Een uitbouw met de voordeur erin: diepte, deurzwaai en vergunning
Een uitbouw aan de voorgevel met de voordeur erin is vrijwel altijd vergunningplichtig, en het omgevingsplan van je gemeente bepaalt hoe diep hij mag worden. Draait de nieuwe voordeur recht naar binnen in een smalle uitbouw, dan heb je binnen minstens 155 cm diepte nodig: een blad van 93 cm zwaait die maat de uitbouw in en daarachter moet je nog 60 cm hebben om de deur achter je te sluiten. Houd de oude deuropening als binnendeur als je een portaal wilt dat de tocht uit de hal houdt, en leg vóór het ontwerp vast waar de dorpel, het dak en de aansluitleidingen naar de meterkast uitkomen, want die drie verplaats je achteraf niet meer.
Wat een uitbouw met de voordeur erin anders maakt dan een erker
Bij een uitbouw aan de voorgevel met de voordeur erin schuift de entree van je huis naar voren. De oude deuropening wordt een doorgang of een binnendeur, en de ruimte ertussen wordt een portaal of een stuk hal. Voor de bouw zelf gelden eerst de afwegingen die bij elke uitbouw of aanbouw aan huis spelen: fundering, opening in de gevel, isolatie en vergunning.

Wat een voordeur uitbouw anders maakt dan een erker, is dat er elke dag doorheen gelopen wordt, met natte jassen, boodschappen en soms een kinderwagen. Een erker is een stuk kamer met glas eromheen. Deze uitbouw is een verkeersruimte met een deur die draait, een dorpel die water moet keren en een brievenbus die open moet kunnen.
Ook de maat komt ergens anders vandaan. Bij een erker bepaalt de zitbank hoe diep hij wordt, hier bepaalt de zwaai van het deurblad dat. Een blad van 93 cm dat naar binnen draait, eist 93 cm vloer op voordat je er zelf in staat, en in een uitbouw van anderhalve meter diep is dat meer dan de helft.
Blijft de voordeur waar hij zit en komt de extra ruimte ernaast, dan bouw je een aanbouw naast de voordeur en spelen andere vragen. De tabel hieronder zet de vormen met de deur erin naast elkaar.
| Vorm | Wat je ervoor terugkrijgt | Waar het op knelt |
|---|---|---|
| Portaal met de oude opening als binnendeur | Een luchtsluis tussen straat en hal, en een plek waar natte jassen en post buiten de hal blijven | Binnen minstens 155 cm diep bij een deur die recht naar binnen draait, anders sluit je de voordeur niet achter je |
| Hal naar voren, zonder binnendeur | De hele uitbouw telt als hal, en de oude gevel kan tot aan de penanten open | Elke keer dat de voordeur opengaat, trekt het trapgat koude lucht de hal in |
| Portaal met een berging of toilet ernaast | Een tweede ruimte naast de entree, voor fietsen, een meterkast of een toilet met afvoer | Twee ruimtes van 90 cm binnen, twee buitenwanden en een tussenwand komen al op ongeveer 250 cm buitenwerks |
| Onverwarmd portaal buiten de schil | Een droge plek om te schuilen en schoenen uit te doen, met eenvoudiger wanden en dak | De binnendeur wordt de buitendeur van het huis, en op koud glas in het portaal slaat het vocht van natte jassen neer |
| Overdekte entree zonder wanden | Een luifel of een dak op kolommen boven de deur, zonder deurzwaai en zonder nieuwe vloer | Houdt regen van boven tegen, maar schuine slagregen uit het zuidwesten niet |
Aan de straatzijde beslist het omgevingsplan over de maat
Een uitbouw aan de voorgevel staat in het voorerfgebied, de strook tussen je gevel en de straat. Vergunningvrij uitbreiden kan alleen in het achtererfgebied, dus voor een voordeur uitbouw heb je vrijwel altijd een omgevingsvergunning nodig, of een omgevingsplan dat hem op jouw adres uitdrukkelijk toestaat.
Veel gemeenten hebben voor de voorgevel een regeling voor erkers en portalen, met een maximale diepte, een maximaal deel van de gevelbreedte en een minimale afstand tot de erfgrens of de stoep. De getallen verschillen per gemeente en soms per straat, dus zoek ze op voordat je een tekening laat maken. Hoe zo'n regeling bij een erker aan de voorgevel uitpakt, geldt voor een portaal meestal op dezelfde manier.
Aan de straatkant wordt ook het uiterlijk getoetst. In een rij waar alle voordeuren in hetzelfde vlak liggen, valt een uitbouw die als enige naar voren komt meer op dan in een wijk met vrijstaande huizen, en de regels voor het uiterlijk van bouwwerken in het omgevingsplan zeggen daar iets over.
In een rijtjeshuis staat de zijwand van de uitbouw vaak op of vlak naast de erfgrens. Het Burgerlijk Wetboek verbiedt een raam binnen twee meter van die grens als het uitzicht geeft op het erf van de buren, tenzij zij toestemming geven. Een vast raam met ondoorzichtig glas valt daarbuiten, en dat is de gangbare oplossing voor een zijlicht dat naar de buren kijkt.
Vergunningvrij of niet, de bouwtechnische regels voor constructie, isolatie en ventilatie gelden altijd. Woon je in een appartement met een vereniging van eigenaars, dan beslist de vergadering mee, want de gevel is gemeenschappelijk eigendom.
Komt de zijwand op de erfgrens, dan kan de voet van de fundering over die grens steken en is er aan de kant van de buren steigerruimte nodig. Leg die afspraak schriftelijk vast voordat de vergunning wordt aangevraagd, en niet pas als er gegraven wordt.
Hoe diep de uitbouw binnen moet zijn voor een deur die naar binnen draait
De diepte van een voordeur uitbouw is een optelsom van drie maten: de zwaai van het blad, de ruimte om te staan terwijl je de deur sluit, en de wand die er aan de voorkant vanaf gaat. Reken die som binnenwerks uit en pas daarna terug naar de buitenmaat, want het omgevingsplan en de offerte spreken in buitenmaten.

Begin bij het blad. Voor nieuwbouw vraagt het Besluit bouwwerken leefomgeving een vrije doorgang van 85 bij 230 cm, en of die eis ook voor jouw uitbouw geldt hangt af van hoe de verbouwing wordt beoordeeld. In een nieuw kozijn kost de ruimere maat bijna niets: met een blad van 93 cm houd je na montage ongeveer 90 cm doorgang over, genoeg voor een kinderwagen of een rollator.
Dat blad zwaait een kwartcirkel van 93 cm de uitbouw in. Zit de binnendeur recht achter de voordeur, dan moet je tussen die kwartcirkel en de binnendeur nog 60 cm hebben om met een tas in je hand de voordeur dicht te duwen, dus is de binnendiepte minstens 155 cm. Met een kinderwagen van 90 tot 100 cm lang wordt dat ruim 190 cm.
Een brede uitbouw ontsnapt aan die som. Is hij binnen 180 cm breed of meer, dan valt het blad tegen de zijwand en sta je naast het open blad in plaats van erachter, en dan volstaat ongeveer 110 cm binnendiepte, net genoeg om het blad tot 90 graden open te zetten.
Tel daarna de voorwand erbij. Een houtskeletbouwwand met houten gevelbekleding die de isolatie-eis haalt is 25 tot 30 cm dik, een gemetselde spouwmuur 35 tot 37 cm. Een uitbouw van 190 cm buitenwerks met een wand van 28 cm levert dus 162 cm binnendiepte op, en met metselwerk wordt dat 154 cm, net onder de grens.
Leg de binnenmaat met tape uit op de vloer van de hal, zet een kartonnen plaat van 93 cm met één kant op de lijn en draai hem open. Kun je met een tas in je hand niet achter die plaat staan terwijl je hem dichtdoet, dan is de uitbouw op de tekening te ondiep.
Deur in de voorwand of in de zijwand, naar binnen of naar buiten
Waar de voordeur in de uitbouw komt, bepaalt meer dan de diepte. De plek beslist ook hoeveel regen er tegen het blad slaat, of je vanaf de stoep recht de hal in kijkt en of het pad naar de deur door de voortuin moet slingeren.
Een deur in de voorwand ligt in het verlengde van het pad en is vanaf de straat meteen te vinden. Hij staat wel vol in het weer, en omdat een Nederlandse voordeur bijna altijd naar binnen draait, drukt de wind het blad van de aanslag af in plaats van erin. Op een gevel op het zuidwesten, waar de meeste slagregen vandaan komt, vraagt dat de beste dichting en een dorpel die zijn werk doet.
Een deur in de zijwand staat uit de wind als die zijwand van de heersende windrichting af ligt, en het portaal kan ondieper blijven omdat het blad over de breedte zwaait. In een rijtjeshuis kijkt die zijwand wel naar de buren. Een deur met helder glas binnen twee meter van hun erf geeft uitzicht op dat erf, en een dicht blad voorkomt die discussie.
Naar buiten draaien kost binnen geen vloer en sluit beter tegen slagregen. Daar staan drie nadelen tegenover: de scharnieren zitten buiten en vragen dievenklauwen, een open blad slaat bij wind tegen de gevel, en een deur die over het pad zwaait staat in de weg van wie aanbelt.
Dezelfde afweging tussen vloer en weer speelt bij openslaande deuren in een uitbouw aan de tuinkant. Bij een voordeur weegt de inbraakkant zwaarder, dus vraag voor elke variant sluitwerk met minstens twee sterren.
| Plek en draairichting | Binnenmaat die je minstens nodig hebt | Waar je op moet letten |
|---|---|---|
| Voorwand, naar binnen, smalle uitbouw | 155 cm diep: 93 cm zwaai plus 60 cm om te staan | De binnendeur recht erachter gaat pas open als de voordeur dicht is |
| Voorwand, naar binnen, brede uitbouw | 180 cm breed en 110 cm diep | Het blad valt tegen de zijwand, dus daar komt geen kapstok en geen bank |
| Zijwand, naar binnen | 155 cm breed en 110 cm diep, zodat een kozijn van 107 cm in de zijwand past | Kijkt de zijwand naar de buren, kies dan een dicht blad of vraag hun toestemming voor glas |
| Voorwand, naar buiten | Geen diepte voor de zwaai, alleen ruimte om te staan en de binnendeur te openen | Dievenklauwen aan de scharnierzijde, een windhaak en een pad dat breder is dan het blad |
| Schuifdeur als binnendeur in de oude opening | Geen zwaai aan de portaalzijde, wel 8 tot 12 cm diepte langs de wand van de hal | Naast de opening moet een stuk wand zo breed als het blad vrij blijven, en daar zit vaak de meterkastdeur |
Waarom een portaal met binnendeur de tocht uit de hal houdt
Een hal met een trap werkt in de winter als een schoorsteen. Warme lucht stijgt door het trapgat naar de overloop en ontsnapt boven via kieren en ventilatie, en onderin wordt evenveel koude lucht aangezogen als er boven verdwijnt.
Gaat de voordeur open, dan is dat onderin de grootste opening van het huis. Zonder portaal stroomt de koude lucht in één keer de hal in en de trap op, en dat voel je als tocht in de woonkamer zodra de kamerdeur openstaat.
Met een binnendeur in de oude opening gaan de twee deuren na elkaar open. Wat er dan wisselt, is alleen de lucht in het portaal: bij 184 bij 162 cm binnen en een plafond op 255 cm ruim 7 kubieke meter, tegen enkele tientallen kubieke meters in hal, trapgat en overloop.
Dat portaal kun je op twee manieren bouwen. Trek je het binnen de verwarmde schil, dan krijgen de dichte delen de waarden voor een nieuw bouwdeel: een Rc van 4,7 m²K/W voor de gevel, 3,7 voor de vloer en 6,3 voor het dak. Laat je het onverwarmd, dan wordt de binnendeur de grens van het huis, en vraag je de tekenaar welke eisen dan voor de uitbouw gelden.
Een onverwarmd portaal heeft één zwakke plek: vocht. Natte jassen, paraplu's en de warme lucht die meekomt als de binnendeur opengaat, brengen waterdamp in een ruimte waar het glas koud is, en daar slaat het neer.
| Keuze | Wat het vraagt | Wat er misgaat als je het half doet |
|---|---|---|
| Verwarmd, binnen de schil | Rc 4,7 in de wanden, 3,7 in de vloer en 6,3 in het dak, isolerend glas en een warmtebron | Een geïsoleerd portaal zonder warmtebron wordt een koude hal, en dan blijft de binnendeur toch openstaan |
| Onverwarmd, buiten de schil | Een geïsoleerde binnendeur met dichting in de oude opening, en ventilatie in het portaal | Zonder ventilatie en met koud glas slaat het vocht van natte jassen neer op ruit en plafond |
| Geen binnendeur, hal naar voren | De hele uitbouw geïsoleerd en verwarmd als deel van de hal | Geen luchtsluis meer: elke keer dat de voordeur opengaat, trekt het trapgat koude lucht naar binnen |
De dorpel, het peil en waar het regenwater heen gaat
De dorpel is het onderdeel waar twee eisen tegen elkaar in werken. Een hoge aanslag keert water, omdat het eerst omhoog moet voordat het onder het blad door kan. Een rand boven 2 cm is wel een struikelrand, en voor een rollator of rolstoel een obstakel.
Bij een voordeur die naar binnen draait weegt dat zwaarder, omdat de wind het blad van de dichting af drukt. Een lage dorpel werkt daar alleen als drie dingen kloppen: een dichting in de dorpel zelf, een waterslag onderaan het blad die het water over de dorpel heen werpt, en bestrating die van de deur af loopt.
Laat het pad 1 tot 2 cm per meter van de gevel af aflopen en leg de bestrating direct voor de deur lager dan de dorpel. Loopt de tegel er tot tegenaan, dan blijft er bij een bui een plas staan die met elke windstoot tegen het blad slaat, en een lijngoot pal voor de dorpel vangt dat op.
Reken het peil binnen van boven naar beneden uit, vanaf de afgewerkte vloer van de hal. Een tegelvloer die 1 cm hoger uitkomt dan gepland maakt van een vlakke dorpel alsnog een rand, en een vloer die lager uitkomt laat een naad onder het blad waar de tocht doorheen komt.
Het dak van de uitbouw vangt ook water op. Laat het afschot van de voorkant af lopen naar een hemelwaterafvoer aan de zijkant, want een spuwer of een overlopende goot boven het pad laat het water vallen precies waar je staat om je sleutels te pakken.
Kies de dorpel voordat de vloer en de bestrating worden gemaakt en zet de hoogte ervan op de tekening. Een dorpel die pas wordt uitgezocht als de tegels liggen, past zich aan de vloer aan in plaats van andersom, en dat eindigt met een aftimmerlat of een drempel van 4 cm.
Het dak van de uitbouw moet onder de ramen van de verdieping blijven
Een uitbouw aan de voorkant van een rijtjeshuis heeft maar een beperkte hoogte om in te zitten. Boven de voordeur liggen de vensterbanken van de eerste verdieping, en daaronder moeten het plafond, de balklaag, de isolatie, het afschot, de dakbedekking en de aansluiting op de gevel samen passen.
Reken het uit vanaf de vloer. Een kozijn voor een blad van 231,5 cm komt tot ongeveer 240 cm, daarboven zit de bovenregel of latei, en het plafond komt op 255 cm. Met een balklaag van 17,5 cm, ongeveer 14 cm pir voor de dakeis en een afschotlaag is het dakpakket al snel 40 cm, dus de dakrand ligt rond 295 cm.
Tegen de gevel moet de dakbedekking daarna nog 15 cm omhoog, zodat water dat na een bui op het dak staat niet over de rand de muur in loopt. De bovenkant van die opstand komt dan op 310 cm, en met de slabbe en de waterslag van het raam erboven heb je nog 15 tot 20 cm nodig.
Ligt de vensterbank van de verdieping lager dan ongeveer 330 cm, dan past deze opbouw niet zonder ergens in te leveren. Een deur van 211,5 cm hoog levert 20 cm op, maar zakt onder de 230 cm doorgang van de nieuwbouwmaat. Resol in plaats van pir scheelt bij dezelfde isolatiewaarde een paar centimeter.
Meet de hoogte van die vensterbank daarom op dezelfde dag als het peil van de hal, met één laserlijn als uitgangspunt. Twee maten die elk vanaf de stoep zijn genomen, verschillen al snel een paar centimeter, en juist die centimeters heb je hier niet.
De meterkast en de leidingen die onder de uitbouw door lopen
In de meeste rijtjeshuizen zit de meterkast in de hal, vlak naast de voordeur. De aansluitleidingen voor elektra, gas en water, en vaak ook glasvezel, lopen vanaf de stoep in een rechte lijn door de voortuin naar die kast, en dus precies onder de plek waar de uitbouw komt.
Die leidingen liggen meestal tussen 60 en 100 cm diep, en een strookfundering die vorstvrij moet liggen gaat tot 60 of 80 cm onder het maaiveld. De sleuf voor de fundering kruist ze dus bijna altijd. Wie met een minigraver graaft, is verplicht vooraf een KLIC-melding bij het Kadaster te doen, en omdat de huisaansluiting daarop niet altijd precies staat, zoek je het laatste stuk met de hand op.
Netbeheerders staan meestal niet toe dat je over een aansluitleiding heen bouwt, en voor gas geldt dat het strengst. De leiding wordt dan verlegd of door een mantelbuis onder de fundering gevoerd, en dat werk doen de netbeheerder en het waterbedrijf zelf, met een eigen levertijd die in je planning moet passen.
De meterkast zelf blijft waar hij is en moet bereikbaar blijven, ook in het donker als er een groep uitvalt. De kastdeur en de nieuwe binnendeur draaien vaak in dezelfde hoek van de hal, dus teken beide kwartcirkels in voordat de binnendeur wordt besteld.
Onder de uitbouw komt een eigen fundering: op zandgrond meestal een strook op staal, op klei of veen palen, net als het huis. Waarom een uitbouw op staal tegen een huis op palen langs de naad scheurt, staat bij de fundering en de latei van een erker, en voor een portaal geldt precies hetzelfde.
Brievenbus, bel, licht en kapstok in de nieuwe entree
De brievenbus is het enige onderdeel van de voordeur waarvoor een wettelijke maat geldt. De Postregeling 2009 vraagt een opening van minstens 26,5 bij 3,2 cm, bij voorkeur op 110 cm boven de grond en nooit lager dan 60 of hoger dan 180 cm, met minstens 15 cm bewaarruimte erachter. PostNL raadt 25 cm aan en vraagt het huisnummer goed zichtbaar op of bij de brievenbus.
Een brievenbus in de voordeur kan niet luchtdicht zijn, want kleppen met veren, rubberstrips of stijve borstels vraagt PostNL juist te vermijden. In een portaal met binnendeur blijven de tocht en de post in het portaal. Zonder binnendeur is een dicht zijpaneel naast de deur, met een kastje erachter, de betere plek.
Hang geen sleutels binnen armlengte van de brievenbus of in het zicht door het glas, want met een haak door de klep trek je ze van een haakje. Buiten komt de lamp naast de deur met het hart op ongeveer 190 cm, boven je hoofd, zodat je niet in het licht kijkt terwijl je het slot zoekt. Een bedrade bel heeft zijn transformator meestal in de meterkast, dus laat de draad naar de nieuwe voorkant meenemen voordat de wanden worden dichtgemaakt.
Binnen hangt de kapstok met de haken op 170 cm en een spiegel met de hartlijn op 155 cm. Is de uitbouw van houtskeletbouw, zet dan voordat het gips erop gaat een strook multiplex van 18 mm tussen de regels op kapstokhoogte.
Dat verschil is groot: een schroef in massief hout houdt 30 kg per punt, een kiepplug in gipsplaat 12 kg. Voor elke andere wand kun je per wandsoort en per kilo opzoeken welke bevestiging houdt voordat je gaat boren.
| Onderdeel | Maat | Waar het van afhangt |
|---|---|---|
| Vrije doorgang voordeur | Ten minste 85 bij 230 cm bij nieuwbouw | Eis uit het Besluit bouwwerken leefomgeving; een blad van 93 bij 231,5 cm haalt hem na montage |
| Draaivlak van de voordeur | Een kwartcirkel zo diep als het blad breed is, bij 93 cm dus 93 cm | Plus 60 cm om te staan als de binnendeur recht achter de voordeur zit |
| Drempel of dorpel | Hooguit 2 cm boven de afgewerkte vloer | Hoger is een struikelrand, en voor een rollator zonder helling niet te nemen |
| Brievenbusopening | Minstens 26,5 bij 3,2 cm, bij voorkeur op 110 cm | Postregeling 2009: niet lager dan 60 en niet hoger dan 180 cm, met 15 cm bewaarruimte erachter |
| Buitenlamp naast de deur, hart | 190 cm, marge 170 tot 210 cm | Boven je hoofd, zodat je bij het slot niet in de lamp kijkt |
| Kapstok, hoogte van de haken | 170 cm | Een lange jas hangt 100 cm af en blijft zo vrij van de vloer; kinderhaken op 110 tot 120 cm |
| Spiegel in de entree, hartlijn | 155 cm | De bovenkant moet boven het hoofd van de langste huisgenoot uitkomen |
| Opbergbank in het portaal | 90 tot 120 cm breed, 40 cm diep, 45 cm hoog | 80 cm vrij ervoor om je schoenen aan te trekken |
| Vrije loopruimte in de hal | 100 cm, marge 90 tot 120 cm | Onder 90 cm past er geen kinderwagen naast de kapstok |
| Opstand dakbedekking tegen de gevel | 15 cm boven het dakvlak | Daarboven nog 15 tot 20 cm voor de slabbe onder de vensterbank van de verdieping |
Zo bereid je een uitbouw met de voordeur erin voor
Elke stap legt een maat vast die de volgende stap nodig heeft, en de oude voordeur gaat pas als laatste uit de gevel.
-
Zoek op wat het omgevingsplan aan de voorgevel toestaat
Zoek voor je adres de maximale diepte, het deel van de gevelbreedte en de afstand tot de erfgrens op. Die drie getallen zijn de buitenmaat waarbinnen je de rest rekent, dus een ontwerp dat eerder begint, begint met een gok.
-
Meet het peil, de meterkast en de vensterbank boven de deur in
Meet de afgewerkte vloer van de hal ten opzichte van de stoep, de plek van de meterkast en de hoogte van de vensterbank van de verdieping. Het peil bepaalt de dorpel, de meterkast de route van de leidingen en de vensterbank hoe hoog het dak mag worden.
-
Kies de plek en de draairichting van de deur
Tel de bladbreedte, 60 cm om te staan en de dikte van de voorwand bij elkaar en leg dat naast de buitenmaat uit de eerste stap. Past het niet, zet de deur dan in de zijwand of laat hem naar buiten draaien, voordat er een tekening wordt gemaakt.
-
Laat de aansluitleidingen opzoeken en zo nodig verleggen
Vraag bij de netbeheerder en het waterbedrijf na of de leidingen onder de uitbouw weg moeten. Dat werk heeft een eigen levertijd, en zonder die datum kun je de fundering niet plannen.
-
Laat tekenen en rekenen en vraag de vergunning aan
Laat de fundering, de opening in de gevel en het dak berekenen en zet de dorpelhoogte en het peil op de tekening. Vraag daarna de vergunning aan, en offertes op diezelfde tekening, zodat de prijzen over hetzelfde werk gaan.
-
Bouw de uitbouw dicht terwijl de oude voordeur nog zit
Laat fundering, wanden, dak en de nieuwe voordeur met slot plaatsen terwijl de oude deur nog in de gevel hangt. Zo staat het huis geen nacht open, en pas als de uitbouw wind- en waterdicht is, komt de binnendeur in de oude opening.
-
Stem dorpel, bestrating en afwerking op elkaar af
Leg de vloer in het portaal op de hoogte die de dorpel verwacht en laat de bestrating daarna 1 tot 2 cm per meter van de deur af aflopen. Hang als laatste de brievenbus, de buitenlamp en de kapstok, met het multiplex achter het gips op 170 cm.
Ophangwijzer
Kies je wandtype en het gewicht van wat je wilt ophangen. Je ziet welke bevestiging het houdt, tot hoeveel kilo, en wat je beter niet doet. Open de volledige ophangwijzer
Nalopen voordat de tekening wordt gemaakt
Uit de praktijk
De voordeur gaat maar half open of raakt de binnendeur
Het blad blijft haken aan de bank, de kapstok of de kruk van de binnendeur voordat het 90 graden openstaat. De uitbouw is dan op de buitenmaat getekend en niet op de zwaai: de voorwand van 25 tot 37 cm is van de diepte afgegaan, en tussen de kwartcirkel en wat erachter staat is niets meer over.
Zodra de wanden staan, verplaats je die centimeters niet meer. Wat nog kan: de binnendeur vervangen door een schuifdeur of door een deur die de hal in draait, en de bank uit het draaivlak halen.
Water achter de dorpel na een bui met wind
Na harde regen staat er binnen een plas achter de dorpel, terwijl de deur dicht was. Een naar binnen draaiende deur wordt door de wind van zijn dichting gedrukt, en een lage dorpel keert dat water alleen als het blad een waterslag heeft en de bestrating lager ligt dan de dorpel.
Kijk eerst buiten. Loopt de tegel tot tegen de dorpel of ligt hij hoger, dan duwt elke windstoot water uit die plas onder het blad door, en een lijngoot pal voor de deur met een waterslag onderaan het blad lost dat meestal op zonder dat de dorpel eruit moet.
Het portaal beslaat en ruikt muf
Druppels op het glas en zwarte plekken in de bovenhoeken van het plafond wijzen op condensatie en niet op een lek. Natte jassen en paraplu's geven vocht af in een ruimte zonder verwarming, en de lucht die meekomt als de binnendeur opengaat is warm en vochtig.
Die waterdamp slaat neer op het koudste vlak, en in een onverwarmd portaal is dat het glas of de hoek waar het dak op de wand ligt. Een ventilatierooster in het portaal, isolerend glas en een binnendeur die goed sluit halen de oorzaak weg, terwijl een ontvochtiger alleen het vocht opvangt dat via de brievenbus en de kieren steeds terugkomt.
De funderingssleuf kruist de huisaansluiting
De sleuf voor de fundering van de voorwand kan niet verder, omdat er op 60 tot 100 cm diepte een kabel of leiding dwars doorheen loopt. Dat is geen toeval maar meetkunde: de aansluiting loopt recht van de straat naar de meterkast naast de voordeur, en de voorwand van de uitbouw ligt daar haaks op.
Over die leiding heen storten mag meestal niet, en verleggen doet alleen de netbeheerder. Wie de route opzoekt en het verleggen aanvraagt voordat de aannemer komt, voorkomt dat de bouwput weken openligt.
Veelgemaakte fouten
De binnenmaat afleiden uit de buitenmaat van het omgevingsplan
Een regeling die 150 cm diepte toestaat, levert binnen 113 tot 125 cm op, afhankelijk van de wand. Dat is te weinig voor een deur die recht naar binnen draait met een binnendeur erachter, en dat blijkt pas als de wanden staan.
Een zijlicht met helder glas dat naar de buren kijkt
Binnen twee meter van de erfgrens mag een raam met uitzicht op het erf van de buren alleen met hun toestemming. Een vast raam met ondoorzichtig glas mag wel, en dat kies je op de tekening in plaats van achteraf met folie op een heldere ruit.
De oude voordeur eruit halen voordat de nieuwe erin hangt
Tussen het slopen van de oude deur en het afhangen van de nieuwe zit bij elke tegenvaller al snel een week, en al die tijd is het huis afgesloten met een plaat. Bouw de uitbouw dicht rond de oude deur, dan blijft het huis op slot en ga je pas door de oude opening als de nieuwe voordeur sluit.
Een brievenbus in de voordeur zonder binnendeur erachter
Een brievenbus hoort geen stijve klep of borstel te hebben, dus er komt altijd lucht door. Zonder portaal staat die opening direct in verbinding met het trapgat, en daar komt de tocht vandaan die je bij harde wind in de hal voelt.
De dorpel uitzoeken nadat de vloer ligt
Dan past de dorpel zich aan de vloer aan, en een vloer die 1 cm te hoog uitkomt maakt van een vlakke dorpel een rand. Zet de dorpelhoogte op de tekening en laat de vloer en de bestrating daarop aansluiten.
Het dak laten afwateren naar de voorkant
Een spuwer of een overlopende goot boven de deur laat het water vallen waar je staat om de deur open te maken, en in de winter bevriest die plek als eerste. Laat het afschot naar een zijkant lopen en voer het water daar af.
Veelgestelde vragen
Heb je een vergunning nodig voor een uitbouw met de voordeur erin?
Vrijwel altijd wel. Een uitbouw aan de voorgevel staat in het voorerfgebied, en vergunningvrij uitbreiden kan alleen in het achtererfgebied. De uitzondering is een omgevingsplan dat een portaal of erker aan de voorgevel binnen vaste maten toestaat.
Zoek die maten op voor jouw adres voordat je laat tekenen. De bouwtechnische regels voor constructie en isolatie gelden hoe dan ook, ook als er geen vergunning nodig is.
Hoe diep moet een voordeur uitbouw zijn?
Draait de deur recht naar binnen en zit de binnendeur erachter, dan binnen minstens de bladbreedte plus 60 cm: bij een blad van 93 cm is dat 155 cm. Tel de voorwand van 25 tot 37 cm erbij op voor de buitenmaat.
Is de uitbouw binnen 180 cm breed of meer, dan sta je naast het open blad en is ongeveer 110 cm diep genoeg. Moet er een kinderwagen mee naar binnen voordat de binnendeur opengaat, reken dan op ruim 190 cm.
Wat kost een uitbouw bij de voordeur?
De prijs volgt niet de vierkante meters maar vier posten: de fundering, het verleggen van de aansluitleidingen, de voordeur met kozijn en glas, en de aansluiting van het dak op de gevel. Moet de uitbouw op palen, of moet er een gasleiding worden verlegd, dan is dat een groter deel van de rekening dan de wanden.
Vraag offertes op één tekening met de dorpelhoogte, de wanddikte en de deur erop. Wat een uitbouw in het algemeen duurder of goedkoper maakt, staat bij het overzicht van uitbouwen en aanbouwen.
Kan de voordeur in een uitbouw naar buiten draaien?
Dat kan, het kost binnen geen vloer en tegen slagregen sluit een naar buiten draaiend blad zelfs beter. Het vraagt wel scharnieren met dievenklauwen, omdat de scharnierpennen buiten zitten, en een windhaak zodat het blad niet tegen de gevel slaat.
Let ook op het pad: een deur die zwaait over de plek waar bezoek staat als het aanbelt, dwingt dat bezoek een stap achteruit. Voor het sluitwerk geldt dezelfde ondergrens als bij een deur die naar binnen draait, minstens twee sterren.
Mag een uitbouw aan de voorkant tegen de erfgrens staan?
Dat hangt van het omgevingsplan af, want veel regelingen voor de voorgevel vragen een minimale afstand tot de zijerfgrens. Mag het wel, dan speelt het burenrecht mee: een raam binnen twee meter van de grens met uitzicht op het buurerf mag alleen met toestemming, tenzij het vast is en ondoorzichtig glas heeft.
Bouw je op de grens, dan kan de funderingsvoet eroverheen steken en is er aan de kant van de buren steigerruimte nodig. Leg die afspraak schriftelijk vast voordat je de vergunning aanvraagt.
Moet de oude voordeur eruit bij een voordeur uitbouw?
Nee. Je kunt de oude opening houden als binnendeur, en dan wordt de uitbouw een portaal dat tocht en natte jassen uit de hal houdt. Het oude kozijn kan blijven zitten met een glazen binnendeur erin, of je vervangt het door een binnenkozijn in dezelfde sparing.
Blijf je binnen die sparing, dan hoeft er aan de latei niets te gebeuren. Maak je de opening breder om hal en uitbouw één ruimte te maken, dan moet een constructeur de nieuwe latei en de penanten berekenen.
Hoe hoog mag de dorpel van de voordeur zijn?
Houd hooguit 2 cm aan tussen de afgewerkte vloer en de bovenkant van de dorpel. Boven die maat struikel je erover en kom je er met een rollator of rolstoel niet zonder helling overheen.
Een lage dorpel keert minder water dan een hoge aanslag, dus moet de rest dat werk overnemen: een dichting in de dorpel, een waterslag onderaan het blad en bestrating die 1 tot 2 cm per meter van de deur af loopt.
Waar komt de brievenbus als de voordeur naar voren schuift?
In de nieuwe voordeur of in een dicht paneel ernaast, zolang de opening minstens 26,5 bij 3,2 cm is en tussen 60 en 180 cm hoog zit, bij voorkeur op 110 cm. Daarachter hoort minstens 15 cm bewaarruimte, en 25 cm is beter.
Het huisnummer verhuist mee naar de nieuwe voorkant. Zit er geen binnendeur achter de voordeur, zet de brievenbus dan liever in het zijpaneel met een kastje erachter, zodat de tocht door de klep niet in de hal komt.
Moet een portaal aan de voordeur verwarmd worden?
Dat is een keuze, maar maak hem vóór het ontwerp. Hoort het portaal bij de verwarmde hal, dan krijgen wanden, vloer en dak de isolatiewaarden van een nieuw bouwdeel en hoort er een warmtebron bij.
Blijft het onverwarmd, dan is de binnendeur de grens van het huis en moet die goed isoleren en sluiten. Zorg in dat geval voor ventilatie in het portaal, anders slaat het vocht van natte jassen neer op het koude glas.
Wat is het verschil tussen een uitbouw voordeur en een erker met voordeur?
Beide namen worden voor hetzelfde gebruikt: een uitbouw aan de voorgevel waar de voordeur in zit. Het onderscheid dat wel telt, is wat de ruimte doet en hoeveel glas erin zit.
Een erker is een ondiepe uitbouw met glas aan drie zijden die bij de kamer erachter hoort, en daar bepaalt de zitbank de maat, zoals bij een erker als verlengde van de woonkamer. Zit de voordeur erin, dan wordt het een verkeersruimte en bepalen de deurzwaai, de dorpel en de tocht hoe hij eruitziet.
Kun je een uitbouw bij de voordeur zelf bouwen?
Het ruwe werk meestal niet: de fundering, de opening in de gevel en het verleggen van de leidingen zijn werk voor een aannemer, een constructeur en de netbeheerder. Wat wel zelf kan, is het voorwerk van meten, uittekenen en offertes vergelijken, en de afwerking binnen.
Plinten, gipsplaat, schilderwerk en het ophangen van de kapstok horen bij de klussen in huis die je zelf oppakt. Dat scheelt op de rekening, zolang de dorpel, de dichting en de dakaansluiting door de bouwer zijn gedaan.
Wanneer je beter een vakman belt
De voorbereiding doe je zelf, de uitvoering niet. Een uitbouw aan de voorgevel krijgt een eigen fundering, en wordt de oude opening breder gemaakt, dan moet een constructeur de latei en de penanten berekenen voordat er een steen uitgaat.
Aansluitleidingen voor gas, elektra en water verleg je nooit zelf: dat doen de netbeheerder en het waterbedrijf, en wie machinaal graaft doet vooraf een KLIC-melding. Een nieuwe groep voor buitenlicht of een deurbel met voeding uit de groepenkast is werk voor een elektricien.