 cm en zijn bedoeld om op te liggen.
ZittenBank, totale hoogte met rugleuning80 cm75 tot 90 cmStaat de bank voor een raam, dan blijft hij onder de vensterbank als hij niet hoger is dan 80 cm.
ZittenFauteuil, zithoogte45 cm42 tot 48 cmEen paar centimeter hoger dan de bank scheelt bij het opstaan. Een lage lounge-fauteuil zakt naar 38 cm.
ZittenSalontafel, hoogte42 cm38 tot 45 cmVuistregel: gelijk aan of net onder de zithoogte van de bank. Dan zet je je kopje neer zonder voorover te buigen.
ZittenSalontafel, afstand tot de bank40 cm35 tot 45 cmMinder en je knieën stoten tegen de rand, meer en je moet opstaan om je glas te pakken.
ZittenBijzettafel naast de bank, hoogte60 cm55 tot 65 cmGelijk met de armleuning, dan pak je je glas zonder te kijken.
ZittenPoef of voetenbank, hoogte42 cm38 tot 45 cmIets lager dan de zitting waar je op zit, anders drukt de rand in je kuiten.
ZittenDoorloop tussen bank en meubel80 cm70 tot 90 cmBij 80 cm loop je er met een volle wasmand langs. 60 cm is te krap om elkaar te passeren.
ZittenTv-meubel, hoogte45 cm40 tot 55 cmHierop komt het midden van een 55 inch scherm op ongeveer 80 cm. Wil je het midden op ooghoogte, dan hang je de tv aan de wand.
Eten en barBarblad, hoogte105 cm100 tot 110 cmDe barkruk moet 25 tot 30 cm lager zijn dan het blad.
Eten en barBarblad, diepte40 cm30 tot 60 cm40 cm is een bord plus een glas. Wil je er ook snijden of een laptop neerzetten, dan 60 cm.
Eten en barBarblad, overstek voor je knieën25 cm20 tot 30 cmZonder overstek zitten je knieën tegen het kastje. Boven 30 cm moet het blad onderstut worden, anders kantelt het als iemand erop leunt.
Eten en barBarkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm78 cm75 tot 82 cmHet verschil tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm, want daar passen je bovenbenen.
Eten en barBarkruk, zithoogte bij aanrechthoogte (90 cm)63 cm60 tot 67 cmHetzelfde verschil van 25 tot 30 cm. Een gewone barkruk van 78 cm is hier te hoog en je zit met je knieën omhoog.
Eten en barBar, breedte per persoon60 cm55 tot 70 cmMet 60 cm stoot je je elleboog niet tegen je buurman. Onder 55 cm zit je schouder aan schouder.
Eten en barEettafel, hoogte blad75 cm72 tot 78 cmVaste maat in de meubelbranche, geen norm. Een dik hardstenen of houten blad telt mee, dus meet de bovenkant.
Eten en barEettafel, vrije hoogte onder het blad68 cm65 tot 72 cmHier zitten je bovenbenen. Een dikke tafelrand, een schuiflade of een dwarsbalk eet die ruimte op.
Eten en barEetstoel, zithoogte45 cm44 tot 47 cmHet verschil met het tafelblad moet 28 tot 32 cm zijn. Bij een tafel van 78 cm hoort dus een stoel van 46 tot 48 cm.
Eten en barEettafel, breedte per persoon60 cm55 tot 70 cmEen placemat is 45 cm breed, de rest is ruimte voor je ellebogen en je glas. Aan de kopse kant reken je een extra plek van 60 cm.
Eten en barEettafel, diepte90 cm80 tot 100 cmBij 80 cm raken de borden tegenover elkaar bijna. Bij 90 cm past er een schaal of een kaars in het midden.
Eten en barRonde eettafel, diameter120 cm voor 4 personen110 tot 150 cmReken 60 cm omtrek per persoon en houd het midden vrij voor de schalen. Vanaf 140 cm zitten er zes mensen omheen.
Eten en barRuimte achter een eetstoel100 cm75 tot 110 cm75 cm om de stoel achteruit te schuiven en op te staan, 100 cm om er ook achterlangs te lopen met een schaal.
Aan de muurSchilderij, hartlijn boven de vloer145 cm140 tot 155 cmVuistregel, geen norm: het midden van het werk op ooghoogte van iemand die staat. Hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig.
Aan de muurSchilderij boven een bank, onderrand25 cm boven de rugleuning20 tot 30 cmLager en het lijkt of het werk op de bank leunt. Door de bank schuift de hartlijn omhoog naar 150 tot 165 cm, en dat mag hier.
Aan de muurSchilderij boven een dressoir, onderrand25 cm boven het blad20 tot 30 cmGenoeg om er een lamp of een vaas voor te zetten zonder dat die de lijst raakt.
Aan de muurWandcollage, ruimte tussen de lijsten6 cm5 tot 8 cmGelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen. Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse lijstjes.
Aan de muurSchilderij in een trapgat, hartlijn145 cm boven de neus van de trede140 tot 150 cmMeet loodrecht boven de voorkant van de trede waar je staat. Dan loopt de rij lijsten mee met de trap in plaats van scheef te lijken.
Aan de muurSpiegel in de hal, hartlijn155 cm150 tot 165 cmDe bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen, anders ziet die zijn kruin niet.
Aan de muurSpiegel boven de wastafel, onderkant20 cm boven het blad15 tot 25 cmRuimte voor de kraan en een zeeppompje. Bij 20 cm kijk je nog recht in je gezicht in plaats van tegen je hals.
Aan de muurWandklok, hartlijn180 cm170 tot 200 cmBoven ooghoogte en boven de meubels, zodat je hem van de andere kant van de kamer ziet en er niemand voor staat.
Aan de muurTv, midden van het scherm105 cm100 tot 115 cmOp ooghoogte als je op de bank zit: bij een zitting van 44 cm zit je oog op ongeveer 115 cm. Boven een schouw kijk je omhoog en dat voel je na een film in je nek.
Aan de muurTv, kijkafstand2 keer de schermdiagonaal1,5 tot 2,5 keerEen 55 inch scherm is 140 cm diagonaal, dus 2 tot 3,5 m. Bij 4K mag je dichterbij zitten omdat je de pixels niet meer ziet.
Aan de muurStopcontact, hart boven de vloer30 cm25 tot 35 cmGewoonte, geen norm: NEN 1010 schrijft geen hoogte voor, alleen de zones in de badkamer. Achter een dressoir zet je hem net zo goed op 15 cm, boven een werkblad juist hoog.
Aan de muurSchakelaar, hart boven de vloer105 cm90 tot 110 cmOok een gewoonte. 105 cm is de oude Nederlandse standaard: je vindt hem in het donker met je hand op heuphoogte. Voor kinderen en vanuit een rolstoel werkt 90 tot 100 cm beter.
LichtHanglamp boven de eettafel, onderkant80 cm boven het blad75 tot 90 cmLaag genoeg om het blad te verlichten, hoog genoeg om iemand tegenover je aan te kijken. Bij een plafond boven 280 cm mag hij iets hoger.
LichtHanglamp boven de eettafel, breedte30 cm binnen de rand van het blad30 tot 40 cm binnen de randAnders stoot je je hoofd als je langs de tafel loopt of een stoel aanschuift.
LichtHanglamp boven een kookeiland, onderkant75 cm boven het blad70 tot 85 cmBoven een blad van 90 cm kom je dan op 165 cm, ongeveer ooghoogte. Kies dus een kap die de lamp van onderaf afschermt. Bij twee of drie lampen reken je 70 tot 90 cm hart op hart.
LichtHanglamp in de hal of boven de trap, onderkant210 cm boven de vloer200 tot 230 cmVrije doorloop, niemand stoot zijn hoofd. Boven een trap meet je vanaf de hoogste trede die onder de lamp ligt.
LichtWandlamp, hart160 cm150 tot 170 cmOoghoogte. Schijnt de lamp opzij of omhoog, dan mag hij lager hangen. In een open lamp op ooghoogte kijk je recht in de bron.
LichtLeeslamp naast een stoel, onderkant van de kap110 cm100 tot 125 cmNet boven je schouder als je zit, dan valt het licht op de pagina en niet in je ogen.
LichtVloerlamp naast de bank, onderkant van de kap140 cm130 tot 150 cmJe hoofd zit op de bank op ongeveer 130 cm. Blijft de kap daarboven, dan kijk je niet in het lampje.
LichtBedlamp aan de wand, hart65 cm boven de matras55 tot 75 cmOp zithoogte in bed, zodat het licht op je boek valt. Meet vanaf de matras en niet vanaf de vloer, want een boxspring scheelt 20 cm.
LichtSpiegellamp badkamer, twee lampen naast de spiegel160 cm hart155 tot 170 cmLicht van de zijkant geeft geen schaduw onder je ogen en je kin. Een enkele lamp boven de spiegel doet dat wel.
LichtInbouwspot, afstand tot de wand70 cm60 tot 90 cmDichterbij krijg je een felle boog op het stucwerk, verder weg blijft de wand donker. Onderling 100 tot 150 cm, afhankelijk van de stralingshoek.
LichtBuitenlamp naast de voordeur, hart190 cm170 tot 210 cmBoven je hoofd, zodat je niet in de lamp kijkt terwijl je het slot zoekt. Op ooghoogte ben je juist blind.
KeukenAanrecht, hoogte bovenkant blad90 cm85 tot 95 cmDe Nederlandse standaard: onderkast, verstelbare poten en een blad van 3 tot 4 cm samen. Vuistregel: ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, dus ben je langer dan 1,85 m, draai de poten dan uit.
KeukenWerkblad, diepte60 cm57 tot 65 cmKookplaten en spoelbakken zijn op 60 cm gemaakt. Een diep blad van 70 cm geeft ruimte achter de kookplaat, maar je reikt verder naar de bovenkastjes.
KeukenBovenkastjes, onderkant boven het werkblad55 cm50 tot 60 cmOnder 50 cm past je keukenmachine er niet onder en sta je met je hoofd tegen de deur. Boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap.
KeukenBovenkastjes, diepte35 cm32 tot 40 cmOndieper dan het werkblad, zodat je er niet tegenaan stoot als je over het blad buigt om te snijden.
KeukenAfzuigkap boven een gaskookplaat, onderkant70 cm65 tot 75 cmDe vlam en de hete lucht moeten weg kunnen: onder 65 cm boven de pannendrager wordt het vetfilter te heet. Houd altijd de minimummaat uit de handleiding aan, dat is een eis van de fabrikant.
KeukenAfzuigkap boven inductie, onderkant60 cm55 tot 65 cmGeen vlam, dus hij mag lager, en lager hangen vangt meer damp. Ook hier is de handleiding leidend, want die maat hoort bij het apparaat.
KeukenKookeiland, loopruimte rondom120 cm100 tot 150 cmBij 100 cm kun je de vaatwasser openen en er nog langs. Bij 120 cm passeren twee mensen elkaar terwijl er een lade open staat.
KeukenTwee keukenrijen tegenover elkaar, afstand120 cm110 tot 140 cmEen ovendeur en een lade die tegenover elkaar open staan hebben allebei ongeveer 60 cm nodig.
KeukenOven op werkhoogte, bodem van de ovenruimte90 cm80 tot 100 cmJe tilt een hete bakplaat er recht uit in plaats van gebogen. Boven 100 cm til je een schaal boven je middel en zie je niet meer wat erin staat.
KeukenVaatwasser, nismaat60 cm breed, 82 cm hoog60 tot 60,5 cm breedEen onderbouwmodel schuift onder een blad van 90 cm. Een vrijstaand model heeft zijn eigen bovenblad en is ongeveer 85 cm hoog.
KeukenInbouwkoelkast, nishoogte88, 122 of 178 cmvaste maten per modelDe kast volgt de nismaat, dus meet de nis en niet het apparaat. Achter en boven het apparaat moet ventilatieruimte vrij blijven.
KeukenStopcontact boven het werkblad, hart115 cm110 tot 120 cmDat is 20 tot 30 cm boven het blad, dus vrij van spetters en niet weggewerkt achter de waterkoker. Houd minstens 30 cm afstand tot de spoelbak.
KeukenKeukenplint, hoogte10 cm10 tot 15 cmDe poten zijn verstelbaar en met de plint stel je de aanrechthoogte fijn in. De plint staat 5 cm terug, zodat je met je tenen onder het kastje kunt.
Trap, hal en deurTrapleuning, hoogte90 cm80 tot 100 cm (norm)Norm: het Bouwbesluit, sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving, eist een leuning tussen 80 en 100 cm, gemeten vanaf de voorkant van de trede. Een leuning is verplicht als je over de trap meer dan 1 m stijgt.
Trap, hal en deurOptrede, hoogte van een tredemaximaal 18,8 cm bij nieuwbouwbestaande bouw tot 22 cm (norm)Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl, voor een woning. Oude trappen zijn vaak 20 tot 21 cm en dat mag blijven zolang je de trap niet vernieuwt.
Trap, hal en deurAantrede, diepte van een tredeminimaal 22 cm bij nieuwbouw22 cm is de ondergrens (norm)Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Bij een draaiende trap geldt die maat op de looplijn, dus in de punt van een kwartdraai mag de trede smaller zijn.
Trap, hal en deurTrap, vuistregel voor comfortabel lopen2 x optrede + aantrede = 60 cm58 tot 64 cmGeen norm maar een oude vuistregel. 17 op en 26 aan loopt rustig (60), 20 op en 22 aan is een gewone Nederlandse trap (62). Daarbuiten struikel je op de maat.
Trap, hal en deurTrap, vrije breedte80 cm bij nieuwbouwbestaande bouw 70 cm (norm)Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Onder 80 cm krijg je een matras of een bank niet naar boven.
Trap, hal en deurTrap, vrije hoogte erboven230 cm bij nieuwbouwbestaande bouw 190 cm (norm)Norm, gemeten loodrecht boven de voorkant van de trede. Bij een dichtgezette zoldertrap is dit de maat waar je tegen de balk loopt.
Trap, hal en deurVloerafscheiding langs een trapgat of vide100 cm bij nieuwbouwbestaande bouw 90 cm (norm)Norm: verplicht zodra het verval meer dan 1 m is. Openingen mogen niet groter zijn dan 10 cm en tussen 20 en 70 cm boven de vloer mag er niets zijn waar een kind op kan klimmen.
Trap, hal en deurBinnendeur, dagmaat van het kozijn83 x 201,5 cm78, 83, 88 of 93 cm breed; 201,5, 211,5 of 231,5 cm hoogIndustriestandaard, geen norm. Na montage houd je ongeveer 3 cm minder vrije doorgang over, dus voor een rolstoel of rollator kies je een blad van 93 cm.
Trap, hal en deurDeurkruk, hoogte100 cm95 tot 105 cmGewoonte: het slot zit in een standaardkozijn op die hoogte. Verplaatsen kan alleen als je het slotgat in het blad meeverhuist.
Trap, hal en deurKapstok, hoogte van de haken170 cm160 tot 180 cmEen lange jas hangt ongeveer 100 cm af, dus op 170 cm blijft hij vrij van de vloer. Een kinderkapstok komt op 110 tot 120 cm.
Trap, hal en deurHal, vrije loopruimte100 cm90 tot 120 cmOnder 90 cm kun je niet met twee mensen langs elkaar en past er geen kinderwagen naast de kapstok.
Trap, hal en deurDrempel, hoogtemaximaal 2 cm0 tot 2 cmBoven 2 cm struikel je eroverheen en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling over. Een schuine aanloop haalt de rand eraf.
SlapenBed, bovenkant matras55 cm45 tot 65 cmZit je op de rand met je voeten plat op de vloer en je knieën in een hoek van 90 graden, dan is de hoogte goed. Een boxspring komt vaak op 60 tot 65 cm, een laag frame op 45.
SlapenMatras, standaardmaten140 x 200 cm80, 90, 120, 140, 160 of 180 cm breed; 200 of 210 cm langBen je langer dan 1,90 m, neem dan 210 cm. Twee losse matrassen van 90 x 210 vullen samen een bed van 180 x 210.
SlapenNachtkast, hoogte bovenblad60 cm55 tot 70 cmGelijk met of iets boven de matras, dan zet je liggend je glas neer zonder te kijken. Bij een boxspring van 65 cm hoort dus een hoge nachtkast.
SlapenLoopruimte naast het bed70 cm60 tot 90 cm60 cm is genoeg om langs te lopen, 70 cm om het bed op te maken zonder tegen de kast te stoten.
SlapenKledingroede voor lange kleding160 cm150 tot 170 cmEen jas of lange jurk hangt 120 tot 140 cm af, dus eronder blijft nog ruimte voor een lade of een schoenenbak.
SlapenKledingroede voor korte kleding100 cm95 tot 110 cmHemden en dubbelgevouwen broeken hangen 70 tot 90 cm af. Met twee roedes boven elkaar, op 100 en 195 cm, verdubbel je de hangruimte.
SlapenKast, diepte voor hangende kleding60 cm55 tot 65 cmEen hanger is 45 cm breed en met 60 cm diepte sluit de deur zonder dat de mouwen klem zitten. Is de kast ondieper dan 55 cm, zet de roede dan in de lengte.
SlapenKast, legborddiepte voor truien en broeken40 cm35 tot 45 cmEen opgevouwen trui is ongeveer 30 cm breed. Met 40 cm valt de stapel niet naar voren als je de deur opent.
SlapenKast, hoogste bruikbare schap200 cm190 tot 210 cmVerder reik je niet zonder trapje. Wat boven 210 cm staat, is opslag voor koffers die je twee keer per jaar pakt.
SlapenHoogslaper, vrije hoogte boven de matras100 cm90 tot 110 cmGenoeg om rechtop in bed te zitten. Meet van de bovenkant van de matras tot het plafond, niet tot de bodem van het bed.
Raam en gordijnGordijnrails, hoogte boven het kozijn12 cm10 tot 15 cmBoven het kozijn laat het raam groter lijken en houdt de rail het gordijn uit het glas. Zit het plafond dichtbij, monteer de rail dan 5 tot 10 cm onder het plafond of direct tegen het plafond.
Raam en gordijnGordijnrails, uitloop naast het kozijn20 cm per zijde15 tot 25 cmDaar staat het opzij geschoven gordijn geparkeerd, zodat het niet voor het glas blijft hangen en je het daglicht niet inlevert.
Raam en gordijnGordijn, lengte tot de vloer1 cm boven de vloer0 tot 2 cmNet vrij van de vloer: het sleept niet en hangt toch recht. Wil je het gordijn op de vloer laten vallen, maak het dan 5 tot 10 cm langer dan de maat tot de vloer.
Raam en gordijnGordijn, lengte tot de vensterbank2 cm boven de bank1 tot 3 cmVrij van de bank, zodat het gordijn niet omkrult op de plank en de warmte van de radiator eronder langs kan.
Raam en gordijnGordijn, stofbreedte2 keer de railbreedte1,5 tot 2,5 keerBij 1,5 keer hangt de stof vlak, bij 2,5 keer krijg je volle plooien. Een wave-rail vraagt 2 tot 2,5 keer, anders staat de golf niet.
Raam en gordijnRolgordijn of plissé in de dag, speling0,5 cm per zijde0,3 tot 1 cmMeet de dagmaat op drie hoogtes en neem de kleinste maat, want een kozijn staat zelden haaks.
Raam en gordijnVitrage, afstand tot het glas5 cm3 tot 10 cmTegen koud glas wordt de stof vochtig en krijg je vlekken. Verder naar binnen botst hij op de vensterbank of de raamkruk.
Raam en gordijnVensterbank binnen, diepte20 cm15 tot 30 cmVolgt de dikte van de muur plus een overstek van 2 tot 3 cm. Vanaf 20 cm staat een plant er stabiel op.
Raam en gordijnVensterbank buiten, overstek4 cm3 tot 5 cmMet een waterhol aan de onderkant. Zonder dat overstek loopt regenwater terug over de gevel en krijg je vuilstrepen onder het raam.
Raam en gordijnRadiator onder het raam, onderkant12 cm boven de vloer10 tot 15 cmEr moet lucht onderlangs kunnen, daar begint de convectie. Houd ook 3 tot 5 cm tussen radiator en wand en 10 cm vrij onder de vensterbank.
WerkenBureau, hoogte blad zittend74 cm72 tot 76 cmJe onderarmen liggen horizontaal op het blad en je schouders blijven laag. Kun je het blad niet verstellen, zet dan de stoel hoger en je voeten op een steun.
WerkenZit-stabureau, stahoogte105 cm95 tot 120 cmEllebooghoogte staand. Vuistregel: je lichaamslengte min 75 cm, dus bij 1,80 m kom je op 105 cm.
WerkenBureaustoel, zithoogte45 cm40 tot 52 cmVoeten plat op de vloer, knieën iets lager dan je heupen. De gasveer van een bureaustoel dekt dat bereik zelf.
WerkenVrije hoogte onder het bureaublad68 cm65 tot 72 cmJe bovenbenen moeten eronder passen, ook met een lade of een kabelgoot. Houd daarnaast 60 cm breed en 60 cm diep beenruimte vrij.
WerkenBureaublad, diepte80 cm70 tot 90 cmBij 80 cm staat het scherm op armlengte, 50 tot 80 cm van je ogen, en ligt je toetsenbord er nog voor.
WerkenBeeldscherm, bovenrandop ooghoogte of iets lager110 tot 125 cm boven de vloerJe kijkt dan licht naar beneden en dat is de rustpositie van je ogen. Een laptop op het blad zit ongeveer 20 cm te laag, dus zet hem op een standaard met een los toetsenbord.
WerkenToetsenbord, afstand tot de bladrand10 cm8 tot 15 cmDaar rusten je handpalmen. Zonder die strook hangen je armen in de lucht en trekt het in je schouders.
WerkenWandplank boven het bureau, onderkant45 cm boven het blad40 tot 60 cmEen A4-ordner is 32 cm hoog, dus die past er nog onder, en je stoot je hoofd niet als je opstaat.
WerkenBoekenschap, diepte25 cm20 tot 30 cmEen pocket is 12 cm diep, een gebonden boek 16 tot 20 cm. Bij 25 cm staan ze allemaal binnen de rand.
WerkenBoekenschap, overspanning zonder steun80 cm70 tot 90 cmBoeken wegen al snel 25 kg per meter schap. Bij 18 mm plaatmateriaal blijf je onder 80 cm, anders zakt het schap zichtbaar door.
KeukenSchap voor borden, diepte32 cm30 tot 35 cmEen plat bord is 26 tot 28 cm in doorsnee. Met 32 cm houd je een vinger ruimte om de stapel te pakken zonder te schuiven.
BadkamerWastafel, bovenkant85 cm80 tot 95 cmVuistregel: heuphoogte, dan buig je niet voorover om je handen te wassen. Gebruiken kinderen de wastafel, dan is 80 cm prettiger.
BadkamerOpzetkom, hoogte van het meubel75 cm70 tot 80 cmTel de kom van 10 tot 15 cm erbij op, dan komt de bovenrand op 85 tot 95 cm. Vergeet die optelsom en je wast je handen op keukenhoogte.
BadkamerHanddoekhaak naast de wastafel140 cm120 tot 160 cmBinnen handbereik met natte handen, dus naast de wastafel en niet aan de andere kant van de ruimte.
BadkamerHanddoekradiator, onderkant20 cm boven de vloer15 tot 40 cmDaar zitten de aansluitingen en je kunt eronder dweilen. Hang de bovenkant niet hoger dan 180 cm, anders kom je niet bij de handdoek. Een smalle handdoekradiator geeft weinig vermogen, dus reken hem niet als enige verwarming.
BadkamerDouchekraan, hart100 cm95 tot 110 cmHeuphoogte, zodat je de kraan kunt bedienen zonder onder de koude straal te gaan staan.
BadkamerBadkraan, hart65 cm60 tot 75 cmOngeveer 20 cm boven de badrand, dan kun je bijmengen terwijl je in bad zit.
BadkamerRegendouchekop210 cm200 tot 225 cmMinstens 20 cm boven het hoofd van de langste gebruiker, want je staat er recht onder. Bij een schuin dak meet je op het punt waar je echt staat.
BadkamerHanddouche aan een glijstang, bovenste stand190 cm180 tot 200 cmDe stang is 60 tot 90 cm lang, dus de onderste stand komt rond 110 cm. Daarmee spoel je het bad, een kind of de hond af.
BadkamerToilet, zithoogte40 cm38 tot 48 cmStandaard is 40 cm. Een verhoogd toilet van 45 tot 48 cm zit op stoelhoogte en daar sta je makkelijker van op. Bij een hangend toilet bepaal je de hoogte zelf met het inbouwframe.
BadkamerToilet, vrije ruimte voor de pot60 cm55 tot 70 cmDaar staan je knieën en voeten. Zijwaarts wil je 80 cm breedte, anders zit je met je schouder tegen de muur.
BadkamerToiletrolhouder70 cm hoog, 25 cm voor de pot60 tot 75 cm hoog; 20 tot 30 cm voor de voorkant van de potZittend pak je de rol zo zonder te draaien. Hang je hem naast of achter je, dan verdraai je je rug elke keer.
BadkamerFonteintje in het toilet, bovenkant85 cm80 tot 90 cmDezelfde hoogte als een wastafel. Let op de draairichting van de deur, want een fonteintje van 40 cm breed vraagt een vrije hoek.
BadkamerStopcontact in de badkamerbuiten 60 cm van bad of douchenorm, geen gewoonteNEN 1010 verdeelt de badkamer in zones: binnen 60 cm van de rand van een bad of douche mag geen wandcontactdoos. Alle wandcontactdozen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA.

De meeste maten hier zijn standaardmaten uit de meubel-, keuken- en sanitairbranche plus vuistregels die in de praktijk werken: gewoontes, geen voorschriften. Waar wel een eis geldt, staat dat in de rij: de trap, de leuning en de vloerafscheiding komen uit het Bouwbesluit (sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving) en de badkamerzones uit NEN 1010, en voor apparaten als een afzuigkap is de handleiding van de fabrikant leidend.

Nalopen voordat je boort

Uit de praktijk

Wat hier misgaat

De bovenrand komt langzaam los uit de gipsplaat

Het symptoom is een spleet tussen de bovenkant van de kast en de wand die elke maand een haartje groter wordt, met wit poeder op het blad eronder. De plug is niet bezweken: het gips eromheen is bezweken.

Het mechanisme zit in de combinatie van trekkracht en tijd. De uittrekkracht van een kast van 35 cm diep staat op een paar vierkante centimeter gips, en gips vervormt onder een blijvende last, waardoor het gaatje elke maand iets ruimer wordt en de trekkracht op minder materiaal komt te staan.

Terugdraaien helpt niet, want het gat is op. Wat wel werkt is een rachel van 18 mm over twee of drie houten regels, of schroeven met een plug tot in de steen achter de voorzetwand, met vulblokjes zodat de plaat niet wordt ingedrukt.

Waar dit op vastloopt

De kast hangt waterpas en de naad met het plafond loopt op

Je legt de waterpas op de kast en die klopt, maar naar het plafond toe loopt een wig van een centimeter of meer. Dat betekent niet dat de kast scheef hangt, maar dat het plafond dat is.

In woningen van voor 1970 zit er 1 tot 3 cm verschil in een plafond over een wandlengte van drie meter, en dat verschil moet ergens zichtbaar worden. Hang je op de plafondlijn, dan staat de kast scheef ten opzichte van het blad; hang je waterpas, dan wordt de naad de wig.

De keuze hangt af van waar je van dichtbij naar kijkt. Boven een werkblad wint de bladlijn en vul je boven met een sluitlat; loopt de kast tot het plafond, dan wint het plafond en vang je onderin op met een sokkel die je op maat afschrijft.

Waar dit op vastloopt

Twee kastjes naast elkaar en de deuren sluiten niet gelijk

De kasten hangen allebei waterpas, en toch staan de deurnaden niet in lijn en valt de ene deur eerder dicht dan de andere. De oorzaak zit zelden in de scharnieren en bijna altijd in het vlak van de wand.

Een muur die in het midden een halve centimeter bol staat, duwt de kast die daar hangt iets naar voren. De voorranden liggen dan niet meer in één vlak, en dat verschil vermenigvuldigt zich in de deuren, want een deur van 70 cm hoog vertaalt een millimeter kanteling naar enkele millimeters aan de onderkant.

De volgorde die dit oplost: klem de voorranden van beide kasten met een lijmklem gelijk, koppel ze dan pas met twee schroeven, en zet daarna vulblokjes achter de kast die van de wand af staat. Stel de scharnieren als laatste bij, anders corrigeer je met de deur wat de kast fout doet.

Veelgemaakte fouten

Rekenen met het gewicht van de lege kast

De handleiding vermeldt wat de kast weegt, niet wat erin gaat, terwijl de inhoud er vaak twee keer zo zwaar op is. Een kastje van 18 kg met 20 kg servies erin staat op 38 kg, en dat is het getal waarmee je een plug kiest.

Reken daarom vooruit naar de volste situatie die je je kunt voorstellen en niet naar de eerste week. Een kast die je voor glazen ophangt, staat over twee jaar vol met potten en flessen.

Een hollewandplug gebruiken voor een kast

Een metalen hollewandplug houdt in gipsplaat ongeveer 10 kg en een kiepplug 12 kg, en dat lijkt genoeg. Voor een lijst of een klok is het dat ook, maar bij een kast staat die belasting er jarenlang op en trekt hij op termijn een halve maan uit de plaat.

De grens zit dus niet in het getal maar in de duur en in het soort last. Een kast hoort aan de houten regel, aan de steen erachter of aan een chemisch anker.

De oude gaten hergebruiken

De vorige kast had een andere hoogte, een andere diepte en een andere hartafstand, en toch is de verleiding groot om de bestaande pluggen te pakken. Een gat waar al een keer een plug in heeft gezeten, is bovendien ruimer dan het boren opleverde.

Zet de kast op de hoogte die bij de plek hoort en vul de oude gaten met vulmiddel. Een plug die in een uitgelopen gat meedraait, houdt een fractie van wat hij in vers materiaal doet.

Boren zonder te weten wat er achter de wand zit

Kabels lopen meestal verticaal boven of onder een wandcontactdoos of een schakelaar, en in een keukenwand ligt daar soms ook de gasleiding naar de kookplaat. De strook tussen 100 en 130 cm is daarmee het drukste deel van de muur.

Haal de detector over het gebied, boor het eerste gat ondiep en kijk naar de kleur van het gruis. Rood is baksteen, grijswit kalkzandsteen, fijn grijs beton en wit poeder gips.

De plug half in het stucwerk of in een voeg zetten

Stucwerk van 5 tot 15 mm telt niet mee voor het houden, en specie in een voeg is zachter dan de steen ernaast. Een plug die daar eindigt, trekt bij belasting een trechter uit de wand en laat een gat van 5 cm achter om te repareren.

Boor de dikte van de stuclaag er dus bij op: bij een plug van 40 mm en 10 mm stuc boor je 55 mm diep. Kom je in een voeg uit, verplaats het gat dan naar het midden van een steen.

De kast alleen ophangen en met je knie ondersteunen

Een kast van 20 kg op schouderhoogte op zijn plek houden en tegelijk een schroef aandraaien, lukt niet zonder dat de kast een paar millimeter zakt. Die millimeters komen terug in een scheve onderkant en in een deur die niet aansluit.

Schroef een steunlat waterpas onder de lijn en laat de kast daarop rusten. De lat draagt het gewicht en houdt de hoogte vast, waarna je met twee handen kunt werken.

Veelgestelde vragen

Waarom kies je voor een wandkast hangend in plaats van een staande kast?

Een hangende kast houdt de vloer vrij, en dat werkt op twee manieren. Je kunt eronder dweilen en stofzuigen zonder iets te verplaatsen, en de doorlopende vloer laat een smalle ruimte breder lijken omdat het oog de vloerlijn tot de muur kan volgen.

Je betaalt daarvoor met de bevestiging. Een staande kast draagt zichzelf op de vloer, terwijl een hangende kast zijn volle gewicht plus een kantelkracht aan de wand overdraagt, en niet elke wand is daarvoor geschikt.

Hoeveel kilo houdt een wandkast aan een gipsplaten wand?

In de plaat zelf houdt een kunststof hollewandplug ongeveer 4 kg per punt, een metalen hollewandplug 10 kg en een kiepplug 12 kg. Die getallen gelden voor een lijst of een klok, want voor een kast zijn ze geen van drieën bedoeld.

Schroef je in de houten regel achter de plaat, dan houdt één punt ongeveer 15 kg, mits de schroef minstens 40 mm in het hout grijpt. Wat jouw combinatie van wand, gewicht en soort object houdt, kun je per punt nakijken voordat je boort.

Hoe hoog hang je een wandkast hangend in de keuken op?

De onderkant komt 55 cm boven het werkblad, met 50 tot 60 cm als bereik. Bij een aanrecht van 90 cm hoog betekent dat 145 cm boven de vloer, en met een kast van 70 cm hoog eindigt de bovenkant dan op 215 cm.

Onder 50 cm past een keukenmachine er niet meer onder en sta je met je hoofd tegen de deur zodra je over het blad buigt. Boven 60 cm kom je niet meer bij het achterste van het bovenste schap, zeker niet met een stapel borden in je hand.

Hoe krijg je twee wandkasten hangend naast elkaar precies op één lijn?

Door ze niet apart uit te meten. Hang beide kasten aan één doorlopende ophangrail of aan één rechte lat die je over de hele wandlengte waterpas zet, want elke kast die je los uitmeet krijgt zijn eigen millimeter afwijking mee.

Klem daarna de voorranden met een lijmklem gelijk en koppel de kasten met twee schroeven per verbinding, een onder het bovenste scharnier en een boven het onderste. Verstelbare kastophangers geven je daarbij 2 tot 3 cm speling in de hoogte en ongeveer 1 cm in de diepte.

Hoe diep mag een hangend wandkastje zijn?

Tot ongeveer 45 cm is aan de wand te hangen, daarboven wordt de kantelkracht op de bovenste schroeven zo groot dat je beter een staande kast neemt. In de praktijk bepaalt de inhoud de diepte: 20 cm voor glazen en mokken, 25 cm voor boeken, 32 tot 35 cm voor platte borden en 40 cm voor gevouwen truien.

Elke centimeter diepte telt dubbel, want hij verhoogt de trekkracht bovenaan en hij komt verder de ruimte in. Boven een werkblad van 60 cm is 35 cm daarom de gangbare maat en geen toeval.

Kun je een wandkastje hangend ophangen zonder te boren?

Voor een kast niet. Montagekit houdt op stucwerk 3 kg per punt en op gipsplaat 2 kg, en plakstrips en montagetape blijven onder de 2 kg, terwijl een leeg kastje van 60 cm al 15 kg weegt.

Daar komt bij dat het gewicht bij lijm en tape niet aan de bevestiging hangt maar aan de verflaag of het stucwerk eronder, en dat die onder een blijvende last loslaat in plaats van te waarschuwen. Mag er echt niet geboord worden, dan is een staand of ondiep meubel de reële uitweg.

Hoeveel bevestigingspunten heeft een hangkast nodig?

Twee punten is het minimum, en die zitten zo hoog en zo ver uit elkaar mogelijk in de achterwand. Vanaf ongeveer 80 cm breed of 30 kg vol gaan er vier in, twee boven en twee onder, zodat de kast ook onderaan tegen de wand getrokken blijft.

Reken daarbij niet dat punten optellen. Twee punten houden samen ongeveer anderhalf keer wat één punt houdt en vier punten ongeveer drie keer, want een kast trekt zelden precies even hard aan elk punt.

Hoe hang je een wandkast op een voorzetwand of op gasbeton?

Bij een voorzetwand gaat de bevestiging door de plaat en de spouw heen tot in de steen erachter. Reken de lengte na: 12,5 mm plaat, 45 mm spouw en 10 mm oud stucwerk zijn samen al ruim 117 mm voordat de plug in de steen begint, en tussen kast en plaat horen vulblokjes zodat de schroef de gipsplaat niet indrukt.

In gasbeton werkt een gewone nylon plug niet, want het materiaal is te poreus om zich in te klemmen. Voor een kast is injectiemortel met een schroefhuls de bevestiging, goed voor ongeveer 20 kg per punt.

Op welke hoogte hangt een kastje boven een bureau, een wastafel of een bed?

Boven een bureaublad van 74 cm komt de onderkant op ongeveer 119 cm, dus 45 cm boven het blad, met 40 tot 60 cm als bereik. Een spiegelkast boven een wastafel van 85 cm hangt met de onderkant 20 cm boven het blad en blijft met 12 tot 18 cm ondiep, omdat je anders je hoofd stoot boven de kraan.

Boven het hoofdeinde van een bed reken je vanaf de matras en niet vanaf de vloer. Rechtop in bed zit je hoofd 60 tot 70 cm boven de matras, dus komt de onderkant daar minstens boven en houd je de kast op ongeveer 20 cm diepte.

Wat doe je als de muur scheef of bol is?

Meet eerst hoe scheef hij is: zet de lijn van de onderkant op drie plekken uit vanaf de vloer en meet dezelfde lijn vanaf het plafond. Het verschil tussen die twee reeksen is wat je ergens zichtbaar moet laten worden.

Hang de kast waterpas en vang het verschil op met een sluitlat of een vulstrook langs de naad die het minst in het oog loopt. Staat de muur bol, zet dan vulblokjes achter de kast op de plek waar hij van de wand af staat, anders trek je de kast krom en sluiten de deuren niet meer.

Hoe zwaar mag een hangend keukenkastje worden?

Dat hangt niet van de kast af maar van de wand. Een kastje van 60 cm met servies komt op ongeveer 35 kg, en dat betekent per ophangpunt ongeveer 23 kg verticaal: haalbaar in kalkzandsteen of beton, en in gipsplaat alleen als de schroeven in de houten regel grijpen.

Vul de kast daarom met het oog op de bevestiging. Flessen en voorraadpotten horen laag en in een staande kast, glazen en licht servies horen boven, want een rij volle literflessen weegt meer dan het hele kastje eromheen.

Waar kun je beter geen hangkast ophangen?

Boven een zitplek waar iemand met zijn hoofd onder de kast komt, boven een trap waar je de kast alleen schuin kunt bereiken, en op een voorzetwand van 12,5 mm gipsplaat waarachter geen regel of steen zit die de last kan overnemen.

Verder is een lage diepe kast op een zwakke wand de ongunstigste combinatie die er is, omdat de korte hefboom de trekkracht bovenaan vermenigvuldigt. In die gevallen komt een staande kast of een smal kastje dat op de vloer staat er beter uit.

Wanneer je beter een vakman belt

Het ophangen zelf doe je zelf, maar drie dingen niet. Loopt er in de keukenwand een gasleiding naar de kookplaat, dan laat je het boren in die strook aan een installateur, want een aangeboorde leiding merk je aan de geur en niet aan de boor.

Zit er in de wand vloer- of wandverwarming, dan hoort daar eerst een leidingtekening of een warmtebeeld bij voordat er een gat in gaat. En stuit je in beton op wapening, verplaats het gat dan 3 tot 5 cm en boor niet door: doorgeboorde wapening in een dragende wand herstel je niet en hoort bij een constructeur.

Verder lezen over dit onderwerp