Horeca bar inrichten: de maten en de indeling achter de bar
Een horeca bar werkt op twee hoogtes: 105 cm aan de gastzijde en 90 cm aan de werkzijde, met een kruk die 25 tot 30 cm onder het blad blijft. Achter de bar houd je 90 cm werkgang aan voor één barkeeper en 120 cm zodra er twee langs elkaar moeten. Per kruk reken je 65 cm barlengte, en de hele opstelling kost met krukken, werkgang en backbar ruim vier meter diepte. Het blad kies je op wat er op gemorst wordt: roestvast staal en composiet kunnen tegen zuur en schoonmaakmiddel, geolied hout en marmer niet.
Handig bij het plannen
- Tijd
- een avond meten en tekenen
Gereedschap
- Rolmaat van minstens 5 m
- Laserafstandsmeter bij een ruimte dieper dan 5 m
- Ruitjespapier van 5 mm, waarbij een hokje 10 cm is
- Schilderstape van 50 mm om de werkgang op de vloer uit te zetten
- Waterpas van 120 cm voor het blad en de onderbouw
Materiaal
- Karton in de maat van een koelwerkbank om de diepte uit te leggen
- Een barkruk om de zithoogte tegen de bladhoogte te houden
Wat een bar in de horeca anders maakt dan een bar in huis
Een bar in een zaak is geen lang aanrecht met krukken ervoor. Hij heeft twee werkhoogtes, een natte zone, een koude zone en een route waarlangs glazen vuil naar binnen en schoon naar buiten gaan. Die vier dingen bepalen samen de inrichting van de bar, en pas daarna komt het uiterlijk aan de beurt.

De maten verschillen minder van thuis dan je zou verwachten. Wat wij op de pagina over barhoogte en de maten van een bar aanhouden, geldt ook in een zaak: een blad op 105 cm, een kruk 25 tot 30 cm lager, 60 cm breedte per persoon. Het verschil zit in wat er achter dat blad gebeurt.
Thuis sta je een kwartier achter de bar. In de horeca sta je er een hele dienst, en dan telt elke handeling die je te vaak doet.
Daarom werkt een horeca bar op twee hoogtes. Het gastblad ligt op 105 cm, het werkblad erachter op 90 cm, dezelfde hoogte als een aanrecht. Dat hoogteverschil van ongeveer 15 cm is geen afwerking maar een scherm: het houdt de ijsbak, de flessen binnen handbereik en het vuile glaswerk uit het zicht van wie aan de bar zit.
Het tweede verschil is water. De spoelzone hoort in de bar zelf en niet in de keuken, want elke loop naar achteren is een loop waarbij niemand bij de tap staat. Een bar zonder eigen spoelpunt loopt op een drukke avond altijd vast op de glazen.
De maten waar een horeca bar op staat of valt
De maatvoering van een bar hangt aan elkaar vast. De hoogte van het blad bepaalt de kruk, de kruk bepaalt de voetsteun, en het werkblad erachter bepaalt waar de koeling en de spoelbak op aansluiten. Verander je één maat, dan schuiven de andere mee.
Twee maten liggen vast omdat ze uit de ergonomie komen. Tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm over, want daar passen je bovenbenen. En een werkblad waaraan je staat te schenken en te snijden ligt op ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, wat voor de meeste mensen uitkomt op 90 cm.
De rest is een marge waarin je kunt schuiven. Een blad van 100 cm oogt lager en zit prettiger voor kleine gasten, een blad van 110 cm verbergt de werkzijde beter. Onder 100 cm gaat het scherm-effect verloren en kijkt iedereen op je handen.
Wil je een maat naast een andere hoogte in het pand leggen, bijvoorbeeld tegen de aanrechthoogte in de keuken of de hoogte van een servicebalie, dan zoek je hem op in de maatwijzer met alle hoogtes in huis. De tabel hieronder is de verzameling die je voor de bar zelf nodig hebt.
| Onderdeel | Maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|
| Barblad, hoogte aan de gastzijde | 105 cm | 100 tot 110 cm | De kruk moet 25 tot 30 cm lager blijven dan het blad |
| Werkblad achter de bar, hoogte | 90 cm | 85 tot 95 cm | Ellebooghoogte min 10 tot 15 cm; bij een lange barkeeper draai je de poten uit |
| Barblad, diepte | 40 cm | 30 tot 60 cm | 40 cm is een bord plus een glas; wordt er ook gesneden, dan 60 cm |
| Overstek voor de knieën | 25 cm | 20 tot 30 cm | Boven 30 cm onderstutten, anders kantelt het blad als er op geleund wordt |
| Barkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm | 78 cm | 75 tot 82 cm | Meet de ingezakte zitting, niet het bolle kussen |
| Barkruk bij een blad op aanrechthoogte van 90 cm | 63 cm | 60 tot 67 cm | Hetzelfde verschil van 25 tot 30 cm; een gewone barkruk is hier te hoog |
| Barlengte per gast | 60 cm | 55 tot 70 cm | Met krukken reken je 65 cm hart op hart, anders raken de ellebogen elkaar |
| Werkblad, diepte | 60 cm | 57 tot 65 cm | Spoelbakken en koelwerkbanken zijn op 60 cm gemaakt |
| Onderkant van de bovenbouw boven het werkblad | 55 cm | 50 tot 60 cm | Onder 50 cm sta je met je hoofd tegen de plank als je inschenkt |
| Stopcontact boven het werkblad, hart | 115 cm | 110 tot 120 cm | 20 tot 30 cm boven het blad en minstens 30 cm van de spoelbak vandaan |
| Plint onder de onderbouw | 10 cm | 10 tot 15 cm | 5 cm terug gezet, dan sta je met je tenen onder de kast in plaats van ertegen |
| Voetrail aan de barfront, boven de vloer | 20 cm | 18 tot 25 cm | Voor wie staat; wie zit gebruikt de ring van de kruk, 40 tot 45 cm onder de zitting |
| Werkgang tussen frontbar en backbar | 120 cm | 90 tot 140 cm | 90 cm voor één barkeeper, 120 cm zodra er twee langs elkaar moeten |
| Vrije ruimte voor een koeldeur of ovenklep | 100 cm | 100 tot 120 cm | De klep neemt 55 tot 60 cm en daarop moet je nog bukken |
Houd een kruk uit je eigen zaak tegen een plank op 105 cm voordat je bestelt. Zitting en blad kloppen op papier vaak wel, maar een dik kussen zakt 3 tot 6 cm in en juist dat verschil bepaalt of je knieën onder het overstek passen.
Hoeveel vloer de bar in de plattegrond kost
De bar zelf is smal, de opstelling eromheen niet. Van de voorkant van het blad tot de achterwand tel je het blad van 75 cm, de werkgang van 120 cm en de backbar van 70 cm bij elkaar op: 265 cm. Daar komen de krukken van 45 cm diep en de looproute achter de gasten nog bij.

Dat brengt een rechte bar met zitplaatsen op ruim vier meter diepte. In een smalle zaak is dat de maat die de indeling bepaalt, niet de lengte van het blad.
De looproute achter de krukken is de post die het vaakst wordt onderschat. Iemand die aan de bar zit steekt met kruk en rug ongeveer 45 cm buiten de bladrand, en daar moet nog een gast met een glas in zijn hand langs. Onder 90 cm loopt iedereen tussen de krukken door en tikt elke passant een rug aan.
Heb je die vier meter niet, dan schrap je de zitplaatsen en niet de werkgang. Een servicebar zonder krukken heeft geen overstek en geen loopruimte aan de gastzijde nodig en komt uit op ongeveer 250 cm diepte.
Zet de werkgang met tape op de vloer uit voordat de onderbouw wordt besteld. Een gang die op papier 120 cm is, wordt in de praktijk 105 cm zodra er een open koeldeur, een prullenbak of een uitstekende handgreep in staat.
De opstelling kiezen: recht, in een hoek of rondom
De vorm van de bar volgt uit twee vragen: hoeveel mensen werken er tegelijk achter, en komt de zaal er ook bestellen. Een bar die alleen gasten aan het blad bedient, mag lang en smal zijn. Een bar die ook servicepunt is voor de bediening, heeft een tweede zijde nodig waar dienbladen neer kunnen.
Bij elke vorm hoort een eigen knelpunt. In een rechte bar liggen de uiteinden ver van de spoelbak en worden ze vanzelf opslag. In een U-vorm staat de barkeeper in het midden van alles, maar lopen twee mensen elkaar in de weg zodra er maar één spoelpunt is.
Een eilandbar is de duurste vorm, omdat water, afvoer en elektra door de vloer komen. De plek ligt daarmee vast voordat de dekvloer dicht gaat, en verplaatsen betekent later hakken. Wie de vormen naast elkaar wil zien staan, vindt ze uitgewerkt in de voorbeelden van baropstellingen.
| Opstelling | Waar die past | Waar je op let |
|---|---|---|
| Rechte bar langs één wand | Smalle zaak, één of twee barkeepers, veel doorstroom | De uiteinden liggen ver van het spoelpunt en worden opslag; leg je station in het midden |
| L-vormige bar in de hoek | Zaak waar de bar ook servicepunt is voor de zaal | Zet de afruimzone in het korte been, dan blijft de lange zijde vrij voor gasten |
| U-vormige bar | Cocktailbar of hotelbar waar de barkeeper het middelpunt is | Twee mensen werken er alleen samen met twee spoelpunten en twee ijsbakken |
| Eilandbar met rondloop | Grote ruimte met staand publiek en zicht van alle kanten | Leidingen komen door de vloer, dus de plek ligt vast voor de dekvloer dicht is |
| Servicebar zonder krukken | Restaurant waar aan tafel wordt besteld en uitgeserveerd | Geen overstek nodig; het blad mag op 90 cm blijven en scheelt diepte |
| Buitenbar onder een overkapping | Terras of tuin, seizoensgebruik | Water aftapbaar maken voor de vorst en de koeling uit de zon houden |
De werkvolgorde achter de bar bepaalt je snelheid
Een bestelling verloopt altijd in dezelfde volgorde: glas pakken, ijs erin, schenken, garneren, afrekenen, afruimen. Alles wat in die reeks meer dan één keer per bestelling wordt aangeraakt, hoort binnen handbereik te liggen: ongeveer 60 cm naar voren en naar opzij, zonder een stap te zetten.
Dat handbereik is de echte eenheid achter de bar, niet de lengte van het blad. Een werkplek van ongeveer 120 cm met een spoelbakje, een ijsbak en een flessenrek erin is een station. Twee barkeepers hebben twee stations nodig; een tweede persoon aan hetzelfde station verdubbelt de snelheid niet, die staat op zijn beurt te wachten.
Wat je een paar keer per dienst pakt, mag verder weg. Voorraad, wijnflessen, glaswerk in doos en de kassa met de bonnen horen in de backbar of onder het blad, niet in de meest bereikbare meter.
De vuile glazen verdienen een eigen plek in het plan. Reken op een afruimzone van 60 tot 80 cm blad vlak bij de plek waar de bediening binnenkomt, met de spoelmachine eronder en de schone glazen erboven. Ligt die zone aan de andere kant van de bar, dan draagt iedereen de hele dienst glazen langs de collega die staat te schenken.
Koelapparatuur onder het blad zuigt lucht aan en blaast warmte uit, meestal aan de voor- of achterzijde. Bouw je zo'n unit strak in, dan loopt de temperatuur in de kast op en draait de koeling langer door. Houd minstens 10 cm vrij rond de ventilatieopening en volg de maat uit de handleiding, want die is per model anders.
Materiaal voor het blad en de frontzijde
Aan de gastzijde kies je op wat er te zien is, aan de werkzijde op wat er gemorst wordt. Dat zijn twee verschillende afwegingen, en een bar mag daarom gerust uit twee materialen bestaan: een houten gastblad en een werkblad van roestvast staal achter de rand.
Het mechanisme achter de meeste schade is zuur. Citroen, limoen, wijn en cola zijn zuur genoeg om kalkhoudende steen aan te tasten: het oppervlak van marmer en kalksteen lost microscopisch op en wordt dof. Die kring zit dan in de steen en niet erop, dus poetsen helpt niet en polijsten is de enige weg terug.
Bij hout gaat het niet om zuur maar om water dat tijd krijgt. Een geoliede laag is geen waterkering maar een verzadiging van de vezel, en een natte onderzetter geeft daarop binnen een dienst een donkere vlek. Een gesloten lak houdt water buiten, tot hij bij een naad scheurt en het water juist onder de lak trekt.
Dezelfde afweging tussen mooi en schoon te houden speelt bij meubels in hout, staal en steen door het hele pand. Achter de bar valt de keuze alleen scherper uit, omdat er elke dienst gemorst wordt.
| Materiaal | Hoe het zich houdt achter de bar | Waar het op stukgaat |
|---|---|---|
| Roestvast staal | Kan tegen zuur, hitte en elk schoonmaakmiddel, en is naadloos te zetten | Krast zichtbaar; geborsteld verbergt dat, gepolijst laat elke veeg zien |
| Composiet met kwarts | Dicht oppervlak, hoeft niet geïmpregneerd en verkleurt niet van wijn | Hitte: een hete pan of een kaars laat een doffe plek na die er niet uit gaat |
| Graniet, gepolijst | Hard en dicht genoeg voor de natte zone | De randen zijn bros, en een glas dat op de hoek valt neemt een schilfer mee |
| Marmer of kalksteen | Mooi aan de gastzijde, chemisch gevoelig | Citroen, wijn en cola etsen het oppervlak dof; die kring zit in de steen |
| Massief hout, gelakt | Warm aan de gastzijde en plaatselijk bij te werken | De lak scheurt bij naden rond de spoelbak, en daar trekt water in het hout |
| Massief hout, geolied | Alleen op de droge gastzijde | Olie houdt geen water tegen: een natte onderzetter geeft een donkere vlek |
| HPL of kunststof toplaag | Licht, in elke maat te zagen en goed schoon te houden | De kopse kant: waar de rand niet dicht is, zwelt de plaat op |
| Beton, gepolijst | Zwaar en naadloos te storten, past bij een strak front | Poreus van zichzelf; zonder impregneren tekent elk glas af, en dat is onderhoud |
Laat de overgang tussen blad en spoelbak in één materiaal doorlopen, bijvoorbeeld een gezette rvs-bak in een rvs-blad. Elke naad op een natte plek is de plek waar het over een paar jaar begint, ongeacht hoe goed hij is gekit.
Licht en geluid boven de bar
Achter de bar heb je twee soorten licht nodig die elkaar in de weg kunnen zitten. Op het werkblad moet je kleur en niveau in een glas kunnen zien, aan de gastzijde wil je juist geen lamp die recht in de ogen schijnt van wie op een kruk zit.
De oplossing zit in de plek van de bron, niet in het aantal lampen. Zet het werklicht boven het werkblad en tegen de backbar aan, zodat het naar voren valt en de barkeeper er niet met zijn eigen schaduw in staat. Hangt de lamp boven de bladrand, dan werp je schaduw over precies de plek waar je schenkt.
Hanglampen boven het gastblad houd je met de onderkant 75 tot 90 cm boven het blad, dus op 180 tot 195 cm boven de vloer. Controleer die maat tegen de lengte van wie erachter staat, want bij een lange barkeeper hangt 180 cm precies op hoofdhoogte.
Voor de kleurtemperatuur is 2700 K de gangbare warme keuze in een zaak, 3000 K als het werk voorgaat. Koeler dan 4000 K gaat huid grauw doen en laat bier en wijn er bleker uitzien dan ze zijn.
Geluid is de andere kant van dezelfde keuze. Een bar bestaat uit harde, goed reinigbare vlakken: steen, staal, glas en flessen. Daardoor kaatst het geluid tussen blad, backbar en plafond en wordt de bar de luidste plek van de zaak. Absorptie in het plafond boven de bar, of een geperforeerd paneel achter de flessenwand, haalt daar meer uit dan zachte stoelen verderop in de zaal.
Horecamaten gebruiken voor een bar buiten of thuis
De maatvoering van een horeca bar werkt ook op een terras of in een woonkeuken, met twee aanpassingen. Thuis heb je het scherm van twee hoogtes niet nodig, want er is geen ijsbak om te verbergen: één blad op 105 cm is genoeg. En een spoelbakje in de bar is thuis luxe, in een zaak is het de bodem waaronder het vastloopt.
Buiten verandert vooral het materiaal en de leiding. Water dat 's winters in een leiding blijft staan zet uit bij vorst, dus een buitenbar heeft een afsluiter binnen en een aftappunt nodig. Roestvast staal, composiet en keramiek kunnen tegen regen; onbehandeld hout vergrijst en trekt krom op de zonzijde.
Koeling buiten vraagt extra ruimte en schaduw. Een unit die in de volle zon staat, moet zijn warmte kwijt in lucht die al warm is, en draait dus langer door op een hete dag. Hoe je zo'n bar onder een dak plaatst en waar de aansluitingen langs lopen, staat uitgewerkt bij een bar onder een overkapping in de tuin.
Voor de hoogtes maakt binnen of buiten niets uit. De verhouding tussen kruk en blad blijft 25 tot 30 cm, en de gangbare bladhoogte van 105 cm geldt op het terras net zo goed als in de zaak.
Van lege hoek naar werkende bar
De volgorde ligt vast omdat elke stap de ruimte voor de volgende bepaalt.
-
Bepaal eerst hoeveel mensen er tegelijk achter staan
Dit getal bepaalt de werkgang en het aantal stations, en dus de diepte van de hele opstelling. Eén barkeeper komt uit op 90 cm gang en één spoelpunt, twee mensen op 120 cm en twee spoelpunten. Achteraf een tweede station inbouwen betekent opnieuw water en afvoer aanleggen.
-
Meet de ruimte en zet de diepte uit op de vloer
Plak met tape de vier banden af: de looproute achter de gasten, de krukken, het blad en de werkgang. Ga er met een dienblad doorheen en laat iemand op een kruk zitten. Zo zie je in tien minuten of de bar past, in plaats van na levering. Ter vergelijking helpt het om een paar uitgewerkte bars naast je eigen plattegrond te leggen.
-
Leg de aansluitpunten vast voordat de vloer dichtgaat
Water, afvoer, elektra en eventueel de leiding van een tapinstallatie liggen onder of achter de bar en zijn later alleen met hakwerk te verplaatsen. Teken per apparaat waar het aansluitpunt komt, en houd de stopcontacten boven het werkblad op 115 cm en minstens 30 cm van de spoelbak vandaan.
-
Kies de apparatuur en pas de onderbouw daarop aan
Koelwerkbanken, spoelmachines en ijsmachines hebben vaste buitenmaten en een voorgeschreven vrije ruimte voor de ventilatie. Reken die maten eerst uit en maak de kasten daarna, niet andersom. Een onderbouw die al staat, dwingt je tot het apparaat dat er toevallig in past.
-
Bouw de onderbouw en stel hem waterpas
De onderbouw draagt het blad en bepaalt de hoogte, dus stel hem met verstelbare poten af op 87 cm als er een blad van 3 cm op komt. Een bar die 1 cm uit het lood staat, laat gemorste drank altijd dezelfde kant op lopen, en dat is precies de hoek waar het hout of de kit als eerste opgeeft.
-
Leg het blad en zet het overstek onder
Boven een overstek van 30 cm hoort een console, een stalen strip of een verlengde zijwang. Dat is geen luxe: aan de bar wordt geleund, en een blad dat alleen op de kast rust, kantelt als het gewicht op de rand komt. Laat de bovenkant uitkomen op 105 cm en het werkblad op 90 cm.
-
Hang het licht en vul de zones in
Werklicht boven het werkblad, sfeerlicht aan de gastzijde, accentlicht op de flessenwand, elk op een eigen schakelaar. Vul daarna pas de zones: glazen boven de spoelmachine, flessen binnen 60 cm van de plek waar je het meest staat, voorraad in de backbar.
-
Draai een dienst proef en verplaats wat tegenwerkt
Maak twintig keer dezelfde bestelling en let op waar je een stap zet of je omdraait. Elke handeling die je in die twintig rondes te vaak doet, doe je in een jaar duizenden keren. De ijsbak, de prullenbak en de bonnenprinter verhuizen na zo'n proef bijna altijd nog een keer.
Maatwijzer
De hoogtes en maten die in een huis kloppen: bar, eettafel, tv, schilderij, wandlamp, kapstok en gordijnrails, met de marge die in de praktijk werkt. Bekijk alle gegevens
| Onderdeel | Wat | Maat | Marge die werkt | Waar het van afhangt |
|---|---|---|---|---|
| Zitten | Bank, zithoogte | 44 cm | 40 tot 48 cm | Meet tot de ingezakte zitting, niet tot het bolle kussen. Hoger kom je makkelijker op en af, lager zit je meer achterover. |
| Zitten | Bank, zitdiepte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Boven 70 cm hangen je voeten vrij en zit je gedwongen onderuit. Loungebanken gaan tot 100 cm en zijn bedoeld om op te liggen. |
| Zitten | Bank, totale hoogte met rugleuning | 80 cm | 75 tot 90 cm | Staat de bank voor een raam, dan blijft hij onder de vensterbank als hij niet hoger is dan 80 cm. |
| Zitten | Fauteuil, zithoogte | 45 cm | 42 tot 48 cm | Een paar centimeter hoger dan de bank scheelt bij het opstaan. Een lage lounge-fauteuil zakt naar 38 cm. |
| Zitten | Salontafel, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Vuistregel: gelijk aan of net onder de zithoogte van de bank. Dan zet je je kopje neer zonder voorover te buigen. |
| Zitten | Salontafel, afstand tot de bank | 40 cm | 35 tot 45 cm | Minder en je knieën stoten tegen de rand, meer en je moet opstaan om je glas te pakken. |
| Zitten | Bijzettafel naast de bank, hoogte | 60 cm | 55 tot 65 cm | Gelijk met de armleuning, dan pak je je glas zonder te kijken. |
| Zitten | Poef of voetenbank, hoogte | 42 cm | 38 tot 45 cm | Iets lager dan de zitting waar je op zit, anders drukt de rand in je kuiten. |
| Zitten | Doorloop tussen bank en meubel | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm loop je er met een volle wasmand langs. 60 cm is te krap om elkaar te passeren. |
| Zitten | Tv-meubel, hoogte | 45 cm | 40 tot 55 cm | Hierop komt het midden van een 55 inch scherm op ongeveer 80 cm. Wil je het midden op ooghoogte, dan hang je de tv aan de wand. |
| Eten en bar | Barblad, hoogte | 105 cm | 100 tot 110 cm | De barkruk moet 25 tot 30 cm lager zijn dan het blad. |
| Eten en bar | Barblad, diepte | 40 cm | 30 tot 60 cm | 40 cm is een bord plus een glas. Wil je er ook snijden of een laptop neerzetten, dan 60 cm. |
| Eten en bar | Barblad, overstek voor je knieën | 25 cm | 20 tot 30 cm | Zonder overstek zitten je knieën tegen het kastje. Boven 30 cm moet het blad onderstut worden, anders kantelt het als iemand erop leunt. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij een blad van 105 cm | 78 cm | 75 tot 82 cm | Het verschil tussen zitting en blad blijft 25 tot 30 cm, want daar passen je bovenbenen. |
| Eten en bar | Barkruk, zithoogte bij aanrechthoogte (90 cm) | 63 cm | 60 tot 67 cm | Hetzelfde verschil van 25 tot 30 cm. Een gewone barkruk van 78 cm is hier te hoog en je zit met je knieën omhoog. |
| Eten en bar | Bar, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Met 60 cm stoot je je elleboog niet tegen je buurman. Onder 55 cm zit je schouder aan schouder. |
| Eten en bar | Eettafel, hoogte blad | 75 cm | 72 tot 78 cm | Vaste maat in de meubelbranche, geen norm. Een dik hardstenen of houten blad telt mee, dus meet de bovenkant. |
| Eten en bar | Eettafel, vrije hoogte onder het blad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Hier zitten je bovenbenen. Een dikke tafelrand, een schuiflade of een dwarsbalk eet die ruimte op. |
| Eten en bar | Eetstoel, zithoogte | 45 cm | 44 tot 47 cm | Het verschil met het tafelblad moet 28 tot 32 cm zijn. Bij een tafel van 78 cm hoort dus een stoel van 46 tot 48 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, breedte per persoon | 60 cm | 55 tot 70 cm | Een placemat is 45 cm breed, de rest is ruimte voor je ellebogen en je glas. Aan de kopse kant reken je een extra plek van 60 cm. |
| Eten en bar | Eettafel, diepte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Bij 80 cm raken de borden tegenover elkaar bijna. Bij 90 cm past er een schaal of een kaars in het midden. |
| Eten en bar | Ronde eettafel, diameter | 120 cm voor 4 personen | 110 tot 150 cm | Reken 60 cm omtrek per persoon en houd het midden vrij voor de schalen. Vanaf 140 cm zitten er zes mensen omheen. |
| Eten en bar | Ruimte achter een eetstoel | 100 cm | 75 tot 110 cm | 75 cm om de stoel achteruit te schuiven en op te staan, 100 cm om er ook achterlangs te lopen met een schaal. |
| Aan de muur | Schilderij, hartlijn boven de vloer | 145 cm | 140 tot 155 cm | Vuistregel, geen norm: het midden van het werk op ooghoogte van iemand die staat. Hang alles in de kamer op dezelfde hartlijn, dan loopt de wand rustig. |
| Aan de muur | Schilderij boven een bank, onderrand | 25 cm boven de rugleuning | 20 tot 30 cm | Lager en het lijkt of het werk op de bank leunt. Door de bank schuift de hartlijn omhoog naar 150 tot 165 cm, en dat mag hier. |
| Aan de muur | Schilderij boven een dressoir, onderrand | 25 cm boven het blad | 20 tot 30 cm | Genoeg om er een lamp of een vaas voor te zetten zonder dat die de lijst raakt. |
| Aan de muur | Wandcollage, ruimte tussen de lijsten | 6 cm | 5 tot 8 cm | Gelijke tussenruimte laat de groep als een vlak lezen. Boven 10 cm valt de groep uiteen in losse lijstjes. |
| Aan de muur | Schilderij in een trapgat, hartlijn | 145 cm boven de neus van de trede | 140 tot 150 cm | Meet loodrecht boven de voorkant van de trede waar je staat. Dan loopt de rij lijsten mee met de trap in plaats van scheef te lijken. |
| Aan de muur | Spiegel in de hal, hartlijn | 155 cm | 150 tot 165 cm | De bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen, anders ziet die zijn kruin niet. |
| Aan de muur | Spiegel boven de wastafel, onderkant | 20 cm boven het blad | 15 tot 25 cm | Ruimte voor de kraan en een zeeppompje. Bij 20 cm kijk je nog recht in je gezicht in plaats van tegen je hals. |
| Aan de muur | Wandklok, hartlijn | 180 cm | 170 tot 200 cm | Boven ooghoogte en boven de meubels, zodat je hem van de andere kant van de kamer ziet en er niemand voor staat. |
| Aan de muur | Tv, midden van het scherm | 105 cm | 100 tot 115 cm | Op ooghoogte als je op de bank zit: bij een zitting van 44 cm zit je oog op ongeveer 115 cm. Boven een schouw kijk je omhoog en dat voel je na een film in je nek. |
| Aan de muur | Tv, kijkafstand | 2 keer de schermdiagonaal | 1,5 tot 2,5 keer | Een 55 inch scherm is 140 cm diagonaal, dus 2 tot 3,5 m. Bij 4K mag je dichterbij zitten omdat je de pixels niet meer ziet. |
| Aan de muur | Stopcontact, hart boven de vloer | 30 cm | 25 tot 35 cm | Gewoonte, geen norm: NEN 1010 schrijft geen hoogte voor, alleen de zones in de badkamer. Achter een dressoir zet je hem net zo goed op 15 cm, boven een werkblad juist hoog. |
| Aan de muur | Schakelaar, hart boven de vloer | 105 cm | 90 tot 110 cm | Ook een gewoonte. 105 cm is de oude Nederlandse standaard: je vindt hem in het donker met je hand op heuphoogte. Voor kinderen en vanuit een rolstoel werkt 90 tot 100 cm beter. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, onderkant | 80 cm boven het blad | 75 tot 90 cm | Laag genoeg om het blad te verlichten, hoog genoeg om iemand tegenover je aan te kijken. Bij een plafond boven 280 cm mag hij iets hoger. |
| Licht | Hanglamp boven de eettafel, breedte | 30 cm binnen de rand van het blad | 30 tot 40 cm binnen de rand | Anders stoot je je hoofd als je langs de tafel loopt of een stoel aanschuift. |
| Licht | Hanglamp boven een kookeiland, onderkant | 75 cm boven het blad | 70 tot 85 cm | Boven een blad van 90 cm kom je dan op 165 cm, ongeveer ooghoogte. Kies dus een kap die de lamp van onderaf afschermt. Bij twee of drie lampen reken je 70 tot 90 cm hart op hart. |
| Licht | Hanglamp in de hal of boven de trap, onderkant | 210 cm boven de vloer | 200 tot 230 cm | Vrije doorloop, niemand stoot zijn hoofd. Boven een trap meet je vanaf de hoogste trede die onder de lamp ligt. |
| Licht | Wandlamp, hart | 160 cm | 150 tot 170 cm | Ooghoogte. Schijnt de lamp opzij of omhoog, dan mag hij lager hangen. In een open lamp op ooghoogte kijk je recht in de bron. |
| Licht | Leeslamp naast een stoel, onderkant van de kap | 110 cm | 100 tot 125 cm | Net boven je schouder als je zit, dan valt het licht op de pagina en niet in je ogen. |
| Licht | Vloerlamp naast de bank, onderkant van de kap | 140 cm | 130 tot 150 cm | Je hoofd zit op de bank op ongeveer 130 cm. Blijft de kap daarboven, dan kijk je niet in het lampje. |
| Licht | Bedlamp aan de wand, hart | 65 cm boven de matras | 55 tot 75 cm | Op zithoogte in bed, zodat het licht op je boek valt. Meet vanaf de matras en niet vanaf de vloer, want een boxspring scheelt 20 cm. |
| Licht | Spiegellamp badkamer, twee lampen naast de spiegel | 160 cm hart | 155 tot 170 cm | Licht van de zijkant geeft geen schaduw onder je ogen en je kin. Een enkele lamp boven de spiegel doet dat wel. |
| Licht | Inbouwspot, afstand tot de wand | 70 cm | 60 tot 90 cm | Dichterbij krijg je een felle boog op het stucwerk, verder weg blijft de wand donker. Onderling 100 tot 150 cm, afhankelijk van de stralingshoek. |
| Licht | Buitenlamp naast de voordeur, hart | 190 cm | 170 tot 210 cm | Boven je hoofd, zodat je niet in de lamp kijkt terwijl je het slot zoekt. Op ooghoogte ben je juist blind. |
| Keuken | Aanrecht, hoogte bovenkant blad | 90 cm | 85 tot 95 cm | De Nederlandse standaard: onderkast, verstelbare poten en een blad van 3 tot 4 cm samen. Vuistregel: ellebooghoogte min 10 tot 15 cm, dus ben je langer dan 1,85 m, draai de poten dan uit. |
| Keuken | Werkblad, diepte | 60 cm | 57 tot 65 cm | Kookplaten en spoelbakken zijn op 60 cm gemaakt. Een diep blad van 70 cm geeft ruimte achter de kookplaat, maar je reikt verder naar de bovenkastjes. |
| Keuken | Bovenkastjes, onderkant boven het werkblad | 55 cm | 50 tot 60 cm | Onder 50 cm past je keukenmachine er niet onder en sta je met je hoofd tegen de deur. Boven 60 cm kom je niet bij het bovenste schap. |
| Keuken | Bovenkastjes, diepte | 35 cm | 32 tot 40 cm | Ondieper dan het werkblad, zodat je er niet tegenaan stoot als je over het blad buigt om te snijden. |
| Keuken | Afzuigkap boven een gaskookplaat, onderkant | 70 cm | 65 tot 75 cm | De vlam en de hete lucht moeten weg kunnen: onder 65 cm boven de pannendrager wordt het vetfilter te heet. Houd altijd de minimummaat uit de handleiding aan, dat is een eis van de fabrikant. |
| Keuken | Afzuigkap boven inductie, onderkant | 60 cm | 55 tot 65 cm | Geen vlam, dus hij mag lager, en lager hangen vangt meer damp. Ook hier is de handleiding leidend, want die maat hoort bij het apparaat. |
| Keuken | Kookeiland, loopruimte rondom | 120 cm | 100 tot 150 cm | Bij 100 cm kun je de vaatwasser openen en er nog langs. Bij 120 cm passeren twee mensen elkaar terwijl er een lade open staat. |
| Keuken | Twee keukenrijen tegenover elkaar, afstand | 120 cm | 110 tot 140 cm | Een ovendeur en een lade die tegenover elkaar open staan hebben allebei ongeveer 60 cm nodig. |
| Keuken | Oven op werkhoogte, bodem van de ovenruimte | 90 cm | 80 tot 100 cm | Je tilt een hete bakplaat er recht uit in plaats van gebogen. Boven 100 cm til je een schaal boven je middel en zie je niet meer wat erin staat. |
| Keuken | Vaatwasser, nismaat | 60 cm breed, 82 cm hoog | 60 tot 60,5 cm breed | Een onderbouwmodel schuift onder een blad van 90 cm. Een vrijstaand model heeft zijn eigen bovenblad en is ongeveer 85 cm hoog. |
| Keuken | Inbouwkoelkast, nishoogte | 88, 122 of 178 cm | vaste maten per model | De kast volgt de nismaat, dus meet de nis en niet het apparaat. Achter en boven het apparaat moet ventilatieruimte vrij blijven. |
| Keuken | Stopcontact boven het werkblad, hart | 115 cm | 110 tot 120 cm | Dat is 20 tot 30 cm boven het blad, dus vrij van spetters en niet weggewerkt achter de waterkoker. Houd minstens 30 cm afstand tot de spoelbak. |
| Keuken | Keukenplint, hoogte | 10 cm | 10 tot 15 cm | De poten zijn verstelbaar en met de plint stel je de aanrechthoogte fijn in. De plint staat 5 cm terug, zodat je met je tenen onder het kastje kunt. |
| Trap, hal en deur | Trapleuning, hoogte | 90 cm | 80 tot 100 cm (norm) | Norm: het Bouwbesluit, sinds 2024 het Besluit bouwwerken leefomgeving, eist een leuning tussen 80 en 100 cm, gemeten vanaf de voorkant van de trede. Een leuning is verplicht als je over de trap meer dan 1 m stijgt. |
| Trap, hal en deur | Optrede, hoogte van een trede | maximaal 18,8 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw tot 22 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl, voor een woning. Oude trappen zijn vaak 20 tot 21 cm en dat mag blijven zolang je de trap niet vernieuwt. |
| Trap, hal en deur | Aantrede, diepte van een trede | minimaal 22 cm bij nieuwbouw | 22 cm is de ondergrens (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Bij een draaiende trap geldt die maat op de looplijn, dus in de punt van een kwartdraai mag de trede smaller zijn. |
| Trap, hal en deur | Trap, vuistregel voor comfortabel lopen | 2 x optrede + aantrede = 60 cm | 58 tot 64 cm | Geen norm maar een oude vuistregel. 17 op en 26 aan loopt rustig (60), 20 op en 22 aan is een gewone Nederlandse trap (62). Daarbuiten struikel je op de maat. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije breedte | 80 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 70 cm (norm) | Norm uit het Bouwbesluit en nu het Bbl. Onder 80 cm krijg je een matras of een bank niet naar boven. |
| Trap, hal en deur | Trap, vrije hoogte erboven | 230 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 190 cm (norm) | Norm, gemeten loodrecht boven de voorkant van de trede. Bij een dichtgezette zoldertrap is dit de maat waar je tegen de balk loopt. |
| Trap, hal en deur | Vloerafscheiding langs een trapgat of vide | 100 cm bij nieuwbouw | bestaande bouw 90 cm (norm) | Norm: verplicht zodra het verval meer dan 1 m is. Openingen mogen niet groter zijn dan 10 cm en tussen 20 en 70 cm boven de vloer mag er niets zijn waar een kind op kan klimmen. |
| Trap, hal en deur | Binnendeur, dagmaat van het kozijn | 83 x 201,5 cm | 78, 83, 88 of 93 cm breed; 201,5, 211,5 of 231,5 cm hoog | Industriestandaard, geen norm. Na montage houd je ongeveer 3 cm minder vrije doorgang over, dus voor een rolstoel of rollator kies je een blad van 93 cm. |
| Trap, hal en deur | Deurkruk, hoogte | 100 cm | 95 tot 105 cm | Gewoonte: het slot zit in een standaardkozijn op die hoogte. Verplaatsen kan alleen als je het slotgat in het blad meeverhuist. |
| Trap, hal en deur | Kapstok, hoogte van de haken | 170 cm | 160 tot 180 cm | Een lange jas hangt ongeveer 100 cm af, dus op 170 cm blijft hij vrij van de vloer. Een kinderkapstok komt op 110 tot 120 cm. |
| Trap, hal en deur | Hal, vrije loopruimte | 100 cm | 90 tot 120 cm | Onder 90 cm kun je niet met twee mensen langs elkaar en past er geen kinderwagen naast de kapstok. |
| Trap, hal en deur | Drempel, hoogte | maximaal 2 cm | 0 tot 2 cm | Boven 2 cm struikel je eroverheen en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling over. Een schuine aanloop haalt de rand eraf. |
| Slapen | Bed, bovenkant matras | 55 cm | 45 tot 65 cm | Zit je op de rand met je voeten plat op de vloer en je knieën in een hoek van 90 graden, dan is de hoogte goed. Een boxspring komt vaak op 60 tot 65 cm, een laag frame op 45. |
| Slapen | Matras, standaardmaten | 140 x 200 cm | 80, 90, 120, 140, 160 of 180 cm breed; 200 of 210 cm lang | Ben je langer dan 1,90 m, neem dan 210 cm. Twee losse matrassen van 90 x 210 vullen samen een bed van 180 x 210. |
| Slapen | Nachtkast, hoogte bovenblad | 60 cm | 55 tot 70 cm | Gelijk met of iets boven de matras, dan zet je liggend je glas neer zonder te kijken. Bij een boxspring van 65 cm hoort dus een hoge nachtkast. |
| Slapen | Loopruimte naast het bed | 70 cm | 60 tot 90 cm | 60 cm is genoeg om langs te lopen, 70 cm om het bed op te maken zonder tegen de kast te stoten. |
| Slapen | Kledingroede voor lange kleding | 160 cm | 150 tot 170 cm | Een jas of lange jurk hangt 120 tot 140 cm af, dus eronder blijft nog ruimte voor een lade of een schoenenbak. |
| Slapen | Kledingroede voor korte kleding | 100 cm | 95 tot 110 cm | Hemden en dubbelgevouwen broeken hangen 70 tot 90 cm af. Met twee roedes boven elkaar, op 100 en 195 cm, verdubbel je de hangruimte. |
| Slapen | Kast, diepte voor hangende kleding | 60 cm | 55 tot 65 cm | Een hanger is 45 cm breed en met 60 cm diepte sluit de deur zonder dat de mouwen klem zitten. Is de kast ondieper dan 55 cm, zet de roede dan in de lengte. |
| Slapen | Kast, legborddiepte voor truien en broeken | 40 cm | 35 tot 45 cm | Een opgevouwen trui is ongeveer 30 cm breed. Met 40 cm valt de stapel niet naar voren als je de deur opent. |
| Slapen | Kast, hoogste bruikbare schap | 200 cm | 190 tot 210 cm | Verder reik je niet zonder trapje. Wat boven 210 cm staat, is opslag voor koffers die je twee keer per jaar pakt. |
| Slapen | Hoogslaper, vrije hoogte boven de matras | 100 cm | 90 tot 110 cm | Genoeg om rechtop in bed te zitten. Meet van de bovenkant van de matras tot het plafond, niet tot de bodem van het bed. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, hoogte boven het kozijn | 12 cm | 10 tot 15 cm | Boven het kozijn laat het raam groter lijken en houdt de rail het gordijn uit het glas. Zit het plafond dichtbij, monteer de rail dan 5 tot 10 cm onder het plafond of direct tegen het plafond. |
| Raam en gordijn | Gordijnrails, uitloop naast het kozijn | 20 cm per zijde | 15 tot 25 cm | Daar staat het opzij geschoven gordijn geparkeerd, zodat het niet voor het glas blijft hangen en je het daglicht niet inlevert. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vloer | 1 cm boven de vloer | 0 tot 2 cm | Net vrij van de vloer: het sleept niet en hangt toch recht. Wil je het gordijn op de vloer laten vallen, maak het dan 5 tot 10 cm langer dan de maat tot de vloer. |
| Raam en gordijn | Gordijn, lengte tot de vensterbank | 2 cm boven de bank | 1 tot 3 cm | Vrij van de bank, zodat het gordijn niet omkrult op de plank en de warmte van de radiator eronder langs kan. |
| Raam en gordijn | Gordijn, stofbreedte | 2 keer de railbreedte | 1,5 tot 2,5 keer | Bij 1,5 keer hangt de stof vlak, bij 2,5 keer krijg je volle plooien. Een wave-rail vraagt 2 tot 2,5 keer, anders staat de golf niet. |
| Raam en gordijn | Rolgordijn of plissé in de dag, speling | 0,5 cm per zijde | 0,3 tot 1 cm | Meet de dagmaat op drie hoogtes en neem de kleinste maat, want een kozijn staat zelden haaks. |
| Raam en gordijn | Vitrage, afstand tot het glas | 5 cm | 3 tot 10 cm | Tegen koud glas wordt de stof vochtig en krijg je vlekken. Verder naar binnen botst hij op de vensterbank of de raamkruk. |
| Raam en gordijn | Vensterbank binnen, diepte | 20 cm | 15 tot 30 cm | Volgt de dikte van de muur plus een overstek van 2 tot 3 cm. Vanaf 20 cm staat een plant er stabiel op. |
| Raam en gordijn | Vensterbank buiten, overstek | 4 cm | 3 tot 5 cm | Met een waterhol aan de onderkant. Zonder dat overstek loopt regenwater terug over de gevel en krijg je vuilstrepen onder het raam. |
| Raam en gordijn | Radiator onder het raam, onderkant | 12 cm boven de vloer | 10 tot 15 cm | Er moet lucht onderlangs kunnen, daar begint de convectie. Houd ook 3 tot 5 cm tussen radiator en wand en 10 cm vrij onder de vensterbank. |
| Werken | Bureau, hoogte blad zittend | 74 cm | 72 tot 76 cm | Je onderarmen liggen horizontaal op het blad en je schouders blijven laag. Kun je het blad niet verstellen, zet dan de stoel hoger en je voeten op een steun. |
| Werken | Zit-stabureau, stahoogte | 105 cm | 95 tot 120 cm | Ellebooghoogte staand. Vuistregel: je lichaamslengte min 75 cm, dus bij 1,80 m kom je op 105 cm. |
| Werken | Bureaustoel, zithoogte | 45 cm | 40 tot 52 cm | Voeten plat op de vloer, knieën iets lager dan je heupen. De gasveer van een bureaustoel dekt dat bereik zelf. |
| Werken | Vrije hoogte onder het bureaublad | 68 cm | 65 tot 72 cm | Je bovenbenen moeten eronder passen, ook met een lade of een kabelgoot. Houd daarnaast 60 cm breed en 60 cm diep beenruimte vrij. |
| Werken | Bureaublad, diepte | 80 cm | 70 tot 90 cm | Bij 80 cm staat het scherm op armlengte, 50 tot 80 cm van je ogen, en ligt je toetsenbord er nog voor. |
| Werken | Beeldscherm, bovenrand | op ooghoogte of iets lager | 110 tot 125 cm boven de vloer | Je kijkt dan licht naar beneden en dat is de rustpositie van je ogen. Een laptop op het blad zit ongeveer 20 cm te laag, dus zet hem op een standaard met een los toetsenbord. |
| Werken | Toetsenbord, afstand tot de bladrand | 10 cm | 8 tot 15 cm | Daar rusten je handpalmen. Zonder die strook hangen je armen in de lucht en trekt het in je schouders. |
| Werken | Wandplank boven het bureau, onderkant | 45 cm boven het blad | 40 tot 60 cm | Een A4-ordner is 32 cm hoog, dus die past er nog onder, en je stoot je hoofd niet als je opstaat. |
| Werken | Boekenschap, diepte | 25 cm | 20 tot 30 cm | Een pocket is 12 cm diep, een gebonden boek 16 tot 20 cm. Bij 25 cm staan ze allemaal binnen de rand. |
| Werken | Boekenschap, overspanning zonder steun | 80 cm | 70 tot 90 cm | Boeken wegen al snel 25 kg per meter schap. Bij 18 mm plaatmateriaal blijf je onder 80 cm, anders zakt het schap zichtbaar door. |
| Keuken | Schap voor borden, diepte | 32 cm | 30 tot 35 cm | Een plat bord is 26 tot 28 cm in doorsnee. Met 32 cm houd je een vinger ruimte om de stapel te pakken zonder te schuiven. |
| Badkamer | Wastafel, bovenkant | 85 cm | 80 tot 95 cm | Vuistregel: heuphoogte, dan buig je niet voorover om je handen te wassen. Gebruiken kinderen de wastafel, dan is 80 cm prettiger. |
| Badkamer | Opzetkom, hoogte van het meubel | 75 cm | 70 tot 80 cm | Tel de kom van 10 tot 15 cm erbij op, dan komt de bovenrand op 85 tot 95 cm. Vergeet die optelsom en je wast je handen op keukenhoogte. |
| Badkamer | Handdoekhaak naast de wastafel | 140 cm | 120 tot 160 cm | Binnen handbereik met natte handen, dus naast de wastafel en niet aan de andere kant van de ruimte. |
| Badkamer | Handdoekradiator, onderkant | 20 cm boven de vloer | 15 tot 40 cm | Daar zitten de aansluitingen en je kunt eronder dweilen. Hang de bovenkant niet hoger dan 180 cm, anders kom je niet bij de handdoek. Een smalle handdoekradiator geeft weinig vermogen, dus reken hem niet als enige verwarming. |
| Badkamer | Douchekraan, hart | 100 cm | 95 tot 110 cm | Heuphoogte, zodat je de kraan kunt bedienen zonder onder de koude straal te gaan staan. |
| Badkamer | Badkraan, hart | 65 cm | 60 tot 75 cm | Ongeveer 20 cm boven de badrand, dan kun je bijmengen terwijl je in bad zit. |
| Badkamer | Regendouchekop | 210 cm | 200 tot 225 cm | Minstens 20 cm boven het hoofd van de langste gebruiker, want je staat er recht onder. Bij een schuin dak meet je op het punt waar je echt staat. |
| Badkamer | Handdouche aan een glijstang, bovenste stand | 190 cm | 180 tot 200 cm | De stang is 60 tot 90 cm lang, dus de onderste stand komt rond 110 cm. Daarmee spoel je het bad, een kind of de hond af. |
| Badkamer | Toilet, zithoogte | 40 cm | 38 tot 48 cm | Standaard is 40 cm. Een verhoogd toilet van 45 tot 48 cm zit op stoelhoogte en daar sta je makkelijker van op. Bij een hangend toilet bepaal je de hoogte zelf met het inbouwframe. |
| Badkamer | Toilet, vrije ruimte voor de pot | 60 cm | 55 tot 70 cm | Daar staan je knieën en voeten. Zijwaarts wil je 80 cm breedte, anders zit je met je schouder tegen de muur. |
| Badkamer | Toiletrolhouder | 70 cm hoog, 25 cm voor de pot | 60 tot 75 cm hoog; 20 tot 30 cm voor de voorkant van de pot | Zittend pak je de rol zo zonder te draaien. Hang je hem naast of achter je, dan verdraai je je rug elke keer. |
| Badkamer | Fonteintje in het toilet, bovenkant | 85 cm | 80 tot 90 cm | Dezelfde hoogte als een wastafel. Let op de draairichting van de deur, want een fonteintje van 40 cm breed vraagt een vrije hoek. |
| Badkamer | Stopcontact in de badkamer | buiten 60 cm van bad of douche | norm, geen gewoonte | NEN 1010 verdeelt de badkamer in zones: binnen 60 cm van de rand van een bad of douche mag geen wandcontactdoos. Alle wandcontactdozen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA. |
Niets gevonden. Probeer een kortere zoekterm.
Controleer dit voordat de onderbouw wordt besteld
Uit de praktijk
Twee barkeepers blijven op dezelfde vierkante meter staan
Het symptoom is een bar die met twee man niet sneller gaat dan met één. De oorzaak is bijna nooit de breedte van de gang, maar het aantal stations: er is één spoelbakje, één ijsbak en één flessenrek, en beide barkeepers moeten daar zijn.
Een werkgang van 120 cm lost dat niet op, want het knelpunt zit in de zone van 60 cm handbereik en niet in de doorloop. Wie de bar met twee mensen wil bemensen, verdubbelt eerst de ijsbak en het spoelpunt en verdeelt de bar daarna in twee stations van ongeveer 120 cm, elk met een eigen afruimplek.
Het vuile glaswerk stapelt zich op bij de tap
Staan er halverwege de avond stapels glazen naast de tap, dan ontbreekt er een afruimzone. De bediening zet neer waar de eerste vrije plek is, en dat is de plek waar de bar het laagst en het dichtst bij de deur is.
Dat is met opruimen niet te verhelpen, want het is een plaatsprobleem. Wat wel werkt: 60 tot 80 cm blad reserveren aan de kant waar de zaal binnenkomt, de spoelmachine daar direct onder zetten en de schone glazen erboven hangen. Vuil en schoon leggen dan allebei de kortste weg af en kruisen elkaar niet.
Het blad krijgt binnen een paar weken doffe kringen
Doffe ronde plekken die niet weg te poetsen zijn, zijn geen vuil maar etsing. Kalkhoudende steen als marmer, travertin en kalksteen reageert met het zuur uit citrus, wijn en cola, waarbij het gepolijste oppervlak plaatselijk oplost.
Impregneren verandert daar weinig aan: dat houdt vlekken tegen die intrekken, niet een chemische reactie aan het oppervlak. De keuze ligt daarom voor de bouw: gepolijst graniet, composiet of roestvast staal in de zone waar glazen staan, en kalkhoudende steen hooguit op een droog stuk waar niet geschonken wordt.
Veelgemaakte fouten
De krukken zijn er eerder dan het blad
Barkrukken worden los gekocht omdat ze mooi zijn, en dan blijkt het blad op aanrechthoogte van 90 cm te komen. Met een zitting van 78 cm houd je dan 12 cm over in plaats van 25 tot 30 cm, en zit iedereen met de knieën tegen de onderbouw. Leg eerst de bladhoogte vast, kies dan de kruk.
Het overstek is dieper dan 30 cm en rust nergens op
Een breed overstek is prettig voor de knieën, maar een blad dat alleen op de kast ligt, werkt als een wip. Zodra er met het volle gewicht op de rand wordt geleund, komt de achterkant omhoog of scheurt de bevestiging uit de kast. Vanaf 30 cm hoort er een console, een stalen strip of een doorgezette zijwang onder.
De werkgang is 90 cm terwijl er twee mensen werken
90 cm is de maat waarbij één persoon een koeldeur van 55 tot 60 cm kan openen en er nog langs kan. Staan er twee, dan blokkeert elke geopende deur en elke bukkende collega de doorgang volledig. Vanaf 120 cm passeer je elkaar terwijl er een klep openstaat, en dat is precies het moment waarop het misgaat.
De koeling is strak ingebouwd zonder ventilatieruimte
Een koelunit haalt zijn warmte uit de kast en blaast die aan de voor- of achterzijde weg. Bouw je hem klem in een kast zonder rooster, dan zuigt hij zijn eigen warme lucht opnieuw aan, loopt de temperatuur op en draait de compressor langer door. Houd minstens 10 cm vrij en volg de maat uit de handleiding.
De spoelzone ligt aan het andere eind dan de afruimplek
Als de bediening binnenkomt bij de deur en de spoelmachine aan de overkant staat, draagt elk vuil glas de hele barlengte af. Dat kruist ook nog de route van de schone glazen. Leg het spoelpunt aan de kant waar de zaal binnenkomt, zelfs als dat bouwkundig een langere afvoerleiding kost.
De stopcontacten zitten onder het blad in plaats van erboven
Contactdozen in de onderbouw dwingen je te bukken en snoeren over een nat werkblad te trekken. Het hart hoort op 115 cm, dus 20 tot 30 cm boven het werkblad, en minstens 30 cm van de spoelbak vandaan. Apparaten met een vaste aansluiting, zoals koeling en een spoelmachine, laat je apart aanleggen.
Veelgestelde vragen
Wat is de standaardhoogte van een horeca bar?
Aan de gastzijde 105 cm, met een bruikbare marge van 100 tot 110 cm. Achter die rand ligt het werkblad op 90 cm, dezelfde hoogte als een aanrecht. Het verschil van ongeveer 15 cm is er niet voor de vorm: het houdt de ijsbak, de flessen en het vuile glaswerk uit het zicht van wie aan de bar zit. Onder 100 cm verdwijnt dat scherm en kijkt de gast op je handen.
Hoeveel ruimte heeft een barkeeper achter de bar nodig?
Voor één persoon is 90 cm werkgang de ondergrens, want dan kun je een koeldeur van 55 tot 60 cm openen en er nog langs schuiven. Werken er twee tegelijk, dan houd je 120 cm aan, anders staat de een stil zodra de ander bukt. Boven 140 cm zet je juist stappen die je per dienst honderden keren maakt, en wordt de bar trager in plaats van ruimer.
Hoe hoog moet een barkruk zijn bij een blad van 105 cm?
Een zithoogte van 78 cm, met een marge van 75 tot 82 cm. Het gaat om het verschil tussen zitting en blad, en dat blijft 25 tot 30 cm omdat je bovenbenen daar tussen moeten. Ligt het blad op aanrechthoogte van 90 cm, dan hoort er een kruk van ongeveer 63 cm onder. Meet bij een kruk met een dik kussen de ingezakte zithoogte en niet de bolle bovenkant. Twijfel je over een andere hoogte, zoek hem dan op in de maatwijzer met hoogtes en maten in huis.
Hoeveel krukken passen er aan een bar van vier meter?
Zes. Als ondergrens reken je 60 cm breedte per gast, en met krukken houd je 65 cm hart op hart aan, want een barkruk is ongeveer 40 cm breed en de rest is ruimte voor ellebogen. Zes krukken beslaan dan 365 cm van de 400 cm, en de overgebleven 35 cm verdeel je over de uiteinden. Zet je er zeven, dan zit iedereen schouder aan schouder en schuift de buitenste kruk de looproute in.
Hoe diep moet een barblad zijn?
40 cm is genoeg voor een bord en een glas, met een marge van 30 tot 60 cm. Wordt er ook gesneden, gegarneerd of staat er een kassa op, dan ga je naar 60 cm. Aan de gastzijde komt daar een overstek van 25 cm bij voor de knieën. Boven 30 cm overstek hoort er een onderstutting onder, anders kantelt het blad zodra er met het volle gewicht op de rand wordt geleund.
Welke materialen zijn geschikt voor een barblad in de horeca?
Roestvast staal en composiet met kwarts houden zich het beste in de natte zone: ze zijn dicht en kunnen tegen zuur, hitte en schoonmaakmiddel. Gepolijst graniet kan ook. Marmer en kalksteen niet, want citrus en wijn etsen die soorten dof en dat zit in de steen. Hout werkt aan de droge gastzijde, mits gelakt in plaats van geolied en zonder naad vlak bij de spoelbak.
Kun je zelf een bar bouwen voor de horeca?
De onderbouw, het front en het blad zijn goed zelf te maken, zeker bij een rechte opstelling waarbij je standaardkasten aan elkaar zet en er één blad op legt. De grens ligt bij water, afvoer en elektra: een spoelbak in de bar vraagt afschot en beluchting, en koeling, spoelmachine en ijsmachine samen vragen meer dan één groep. Wie een bar wil bouwen voor de horeca, laat die twee onderdelen door een installateur doen en houdt de rest in eigen hand.
Wat kost het om een horeca bar in te richten?
Wij noemen hier geen bedragen, omdat de spreiding zo groot is dat een gemiddelde niets zegt. Wat de rekening bepaalt: het aantal strekkende meter blad, of de onderbouw uit standaardkasten komt of op maat wordt gezet, hoeveel koeling eronder staat en of water en elektra al op de goede plek liggen. Die laatste post wordt het vaakst vergeten: leidingen verleggen in een bestaande vloer kost meer dan het blad dat erboven komt.
Welke vergunningen heb je nodig voor een bar in de horeca?
Schenk je alcohol, dan heb je een alcoholvergunning nodig op grond van de Alcoholwet, tot 2021 de Drank- en Horecawet. De meeste gemeenten vragen daarbovenop een exploitatievergunning. Verbouw je de ruimte of verandert het gebruik van het pand, dan speelt de Omgevingswet mee met de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Voor het werken met drank en voedsel geldt een hygiënecode. Welke combinatie voor jouw pand geldt, vraag je na bij de gemeente, want dat verschilt per plaats.
Wat is het verschil tussen de frontbar en de backbar?
De frontbar is het deel waar de gast aan zit: het blad op 105 cm met daarachter het werkblad op 90 cm. De backbar is de opstelling tegen de wand erachter, met koeling, glaswerk, flessen en voorraad. Ertussen ligt de werkgang van 90 tot 120 cm. De verdeling is functioneel: alles wat je per bestelling aanraakt hoort in de frontbar binnen handbereik, alles wat je een paar keer per dienst pakt in de backbar.
Hoe houd je een houten barblad heel in de horeca?
Door water geen tijd te geven en geen naad te bieden. Werk hout af met een gesloten lak in plaats van olie, want olie verzadigt de vezel maar keert geen water. Houd de spoelbak en de ijsbak buiten het houten deel, want juist bij de sparing scheurt de lak en trekt het vocht eronder. Loopt er toch een naad langs een natte plek, reken dan op jaarlijks bijwerken.
Hoeveel stopcontacten horen er achter de bar?
Reken één aansluiting per apparaat dat er vast staat en houd per werkplek twee vrije contacten over voor wat er later bij komt, zoals een blender of een muziekinstallatie. Het hart komt op 115 cm boven de vloer, dus 20 tot 30 cm boven het werkblad, en minstens 30 cm van de spoelbak vandaan. Koeling, spoelmachine en ijsmachine krijgen een eigen aansluiting, en de verdeling over de groepen laat je een installateur bepalen.
Wanneer je beter een vakman belt
De bar zelf mag je bouwen, de aansluitingen niet. Een spoelbak en een spoelmachine in de bar vragen een afvoer met het juiste afschot en een beluchting, en dat is werk voor een installateur. Hetzelfde geldt voor de elektra: een koelwerkbank, een spoelmachine en een ijsmachine trekken samen meer dan één groep aan, en de verdeling daarvan over de groepenkast blijft installatiewerk. Komt er gas achter de bar of verandert er iets aan de mechanische ventilatie van de ruimte, dan ligt de grens nog eerder en laat je de installatie ook opleveren en afmelden door degene die hem aanlegt.