Water in de tuin zonder vijver: van vogelbad tot regentuin

Water in de tuin zonder vijver begint bij de vraag wat het water moet doen: vogels laten baden, insecten laten drinken, regen opvangen of een bui laten wegzakken. Een vogelbad loopt af van nul tot hooguit 5 cm diep en staat 150 tot 200 cm van de eerste struik, een drinkschotel voor insecten heeft stenen boven een laagje van 1 tot 2 cm, en een regentuin ligt op minstens 2 tot 3 meter van de gevel en is na een bui binnen 48 uur leeg. Alles wat stilstaat, ververs je in de zomer binnen een week, omdat muggenlarven er een tot twee weken over doen, en alles wat je neerzet weegt een kilo per liter.
Dit heb je nodig
- Tijd
- een uur voor een schaal, een dag voor een regentuin
- Moeilijkheid
- Goed zelf te doen
- Kosten
- Afhankelijk van de vorm: een schaal vraagt weinig, een regentuin vooral grondwerk en planten
Gereedschap
- Waterpas van minstens 60 cm
- Rolmaat van 5 m
- Spade en spitvork voor een regentuin
- Emmer of gieter van 10 liter
- Stugge borstel om schalen te schrobben
- Liniaal of meetlat voor de percolatietest
Materiaal
- Ondiepe schaal van beton, natuursteen of kunststof met een ruwe bodem
- Platte stenen of grove kiezels als landingsplek en uitstap
- Regenton met vastzittende deksel en vulautomaat voor de regenpijp
- Stevige tegel of voet van 30 tot 40 cm onder de ton
- Grind voor een afdeklaag of grindkoffer
- Zandige teelaarde met compost voor de regentuin
- Blok piepschuim voor een teil in de winter
Welke vorm van water past bij wat je in de tuin wilt
Water in de tuin zonder vijver kan vijf dingen doen: vogels laten drinken en baden, insecten een drinkplek geven, regen zichtbaar opvangen, een stuk tuin een hoosbui laten verwerken, of iets glinsterends in het zicht van het raam zetten. Elke vorm doet er één of twee goed en de rest matig. Hoe dat element daarna in de rest van de indeling past, hoort bij het inrichten van de tuin als geheel.
Het grootste verschil zit tussen water dat stilstaat en water dat beweegt. Stilstaand water heeft geen stroom nodig, maar je ververst het in de zomer om de paar dagen, omdat muggen, algen en vogelpoep het anders overnemen. Water dat een pomp laat rondgaan heeft dat minder, en hoe je die pomp en de stroom regelt, staat bij een fontein die zonder kraan werkt.
Het tweede verschil is of het water blijft of weer verdwijnt. Een schaal, teil of bak houdt het hele jaar water, een regentuin alleen de uren of dagen na een bui. Die tweede vorm heeft dus het grootste deel van het jaar geen open water, en daarom past hij in tuinen waar een teil op kniehoogte geen goed idee is.
De tabel zet de gangbare vormen naast de reden waarom je ze kiest. Weet je al wat je wilt, lees dan van links naar rechts; twijfel je over een vorm, lees dan eerst de rechterkolom.
| Wat je wilt | Wat daarbij past | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|
| Vogels laten drinken en baden | Ondiepe schaal van 40 tot 60 cm met een ruwe bodem, op de grond of op een voet | Een schaal dieper dan 5 cm of met glad glazuur: vogels komen er niet in |
| Bijen, hommels en zweefvliegen een drinkplek geven | Platte schotel met stenen of knikkers die boven een laagje water van 1 tot 2 cm uitsteken | Open water zonder landingsplek: insecten vallen erin en verdrinken |
| Egels water geven | Lage schaal op de grond met een schuine rand of een steen als trap | Een bak of teil met steile wanden: een egel komt er wel in maar niet meer uit |
| Regen zichtbaar maken | Regenton met overloop, of een regenketting boven een stenen opvangbak | Een groot dakvlak op één ketting: bij een hoosbui springt het water ervan af |
| Minder water naar het riool en een tuin die een bui aankan | Regentuin of mini-wadi op minstens 2 tot 3 meter van de gevel | Kleigrond of hoog grondwater: het water blijft dagen staan en dan broeden er muggen |
| Water met planten op het terras | Teil of pot van 50 tot 70 cm met een dwergwaterlelie en een drijfplant | Een kleine teil in de volle zon wordt warm, groen en zuurstofarm |
| Het geluid van stromend water | Muurfontein, borrelsteen of spuwer met een pomp | Stroom buiten, en een pomp die drooglopen niet overleeft |
| Zo min mogelijk terugkerend werk | Een regentuin: geen water om te verversen en geen pomp om schoon te maken | De eerste twee jaar wieden, tot de beplanting dicht staat |
Waarom stilstaand water na een paar dagen omslaat
Een schaal water is na een week een ander ding dan op de dag dat je hem vulde. Er vallen stuifmeel, blad en vogelpoep in, de zon warmt het ondiepe water op, en voeding, licht en warmte samen zijn precies waar algen op wachten. In een vogelbad van 3 liter gaat dat sneller dan in een bak van 100 liter, omdat weinig water sneller opwarmt en elke klodder poep er zwaarder in doortelt.

Muggen zijn de tweede klok. De gewone steekmug legt haar eitjes als een vlotje op stil water, en de larven hangen met een adembuisje aan het oppervlak tot ze na ongeveer een tot twee weken zomerweer uitvliegen. Wie vaker ververst dan die ontwikkeltijd, gooit de larven weg voordat ze klaar zijn.
Leeggieten alleen is bij een schaal niet altijd genoeg. De Aziatische tijgermug, die in Nederland af en toe wordt aangetroffen, zet haar eitjes net boven de waterlijn op de wand, en die eitjes overleven het opdrogen. Schrob daarom bij het verversen ook de rand, en giet het oude water in de border en niet in de schaal ernaast.
Verdamping is de derde klok. Op een warme zomerdag verdwijnt ongeveer 5 mm uit open water, dus in een vogelbad dat met 4 cm begint, staat na vier warme dagen en een paar badende merels nog 1 tot 2 cm. Daaronder baadt er niets meer, zodat verversen en bijvullen in de zomer samenvallen.
De tabel geeft per vorm het ritme dat wij aanhouden. Het zijn geen voorschriften maar afgeleide maten: ze blijven binnen de ontwikkeltijd van een muggenlarve en voor het moment waarop een schaal in de zon zichtbaar groen wordt.
| Vorm | Hoeveel water | Verversen of schoonmaken | Waarom dit ritme |
|---|---|---|---|
| Vogelbad van 40 cm, tot 4 cm diep | 2 tot 3 liter | In de zomer elke dag of om de dag omspoelen, wekelijks schrobben | Badende vogels slaan water eruit en laten poep achter, en een vuil bad geeft ziektes door van vogel op vogel |
| Drinkschotel voor insecten | Een halve tot een hele liter tussen de stenen | Om de twee dagen bijvullen, wekelijks omspoelen | Een laagje van 1 tot 2 cm is op een warme dag voor een groot deel verdampt |
| Waterschaal zonder pomp, 50 cm | 8 tot 15 liter | Wekelijks leeggieten en de rand schrobben | Blijft binnen de ontwikkeltijd van muggenlarven |
| Teil of pot met waterplanten, 60 cm | Rond 100 liter | Niet verversen, wel bijvullen met regenwater en blad eruit scheppen | Planten nemen voeding op en schaduwen het water; verversen haalt dat evenwicht steeds weer onderuit |
| Regenton met vastzittende deksel | 200 liter of meer | Eens per jaar in het najaar leeg en uitspoelen | Onder een dichte deksel valt geen licht en kan geen mug bij het water |
| Bak met borrelaar of pomp | 100 liter en meer | Maandelijks filter en rand schoon, het water alleen verversen als het ruikt | Een bewegend oppervlak houdt muggen weg, maar voeding hoopt zich wel op |
| Regentuin of mini-wadi | Alleen tijdens en na een bui | Na een stevige bui kijken of hij binnen 24 tot 48 uur leeg is | Water dat korter staat dan een week geeft muggenlarven geen tijd om uit te komen |
Zet een vogelbad binnen bereik van de regenton of de tuinslang. Een schaal die je elke ochtend met één zwaai omspoelt, blijft schoon; een schaal waarvoor je met een emmer de tuin door moet, wordt in de praktijk een keer per week.
Een vogelbad en drinkplek die dieren echt gebruiken
Een vogel die baadt, heeft natte veren en vliegt een paar seconden slechter weg. Hij kiest daarom water waar hij kan staan, met vrij zicht rondom en dekking op een paar vleugelslagen afstand. Een schaal die daar niet aan voldoet, blijft leeg, hoe mooi hij ook is.
De diepte is de eerste maat. Een mees of mus baadt in 2 tot 3 cm water, een merel of spreeuw staat in 4 tot 5 cm, en dieper gebruikt een zangvogel het niet. Een schaal die van nul aan de rand geleidelijk naar hooguit 5 cm in het midden afloopt, bedient ze allemaal, en heeft de schaal steile wanden, leg dan een platte steen in het midden die tot 2 cm onder de waterlijn komt.
De bodem is de tweede. Op geglazuurd keramiek of glad metaal glijden vogelpoten weg, en daar blijven vogels van af. Beton, natuursteen of een schaal met een paar platte kiezels op de bodem geeft grip.
De plek is de derde, en daar weeg je twee gevaren tegen elkaar af. Te ver van struiken voelt een vogel zich onbeschermd tegen een sperwer, te dichtbij zit een kat ongezien op springafstand. Wij houden als vuistregel 150 tot 200 cm open terrein aan tussen de schaal en de eerste dichte struik, zodat een vogel met twee vleugelslagen in dekking zit en een kat eerst over open grond moet.
Die struik is ook de plek waar vogels broeden. Een haag of heester vlak bij het water knip je tussen 15 maart en 15 juli niet zonder eerst te kijken of er een nest in zit, en per soort vind je het goede moment in de snoeikalender met de broedperiode erbij. Welke heesters dicht genoeg worden om dekking te geven, lees je bij het combineren van planten in de tuin.
Insecten en egels vragen iets anders. Een bij drinkt aan de rand van het water en verdrinkt in open water zonder houvast, dus een schotel met stenen die boven een laagje van 1 tot 2 cm uitsteken werkt beter dan een vogelbad. Een egel drinkt op de grond en komt uit een bak met steile wanden niet meer omhoog, dus elke bak op maaiveld krijgt een steen of plankje als uitstap.
| Wie drinkt of baadt | Diepte die werkt | Plek | Waar het op vastloopt |
|---|---|---|---|
| Mees, mus, roodborst | 2 tot 3 cm | Schaal op een voet, of op de grond in open terrein | Een schaal zonder ondiepe rand: kleine vogels drinken hooguit van de rand en baden niet |
| Merel, spreeuw, zanglijster | 4 tot 5 cm | Op de grond of laag, met 150 tot 200 cm tot de struiken | Een schaal op een smalle voet die kiept als een merel op de rand landt |
| Houtduif, Turkse tortel | Tot 5 cm | Brede schaal van 50 cm of meer op de grond | Duiven verdringen kleine vogels; een tweede schaal elders in de tuin verdeelt de drukte |
| Honingbij, hommel, zweefvlieg | Een laagje van 1 tot 2 cm tussen stenen | In de zon, vlak bij bloeiende planten | Water zonder uitstekende stenen: insecten vallen erin en komen er niet meer uit |
| Egel | 3 tot 5 cm | Op de grond, langs de schutting of onder een struik | Een teil of bak zonder uitstap wordt een val |
Zie je vogels die pluizig en suf bij het water zitten en slecht slikken, haal het bad en de voederplek dan twee weken weg en maak ze schoon. Trichomonas, een parasiet die vooral groenlingen en vinken treft, gaat via gedeeld drinkwater en voer van vogel op vogel over.
Waar het water in de tuin komt te staan
De plek bepaalt hoeveel werk het water geeft en of je het ziet. Een schaal in de volle middagzon verdampt en vergroent het snelst, een schaal onder een boom ligt elke herfstweek vol blad. Halfschaduw met ochtendzon en schaduw vanaf het middaguur geeft van allebei het minst.
Zet het water in de zichtlijn vanuit het raam waar je het meest zit, en niet achter in de tuin waar je in oktober niet meer komt. Een schaal die je vanuit de keuken ziet, ververs je ook eerder, omdat je ziet dat hij leeg of groen is.
Water dat de grond in moet, volgt een andere regel. Een regentuin of grindkoffer ligt op minstens 2 tot 3 meter van de gevel, omdat water in de bodem ook zijwaarts trekt en een kruipruimte of kelder vaak de laagste plek in de omgeving is. Dat is geen norm maar een vuistregel die wij aanhouden, en bij een kruipruimte die al vochtig is, houd je liever meer afstand.
In een tuin van 5 bij 10 meter, de maat van veel rijtjeshuistuinen, moet je die eisen dus naast elkaar leggen. De regenton staat bij de regenpijp, de overloop loopt via een grindstrook langs de schutting naar de regentuin, en het vogelbad staat in het zicht van de tuindeuren met open terrein naar de heesterborder.
De drinkschotel voor insecten staat juist in de zon en tegen de border met lavendel, want daar vliegen de bijen al. In een kleinere, ommuurde buitenruimte schuift alles naar de wanden, en hoe zo'n indeling er met een zitplek, planten en water uitziet, zie je in uitgewerkte voorbeelden van patiotuinen.
Regenwater zichtbaar maken met een ton, een ketting of een grindkoffer
Regen is het water dat je gratis krijgt, en de hoeveelheid is eenvoudig uit te rekenen. Eén millimeter regen op één vierkante meter dak is één liter, dus een dakvlak van 30 m² levert bij een bui van 20 mm 600 liter. De gemiddelde jaarsom in Nederland ligt rond de 850 mm, en dan komt er van datzelfde dakvlak zo'n 25.000 liter af.
Reken met de grondmaat van het dak, zoals je hem op een plattegrond ziet, en niet met de schuine lengte van de pannen. Regen valt van boven, dus een steiler dak vangt niet meer water dan een plat dak met dezelfde grondmaat.
Die rekensom laat zien waarom een regenton bijna altijd overloopt. Een ton van 200 liter onder 30 m² dak is na 7 mm regen vol, en dat is een gewone natte middag. Een ton is dus een voorraad voor de gieter en geen buffer voor een hoosbui, en de vraag is waar het overschot heen gaat.
Een vulautomaat in de regenpijp tapt water af naar de ton en laat de rest door de pijp lopen zodra de ton vol is. Wil je dat overschot in de tuin houden, leid het dan naar een grindkoffer of een regentuin. Grind heeft tussen de stenen 30 tot 40 procent holle ruimte, dus voor 600 liter berging graaf je ruim 1,5 m³ grind in, terwijl een infiltratiekrat met ongeveer 95 procent holle ruimte met 0,65 m³ toekan.
Een regenketting maakt het water zichtbaar op het moment dat het regent. Het water hecht zich aan de schakels en loopt langs de ketting omlaag in plaats van door een dichte pijp, en dat werkt onder een klein dak zoals een berging of overkapping. Bij een hoosbui op een groot dakvlak komt er meer water dan de ketting kan geleiden, en dan springt het ervan af tegen de gevel.
Onder de ketting hoort een opvang die het water verder laat gaan: een zware stenen schaal of een bak met grof grind die overloopt naar een grindkoffer of de border. Zo'n natuurstenen opvang op een bed van grijs split sluit aan bij een sobere, stenige tuin in Baltische stijl.
| Dakvlak dat afwatert, grondmaat | Bij een bui van 5 mm | Bij een bui van 20 mm | Een ton van 200 liter is vol na | Per jaar bij 850 mm |
|---|---|---|---|---|
| Berging of tuinhuis, 6 m² | 30 liter | 120 liter | 33 mm regen | Ruim 5000 liter |
| Overkapping of aanbouw, 12 m² | 60 liter | 240 liter | 17 mm regen | Ruim 10.000 liter |
| Eén dakvlak van een rijtjeshuis, 30 m² | 150 liter | 600 liter | 7 mm regen | Ruim 25.000 liter |
| Heel dak van een rijtjeshuis, 50 m² | 250 liter | 1000 liter | 4 mm regen | Ruim 42.000 liter |
Zet de ton op een voet van 30 tot 40 cm hoog op een vaste tegel, dan past de gieter onder de kraan. Een volle ton van 200 liter weegt 200 kilo, en op losse tegels in zand zakt één kant weg tot hij scheef hangt.
Een regentuin of mini-wadi die binnen twee dagen leegloopt
Een regentuin is een verlaagd stuk tuin van 10 tot 30 cm diep waar regenwater naartoe loopt, een paar uur of een dag blijft staan en dan de bodem in zakt. Wadi is oorspronkelijk de naam voor een droogstaand rivierdal, en in Nederlandse tuinen worden de twee woorden door elkaar gebruikt. Er staat alleen tijdens en vlak na een bui water, dus geen verversen en geen pomp, zolang hij op tijd leegloopt.
Die voorwaarde is de hele kunst. Water dat langer dan 24 tot 48 uur blijft staan, geeft muggen de kans om eitjes te leggen en laat de wortels van de meeste planten zonder zuurstof zitten. Doe daarom eerst een percolatietest: graaf een gat van 30 cm diep, vul het twee keer met water zodat de grond verzadigd raakt, en meet bij de tweede vulling hoeveel het per uur zakt.
Zakt het 1 cm per uur of meer, dan loopt een regentuin van 15 cm diep binnen een dag leeg. Blijft het onder een halve centimeter per uur, zoals op zware klei, maak hem dan ondieper en groter of leg een overloop naar een lager deel van de tuin of terug naar de oude afvoer. Doe de test in de winter of het vroege voorjaar, want dan staat het grondwater het hoogst en werkt een regentuin het slechtst.
Voor de maat reken je terug vanaf het dak. Een dakvlak van 30 m² geeft bij 20 mm regen 600 liter, en een regentuin van 4 m² met 15 cm water houdt dat vast zonder dat er tijdens de bui iets wegzakt. Met schuine randen is de nuttige diepte kleiner, dus reken dan op 5 tot 6 m², en wat er tijdens de bui al in de bodem verdwijnt, is marge.
Laat het water niet naar de buren lopen: je mag regenwater niet via je dak, goot of een aangelegde afvoer op het erf van een ander laten afstromen. Graaf je bij de regenpijp, dan ligt daar vaak de grondleiding van de hemelwaterafvoer, en wat je doet als je bij het graven een waterleiding raakt lees je voordat de spade de grond in gaat.
Plant soorten die zowel een natte week als een droge maand verdragen, want een regentuin wisselt tussen die twee. In het diepste deel werken zegges, gele lis en kattenstaart, op de schuine rand leverkruid en Siberische iris, en op de bovenrand soorten die ook op drogere grond staan. Leg er geen schors of houtsnippers op, want die drijven bij de eerste bui op en spoelen naar de overloop.
Tussen het grind in en rond de regentuin kiemt na een jaar onkruid. Strooi daar geen zout of azijn, want het spoelt met de volgende bui de bodem in waar je het water juist wilt laten wegzakken; wat tussen grind wel werkt en mag, zoek je op in de onkruidwijzer per ondergrond.
Loop niet over de bodem van een uitgegraven regentuin als de grond nat is, en rijd er zeker niet met een kruiwagen overheen. Natte grond onder een voet of wiel wordt dichtgedrukt, en dan loopt een regentuin die op de percolatietest goed scoorde toch niet meer leeg.
Water in een teil, pot of bak zonder pomp
Wie water met planten wil zonder te graven, zet een teil, een grote pot of een bak neer. Onder 50 cm doorsnede en 30 cm diepte wordt dat lastig, omdat weinig water op een zomerdag te warm wordt en 's nachts weer afkoelt, en in die schommeling houden planten en waterdiertjes het slecht vol. Een teil van 60 cm doorsnede met 35 cm water bevat rond 100 liter, en dat overbrugt een paar warme dagen.

Planten doen in zo'n teil het werk van een filter. Een dwergwaterlelie op 20 tot 30 cm diepte of kikkerbeet als drijfplant houdt een derde tot de helft van het oppervlak in de schaduw, en een zuurstofplant als grof hoornblad neemt voeding op die anders naar de algen gaat. Zet er geen vissen in, want 100 liter wordt in de zomer te warm en bevriest in een strenge winter voor het grootste deel.
De kleur en het materiaal van de teil tellen mee. Een zwarte kuip of zinken teil in de volle zon warmt sneller op dan een lichte pot van dikwandig keramiek of een houten bak met binnenbak. Halfschaduw met zon tot het middaguur is ook hier de plek.
Een strakke bak met meer water, al dan niet met een borrelaar, staat bij een losse waterbak als vast element in de tuin. Zo'n bak is zwaarder dan hij eruitziet, en op een balkon, dakterras of vlonder is dat de eerste vraag.
Water weegt een kilo per liter. Nieuwere balkons zijn doorgaans gerekend op een verdeelde belasting van 2,5 kN per m², ongeveer 250 kg per vierkante meter over het hele vlak, terwijl een gevulde teil of bak zijn gewicht op een klein stuk vloer zet. Zet zware bakken daarom tegen de gevel waar het balkon aan vastzit en niet aan de buitenrand, en vraag bij een ouder balkon of een houten vlonder eerst de VvE of een constructeur.
In een kleine ommuurde tuin zet je de pot of bak liever tegen een wand dan midden op de vloer, zodat de looproute vrij blijft. Hoe je die paar vierkante meter verder verdeelt, staat bij het inrichten van een kleine patiotuin.
| Opstelling | Water | Gewicht van het water | Druk op de voetafdruk, alleen water | Waar het kan staan |
|---|---|---|---|---|
| Vogelbad van 40 cm op de grond | 2 tot 3 liter | 3 kg | Te verwaarlozen | Overal, ook op een balkon |
| Pot van 50 cm doorsnede, 40 cm water | Rond 80 liter | 80 kg | Rond 400 kg per m² | Op tegels in zand, of op een balkon tegen de gevel |
| Teil van 60 cm doorsnede, 35 cm water | Rond 100 liter | 100 kg | Rond 350 kg per m² | Op tegels in zand, of op een balkon tegen de gevel |
| Bak van 100 bij 40 cm, 35 cm water | 140 liter | 140 kg | 350 kg per m² | Op een vlakke, verdichte ondergrond; op een balkon eerst navragen |
| Bak van 120 bij 50 cm, 35 cm water | 210 liter | 210 kg | 350 kg per m² | Op de grond; op een vlonder of balkon alleen na berekening |
| Regenton van 200 liter, 60 cm doorsnede | 200 liter | 200 kg | Ruim 700 kg per m² | Op een vaste tegel of voet op de grond, niet op een balkon zonder berekening |
Veilig voor kleine kinderen, huisdieren en egels
Een peuter kan verdrinken in een paar centimeter water, omdat een jong kind met een relatief zwaar hoofd na een val voorover niet altijd zelf overeind komt. Voor water in een particuliere tuin bestaat geen wettelijke maximale diepte, dus die afweging ligt bij jou. De vraag is niet alleen hoe diep het water is, maar of een kind van één tot vier jaar er zonder toezicht bij kan.
Een regentuin staat alleen tijdens en vlak na een bui onder water, en een vogelbad met 2 tot 3 cm is minder riskant dan een teil met 35 cm, maar geen van beide is zonder risico. Een schaal op een voet heeft daarbij een tweede gevaar: een betonnen vogelbad weegt al snel tientallen kilo's en kiept als een kind aan de rand trekt. Zet een voet daarom vast op een tegel of een eindje in de grond.
De regenton is in veel tuinen het diepste water. Een ton van 200 liter heeft 80 tot 90 cm water, en een kind dat op de voet of een krukje klimt en over de rand hangt, kan erin vallen. Gebruik een deksel die vastklikt of met een spanband vastzit, en geen losse plaat die er alleen op ligt.
Voor een teil of bak waar een kind in kan vallen, is een rooster op of net onder de waterlijn de oplossing: van verzinkt staal of stevig kunststof, vastgezet en sterk genoeg om een kind te dragen. Waterplanten groeien er gewoon doorheen.
Honden drinken zonder bezwaar uit een vogelbad of regenton, zolang er geen algenmiddel, zout of antivries in zit. Voor egels en jonge vogels is een bak met steile wanden het risico, dus leg er een steen of schuin plankje in als uitstap, en laat een regenton nooit open staan.
Leg bij een teil of bak op de grond de uitstap aan de kant waar een dier ook echt aankomt: de kant van de border of de schutting, niet de kant van het terras. Een egel loopt langs randen en vindt een plankje midden in open terrein niet.
Wat vorst doet met schaal, ton en regentuin
Water zet bij bevriezen ongeveer 9 procent uit, en die kracht zoekt de zwakste plek. In een schaal met schuin oplopende wanden schuift het ijs omhoog en gebeurt er weinig, maar in een pot of ton met rechte of naar boven toe smallere wanden drukt het ijs tegen de wand tot er iets scheurt. Onverglaasde terracotta en poreus beton zuigen daarbij water op dat in de wand zelf bevriest en de buitenlaag eraf drukt.
Leeg een regenton voor de eerste nachtvorst voor minstens de helft en koppel hem los van de vulautomaat, zodat de regen weer gewoon door de pijp gaat. Een kunststof teil met planten mag blijven staan als er een blok piepschuim in drijft dat de druk van het ijs opvangt, en een keramische pot gaat leeg naar de schuur.
Vogels hebben juist in de vorst water nodig, omdat plassen en sloten dichtvriezen. Houd dan één ondiepe schaal van kunststof of dikwandig beton open door er elke ochtend lauw water in te gieten. Gebruik nooit zout, suiker, glycerine of antivries om het ijs weg te houden, want vogels drinken ervan en veren die vol zout of glycerine zitten, isoleren niet meer.
Een regentuin heeft in de winter niets nodig, maar werkt dan wel het slechtst, omdat de grond verzadigd is en het grondwater hoog staat. Knip de stengels van de beplanting pas in maart af, want in holle stengels overwinteren insecten, en haal alleen het blad weg dat voor de overloop komt te liggen.
Wat er in de rest van het jaar in en rond de tuin te doen is, van bestrating tot beplanting, staat in het overzicht van alles rond tuin en buitenruimte.
Zo breng je water in de tuin, van plek tot winter
De volgorde loopt van doel naar plek naar gewicht, omdat een volle bak of een uitgegraven regentuin daarna niet meer verschuift.
-
Beslis wat het water moet doen
Schrijf op of het om vogels, insecten, regenwater of het zicht vanuit het raam gaat, want daaruit volgen de diepte en de vorm. Een vogelbad van 5 cm en een regentuin van 15 cm hebben weinig gemeen behalve het water.
-
Kies de plek op schaduw, dekking en zicht
Zoek halfschaduw met ochtendzon, 150 tot 200 cm open terrein tot de eerste dichte struik en een zichtlijn vanuit de plek waar je binnen het meest zit. Water dat de grond in moet, leg je op minstens 2 tot 3 meter van de gevel.
-
Test de ondergrond en reken het gewicht uit
Voor een regentuin doe je de percolatietest in een gat van 30 cm diep, voor een bak of ton reken je met een kilo per liter. Zakt het water minder dan een halve centimeter per uur, of komt de bak op een balkon, dan past de maat of de plek zich aan en niet andersom.
-
Regel de aanvoer van regenwater
Zet een vulautomaat in de regenpijp en de ton op een voet van 30 tot 40 cm op een vaste tegel. Leid de overloop naar een grindstrook of de regentuin, zodat het overschot niet tegen de gevel blijft staan.
-
Zet het water waterpas neer en geef dieren houvast
Controleer de rand in twee richtingen met de waterpas, want een schaal die scheef staat, is aan één kant te diep en aan de andere kant droog. Leg stenen in de drinkschotel, een platte steen in een diepe schaal en een uitstap in elke bak op de grond.
-
Vul met regenwater en leg het ritme vast
Regenwater laat na verdampen geen kalkrand achter en heeft al de temperatuur van buiten. Zet het verversen in je week: een vogelbad dagelijks of om de dag omspoelen, een schaal wekelijks schrobben, een ton met deksel eens per jaar uitspoelen.
-
Kijk na de eerste stevige bui en de eerste warme week
Na de bui kijk je of de regentuin binnen 24 tot 48 uur leeg is en waar de overloop heen gaat, na de warme week of er larven in stil water hangen. Die twee waarnemingen vertellen je in de eerste maand wat er aan maat of ritme moet veranderen.
-
Maak alles winterklaar voor de eerste nachtvorst
Leeg keramiek helemaal en de regenton voor minstens de helft, en leg een blok piepschuim in de kunststof teil. Houd één schaal van kunststof of beton open voor de vogels, want die hebben juist bij vorst water nodig.
Onkruidwijzer
Kies de plek en het soort onkruid. Je ziet welke aanpak werkt, wat er wettelijk mag op verharding en in de tuin, en wat zout en azijn echt doen met je bodem. Open de volledige onkruidwijzer
Nalopen voordat het water erin gaat
Uit de praktijk
Het vogelbad blijft onbezocht terwijl er genoeg vogels in de tuin zijn
Zie je vogels wel in de struiken maar niet in het bad, dan zit het bijna altijd in een van drie maten. De schaal is in het midden dieper dan 5 cm en heeft geen ondiepe rand, de bodem is geglazuurd of glad metaal waarop poten wegglijden, of de schaal staat op minder dan een meter van een dichte struik waar een kat in kan zitten.
Leg een platte steen in het midden tot 2 cm onder de waterlijn, strooi een paar platte kiezels op een gladde bodem en schuif de schaal naar 150 tot 200 cm van de struik. Na die aanpassing duurt het vaak een paar dagen voordat de eerste merel het water vindt, dus verplaats hem niet meteen opnieuw.
De regentuin staat na twee dagen nog vol water
Blijft er na een bui langer dan 48 uur water staan, dan kan de bodem het niet snel genoeg afvoeren. De drie oorzaken zijn klei die van nature weinig doorlaat, een laag die tijdens het graven is dichtgereden of dichtgelopen, en grondwater dat in de winter tot vlak onder de bodem van de regentuin staat.
Steek bij een dichtgedrukte laag de bodem met de spitvork los zonder hem om te keren. Is het klei of grondwater, maak de regentuin dan ondieper en breder, en leg een overloop naar een lager deel van de tuin, zodat het water na een grote bui ergens heen kan in plaats van te blijven staan.
Na een warme week zwemmen er larven in de teil
Kleine wriemelende staafjes die bij beweging naar beneden schieten en daarna weer tegen het oppervlak hangen, zijn muggenlarven. Ze hangen daar omdat ze via een adembuisje lucht halen, en in een nieuwe teil zijn er nog geen ruggenzwemmers of waterkevers die ze opeten.
In een schaal giet je het water weg en schrob je de rand. In een teil met planten schep je ze met een fijn schepnetje of een kopje van het oppervlak, en zet je er een klein borrelpompje op zonne-energie in als het blijft terugkomen: een oppervlak dat elke dag een paar uur beweegt, gebruiken muggen niet om eitjes te leggen.
Veelgemaakte fouten
Een diepe of gladde schaal als vogelbad kiezen
Een schaal van 10 cm diep met steile wanden is een drinkbak voor een hond en geen bad voor een mees. Vogels die niet kunnen staan, komen er hooguit aan de rand drinken.
Kies een schaal die van nul naar hooguit 5 cm afloopt, of maak een diepe schaal bruikbaar met een platte steen in het midden.
Stilstaand water in de volle zon zonder verversritme
Een schaal van 10 liter in de middagzon is binnen een week groen en kan binnen die week muggenlarven herbergen. Dat komt niet door de schaal maar door de combinatie van licht, warmte en voeding.
Zet stilstaand water in halfschaduw en ververs het binnen een week, of kies een vorm die niet stilstaat.
Een regenton zonder vaste deksel
Een open ton is een broedplaats voor muggen en voor een klein kind het diepste water in de tuin, met 80 tot 90 cm water achter een rand die met een krukje te bereiken is.
Een deksel die vastklikt of met een spanband vastzit, lost allebei op, en onder een dichte deksel blijft het water ook langer helder.
De overloop vergeten
Een ton onder 30 m² dak is na 7 mm regen vol, en een regentuin zonder overloop laat bij een zware bui het water terugstromen naar het terras of de gevel. Het water dat niet meer past, gaat de kortste weg, en die weg is zelden de goede.
Bepaal voor elke ton en elke regentuin waar het overschot naartoe gaat voordat de eerste bui valt.
Een regentuin of grindkoffer tegen de gevel
Water dat de bodem in zakt, trekt ook zijwaarts, en de fundering en kruipruimte zijn daar vaak de laagste punten. Een regentuin op een meter van de gevel voert het water dan precies naar de plek waar je het niet wilt.
Houd minstens 2 tot 3 meter afstand en meer als de kruipruimte al vochtig is.
Zout, algenmiddel of antivries in water waar dieren bij kunnen
Vogels, bijen en egels drinken uit elk water dat ze vinden. Zout en antivries zijn voor hen giftig, algenmiddel is niet onschuldig, en glycerine of zout in badwater laat veren hun isolatie verliezen.
Pak algen aan met schaduw en schoonmaken, en houd een schaal in de vorst open met lauw water.
Een zware bak op een balkon of vlonder zonder rekenen
Een bak van 120 bij 50 cm met 35 cm water weegt 210 kilo zonder de bak zelf, en die kilo's staan op een halve vierkante meter. Een balkon is gerekend op een verdeelde belasting en een vlonder op de balken eronder.
Reken het gewicht uit, zet het tegen de gevel en vraag bij twijfel de VvE of een constructeur.
Veelgestelde vragen
Hoe krijg je water in de tuin zonder vijver?
Kies eerst wat het water moet doen en pas daarna de vorm. Voor vogels is dat een ondiepe schaal tot 5 cm diep, voor insecten een schotel met stenen, voor regen een ton met overloop of een regentuin, en voor waterplanten een teil van minstens 50 cm doorsnede.
Alleen de regentuin vraagt graafwerk en alleen een fontein of borrelaar heeft stroom nodig. Alles wat stilstaat, ververs je in de zomer binnen een week.
Welk water in de tuin trekt de meeste vogels aan?
Een ondiepe schaal van 40 tot 60 cm die van nul aan de rand naar hooguit 5 cm afloopt, met een ruwe bodem en 150 tot 200 cm open terrein tot de eerste struik. Mezen baden in 2 tot 3 cm, merels in 4 tot 5 cm, en dieper water gebruiken ze niet.
Schoon water trekt meer dan een mooie schaal. Een bad dat je elke dag of om de dag omspoelt, wordt vaker bezocht dan een bad waarin poep en blad liggen.
Hoe voorkom je muggen in een vogelbad, teil of regenton?
Een muggenlarve heeft in de zomer ongeveer een tot twee weken nodig, dus ververs stilstaand water binnen een week en schrob daarbij de rand. Een regenton krijgt een deksel die vastzit, zodat er geen mug bij het water kan.
In een teil met planten die je niet wilt verversen, houdt een klein borrelpompje het oppervlak in beweging. Een regentuin die binnen 48 uur leegloopt, geeft larven geen tijd.
Hoe vaak moet je het water in een vogelbad verversen?
In de zomer elke dag of om de dag, en eens per week schrob je de schaal met een borstel en schoon water. Badende vogels slaan water uit de schaal en laten poep achter, en op een warme dag verdampt er ook nog zo'n 5 mm.
In het voor- en najaar is twee keer per week meestal genoeg. Zie je zieke vogels, haal het bad dan twee weken weg en maak het schoon.
Kun je water in de tuin hebben zonder stroom?
Ja, zolang het water mag stilstaan. Een vogelbad, een drinkschotel, een teil met waterplanten, een regenton en een regentuin werken allemaal zonder pomp en zonder kabel.
Wil je dat het water beweegt of klatert, dan heb je een pomp nodig en dus stroom uit een buitenstopcontact, een transformator of een zonnepaneel. Hoe dat zonder kraan en met een kleine voorraad werkt, staat bij de pomp en stroom voor een fontein in de tuin.
Is een regenton genoeg om wateroverlast in de tuin te voorkomen?
Nee. Een ton van 200 liter onder een dakvlak van 30 m² is na 7 mm regen vol, en bij een bui van 20 mm komt er 600 liter van dat dak af. De ton vangt dan een derde op en de rest gaat via de overloop.
Wie een hoosbui in de tuin wil houden, leidt die overloop naar een grindkoffer of een regentuin. Een regentuin van 4 m² en 15 cm diep houdt die 600 liter vast.
Mag je een regenpijp zelf afkoppelen van het riool?
In veel gemeenten mag dat en een deel van de gemeenten moedigt het aan, maar vraag vooraf of er een melding nodig is. De oude aansluiting op het riool moet dan goed dicht, want een open rioolbuis in de grond laat rioollucht en ratten door.
Het water moet op je eigen terrein blijven. Je mag regenwater niet via een goot of aangelegde afvoer naar het erf van de buren of de stoep laten lopen.
Hoe groot moet een regentuin zijn?
Reken vanaf het dak: de grondmaat van het dakvlak in m² maal de bui in mm geeft liters. Een dakvlak van 30 m² geeft bij 20 mm regen 600 liter, en dat past in 4 m² met 15 cm water, of in 5 tot 6 m² als de randen schuin aflopen.
Op zandgrond mag hij kleiner omdat er tijdens de bui al water wegzakt, op klei maak je hem ondieper en breder en leg je een overloop aan.
Kan een teil of waterbak met water op een balkon?
Een kleine teil wel, een grote bak alleen na rekenen. Water weegt een kilo per liter, dus een teil van 60 cm met 35 cm water is 100 kilo en een bak van 120 bij 50 cm met 35 cm water 210 kilo, zonder de bak zelf.
Nieuwere balkons zijn doorgaans gerekend op 2,5 kN per m² over het hele vlak. Zet zwaar gewicht tegen de gevel, en vraag bij een ouder balkon eerst de VvE of een constructeur.
Welke planten zet je in een teil of rond een waterschaal?
In een teil van minstens 50 cm werkt een dwergwaterlelie op 20 tot 30 cm diepte of kikkerbeet als drijfplant, met grof hoornblad als zuurstofplant. Samen houden ze een derde tot de helft van het oppervlak in de schaduw en nemen ze voeding op die anders naar de algen gaat.
Rond een schaal zet je planten die weinig blad in het water laten vallen. Voor een ommuurde tuin waar zo'n teil de enige waterplek is, helpt inspiratie voor de indeling van een patiotuin om planten, zitplek en water samen te zien.
Is water in de tuin gevaarlijk voor kleine kinderen?
Elk water waar een kind van één tot vier jaar zonder toezicht bij kan, is een risico, want een peuter kan verdrinken in een paar centimeter. Een regenton met een losse deksel en een teil op de grond zijn de gevaarlijkste plekken.
Gebruik een deksel die vastklikt, een vastgezet rooster op of net onder de waterlijn van een teil, en een voet die niet kiept. Een regentuin heeft alleen tijdens en vlak na een bui water.
Wat doe je in de winter met een vogelbad?
Een schaal van keramiek of onverglaasde terracotta zet je leeg weg, want water dat in de wand bevriest, zet 9 procent uit en drukt de buitenlaag eraf. Een schaal van kunststof of dikwandig beton kan blijven staan.
Houd die schaal open door er elke ochtend lauw water in te gieten, want vogels vinden in de vorst weinig ander water. Gebruik nooit zout, suiker, glycerine of antivries om ijs te voorkomen.
Wanneer je beter een vakman belt
Water in de tuin leg je zelf aan, een regentuin incluis. De grens ligt bij de constructie: een bak of teil van meer dan 100 kilo op een balkon, dakterras of vlonder laat je beoordelen door de VvE of een constructeur, omdat die kilo's op een klein vlak staan terwijl een balkon op een verdeelde belasting is gerekend.
Een regentuin op zware klei of bij hoog grondwater, of een grindkoffer onder bestaande bestrating, is werk waarbij een hovenier met ervaring in infiltratie en een minigraver je dagen spitten bespaart. Komt er een pomp bij, dan is een nieuwe groep in de meterkast of een grondkabel op 230 volt werk voor een elektricien.
Verder lezen over dit onderwerp
Fontein tuin zonder wateraansluiting

Waterbak in tuin
Tuin in baltische stijl
Kleine patio tuin inrichten
